anner smart octo

— vrijdag 19 februari 2021, 15:45 | 0 reacties, praat mee

‘Wij zijn Bellingcat’ - een in alle opzichten uitputtend boek over online speurders

Bellingcat-oprichter Eliot Higgins | Tolga Akmen / AFP

Jaren geleden hoorde ik over een cv-installateur die nieuwe klussen regelde via Funda. Hij liet software woningbeschrijvingen scannen op de leeftijd van de cv-ketels en benaderde adressen waar de ketel onderhand aan vervanging toe was. Het idee om op het eerste oog onbetekenende informatie lucratief uit te buiten maakte indruk. Diezelfde bewondering heb ik voor de activiteiten van Bellingcat, het onderzoeksjournalistieke platform dat ogenschijnlijk ongerelateerde of geïsoleerde bronnen over elkaar legt en zo tot verrassende nieuwe inzichten voert.

Oprichter Eliot Higgins kijkt in ‘Wij zijn Bellingcat’ terug op zijn eerste stappen op het gebied van open source intelligence, het op basis van openbare bronnen en materiaal op sociale media reconstrueren van locaties, verbanden en identificeren van personen.

Dat klinkt spannend. Met klinkende wapenfeiten rond de gifaanslag op de Russische ex-spion Skripal op Engels grondgebied, uitstekend identificatiewerk in Syrië en rond MH17 valt dat niet te ontkennen. De onderwerpen leggen de basis voor een puike spionnenroman, maar sommige hoofdstukken zijn vooral een tsunami aan namen en opsommingen, niet geholpen door een vrij lineaire vertelling.

Het blijft echter fascinerend om te lezen hoe dat speurwerk technisch tot stand kwam, maar een aantal lange en overvolle hoofdstukken zou een lichte dressing van literaire jus kunnen gebruiken. Tegelijk besef ik natuurlijk dat het hier géén roman betreft, maar non-fictie over vernieuwende onderzoeksjournalistiek. En Higgins is - duidelijk - geen John le Carré.

De volledigheid van het boek, met vermelding van alle figuranten, hun pseudoniemen en de afkortingen van vele schimmige organisaties valt dus wel degelijk te prijzen, met name in de omvangrijke hoofdstukken over MH17. Na bijna zeven jaar zonder recht voor de nabestaanden is dat nog altijd een ongeheelde wond in de Nederlandse samenleving.

“MH17 hielp bij het ontstaan van Bellingcat”, erkent Higgins. De route van een Buk-raketsysteem, dat vanuit Rusland naar Oekraïne was geleverd en na het neerhalen van het lijntoestel heimelijk weer naar Rusland werd vervoerd, werd door Bellingcat gereconstrueerd aan de hand van foto’s, stills uit video’s, materiaal uit de in Oost-Europa populaire dashcamvideo’s en tientallen sociale mediaberichten.

Higgins neemt ruim de tijd voor zijn verhaal en constateert dat de effectiviteit van de zogeheten Bellingcat-methode wel is bewezen. Niet alleen zijn journalistieke organisaties zich inmiddels bewuster van het verborgen informatie-potentieel op sociale media, ook overheden en zelfs terreurorganisaties zien het in.

Hoewel er volgens officiële lezing geen Russische soldaten in Oekraïne waren, bleek uit analyses van berichten van Russische soldaten op het populaire sociale netwerk VK iets anders. Zowel leger als terreurgroepen hebben ongebreideld gebruik van sociale media aan banden gelegd.

Het levert een eigenaardige spagaat op, stelt Higgins: er woedt een wereldwijde desinformatieoorlog, waar verwarring zaaien een doel op zich is. Tegelijk zijn repressieve overheden en terroristen meer dan ooit op hun hoede om digitale sporen achter te laten.

Moskou doet Belingcat af als onbenullig, maar deze restricties - klaarblijkelijk in reactie op onze onderzoeken - bevestigen indirect de impact van ons werk.

Naast het risico dat deze potentiële bron opdroogt, betekent de vrees voor propaganda en geweldsverheerlijking bij grote techplatformen dat veel video’s al snel offline gaan. Soms is dat omdat landen daar inmiddels specifieke wetgeving voor hebben opgetuigd. Steeds vaker gebeurt het omdat algoritmen video’s direct na het uploaden, zonder tussenkomst van een mens, verwijderen.

In 2017 werden duizenden video’s van Higgins’ eigen kanaal door een overijverig algoritme gewist, en pas na klachten teruggebracht.

Dat we niet eens weten welke video’s al voor publicatie verdwijnen, is een probleem. Higgins wijst ook op het faillissement van een videodienst die op een cruciaal moment in de Syrië-oorlog populair was in het land. Geen van de video’s is nu nog voor onderzoek beschikbaar. Ook zijn er bij Facebook of YouTube momenteel geen mogelijkheden voor onderzoekers om offline gehaald materiaal wetenschappelijk te onderzoeken.

Mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch luidde eind vorig jaar de noodklok in hun rapport Video Unavailable - Social Media Platforms Remove Evidence of War Crimes. Potentieel videobewijs van oorlogsmisdaden zou in een digitale kluis bewaard moeten worden, enkel toegankelijk voor onderzoekers, justitie en andere belanghebbenden.

‘Wij zijn Bellingcat’ is een overvol boek. Zelfs voor deze aardig uitdijende recensie heb ik veel van mijn notities niet gebruikt, zoals het hoofdstuk over nieuwe gevaren als steeds overtuigender deepfakes in beeld en audio.

Of de aandacht voor wat in vaktermen vicarious trauma heet, een post-traumatische ervaring waarvoor aanwezigheid ter plaatse niet vereist is, enkel wat Higgins het ‘druppelgewijs’ bekijken van schokkend materiaal noemt. Of de trainingen die Bellingcat inmiddels geeft en de groeiende aandacht bij traditionele nieuwsorganisaties voor innovatieve onderzoeksmethoden.

Het boek is een uitputtend (en uitputtend) overzicht van het indrukwekkende cv van een nog jong onderzoeksplatform.  Het is verder - met de beste bedoelingen - een zeer volledige terugblik, maar door de opsommende schrijfstijl helaas minder meeslepend dan had gekund.

Naschrift:
Het boek ‘Wij zijn Bellingcat’ van Eliot Higgins lijdt onder een vrij beroerde Nederlandse vertaling. Naast struikelzinnen als we hadden de zaak binnen een paar dagen gekraakt en termen als ‘ontploffingsmateriaal’ of ‘het zicht’ waar gezichtsvermogen wordt bedoeld, raakt zelfs de officiële Bellingcat-methode (Identify, Verify and Amplify) vermangeld.

Stap drie, Amplify, in de betekenis van het gevonden en geverifieerde materiaal een groter publiek geven (via artikelen, video’s, podcasts en dergelijke) wordt in het boek ‘breid uit’. Het kán misschien, maar mijn anglofiele instincten zeggen van niet.

Een eigenaardig citaat van de Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov over ‘medelijden’ van collega-ministers over Ruslands potentiële betrokkenheid bij een gifmoordaanslag in Salisbury bleek - na het originele citaat te hebben opgezocht - om pathos te gaan, dat hier toch echt ‘met theatrale overdrijving’ betekent. In Shift uit een kop van de New York Times wordt ‘verschuiving’ - onzinnig, daar waar strategieverlegging wordt bedoeld.

Zo kan ik nog wel even doorgaan. Lichte wapens versus licht geschut, iets ‘behoort tot de baan’ versus hoort bij het werk, ‘een houding van negativiteit’ versus een negatieve houding. And so forth.

Kortom, mocht je Higgins’ boek willen lezen, adviseer ik vooral de Engelstalige editie te bestellen. Deze (eerste?) Nederlandse vertaling bewijst de auteur en lezer geen dienst.

Eliot Higgins: ‘Wij zijn Bellingcat’ (271 pagina’s)
Uitgeverij Unieboek | Het Spectrum; €22,50
ISBN: 978-90-00-39669

Bekijk meer van

Eliot Higgins Bellingcat

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab
Redacteur

Lars Pasveer
Redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur

Anneke de Bruin
Vormgever

Marc Willemsen
Webontwikkelaar

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.