website over journalistiek

Exclusieve inhoud Sluiten

Een NVJ-lid heeft dit artikel met je gedeeld. Gratis een maand alles lezen? Klik hier.

Een NVJ-lidmaatschap geeft je recht op:

  • Persoonlijk advies
  • Juridisch advies & rechtsbijstand
  • Perskaart
  • Korting op cursussen
  • Villamedia magazine

Word lid Verder lezen

‘We zijn echt van die mensen gaan houden’

Linda Nab — Geplaatst in prijzen op donderdag 2 februari 2017, 16:48

Een miljoen kijkers stemde eind vorig jaar wekelijks af op de documentaireserie ‘Schuldig’, een portret van de Vogelbuurt in Amsterdam, waar schuldenproblematiek de verbindende factor is. Makers Ester Gould en Sarah Sylbing, genomineerd voor Journalist van het Jaar 2016 nemen Villamedia mee op een ronde door het plotsklaps bekende wijkje in Noord.

Sarah Sylbing (36) en Ester Gould (41) weten niet wat ze zien als ze op een waterkoude dinsdagochtend Dierenspeciaalzaak Ambulia betreden. Achter de toonbank van het winkeltje van Dennis van den Burg staan tussen de dierenspeeltjes tientallen kaartjes uitgestald. Aan lange lijnen die van de ene naar de andere kant van de zaak zijn gespannen, hangen er nog veel meer. Boven de puppy-brokken zijn twee tekeningen aan de muur geplakt met in kinderhandschrift: ‘We willen dat alles goed met je gaat en wensen je veel succes!’ Allemaal fanmail voor de lange, magere Dennis, die zijn dierenwinkeltje in Noord al jaren tegen de klippen op overeind probeert te houden. Nederland sloot de buurtwinkelier met zijn lange haren massaal in het hart na zijn optreden in de documentaireserie ‘Schuldig’.

‘Ongelofelijk’, zegt Sylbing, terwijl ze haar blik over de vele kaarten met aanmoedigingen en gelukswensen laat gaan. ‘Jahaa’, knikt Dennis’ vader Henk – met zijn grijze paardenstaart en blauwe muts een vaste waarde in Ambulia – instemmend. ‘Je zou eens een dag moeten uittrekken om al die teksten te lezen.’ ‘Dat zijn niet zomaar kerstkaartjes’, vult Dennis aan. De schrijvers stortten vaak hun hart bij hem uit over hun eigen schulden en verdriet. ‘Hier’, zegt hij, en hij leest voor terwijl op de achtergrond zijn kaketoe Kippie begint te schreeuwen: ‘“Met enige voorzichtigheid keek ik naar Schuldig. Omdat ik zelf ook goed weet hoe het is om geen geld te hebben.” Of deze: “Iedereen uit de serie heeft indruk gemaakt, maar vooral jij Dennis. Hoe je erin staat.” Ik vind het allemaal super lief en mooi.’

En dan heeft hij het nog niet eens over de klanten die zich in zijn winkeltje, dat de laatste jaren zo pijnlijk leeg bleef, nu verdringen tussen de zakken hondenbrokken en vogelvoer. ‘Het balletje rolt weer’, zegt hij optimistisch. ‘Al is het maar het besef van: koop bij uw plaatselijke winkelier.’ Gould herkent het. Sinds ze ‘Schuldig’ heeft gemaakt, koopt ook zij het voer voor haar twee katten weer in de buurtwinkel in plaats van in de supermarkt. Ook nu stapelt ze zes blikjes op de toonbank bij de kassa. Sylbing zet er een emmertje muizengif naast, omdat er een plaag heeft huisgehouden in haar la met ontbijtgranen. ‘Goed zo!’, roept Dennis terwijl hij voor een klant een zak houtkorrels door de winkel sjouwt: ‘In de supermarkt word je geleefd. Hier niet.’

Bij elkaar opgeteld brachten de documentairemakers zeker dertig dagen door in de dierenspeciaalzaak van Dennis. ‘We zijn met best veel mensen een dagje gaan filmen om te kijken of het zou werken. Het is niet zo dat we vanaf het begin wisten wie de hoofdpersonages zouden worden. Dat komt in de loop van het proces’, zegt Sylbing als ze even later weer buiten staan. ‘Maar Dennis was vanaf begin af aan een natuurtalent. Helemaal niet camerabewust.’

Gould: ‘Waar we vooral op hebben gelet, is dat we hoofdpersonen kozen die niet ronduit zielig zijn, of alleen maar een gat in hun hand hebben. Dat vonden we niet interessant. De werkelijkheid is toch vaak een combinatie van pech en gedrag.’

Pion in een systeem
Sylbing en Gould deden - bijgestaan door hun researcher Manon van der Sluys - een jaar onderzoek voor ‘Schuldig’ en trokken daarna 163 dagen de wijk in met twee cameraploegen. Het duo had krediet in de buurt; ze lopen er al tien jaar beroepsmatig rond. Ze maakten er de korte films ‘50 cent’ en ‘De rekening van Catelijne’, over het leven van één bijstandsgezin. Daarna voelden ze de behoefte om het blikveld te verbreden. Ze schreven het boek ‘Dubbeltjes en kwartjes’, over schulden en uithuiszettingen in Amsterdam-Noord, en behandelen in ‘Schuldig’ de problematiek in de volle breedte. Sylbing: ‘We wilden het probleem vanuit verschillende perspectieven laten zien: vanuit de schuldenaar, de hulpverlener, de deurwaarder, de wethouder. Telkens als je net je mening hebt gevormd, word je weer op een ander been gezet. Net als je denkt: alle deurwaarders zijn klootzakken want ze helpen onze lieve Dennis in de problemen, ga je met Ed (de gevolgde deurwaarder uit Schuldig, red.) mee.’

Gould: ‘Het is maar net in wiens schoenen je staat.’

Sylbing: ‘Zo werd duidelijk dat je van verschillende kanten naar het probleem kan kijken. En dat iedereen uiteindelijk slechts een pion is in een heel complex systeem.’

Niet iedereen stond te trappelen om mee te doen, vertellen de makers als we langs de voedselbank lopen waar het duo filmde hoe voormalig diva Ditte beschroomd voor het eerst haar boodschappentas vulde. Vooral een gezin vinden was moeilijk, vertelt Gould. ‘Vaak is de schaamte bij kinderen heel groot.’ Pas vrij laat in het productieproces stuitten ze op Ron en Ramona. Hun gezin werd op straat gezet op het moment dat Gould en haar camerateam met deurwaarder Ed op pad waren. Gould: ‘Dat vond ik heel heftig om mee te maken. Meestal zijn mensen niet thuis bij een ontruiming en gaat het om halflege, verwaarloosde woningen. Maar dit was een volledig ingericht huis, heel netjes ook. Iedereen was gewoon thuis. Dan sta je wel te trillen hoor.’ In eerste instantie gaven Ron en Ramona geen toestemming om te filmen. Begrijpelijk, vond Gould. ‘Het was te precair.’ Maar later op de dag liet het stel de camera’s toch toe. Sylbing: ‘Ze waren kwaad, en wilden hun kant van het verhaal vertellen. Dat is voor alle hoofdpersonen het primaire motief om mee te doen. Iedereen heeft het gevoel dat er iets niet deugt aan het systeem – ook de deurwaarder. En dat willen ze aan de kaak stellen.’

Zeker geen kijkcijferhit
Dat geldt ook voor Will van Schendel, directeur van Doras, een stichting voor maatschappelijke – en schuldhulpverlening in Noord, op steenworp afstand van de Voedselbank. Gould en Sybling stappen er binnen voor een kort verrassingsbezoek. ‘Het moest op de káárt. Nou, dat is gelukt’, zegt Will uitgelaten en kordaat zoals we haar uit de serie kennen, nadat ze de documentaire­makers uitbundig heeft omhelsd. In de supermarkt wordt ze met een amicaal ‘Haaaai Will’ begroet door mensen die ze helemaal niet kent, vertelt ze. Dat is wel eens lastig. Maar alle kaarten en donaties die Doras heeft ontvangen naar aanleiding van de serie, hebben haar ontroerd. ‘Het is zo bijzonder wat er is gebeurd.’ Ze slaat haar handen in elkaar: ‘Dit hadden jullie niet gedacht hè meiden?’
Gould kijkt peinzend. ‘Het is overweldigend. Dat hadden we niet gedacht, maar wél gewild. De serie stond geprogrammeerd voor NPO1, en we snapten wel dat het op die plek de bedoeling is dat je een groot publiek bereikt. Daar hebben we ook heel hard aan gewerkt. We wilden dat het toegankelijk en meeslepend zou zijn, zodat mensen aan het eind van een aflevering dachten: ik wil de volgende zien.’

Sylbing: ‘We hebben het verhaal op een filmische, verhalende manier proberen te vertellen. Met veel muziek – veel meer dan je normaal in een documentaire gebruikt.’

Gould: ‘In die zin is het succes niet toevallig. Maar de netmanager en zijn rechterhand vonden het doodeng. Die waren zenuwachtiger dan Sarah en ik.’

Sylbing: ‘Vooral zijn rechterhand – ik noem geen namen. Maar zij dacht dat niemand zat te wachten op deze zware, donkere kant van de samenleving.’
Gould: ‘Ze zei elke keer: het moet lichter, lichter, lichter. Vrolijker ook.’

Sylbing: ‘En toen het af was sprak ze, nadat Ester opmerkte dat het toch ook een hit kon worden, de legendarische woorden: “Hoogstens schrijft de pers dat het een pareltje is, maar het wordt zeker geen kijkcijferhit.”’

Aan tafel bij Doras wordt er met de kennis van nu smakelijk om gelachen. Wekelijks hield Schuldig lineair (!) een miljoen kijkers aan de buis gekluisterd. Het is ook niet voor niets dat het thema de twee documentairemakers al jaren in de greep houdt. ‘Het is een heel filosofisch onderwerp waar je eindeloos over kunt praten. Omdat je steeds van mening wisselt. Omdat het nooit eenduidig wordt’, zegt Sylbing als ze even later weer terugloopt naar haar fiets. Wanneer het tijd wordt om dit allemaal weer los te laten? Ze kijkt even vertwijfeld voor zich uit. ‘Dat gaat niet één, twee drie.’ Gould: ‘Moet ook niet. Ik ben een paar dagen geleden nog met de kinderen van Ron en Ramona naar de film geweest. Ik vind dat je dat soort dingen moet blijven doen. We vragen mensen om maandenlang mee te werken aan een serie, zonder script of punt op de horizon. Ze laten het helemaal aan ons over wat wij ervan maken. Dat geeft blijk van heel veel vertrouwen. Ik vind dat daar iets tegenover moet staan.’

Sylbing knikt instemmend. Het emmertje muizengif uit de winkel van Dennis heeft ze nog altijd onder haar arm geklemd. ‘Niet dat ik onszelf een schouderklopje wil geven of zo, maar we voelen die verantwoordelijkheid heel sterk. We hebben een hele intensieve band met die mensen opgebouwd. We zijn echt van ze gaan houden, dat is niet zomaar over.’ Bovendien, zegt ze, is het maar de vraag hoe lang alle aandacht die er nu is nog aanhoudt. Daarna dreigt wellicht het zwarte gat. Stellig: ‘En dan is het onze verantwoordelijkheid om er voor ze te zijn.’

Documentaire­makers Sarah ­Sylbing (Amsterdam, 1980) en Ester Gould (Schotland, 1975) zijn genomineerd voor Journalist van het Jaar 2016. Ze danken die eer aan hun 6-delige serie Schuldig (HUMAN), over schuldenproblematiek in Amsterdam-Noord. Eerder maakten ze over de schulden­problematiek in Noord ook de korte films ‘50 cent’ (2007) en ‘De rekening van Catelijne’ (2012). Sylbing en Gould leerden elkaar kennen tijdens hun Master Journalistiek en Media aan de UvA. De eerste documentaire die ze samen maakten ging over illegale Latijns-Amerikaanse schoonmakers in Amsterdam, voor AT5. Sylbing werkt daarnaast als regisseur en researcher voor televisie en radio (Metropolis, Tegenlicht). Gould werkte in het theater, de journalistiek en als researcher, scenarist en regie-assistent voordat ze in 2005 zelf films ging regisseren, zoals ‘Strike a Pose’ (2015) en ‘A strange love affair with Ego’ (2016). Afgelopen jaar won ze het Documentaire Stipendium.

Nog geen reacties

Om te reageren moet je een Villamedia Account hebben en moet je eerst ingelogd zijn.