Met een genuanceerde boodschap wil Jop de Vrieze opboksen tegen sound bites en overgesimplificeerde adviezen
In de rubriek De Schepping schrijven journalisten zelf iets over de totstandkoming van hun werk. Ditmaal wetenschapsjournalist Jop de Vrieze, over zijn nieuwe boek 'Proteïne', Waarom we zo in de ban zijn van eiwitten en wat die wel en niet doen voor je lijf en gezondheid.
Wanneer je een boek schrijft over een trend of hype, zijn er twee doemscenario’s: allereerst dat tegen de tijd dat jouw boek verschijnt, de trend voorbij zal zijn of zelfs opgevolgd door een volgende. Ten tweede dat anderen het gras voor je voeten weg zullen maaien, waardoor tegen de tijd dat jij met je boodschap naar buiten komt alles zo’n beetje gezegd zal zijn over het onderwerp.
Toen ik me een jaar geleden stortte op de obsessie met proteïnen, nam ik me daarom twee dingen voor: geen tijd verliezen en zorgen dat ik meer te vertellen heb dan het eenvoudige ‘het is allemaal marketing om de verkoop van (dure) producten te stimuleren.’ Artikelen, tv-items, talkshowtafelgesprekken en explainer videos, ze zijn sindsdien allemaal langsgekomen. Ik maakte me niet druk. Ik dacht vooral: hoe vaak kunnen journalisten ergens met exact dezelfde insteek induiken?
Ondertussen werkte ik aan mijn boek. Door de wetenschappelijke literatuur in te duiken en te spreken met deskundigen, van universiteiten maar ook uit de sport- en voedingswereld. Ik deed inzichten op over de rol en verwerking van eiwitten in ons lichaam die ik zelfs als biomedicus nog niet had (of was vergeten), bijvoorbeeld dat elk eiwit vrijwel volledig moet worden afgebroken om te worden opgenomen, om vervolgens in je lichaam weer te worden in elkaar gezet in de gewenste vorm.
Een redactiechef met wie ik een artikelidee op basis van mijn boek doorsprak zei: ‘Wanneer je schrijft dat je met gewoon normaal eten genoeg eiwitten binnenkrijgt, keur ik het af.’ Hoewel het narratief van mijn boek daarbij dicht in de buurt komt, snap ik hem helemaal: voorspelbaar en saai. Gelukkig is er veel meer te vertellen over proteïne. En ook veel meer te leren dan: ‘hoeveel moet ik nu binnen krijgen en moet ik dan wel of niet aan de shakes?’
Het lot van de wetenschapsjournalist anno 2025 is met een genuanceerde boodschap te moeten opboksen tegen snelle sound bites en overgesimplificeerde adviezen. Noem het idealisme, noem het naïef, maar ik blijf erin geloven dat zo’n verdiepend, realistisch verhaal een behoefte vervult. Omdat je met net wat meer inzicht een hype beter kunt doorgronden en zelf kunt bepalen wat je er wel en niet mee kunt. Door daarop te focussen heb ik ervoor gezorgd dat ik echt nog wat te vertellen heb na alle eerdere media-aandacht voor de proteïnehype.
En of de trend inmiddels overgewaaid is? Kolderieke producten zoals high protein winegums en chips zullen er over een tijdje niet meer zijn, maar de aandacht voor proteïne als bouwstof voor ons lichaam zal blijven. Als mijn lezers straks weten hoe ze die kennis op een zinnige manier in hun sportieve of minder sportieve leventje kunnen inbouwen, ben ik tevreden.
Jop de Vrieze (1983) is medisch bioloog en zelfstandig wetenschapsjournalist bij freelancerscollectief Bureau Wibaut. Hij publiceert onder meer in De Groene Amsterdammer, Science Magazine en Quest. Eerder publiceerde hij de boeken Allemaal Beestjes en De Karakterman (met Stephan van Duin) en momenteel werkt hij aan een verhalende podcast die terugblikt op de coronapandemie.
‘Proteïne’, Waarom we zo in de ban zijn van eiwitten en wat die wel en niet doen voor je lijf en gezondheid’ verschijnt op 9 oktober bij Atlas Contact | ISBN: 9789045052045 | 254 pagina’s | € 22,99 |



Praat mee