foj 2019

— donderdag 5 september 2019, 09:00 | 0 reacties, praat mee

Robert Vos ging van Zilveren Camera naar zwarte toga

© Robert Vos

Jarenlang was Robert Vos een uitmuntende fotojournalist. Maar verzadiging sloeg toe, alsook de onzekerheid over zijn freelance bestaan. De fotograaf gaf zijn carrière een wending en mag zich nu meester in de rechten noemen.

Sinds kort overvalt een lichte verwarring ­Robert Vos, zodra hij naast zijn bed staat en aan de dag wil beginnen. Het huis in ­Dordrecht is vertrouwd, de hond herkent hij ook meteen, en toch is er iets wat hij mist. ‘Waar zijn mijn studieboeken?’, vraagt hij zich iedere ochtend vertwijfeld af. Zes jaar lang, met een brute onderbreking, boog hij zich over wetsboeken en arresten van de Hoge Raad. Het was een heerlijk, verslavend ritueel: opstaan, hond uitlaten, studeren. Het hoeft niet meer. Halverwege juli kreeg hij van de Erasmus Universiteit bericht dat hij geslaagd is en zich voortaan meester in het privaatrecht mag noemen.

‘Ongelooflijk, klaar, ik heb mijn mastertitel!’ Vos lacht breeduit aan de tuintafel, terwijl de jonge labrador luid blaffend zijn enthousiasme deelt. In de woonkamer staat een tafel vol bloemen. De studieboeken zijn aan de kant geschoven. Vos studeerde aan de eettafel, of aan de kleine bar achterin. Als vrouw en drie zonen binnen­kwamen en de televisie aan ging, liet de nu 53-jarige ­student zich niet van de wijs brengen. ‘Ik vond het heerlijk om te studeren, ook met anderen erbij.’

Het laatste jaar, waarin hij zijn mastertitel moest binnenhalen, verliep vlekkeloos. Voor alle onderdelen kreeg hij in één keer een voldoende. Maar louter fluitend is Vos zijn studietijd niet doorgekomen. In 2015 moest hij, toen bachelor, de boeken noodgedwongen aan de kant schuiven. Een venijnige, moeilijk te bestrijden bacterie had zich in zijn lichaam genesteld. De overlevingskans was klein, de meesten komen te overlijden. Vos was nog nooit ziek geweest en nu ging hij bijna het hoekje om. Weg leven, weg gezin, weg studie. Maar hij herstelde, als door een wonder. ‘Ik besefte dat ik onverwacht in blessuretijd terecht was gekomen’, zegt hij over die periode. ‘Het maakte me extra gemotiveerd om te studeren.’

Die geestdrift kwam voort uit de juridische taal waarmee hij zich dagelijks omringde. Een stapel ingewikkelde arresten was voor hem een feestmaal. Vos: ‘Recht is taal, elk woord moet je wikken en wegen. Heerlijk! Ik ben een fotograaf, maar ik hou ook van taal. Recht is het verlengde van journalistiek, waarin alles draait om woorden.’ De jonge fotograaf werd aangestoken door zijn vader en moeder, Jan en Louise Vos. Allebei rasschrijvers en actief in de regionale schrijvende journalistiek. Het huis was gevuld met taal.

Als jongen koos hij toch voor de fotografie. Op 17-jarige leeftijd debuteerde hij bij huis-aan-huiskrant Merwe­steyn. Later kreeg hij veel opdrachten bij De Dordtenaar. Intussen verslond hij rechtbankverslagen in de krant. ‘Recht en onrecht, heel interessant vond ik toen al. Dat ik er later mijn vak van wilde maken, wist ik nog niet.’

Wat hij wel wist: fotojournalist zou hij niet zijn leven lang blijven. In zijn eerste interview liet hij al weten vóór zijn 50ste te zullen stoppen. Vos was op dat moment 23 jaar. Het waren de jaren 90, als freelancer verdiende hij geld als water. In 2000 vroeg het ANP hem in vaste dienst te komen. In de twaalf volgende jaren ontwikkelde hij zich tot een hardwerkende, betrouwbare allround fotojournalist. Hij was te vinden in de Tweede Kamer, ging in Australië solar-auto’s achterna, reisde met de koning en koningin over de wereld en volgde sporters op meerdere Olympische zomer- en winterspelen. In 2008 bekroonde hij zijn vakmanschap met de Zilveren Camera. Zijn foto van Pieter van den Hogenband en de druipnatte olympische lange afstandskampioen Maarten van der Weijden werd bijgezet in de eregalerij van de Nederlandse fotojournalistiek.

Een metersgrote reproductie van die foto staat al ruim tien jaar te verstoffen in het ‘rommeldepot’, bovenin het huis. Ophangen kwam er niet van, eerst wegens tijd­gebrek, later wegens verlegde interesse. In de ANP-jaren zag hij zijn pasgeboren zoons dagen achtereen alleen in de weekends, zo druk was het.

Het was een van de redenen waarom het anders moest, zegt hij, maar niet de belangrijkste: ‘De echte trigger lag in 2012. Het ontslag bij ANP. Ik was in vaste dienst. Met andere collega’s moest ik eruit. Ik werd gedwongen om weer freelancer te worden. Het was een ellendig slot van een overigens plezierige periode.’ Financieel had hij daarna niet te klagen, maar de onzekerheid en het leuren om geld en opdrachten braken hem op. De tijden veranderden: voorheen bepaalden fotografen de prijzen, nu deden opdrachtgevers dat. Grote uitgeefconcerns trokken steeds meer macht naar zich toe. De freelance beroeps­fotograaf werd richting afvoerputje geduwd.

Het ambacht gaat verloren. En de weinig overgebleven profes­sionele fotografen hebben nauwelijks nog podia

In dertig jaar zag hij veel veranderen. De fotografie maakte de overstap van analoog naar digitaal, iedereen kan tegenwoordig foto’s maken en supersnel versturen. Vos: ‘Er zijn te veel aanbieders. Iedere amateur heeft een camera of mobiel. Het ambacht gaat verloren. En de weinig overgebleven professionele fotografen hebben nauwelijks nog podia. Volkskrant, NRC en Trouw, dan houdt het op. Redacties plukken de foto’s van goedkope stockbureaus of van internet. De tarieven gingen de afgelopen jaren onderuit, en die tendens zie ik niet snel keren. De rechtspositie van freelancers is zwak en kwetsbaar.’

Voor het eerst valt het woord ‘respectloos’. Meer nog dan de magere honorering steekt hem de bejegening. Vos maakte als freelancer een paar nare situaties mee. ‘Afspraken werden niet nagekomen. Soms werd ik van de telefoon geblazen, als ik erover begon.’ Het ANP zegde hem een reeks fotoklussen toe. Na inlevering van de eerste foto bleef het stil. Voetbal International vroeg hem een heel seizoen de thuiswedstrijden van Sparta te volgen. Na de eerste, groot geplaatste foto’s bleef de telefoon stil. ‘Respectloos. Alsof je niet meer bestaat’, zegt hij daarover. ‘Maar misschien ligt het ook wel aan mij. Had ik maar moeten bellen. Ik had er geen zin meer in, ik was toch al begonnen met mijn studie.’

Vos had alles al gezien, alles meegemaakt, het was tijd voor iets anders. ‘Ik was uitgekeken op de fotojournalistiek, mijn nieuwsgierigheid naar andere terreinen was groter. Al snel meldde ik me aan voor de studie rechten.’ Vanaf de herfst van 2013 zagen zijn zoons hem iedere dag. Altijd als ze thuiskwamen, zat papa achter een muur van boeken.

Als meester in de rechten is hij allround, maar zijn master heeft hij behaald n het privaatrecht. Zijn scriptie wijdde hij aan auteurscontractrecht. ‘Daar valt ook de fotografie onder’, legt hij uit. ‘Ik heb de nieuwe wetgeving uit 2015 geëvalueerd die de makers een betere rechtsbescherming zou moeten opleveren. Het heeft nauwelijks geholpen, de positie is even zwak. Freelancers staan als David tegenover Goliath, een ongelijke verhouding. Kijk maar naar het meest recente conflict met freelance fotograaf Ruud Rogier. De machtige Persgroep, kan doen wat het wil.’

De geschillencommissie zou volgens Vos meer betekenis kunnen krijgen als verschijning van partijen voor de commissie verplicht wordt (wat nu niet het geval is). Nu kon de Persgroep wegblijven. ‘Zou die verplichting er wel zijn, dan kan je pas iets voor freelancers bereiken.’

Vos wil zijn ervaring en kennis graag inzetten. Hij zoekt op korte termijn een baan, als stagiair bij een advocatenkantoor of op de juridische afdeling van de Nederlandse Vereniging van Journalisten. ‘Ik weet veel van auteursrecht en toch moet ik nog alles leren. Het is net als bij mijn eerste voetbalwedstrijd als fotojournalist: welke positie moet ik innemen om te slagen en de beste foto te maken.’ Een onzekere tijd ligt vóór hem, beseft hij. Aarzelend: ‘En als ik echt geen baan vind als jurist, kan ik altijd nog terug naar de fotografie.’

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.