‘Media, stop met herhalen van het frame dat queers hun rechten door de strot van anderen duwen’
Twaalf journalisten, die zich hebben verenigd in het queer journalistencollectief House of Unruly, wijzen de Nederlandse media op het gebruiken van een pijnlijk frame. "Het nieuws was amper te missen: de acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren is in vier jaar tijd sterk afgenomen. Uit het vierjaarlijkse onderzoek van de Universiteit Utrecht en het Trimbos-instituut blijkt dat het percentage jongens in het voortgezet onderwijs met een positieve houding daalde van 40 naar 22 procent, onder meisjes van 78 naar 51 procent. Maar terwijl wij, een divers collectief van queer journalisten, de berichtgeving volgden, moesten we nog iets slikken. We moesten ook slikken van de manier waarop dit onderzoek in het nieuws kwam."
Bij Renze mocht Mona Keijzer aanschuiven om het onderzoek te bespreken dat zij op X al als ‘flutonderzoek’ had weggezet. NU.nl kopte: ‘Leerlingen vinden dat “lhbtqia+-idee” door strot wordt geduwd’. Aan talkshowtafels en op sociale media ging het over de vraag of we misschien ‘wat zijn doorgeschoten’. Geerten Waling stelde in het EO-programma Dit is de Dag eveneens dat je met regenboogvlaggen en -zebrapaden mensen iets door de strot probeert te duwen en dat dit niet getuigt van een vrije samenleving.
Dat ‘door de strot duwen’ staat niet op zichzelf. In 2013 demonstreerden duizenden mensen tegenover het Amsterdamse Scheepvaartmuseum, waar Poetin dineerde, tegen de voorgenomen Russische ‘homopropagandawet’. Die maakte van zichtbaarheid iets waartegen mensen beschermd moesten worden. Juist daarom wringt het dat we nu in de Nederlandse media zo gemakkelijk spreken over het ‘opdringen’ van onze aanwezigheid. Herkennen we die redenering alleen wanneer ze uit Rusland komt?
Week van de Lentekriebels
Aan journalistiek onderzoek naar zulke beeldvorming ontbreekt het niet. Mediastorm en Medialogica onderzochten de religieuze organisaties achter de anti-lhbtiq+-retoriek. Pointer liet zien hoe mis- en desinformatie de online haat tegen de Week van de Lentekriebels aanjoeg. Onjuiste claims bereikten honderdduizenden mensen, mede doordat politici en prominente accounts ze verspreidden.
Onderzoek in opdracht van het Europees Parlement beschreef al in 2021 terugkerende verhalen van desinformatie over lhbtq-mensen: een vermeende ‘genderideologie’, een bedreiging van het ‘natuurlijke gezin’ en kinderen die beschermd zouden moeten worden. Zembla onderzocht hoe Amerikaanse conservatieve lobbyorganisaties miljoenen naar Europa overmaken om hun agenda te bevorderen, onder meer tegen lhbtq-rechten.
Juist daarom is het zo onbevredigend wanneer het snelle nieuws blijft steken bij het herhalen van het strotduwersframe. Zichtbaarheid is geen dwang. Een regenboogvlag of gekleurd zebrapad vraagt niemand homoseksueel te worden of in transitie te gaan. En uitleg over verschillende seksuele oriëntaties is geen oproep er een te kiezen.
Boontje komt om zijn loontje
In het bredere debat komt keer op keer dezelfde redenering terug: gelijke rechten zijn prima, maar zichtbaarheid wordt activisme, activisme wordt opdringen en verminderde acceptatie wordt vervolgens een begrijpelijke tegenreactie. Het is een soort boontje komt om zijn loontje: door deze zichtbaarheid hebben ze dit over zichzelf afgeroepen.
Het gebrek aan onderzoek hiernaar en het ontbreken van vragen die dit frame onderzoeken, raken de journalistieke verantwoordelijkheid en ons als queer journalisten. Wie stelt dat de afgenomen acceptatie door ‘te veel’ zichtbaarheid komt, mag dezelfde kritische vragen verwachten als de onderzoekers wier cijfers ter discussie staan.
Als jongeren zeggen dat lhbtqia+ hun door de strot wordt geduwd, willen we weten hoe dat komt. Wat bedoel je daarmee precies? Wat is je concreet opgedrongen, en door wie? Gaat het om iets wat je zelf hebt meegemaakt of om iets wat je hebt gehoord of gezien? Kloppen de feitelijke aannames erachter? En hoe ervaren queer jongeren zelf het klimaat op school? Doorvragen betekent dat je die scholier serieus neemt.
Wanneer overal dezelfde woorden opduiken, moet onze journalistieke nieuwsgierigheid worden gewekt: waar komen die vandaan, wie verspreidt ze en wat blijft erdoor buiten beeld? Hoe komt het dat scholieren deze woorden gebruiken? Wat zien zij online? Welke influencers, politici en organisaties gebruiken stelselmatig dezelfde termen?
Opmerkelijk genoeg bevat het hierboven genoemde NU.nl-artikel zelf aanknopingspunten. Docenten vertellen dat ze termen als ‘genderindoctrinatie’ tegenkomen en dat jongeren uitspraken van politici napraten. Toch zet de kop juist het ‘door de strot duwen’ voorop. Ook met aanhalingstekens en de toevoeging dat uitleg nodig blijft, bepaalt dat frame de eerste blik op het verhaal.
Blijf kritisch
Dit is daarom een oproep aan onze collega’s. Blijf kritisch. Wees je bewust van het effect van koppen en invalshoeken. Onderzoek de onderzoeksmethoden, de rapporten, de gestelde vragen en de conclusies. En toets de veronderstelling dat wij onze verminderde acceptatie aan onszelf te danken hebben net zo grondig.
Het recente rapport Voorbij zichtbaarheid van het samenwerkingsverband Benedmo houdt journalisten eenzelfde spiegel voor en concludeert na onderzoek naar de berichtgeving van Nederlandse nieuws- en actualiteitenprogramma’s: ‘De manier waarop lhbtqia+-personen en -onderwerpen in beeld worden gebracht, wordt vaak gekenmerkt door verregaande generalisatie, polarisatie en een sterke nadruk op conflict.’
Is het dus niet het ‘door de strot duwen’-verhaal zelf dat ons stelselmatig wordt opgedrongen?
Het queer journalistencollectief House of Unruly bestaat uit: Lara Billie Rense (radio- en televisiepresentator), Jesse Beentjes (mede-oprichter Huis van de Journalistiek), Abel Enklaar (hoofdredacteur VPRO Medialab), Karlijn Goossen (journalistiek strateeg, onderzoeker en leiderschapscoach), Annica Peeters (eindredacteur KRO-NCRV Pointer), Karin van de Wiel (onderzoeker en fotograaf), Yora Rienstra (cabaretière, programmamaker en presentatrice), Beitske de Jong (verslaggever en presentator), Carien Touwen (coördinator internationaal onderwijs School voor Journalistiek), Nanoah Struik (podcastmaker en spreker), Gerrit-Jan Kleinjan (docent aan de School voor Journalistiek) en Charisa Chotoe (redacteur online geopolitiek VPRO).
Deze opinie verscheen oorspronkelijk op 3 oktober bij Het Parool. Villamedia kreeg goedkeuring om de bijdrage te herplaatsen.



Praat mee