— vrijdag 8 maart 2024 08:30 | 0 reacties , praat mee

Rudie Kagie over zijn afgewezen ‘Ome Willem’-boek: ‘Nóóit een biografie schrijven van iemand die nog in leven is’

Rudie Kagie over zijn afgewezen ‘Ome Willem’-boek: ‘Nóóit een biografie schrijven van iemand die nog in leven is’

Rudie Kagie schreef een biografie over Edwin - Ome Willem - Rutten, die het daglicht nooit volledig gezien heeft. ‘Sneu, maar eigen schuld dikke bult’, schrijft hij in deze opiniebijdrage voor Villamedia. Laatste wijziging: 11 maart 2024, 07:30

Hoewel ik een hekel heb aan opscheppers, meende ik na een halve eeuw meedraaien in de journalistieke eredivisie alle geschreven en ongeschreven regels van ons prachtvak onderhand te kennen.

Totdat ik werd gebeld door de zanger en acteur Edwin Rutten die me vertelde dat hij en zijn onafscheidelijke Annett ‘niet enthousiast’ waren over het boek dat ik over hem had geschreven.

‘Dit gaan we niet doen’, zei hij na lezing van het manuscript. Ik kon m’n oren niet geloven, maar het was echt zo: het resultaat van anderhalf jaar geploeter werd naar de prullenbak werd verwezen.

’Edwin herkent zich niet in de tekst’, mailde Annett later. Had ik dan onzin geschreven? Nee, dat was het niet. Het verwijt was dat ik er teveel zaken had bijgesleept. Zoals over stiefvader Gerard Rutten, een filmmaker die in Berlijn een sollicitatiegesprek onder vier ogen met Adolf Hitler had, om vervolgens in Londen naaste medewerker van koningin in ballingschap Wilhelmina te worden.

Goed verhaal, ‘maar wat heeft dat met mij te maken?’, vroeg Edwin Rutten zich af. Zo’n soort boek wilde hij niet.

Meelevend, maar vooral meewarig
Onbegrijpelijk. Zo’n aardige man en dan nu dit. Mijn omgeving reageerde meelevend, maar vooral meewarig. Sneu, maar eigen schuld dikke bult. Nóóit een biografie schrijven van iemand die nog in leven is, altijd tevoren contractueel vastleggen dat de verantwoordelijkheid van de tekst bij de auteur ligt en dat de geportretteerde zich zal beperken tot het corrigeren van feitelijke onjuistheden. Ik had toch kunnen weten dat een geprononceerd ego gewoonlijk gepaard gaat met arrogantie. Het ene na het andere verwijt daalde op me neer, allemaal volkomen terecht.

Schrale troost: afgelopen jaar werd om dezelfde reden de publicatie van nog twee boeken in dit genre afgeblazen, zo blijkt uit een voortreffelijk artikel van Bert Nijmeijer in het maartnummer van HP/De Tijd. Trix Broekmans werkte twee jaar aan ‘De mooiste foto’s maak je in je hoofd, de memoires van fotograaf Vincent Mentzel’. Uitgever Jan Geurt Gaarlandt was ‘helemaal enthousiast’ over het manuscript (‘well done!’), maar Mentzel realiseerde zich bij nader inzien dat zijn kracht in fotografie ligt, niet in het vertellen van verhalen. ‘Het lijkt me verstandig als het niet doorgaat,’ mailde hij Broekmans.

Haar verzoek om een toelichting op de bezwaren bleef onbeantwoord. Ook het boek dat Ingmar Heytze en Vrouwkje Tuinman in de pen hadden onder de titel ‘Wie is u? Kunst- en vliegwerk van Wim T. Schippers’ zal nimmer het licht zien. Volgens de aankondiging van uitgeverij Podium sprak het duo ‘jarenlang’ met Schippers over ‘zijn jeugd, rituelen, formulierenangst, hoofdrolspelers en zijn visie op kunst.’ Het resultaat kon de tegendraadse kunstenaar allerminst bekoren.

Ondanks zijn verzekering dat beide auteurs de vrije hand hadden, vond hij de ‘quote-unquote-vorm’ bij nader inzien niet geslaagd. Hij bood aan de tekst compleet te herschrijven, maar dat liep op niets uit – ieder zijn vak.

Applaus uit de zaal
Mijn verstandhouding met Ome Willem gaat terug tot het voorjaar van 2021, toen ik hem interviewde voor onze tweewekelijkse kwaliteitskrant Argus.

Dat prettige gesprek kreeg een vervolg in het Amsterdamse Torpedo-theatertje waar ik hem onder auspiciën van het blad andermaal ondervroeg, dit keer met applaus uit de zaal. Kort daarop werd ik gebeld door Annett Andriessen, de vrouw van Edwin Rutten.

Haar man zou in januari 2023 tachtig worden en het leek haar leuk als de toekenning van een koninklijke onderscheiding tegen die tijd zou samenvallen met de verschijning van een boek over zijn leven en werk. Zou ik bereid zijn om dat boek te schrijven? ‘Daar willen we je gewoon voor betalen,’ zei Annett. Ik was zo dom om dat aanbod direct van de hand te wijzen omdat ik, mocht het tot een uitgave komen, royalty’s zou ontvangen. Ik had dertigduizend euro moeten vragen, het minimumbedrag waar Ronald Giphart zijn stoel voor uitkomt als hij wordt ingeschakeld bij een bij De Biograaf te verschijnen beschrijving van een heldenleven.

Wie daar dertig mille voor heeft neergeteld, zal niet zo snel een manuscript in de prullenbak flikkeren.

Stekker eruit
Uitgeverij AfdH in Enschede zou mijn boek gaan publiceren, maar vóórdat er een contract was getekend, kreeg uitgever Paul Abels het al duchtig aan de stok met het echtpaar Rutten. ‘De hooghartige toon in hun e-mails belooft weinig goeds’, zei hij aan de telefoon. ‘Ik zie ervan af.’

Gevolgd door de profetische woorden: ‘Straks zegt Edwin tegen jou: ik wil niet dat dit manuscript wordt uitgegeven.’ Abels heeft meer mensenkennis dan ik. De onmin werd toen bijgelegd, maar achteraf zou dit een uitgelezen moment zijn geweest om de stekker eruit te trekken.

Als we mijn schema hadden gevolgd, zou ‘Dag rakkers’, zoals het beoogde boek ging heten, vorig jaar de verjaardag van Ome Willem kunnen opluisteren. De hoofdpersoon kwam echter halverwege het traject op de proppen met twintig mensen die belangrijk voor hem waren geweest en die ik volgens hem absoluut moest spreken. Doordat ik zo onverstandig was om aan dit verlangen tegemoet te komen, gaf ik de controle en de regie uit handen.

Afgelopen zomer vond in een hotel aan de rand van Amsterdam een curieuze ontmoeting plaats tussen het echtpaar Rutten, uitgever Abels, Haye van der Heyden en mij.

Het zou zonde zijn als al mijn werk voor niks was geweest, luidde de overweging. Haye kende Edwin al vijftig jaar, ze waren bevriend en werkten veel samen. Op basis van mijn manuscript en aangevuld door zijn eigen waarneming en herinneringen zou Haye een nieuw boek schrijven. Ik vond alles best, de lol was er helemaal van af, ik wilde niets meer te maken met dit project waar geen zegen op rustte.

Wespennest
‘Wespennest’, antwoordde Haye toen ik tussentijds informeerde hoe het ermee stond. Ook van de door hem ingrijpend herschreven versie van ‘Dag rakkers’ heeft Edwin Rutten zich inmiddels gedistantieerd, dit keer omdat hij het ‘te persoonlijk’ vindt geworden. Van der Heyden zal het boek zelf uitgeven onder de titel ‘En zo klim ik naar boven’.

Geke Mateboer, de echtgenote van uitgever Abels, waagt zich nu aan het reanimeren van ‘Dag rakkers’, de derde poging in successie om het leven van Ome Willem in kaart te brengen.

Abels, per mail: ‘Geke en ik zien geen aanleiding om aan de integriteit van Edwin te twijfelen.’

Rudie Kagie is een Nederlandse journalist en auteur. Hij begon in 1972 met het schrijven voor Vrij Nederland. Tot 1992 was hij werkzaam als freelance journalist, en daarna tot 2014 als redacteur van Vrij Nederland. Ook schreef hij tientallen boeken en is hij medeoprichter van het tijdschrift Argus.

Bekijk meer van

Rudie Kagie Ome Willem
NVJ LID 26-05

Tip de redactie

Logo Publeaks Wil je Villamedia tippen, maar is dat te gevoelig voor een gewone mail? Villamedia is aangesloten bij Publeaks, het platform waarmee je veilig en volledig anoniem materiaal met de redactie kunt delen: publeaks.nl/villamedia

Praat mee