Rusland zet persvrijheidsorganisatie CPJ op lijst van ‘ongewenste organisaties’
Het Comité ter Bescherming van Journalisten (CPJ) is door Rusland toegevoegd aan de lijst van ‘ongewenste organisaties'. Volgens het Kremlin vormt CPJ een bedreiging voor de controle over de berichtgeving.
De organisatie was niet op de hoogte gebracht van het besluit of de redenen erachter. CPJ roept Rusland op om het verbod terug te draaien. Het Russische ministerie van Justitie voegde CPJ op 12 mei toe aan de ongewenste-organisatielijst. Op die lijst staan inmiddels honderden andere organisaties, waaronder andere persvrijheidsorganisaties en media.
Op de site van CPJ noemt directeur Jodie Ginsberg het besluit van het Kremlin een nieuwe poging om onafhankelijke journalistiek te onderdrukken. “En de Russische burgers de toegang tot onafhankelijke informatie te ontnemen. Journalistiek is geen misdaad en het verdedigen ervan evenmin.”
Daarnaast geeft de directeur aan dat de organisatie de schendingen van persvrijheid door Rusland blijft documenteren. “Om verantwoordelijken ter verantwoording te roepen en onafhankelijke journalisten te steunen die zich verzetten tegen de voortdurende golf van Kremlinpropaganda.” Eerder schreef Villamedia over een journalist die in ballingschap leeft vanwege de Russische autoriteiten.
Sinds 2015 geldt in Rusland een wet die organisaties als ‘ongewenst’ kan bestempelen. Deze organisaties mogen niet actief zijn in het land. Mensen die binnen Rusland samenwerken met zulke organisaties riskeren onder andere gevangenisstraffen tot zes jaar en administratieve boetes. Lees meer op CPJ.


Praat mee