anp banner november

— donderdag 4 februari 2016, 11:33 | 1 reactie, praat mee

De rebellen van RamBam

Journalisten (of televisiepresentatoren) zijn geen agent. Maar als ze met een verborgen camera en loktelefoontjes toch aan een soort lollige burgeropsporing beginnen, zijn er wel degelijk algemene normen van zorgvuldig handelen die een rol spelen, aldus Folkert Jensma, interim-voorzitter van de Raad voor de Journalistiek.

Drie hoeraatjes voor tv-journalistiek die wat durft. En RamBam, dat zijn van die lekkere rebellen met een camera die graag op het randje opereren. Over zichzelf zeggen ze op ‘eigenzinnige en creatieve wijze’ kwesties aan te pakken ‘die niet kloppen’. Je kunt natuurlijk van mening verschillen over het gewicht van de kwesties die ze aanpakken – de ene keer is dat relevanter dan de andere. Maar het is over het algemeen onderhoudend en informatief. Er kijken gemiddeld 400.000 kijkers – dat schijnt niet slecht te zijn.

De Vara noemt het een ‘onderzoeksprogramma’, maar dan wel één met een scherp randje. Dit zijn geen stukkenlezers of dossiervreters, maar tv-makers. Vast element is de verborgen camera, het uitlokken van de beoogde misstand of het in de val lokken van de verantwoordelijken. De sfeer is die van een speurtocht – er is actie. De presentatoren komen uit de creatieve sector: artiest, programmamaker, cabaretier, schrijver, journalist. Jong, vlot en allemaal tv-geniek.

Ik zeg het maar eerlijk. Ik zou ook wel willen. Maar ja, niet jong, minder vlot dan vroeger, en tv-geniek? Mwah. De laatste keer dat ik in DWDD zat begonnen ze op twitter mijn leesbril te bespreken, die bovenop m’n hoofd stond. Ik begrijp het ook best. RamBam, dat gaat ook een beetje over de presentatoren zelf, toch? Tv, dat is bewegend beeld. En dat moet ogen.

Je vraagt je onwillekeurig wel af hoe ze aan hun onderwerpen komen – en wat de presentatoren eigenlijk zelf voorbereiden. Zou het allemaal ‘gescript’ zijn, of zien we hier de onderzoekers zelf in de weer? In ieder geval kan het publiek via de website, de makers van het programma ‘tippen’. Ik vermoed dat daar de consumentenkwesties vandaan komen. Glazenwassers, laptops, autoherstel, uitbuiting van schoonmakers. Als de redactie zelf iets verzint dan wordt bijvoorbeeld de matige controle voor Koninklijke onderscheidingen aan de kaak gesteld; een tamelijk hilarische uitzending. Of flauwekul uit het mediawereldje zelf: hoe Astro-tv werkt, of Business Class. Die werden dus grandioos gefopt. RamBam is amusement met journalistieke technieken, of journalistiek met theater- en tv technieken – een hybride dus.

Vorige maand vertilde het programma zich echter aan de heilige koe in Nederland – het betaald voetbal. Kennelijk was de redactie op de bonnefooi (?) spelers uit de KNVB-competitie gaan bellen met de vraag of zij wedstrijduitslagen wilden manipuleren – door hun gedrag op het veld. Dat is dus verboden – om te beginnen door de KNVB zelf, natuurlijk. En door de wetgever. Althans ik veronderstel dat het Openbaar Ministerie wel spelers zal vervolgen die de club en het publiek oplichten omdat ze willen meedelen in de illegale gokopbrengst van hun opdrachtgever.

Er blijkt dan ook een meldplicht te bestaan voor benaderde spelers. Wie zo’n uitnodiging tot matchfixing niet meldt, riskeert een disciplinaire straf. Eén speler heeft, voor zover bekend, de KNVB ingelicht. Of RamBam meer spelers benaderde lijkt aannemelijk. Althans, het programma liet weten onderzoek te hebben gedaan – en daarna van het onderwerp te hebben afgezien. Die beslissing neem je niet na één telefoontje.  Die meldplicht werkte dus, maar nogal bescheiden. Slechts in dat ene geval. En toen zat toen RamBam dus zelf in de val, die ze voor een ander wilde gaan zetten.

Niet de ethiek van de voetballerij stond toen ter discussie, maar opeens de ethiek van half- journalistieke tv-programma’s met een missie. Was dit misschien een typische ´fishing expedition´, een onderzoekstechniek die in de echte opsporing verboden is, althans met talloze waarborgen omkleed? Echte rechercheurs mogen immers niet op de bonnefooi anoniem burgers of bedrijven uitnodigen om de wet te overtreden. Uitlokking in de opsporing mag alleen als om iets gaat wat degene om wie het gaat toch al van plan was te doen. Of, in jargon, ‘waar diens opzet toch al op gericht was’. Agenten mogen geen gelegenheid scheppen die er normaal niet is, en zo wetsovertreders gaan fabriceren. Denk aan een lokfiets (met ingebouwde GPS politiezender) die als enige in de hele fietsenstalling niet op slot staat.

Nu zijn journalisten (of tv presentatoren) geen agent. Maar als ze met een verborgen camera en loktelefoontjes toch aan een soort lollige burgeropsporing beginnen, zijn er wel degelijk algemene normen van zorgvuldig handelen die een rol spelen. Of zouden moeten spelen. Ook in de journalistiek (of het entertainment) moet je om te beginnen toch proberen om schade aan een ander te vermijden. Dat is een grondregel in de ‘civil society’. Daar is niemand van vrijgesteld.

In de journalistieke ethiek geldt dan nog als uitgangspunt dat je geen incidenten mag uitlokken louter om nieuws te maken. In de Leidraad van de Raad voor de Journalistiek staat ondubbelzinnig, onder B ‘werkwijze’ : Journalisten maken geen misbruik van hun positie en lokken geen incidenten uit met de bedoeling nieuws te creëren. 

Eenvoudig gezegd: je gaat dus niet met een fles benzine en een verborgen camera voorbijgangers aanklampen met de vraag, zou u die even tegen die bankgevel willen aangooien. Zo veroorzaak je schade – aan die gevel,  aan die voorbijganger die er intrapte en aan jezelf, omdat je mede aansprakelijk bent. Dat heet vandalisme – met journalistiek of entertainment heeft het niks te maken.

Nu is de Leidraad niet meer dan een richtlijn, waar programmamakers zich vrijwillig aan kunnen houden. Of niet, natuurlijk. Het hangt er ook van af of RamBam zich als een journalistiek programma beschouwt, of zo wordt beschouwd. De Raad, die de Leidraad als toetsingskader gebruikt, heeft één keer een klacht tegen RamBam behandeld, in 2012. De uitslag was toen ‘onbevoegd’. Ook toen ging het overigens om de voorbereiding van een uitzending; niet om de uitzending zelf. RamBam liet toen zien wat je moet doen als je een ‘doe het zelf-begrafenis’ wil organiseren. En wel op een manier die de Raad toen vooral als ‘komisch’ interpreteerde. ‘Enige nieuwswaarde’ kon de Raad niet aan de uitzending ontdekken. Met andere woorden – dit was geen journalistiek. En dus was de Leidraad ook niet aan de orde.

Ik vermoed overigens dat het journalistieke gehalte van RamBam sindsdien is gestegen. Maar of de Raad een klacht, bijvoorbeeld van de spelersvakbond, zou willen beoordelen, is dus niet zeker.

Gebeurt dat wel, dan moet RamBam uitleggen dat er een serieuze verdenking is van matchfixing in Nederland. En dat de spelers die zijn gebeld daar bewust voor zijn uitgekozen; bijvoorbeeld omdat ze er eerder mee in aanraking kwamen of er zich wellicht mee inlieten. Ook een journalistieke ‘onderzoeker’, of-ie nu van RamBam is of van Zembla, moet waarmaken dat de misstand die aan de orde wordt gesteld, voldoende ernstig en concreet is om een ‘loktelefoontje’ te mogen plegen.

Datzelfde geldt voor het gebruik van de verborgen camera. Daar wordt de Raad voor de Journalistiek om de haverklap over geraadpleegd. Daarin is de Raad overigens soepeler geworden. Van ‘nee, tenzij’ is het inzicht gewijzigd in ‘ja, mits’.  In de Leidraad staat tegenwoordig dit:

Het werken met verborgen camera en microfoon of met draaiende camera en openstaande microfoon is toegestaan wanneer dit noodzakelijk is om een misstand aan de orde te stellen.

Als matchfixing in Nederland dus een misstand is, en deze speler(s) konden daar redelijkerwijs mee in verband worden gebracht, dan deed RamBam dus niks onoorbaars. Althans, dat kan ik me niet voorstellen. Maar misschien dient de KNVB wel een klacht bij de Raad in – en komt er allerlei nieuwe informatie boven die juist laat zien dat de rebellen van RamBam niet goed hebben nagedacht. En inderdaad vooral een relletje probeerden te trappen, op andermans kosten, waar de kijkers fijn mee geamuseerd konden worden. Dan zaten ze dus fout…

Folkert Jensma (1957) is interim-voorzitter van de Raad voor de Journalistiek. Hij werkt sinds 1980 in de journalistiek en sinds 1983 voor NRC Handelsblad. Sinds 2007 als juridisch redacteur, commentator en columnist. Tussen 1996 en 2006 was hij hoofdredacteur.
Twitter: @folkertjensma
Op rvdj.nl/weblog en denieuwereporter.nl schrijft hij iedere week een mediacolumn.

Praat mee

1 reactie

J.C. Roodenburg, 4 februari 2016, 16:32

Goede analyse én mening van Folkert. Voor ‘cowboys’ in de journalistiek moet geen plaats zijn!

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.