Commentaar: De feiten van de OGCO liegen er niet om. Tegelijkertijd dreigt het onderzoeksrapport een tandeloze tijger te worden
‘Wat vind je ervan?’ De presentatie van het rapport van de Onderzoekscommissie Gedrag en Cultuur Omroepen (OGCO) is nog nauwelijks afgelopen als een dagbladcollega mij aanspreekt. Tsja. Ik weet niet zo goed waar ik naar heb gekeken. De bewoording was fel, de voorbeelden die de commissieleden noemden waren niet mals. Maar terwijl de commissieleden geïnterviewd worden, klinkt bij collega’s in de coulissen weinig optimisme. ‘Dit rapport zal ook weer in een la terecht komen.’
De vaderlandse pers is op donderdagochtend uitgenodigd in het Beeld en Geluid-museum in Hilversum. In de hal van het museum staat, naast veel pers, een handvol museumbezoekers. Verbaasd slaan ze het tafereel gaande. ‘Hoort dit ook bij het museum?’, vraagt een vrouw aan een museummedewerker.
In het zaaltje zitten de prominenten van de publieke omroep op de voorste rij: Frederieke Leeflang, de NPO-bestuurder, BNNVARA-voorvrouw Suzanne Kunzler. Maar afwezigen zijn de ándere omroepbestuurders. Alleen Jan Slagter - die kort voor publicatie van het onderzoek in De Telegraaf al aspecten van het onderzoek (‘is er voldoende wederhoor gepleegd?’) in twijfel trok - zit achterin de zaal.
‘Flinke bom zou kunnen afgaan’
Daags voor de publicatie van het rapport waren de verwachtingen hooggespannen. De Telegraaf schreef dat er ‘weleens een flinke bom zou kunnen afgaan als de conclusies op straat liggen’. De Volkskrant meldde op de ochtend van publicatie dat enkele betrokkenen, waaronder Matthijs van Nieuwkerk en Frans Klein, na inzage van het rapport advocaten inschakelden, ‘in een poging vermeende onjuistheden te bestrijden en de eindversie te beïnvloeden’.
En Trouw meldde droogjes dat alle betrokken en verantwoordelijke bestuurders en presentatoren inmiddels de wijk hebben genomen naar functies buiten de publieke omroep.
Ja, er wordt in de zaal stevig geslikt als de presentatie van start gaat en de commissie een opsomming heeft gemaakt van de meldingen die werden gedaan. Een kleine greep: ‘Enorme stemverheffingen’, ‘mensen de grond intrappen’, ‘mensen in hun gezicht spugen’, ‘in billen, borsten, geslachtsdelen van collega’s knijpen’.
Tegelijkertijd zijn die meldingen geanonimiseerd en doet de commissie geen uitspraken over de context ervan, waardoor het in het luchtledige blijft hangen. Een collega vraagt bijvoorbeeld of er, in het geval van fysiek geweld, dan sprake was van strafbare feiten. ‘Wij zagen geen aanleiding om daar vanuit te gaan.’ Je kunt er precies helemaal niks mee.
Daarop meldt Martin van Rijn droogjes dat tweederde van alle respondenten zegt last te hebben gehad van overschrijdend gedrag of daar getuige van geweest. Dat zijn feiten en cijfers waar je nauwelijks omheen kunt.
Harde, Hilversumse realiteit
Maar de commissie werpt daar onomwonden de harde, Hilversumse realiteit op. Als je al die aanbevelingen goed en volledig zou willen uitvoeren, dan moet eigenlijk de vorm waarop onze publieke omroep in elkaar steekt op de schop. En iedereen in Hilversum weet dondersgoed dat hervorming van de publieke omroep heiligschennis is.
Weliswaar hebben de ‘middenpartijen’, die de publieke omroep van oudsher een warm hart toedragen, verre van een meerderheid in de nieuwe politieke werkelijkheid in Den Haag. Maar als er iéts is dat stroperig, bureaucratisch en vooral tergend lang duurt, dan is het wel hervorming van de publieke omroep. Daar kunnen een flink aantal voormalig Haagse bestuurders goed over meepraten.
De commissie concludeert, onder andere, dat de onveilige werksfeer onder andere gecreëerd wordt door de onderlinge concurrentie tussen omroepen en programma’s. Iedereen wil de beste zijn, de beste gasten, de beste shows, de beste kijkcijfers. Hoewel de publieke omroep van buitenaf één is, gunnen de omroepen onderling elkaar het daglicht niet in de ogen. Succes met je hervormingen.
Het is ook een vraag die ik opwerp aan Frederieke Leeflang, die na de presentatie de pers te woord staat. Ten eerste: het gaat om ‘aanbevelingen’, geen ijzeren dwang. Hoe gaat ze de noodzaak daarvan overtuigen als collega-omroepbestuurders tegenstribbelen? Een concreet antwoord moet ze me schuldig blijven, behalve dat er ‘veel gepraat’ wordt. Een mogelijke hervorming van de publieke omroep? ‘Daar gaan we naar kijken.’
En dan hebben we het ook nog niet eens gehad over de rol van de NPO zelf - volgens het onderzoek zou de giftige werkcultuur ook deels ontstaan door het feit dat de NPO uiteindelijk beslist welke omroep welk programma gaat maken en op welk tijdstip dat op welke zender wordt uitgezonden.
Een uur na afloop van de presentatie lijkt alles op het Mediapark weer als het oude. De cameraploegen zijn weer weg, in het café-restaurant zit Jan Slagter aan de lunch met de twee kopstukken van Heel Holland Bakt en in een nisje van de zaak zit een tv-presentator haar nieuwe programma’s te bespreken met een eindredacteur.
Wandelend over het Mediapark denk ik vooral aan de mensen over wie het in de afgelopen dagen, weken en maanden vrij weinig ging: de slachtoffers. Ook zij zullen ongetwijfeld naar de livestream gekeken hebben - een collega zegt dat de stroom op z’n hoogtepunt zo’n 1 á 3 duizend kijkers trok (“Moeten al die omroepmedewerkers niet werken?”).
Alle betrokkenen zeggen dat ze vooral hopen dat de slachtoffers zich ‘gehoord’ en ‘begrepen’ voelen met dit rapport. Ik vraag mij af in hoeverre dat de vraag zou zijn.
De woorden van de commissieleden waren hard maar hol. De aanbevelingen zijn weliswaar toepasbaar, maar in Hilversum gaat niks over één nacht ijs. Een van de suggesties is dat bestuurders maar een X aantal jaar in hun functie mogen zouden zitten. Je hoort de kakofonie al opstijgen als men gaat bakkeleien over de vraag hoe lang dan precies lang is.
De laatste aanbeveling van de commissie is misschien nog wel het concreetst makkelijk uitvoerbaar: ‘Doe normaal tegen elkaar’. Al kan er dan ook eenvoudig een Hilversums polderdebat ontstaan over de vraag wat dan precies “normaal” is.
Na de vraag van de dagbladcollega over wat ík er nou van vond, ben ik even stil en denk ik een paar tellen na. Misschien komt dit Rotterdamse gezegde nog wel het dichtst bij: veel lullen, weinig poetsen.
Lees hier ook onze andere berichtgeving over de presentatie van het langverwachte rapport:
Commissie van Rijn: ‘Zeer geschrokken van de ernst van grensoverschrijdend gedrag bij de publieke omroep’
Wat schreef de commissie van Rijn over DWDD en NOS Sport?
Dit zijn de belangrijkste adviezen uit het rapport van de OGC
Reacties op het rapport van de commissie Gedrag en Cultuur Omroepen: ‘Het gaat om ingesleten patronen en machtsongelijkheid’
Commissie Van Rijn: er moet nader onderzoek komen naar de rol en geldstromen van productiehuizen


Praat mee