— donderdag 8 maart 2012, 11:15 | 3 reacties, praat mee

Fatsoen is te vaak een uitvlucht

Als een beroep doen op het fatsoen een manier wordt om verantwoording te ontlopen dan is er niets mis met onfatsoenlijke journalistiek, vindt hoofdredacteur Dolf Rogmans van Villamedia. ‘Een clown met een roze plopkap kan dan goed van pas komen.’

Afzeiktelevisie, fatsoenskloof. Een ethische commissie voor journalisten die op het Binnenhof hun werk willen doen. De camera’s helemaal weg uit de vergaderzaal van de Tweede Kamer. Ineens was daar de roep om fatsoen ook te handhaven in de journalistiek.
Het kan toch niet zo zijn dat de brutalen de halve wereld hebben. Dat Kamerleden en ministers voor gek worden gezet door clowns met roze microfoons. Dat columnisten aan hun voordeur met draaiende camera worden geïnterviewd.

Dus Rutger Castricum van PowNed kan met pensioen en met hem die hele omroep. Want zij begrijpen de spelregels niet. Zij hebben de Van Dale er niet op nageslagen. Ze weten niet dat fatsoen betekent ‘goede manieren in de omgang’.
Ik zou ook graag een pleidooi voor fatsoen willen houden. Fatsoen in de journalistiek.

Of onfatsoen in de journalistiek. Het is me om het even. Allereerst maar eens dat woord journalistiek. Journalistiek onderscheidt zich op een belangrijke punt van informatie zoals bijvoorbeeld persberichten of reclame. Het heeft de ambitie ‘waar’ te zijn.

Iets melden dat ‘waar’ is valt niet mee. Veel journalisten nemen de moeite niet eens meer. Het Vara-programma RamBam toonde dat maar weer eens aan. Het is vrij eenvoudig om met kulberichten in de media te komen, ook in de uitzending van PowNews. Wat mij betreft getuigt het van journalistiek onfatsoen als media daar intrappen. En het zou van goede manieren in de omgang getuigen als ze daarvoor ruiterlijk excuses zouden maken.

De Britse journalist Nick Davies analyseerde in zijn boek ‘Flat Earth News’ dat de falende journalist niet zozeer lui is of niet geïnteresseerd in de waarheid, maar hij is te druk. Bezuinigingen eisen hun tol. Een waarneming die helaas elke dag een beetje meer waar aan het worden is. Er wordt onfatsoenlijk bezuinigd op de journalistiek.

Dan het woord ‘fatsoen’. De ‘goede manieren’. Daar ben ik voor. Als we op een wat voorspelbare manier met elkaar omgaan, hoeven we niet bij elke handeling of opmerking te denken ‘wat bedoelen ze daar nu weer mee’? Zo is elkaar een hand geven bijvoorbeeld een teken van begroeting en respect tonen. Het is geen belediging. Dat weet iedereen en zo maken goede manieren ons leven eenvoudiger.

Maar fatsoen wordt ook misbruikt. Het kan ook een middel zijn om verantwoording te ontlopen. Daar hebben journalisten dan last van. Helaas komt dat vaker voor dan goed is. ‘U moet eerst een afspraak maken met de voorlichter.’ Of: ‘Ik wil wel met u in debat, maar niet bij mijn voordeur.’ Of: ‘Ik wil eerst de vragen zien en dan de antwoorden pas geven.’ Of: ‘Stuurt u eerst even een mailtje.’ Of: ‘Wij sturen een persbericht en geven daar geen toelichting bij.’ Waarom wordt dat allemaal van een journalist gevraagd? ‘Omdat het fatsoenlijk is dat u zich zo gedraagt. Omdat u zich aan de omgangsvormen dient te houden die wij u opleggen. En als u zich daar niet aan houdt, dan bent u onfatsoenlijk. Bellen we de politie om u te laten verwijderen of stellen we een ethische commissie in.’ Je hoort het als journalist helaas met enige regelmaat.

Dan worden omgangsvormen een vorm van onfatsoen. Wordt het een middel om
verantwoording te ontlopen. Dan wordt fatsoen ingezet om de waarheid te maskeren, om journalistiek werk onmogelijk te maken.

In die gevallen heb ik niet zo’n problemen met onfatsoenlijke journalistiek. Met een clown met een roze plopkap die zich niet zo maar laat weg sturen. Met journalisten die bij iemand thuis verhaal gaan halen. Zo nodig met draaiende camera.

Daarmee is wat mij betreft niet alles goed te praten. Maar onfatsoenlijke journalistiek zou het antwoord moeten zijn op onfatsoenlijke voorlichters, politici, columnisten of zakenmensen die proberen met een beroep op de goede omgangsvormen hun eigen verantwoordelijkheid te ontlopen.

Dolf Rogmans is hoofdredacteur van Villamedia

Bekijk meer van

Praat mee

3 reacties

Olivier, 11 maart 2012, 22:53

Goed betoog van Rogmans. Uit het hart gegrepen helemaal omdat nadat de beroepsgroep Jannetje Koelewijn lekker collectief had neergesabeld Rutger de volgende kop boven het maaivelder was die de dorsmachine over zich heen kreeg. Discussie over ons vak? Graag en altijd. Maar ik vind dat bon allemaal hetzelfde fatsoenlijke vinden echt vreselijk.

J.C. Roodenburg, 12 maart 2012, 21:05

Zij het laat, maar zelfs hoofdredacteur Dolf Rogmans van deze site kan er niet omheen een mening te verkondigen over fatsoenlijke of onfatsoenlijke journalistiek.
Hij maakt nogal een omweg. Ik ben benieuwd of hij ook vindt dat zelfs de meningsvrijheid van de burger binnen de grenzen van de wet boven die van de persvrijheid gaat.
Dat betekent dat de burger ook géén mening hoeft te geven (of zoals met verdachten) zelfs maar een antwoord op welke vraag dan ook. Journalisten hebben vaak al moeite als iemand zegt ‘geen commentaar’.
Die vrijheid – om géén mening te geven of vragen te beantwoorden – hebben zelfs politici en ook de minister-president. Waarom zal hij op bepaalde vragen een antwoord geven of erom heen draaien? Dat is zijn goed recht!
Journalisten moeten daarover ook niet blijven ‘zeiken’. Laten ze dan zelf commentaar geven dat ze het schandalig vinden dat ze geen antwoord krijgen maar ontzeg de geïnterviewde niet dat hij geen sjoege geeft.
Helemaal fout is natuurlijk als journalisten een antwoord verlangen omdat zij zich beschouwen als ‘de hoeder van de democratie’ en dat zij daarom récht hebben op een antwoord. Ook hierbij geldt: steek je nek uit en neem de schande die je uitspreekt voor eigen rekening. De lezer, luisteraar en kijker beoordelen zelf wel of de journalist gelijk heeft of niet.
In zijn enigszins genuanceerde bijdrage van Dolf Rogmans staat de kern van zijn opinie in de kop: ‘Fatsoen is te vaak een uitvlucht’. Anderzijds schrijft hij dat hij niet zo’n problemen heeft met onfatsoenlijke journalistiek. ‘Een clown met een roze plopkap kan dan goed van pas komen.’
Voordat hij zijn stuk schreef had Dolf toch maar eens in de dikke Van Dale moeten kijken wat het woord ‘onfatsoenlijk’ betekent: 1. datgene wat onze fatsoenlijke wereld onfatsoenlijk noemt. 2. buiten alle verhouding of proporties.
Vele journalisten hebben vaak een probleem om exact met de Nederlandse taal om te gaan.  Ze checken te weinig of wat zij opschrijven zij ook werkelijk bedoelen.
Ik heb een andere mening dan Dolf. Met name 2. in Van Dale is niet des (onafhankelijke) journalistieks. Ik vermoed ook dat Dolf méér bedoelt ‘zeer kritische vragen stellen’ of zelfs ‘snerende vragen’. Daar kan niemand moeite mee hebben. Wél met vragen die niks meer met het onderwerp zelve te maken hebben en alleen maar zijn bedoeld om de boel op te naaien of om amusement (zie Castricum) te brengen.
In dat laatste geval heeft iedere burger – ook de minister president – het recht om niet in te gaan op de door hem beoordeelde onwelgevallige vragen. Een goede journalist begrijpt dat en dat heeft helemaal niks met aantasting van de persvrijheid of zelfcensuur te maken. Inderdaad, om de term te gebruiken, wel alles met fatsoen dat men echt niet als uitvlucht hoeft te gebruiken.

Olivier, 12 maart 2012, 23:00

Over omhaal van woorden, omwegen en laat ter zake komen gesproken. Maar goed… Volgens mij gaapt er nogal een kloof door de eerbiedwaardige collega en Rogmans. Feit wil dat wat in zijn tijd wellicht werd gezien als noodzakelijk fatsoen tegenwoordig iets anders wordt bekeken. Met andere woorden; nederig de microfoon door het raampje van de passerende minister steken en bijna smekend vragen om een quote vinden de meeste journalisten niet meer zo van deze tijd.

Overigens vind ik het knap arbitrair en elitair om even vlot te bepalen wat amusement en dus journalisitek not done is en wat niet. Misschien heb ik me daarom ook zo enorm geërgerd aan Frenk van der Linden in DWDD. Daar zat het toonbeeld van journalisiteke kwaliteit die Rutger even zou vertellen hoe het heurt. En dat terwijl zijn meeste interviews niks meer zijn dan sjiek amusement waarin de geinterviewde leegloopt over zijn moeilijke jeugd en verdrietige relatie met de hond van de buren. Boeiende stof, maar niets iets waar de wereld veel wijzer of anders door wordt.

Ik heb persoonlijk niks met Rutgert en vind hem vooral een saaie one trick pony aan het worden, maar in dit geval dacht ik echt: Handen af van onze Ruth.

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab
Redacteur

Lars Pasveer
Redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur

Anneke de Bruin
Vormgever

Marc Willemsen
Webontwikkelaar

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.