banner persveilig

— woensdag 27 mei 2020, 13:10 | 0 reacties, praat mee

Slob: noodsteun media wellicht een sigaar uit eigen doos, maar het alternatief was erger

De vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in overleg met mediaminister Slob | Bart Maat / ANP

Het geld dat media-minister Arie Slob heeft gehaald uit een bestaande subsidieregeling en gebruikt heeft voor het journalistieke noodfonds van 11 miljoen euro wordt maar deels terug gestort. Dat zei Slob dinsdag in de Tweede Kamer. De 7,5 miljoen euro die voor experimenten met lokale en regionale omroepen was bedoeld, keert niet terug. Ook de subsidieregeling voor onderzoeksjournalistiek levert 3,5 miljoen in. Onduidelijk of er een tweede ronde steun komt voor noodlijdende media-organisaties.

De Kamer sprak dinsdag met Slob. SP-Kamerlid Jasper van Dijk vindt het opmerkelijk dat er tientallen miljarden zijn uitgetrokken om de effecten van de huidige crisis te bestrijden, maar dat de 11 miljoen voor het journalistieke noodfonds uit een bestaand potje is gehaald. Ook Lisa Westerveld (GroenLinks) wees in het debat op het maatwerk dat voor bepaalde sectoren als zorg en cultuur wordt geleverd, maar dat dit voor de journalistieke sector niet lijkt te gelden.

Media-minister Arie Slob (ChristenUnie) wees erop dat zzp’ers en journalistieke bedrijven ook op de generieke steunmaatregelen aanspraak kunnen maken.

Ondanks aandringen van Van Dijk wil hij niet op zoek naar nieuw geld - dat wil zeggen, fondsen die niet al een andere bestemming hadden - om het naar het noodfonds overgehevelde geld aan te vullen. Van Dijk noemde het noodfonds tijdens het debat daarom een sigaar uit eigen doos, een term die Slob als negatief betitelde.

De coronacrisis vroeg volgens de minister om direct handelen. “Als het niet was gedaan, waren er concreet titels omgevallen: lokale omroepen, streekomroepen”, aldus Slob. De minister stelt dat geld voor onderzoeksjournalistiek structureel in de begroting staat. “Het goede nieuws is dat het volgend jaar weer beschikbaar is”, aldus de minister.

De minister zegt trots te zijn op de genomen maatregelen. “De ‘sigaar uit eigen doos’ was nodig, omdat er anders veel media waren omgevallen”, aldus Slob. Hij stelt dat veel organisaties er ook voor de crisis zwak voorstonden. De crisis legt dat nu bloot. “We zijn er niet om iedereen overeind te houden”, aldus Slob.

De minister verduidelijkte later in het debat dat die opmerking breed bedoeld was: “Alles overeind houden is onmogelijk, we doen wat we kunnen.”

Van Dijk erkent dat het noodfonds een goede stap was, maar dat het voor onderzoeksjournalistiek gereserveerde geld nu wel weg is. “Blijf af van geld dat een andere bestemming had”, aldus Van Dijk. Slob herhaalde dat fondsen voor onderzoeksjournalistiek (5 miljoen) volgend jaar weer beschikbaar zijn. De minister zegt dat in zijn huidige begroting geen rek meer zit om nu middelen vrij te maken.

Lisa Westerveld (GroenLinks) pleitte in het kader voor steun aan de journalistiek sector voor een nultarief voor journalistieke uitgaven (in België en Groot-Brittannië bestaan die al of zijn ze in de maak) en verwijst naar Canadese en Deense constructies met betrekking tot loonbelasting voor zzp’ers.

Westerveld diende rond deze thema’s een motie in, gesteund door PvdA en SP. Slob zegt dat er generieke regelingen zijn waarop de journalistiek sector en zzp’ers een beroep kunnen doen. “Ik kan daar op voorhand geen beloften in doen”, aldus Slob.

Westerveld stelde dat die generieke regelingen bekend zijn: “Daar hebben we onze dank wel over uitgesproken.” Westerveld stelt dat de journalistiek als vitale sector is aangemerkt, maar de prognoses niet positief zijn. Doel moet zijn om werkgelegenheid te behouden, aldus het Kamerlid. Daarbij is het nuttig te inventariseren wat andere landen doen en wat dat in Nederland kan betekenen.

De nieuwe steunpakketten zijn net afgekaart, aldus de minister. Die moeten nog besproken worden. “Dan kunnen deze dingen meegenomen worden”, stelt Slob. Hij wil niet toezeggen dat “mooie regelingen in het buitenland” ook hier worden ingevoerd.

Diverse leden van de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap spraken hun waardering uit voor het werk dat journalisten en de media waarvoor ze werken in de afgelopen maanden hebben geleverd. Minister Slob sloot zich aan bij eerder gemaakte complimenten.

Slob stelde “dat het fijn is om over media te spreken”, zeker in coronatijd. Die zijn onmisbaar voor de informatievoorziening en het goed informeren van mensen in tijden van crisis. “Er zijn mooie prestaties geleverd”, stelt Slob.

Desondanks loopt op 15 juni het huidige noodfonds af; een vervolg is nog niet duidelijk. Slob ziet nog voldoende andere manieren waarop media gesteund kunnen worden: gemeenten kunnen bij huis-aan-huisbladen reclameruimte inkopen en ook de Algemene Mediareserve is de laatste tijd weer aangevuld.

De minister zegt in overleg te zijn met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) over steun op lokaal niveau, nu de einddatum van het fonds nadert. “De Kamer wordt geïnformeerd als er een nieuwe regeling is”, aldus Slob.

Westerveld noemde de middelen van Nederlandse gemeenten voor steun aan lokale media onvoldoende “voor de grote opdracht” die zij moeten vervullen. Kirsten van den Hul (PvdA) zegt dat kwaliteitsjournalistiek van belang is en deze tijd om rust vraagt, zowel landelijk en lokaal. Het overheidsbeleid moet makers in staat stellen degelijke info te leveren, aldus Van den Hul.

GroenLinks en PvdA wijzen op potentiële extra inkomsten voor de sector door het inzetten van digitale dienstenbelasting.

Toegankelijkheid
Met het voor Nederlandse begrippen relatief nieuwe fenomeen van de doventolk op televisie staat onder de Europese mediadienstenrichtlijn ook toegankelijkheid duidelijk op de agenda.

Slob zegt dat onder de nieuwe Europese regels “de vrijblijvendheid” eraf gaat. Omroepen moeten rapporteren welke inspanningen ze leveren om toegankelijkheid voor doven en mensen met zichtproblemen te realiseren.

Westerveld (GroenLinks) roept de minister op duidelijke definities met betrekking tot toegankelijkheid op te nemen in de wet. Ook kwalitatieve eisen zijn belangrijk, aldus Westerveld. Een slechte vertaling in ondertiteling is niet zo erg als je het woord ook nog kunt horen, maar kwalitatieve verschillen hebben impact op informatieoverdracht, stelt zij.

Sponsoring en labels
Andere centraal thema in het debat van gisteren is de invoering van de Europese Richtlijn voor Audiovisuele Mediadiensten, dat onder meer een investeringsverplichting in nationale producties voorschrijft en sponsoring voor kinderprogramma’s (of programma’s waar veel kinderen naar kijken, red.) aan banden legt.

Veel partijen maken zich zorgen over commerciële sponsoring, maar ook over bewuste beïnvloeding door landen als Saudi-Arabië, dat eind vorig jaar meerdere populaire influencers uitnodigde voor snoepreisjes en zo het gehavend imago na onder meer de moord op journalist Jamal Khashoggi hoopte te herstellen.

VVD-Kamerlid Zohair El Yassini riep Slob via een motie op te laten onderzoeken hoe vaak deze beïnvloeding via populaire vloggers en influencers plaatsvindt. Slob stelt dat het ministerie van Buitenlandse Zaken en Justitie daar al mee bezig is. Hij beloofde in gesprek te gaan zodat ook deze invalshoeken worden meegenomen.

El Yassini zei verder bezorgd te zijn over bestuurlijke beïnvloeding, via gerichte benoemingen in bijvoorbeeld raden van toezicht bij mediaorganisaties. Van Dijk (SP) diende een motie in om meer te doen tegen de sponsoring en sluikreclame rond influencers en vloggers.

Diverse leden van de commissie maken zich verder zorgen over het risico op verschraling van het aanbod kinderprogramma’s als bepaalde sponsoring niet langer mogelijk is. Bij commerciële omroepen zouden kinderprogramma’s helemaal kunnen verdwijnen, omdat produceren zonder sponsorgelden onrendabel is.

Verder is van belang dat gesponsorde inhoud als zodanig te herkennen is. Dat gaat nu meestal met een korte melding voorafgaand aan de video of uitzending, maar commissieleden wensen een meer permanente aanduiding - bijvoorbeeld met een icoon. Slob vindt dat ver gaan en wijst ook op de rol van ouders en het weerbaar maken van kinderen via mediawijsheid.

Er loopt een proef waarbij de Ster pro-actief technisch kan controleren of een programma aan sponsorregels voldoet. Slob weet nog niet of die pilot al is afgerond, maar belooft direct te informeren als dat zo is. De minister wijst wel op het probleem van ingrijpen op redactionele inhoud vóór publicatie. “Als het eenmaal is gepubliceerd en het voldoet niet, dan moet er worden opgetreden.”

Voor wat betreft het beperken van sponsoring bij vloggers en influencers op YouTube zijn er contacten met Ierland (het Europese hoofdkantoor van YouTube is daar gevestigd, red.) maar vanwege het coronavirus ligt nieuwe wetgeving op dat vlak momenteel stil, aldus Slob.

Niet alleen kinderprogramma’s, maar álle programma’s die veel door kinderen worden bekeken zouden onder beperkende sponsorregels moeten vallen, vindt CDA-Kamerlid Harry Van der Molen. Ook als opties voor de makers beperkt zijn. Slob is daar minder enthousiast over en wees op grote stappen die gezet zijn op het gebied van mediawijsheid bij kinderen en de rol van ouders welke programma’s kinderen zien.

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab
Redacteur

Lars Pasveer
Redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur

Anneke de Bruin
Vormgever

Marc Willemsen
Webontwikkelaar

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.