— donderdag 20 februari 2014, 08:36 | 0 reacties, praat mee

Ramptoerist van de parlementaire geschiedenis

Bijna twintig jaar is tweevoudig Zilveren Camera-winnaar Martijn Beekman kind aan huis op het Binnenhof. ‘Maar ik kom nooit bij de kern. Heel frustrerend.’ Over de Zilveren Camera moet hem nog wel iets van het hart: ‘Het nieuws is weg, het wordt te artistiek en museaal.’

Tien minuten leefde hij in de waan dat hij de winnaar was. Martijn Beekman (1970) stond eind januari bij het podium in het Haags Fotomuseum, vergezeld door zijn vrouw Cristina en enkele buren uit de straat. Hij kon zomaar voor de derde keer de Zilveren Camera winnen, met zijn foto van de handkus die Mark Rutte in een oogwenk uitdeelde aan Anouchka van Miltenburg. Opeens lichtte het scherm van zijn I Phone op. Twitter-bericht van RTL Nieuws: ‘Beekman wint persprijs’. De eerste felicitaties stroomden binnen, de fotograaf bleef kalm. Toen werd Ilvy Njiokiktjien naar het podium geroepen. Als winnaar.

‘Het was Kafka’, zegt Beekman een paar dagen later aan de eettafel van zijn woonhuis op de grens van Den Haag en Kijkduin. ‘Ik wist even niet waar ik moest kijken. Het schermpje zei dat ik de winnaar was, maar voor me stond echt iemand anders. Tekst en beeld strookten niet.’ Hij gunt het Ilvy, de eerste vrouw die in 65 jaar de Zilveren Camera wint. Maar na 1996 en 2007 had hij graag voor een derde keer gewonnen, een evenaring van het record van Ben van Meerendonk. Nu haalde hij drie prijzen in twee categorieën op. Ze komen bij de dertig tot veertig prijzen die hij in bijna twee decennia fotografen heeft vergaard. ‘Met tellen ben ik eerlijk gezegd gestopt.’

Aan de deur naar de woonkamer hangen drie ballonnen. Een geschenk van de meelevende buren die vonden dat hij het echt verdiende. Hij kan er om lachen. Met de keuze voor de winnende foto kan hij leven: ‘De beste foto heeft gewonnen. Het overlijden van Mandela was een belangrijk nieuwsmoment.’

Maar over de Zilveren Camera moet hem toch iets van het hart. De prijs voor de beste journalistieke foto is niet langer meer van en voor alle fotografen. Beekman blaast stoom af: ‘Het nieuws is weg, het wordt te artistiek en museaal. Arjen Robben wint de Champions League, maar een foto van simultaan schaken wint de prijs. Nederland heeft een nieuwe koning, een belangrijk nieuwsmoment, maar hij wordt weggezet in de categorie Kunst en Cultuur. Waar is het nieuws?’ Al pratend staat hij op en legt een stapel oude jaarboeken van de Zilveren Camera op tafel. ‘Kijk dan!’, maant hij en wijst naar eerdere winnaars. ‘Nieuws, het juiste moment, perfect in beeld gebracht. We hebben het hier over een persprijs.’

Nog iets dat hij kwijt wil: ‘Het is niet helder hoe de jury tot een keuze komt. Waarom wordt de foto van Ilvy gekozen? De foto heeft een extra laag, staat in het juryrapport. Wat bedoelen ze ermee? Maak het niet te zwaar. Betere uitleg helpt te begrijpen waarom iemand met zes nieuwsfoto’s in de laatste ronde zit en toch niets wint. Nu blijven fotografen weg, de kring wordt te klein. De Zilveren Camera moet niet frustreren, het moet juist een feest voor alle fotojournalisten zijn.’

De toevoeging van de Nationale Portretprijs vindt hij ‘het begin van het einde’. Fotografen kunnen niet zelf inzenden, zoals bij de Zilveren Camera. De winnende portretfoto krijgt een plaats in een museum, de winnaar ontvangt 10.000 euro. ‘Fotografen krijgen het idee dat ze worden gepasseerd’, zegt hij. ‘Het is verwarrend, frustrerend en helemaal fout.’

De fotograaf neemt eindelijk een gevulde koek uit een zak, die hij ter opluistering van het gesprek heeft gekocht. Hij wil het wel gezellig houden. Na de eerste hap, legt hij de koek al terug op tafel. Zijn vak gaat hem aan het hart, hij wil graag zijn zorgen uiten. Zelf heeft hij met al zijn prijzen geen klagen, hij neemt het op voor een beroepsgroep die het in deze tijden van teruglopende inkomsten toch al moeilijk heeft. De groep van voltijds fotojournalisten dunt uit. De tarieven staan onder druk. Beekman zag zijn inkomsten uit archieffoto’s, ondergebracht bij Hollandse Hoogte, vorig jaar met 30 procent dalen. Hij probeert extra opdrachten binnen te halen bij de provincie Zuid-Holland en de Rijksoverheid. Voor het eerst wil hij ook voor bedrijven werken. Gelukkig kreeg hij vorig jaar een vast contract bij het ANP, dat de tarieven handhaafde. Daarvóór werkte Beekman freelance voor de Volkskrant.

Hij beseft dat fotojournalisten nog harder aan de weg moeten timmeren. ‘Ik neem een voorbeeld aan Njiokiktjien. Ze kan goed fotograferen, maar ook heel goed haar werk verkopen. Die kant moeten fotografen op.’

Voor het ANP reist hij vaker dan voorheen door Nederland, van een staking bij een sigarettenfabriek in Bergen op Zoom naar een persconferentie bij PSV. Maar de meeste tijd brengt hij nog steeds door op het Binnenhof of partijcongressen, waar hij al sinds 1995 wacht op nieuws van politici. Hij praat er gepassioneerd over, maar hapert als hem gevraagd wordt wat hij er eigenlijk doet, als hij weer eens bij een gesloten deur staat te posten. ‘Ja, dat is, ... dat is een goede vraag. Daar kom ik maar niet achter. Mijn collega Serge Ligtenberg en ik moeten vaak om onszelf lachen. Staan we daar. Waar wachten we op? We zijn dienstbaar, het is een soort corvee. En toch lees ik aan de waardering van anderen het belang van mijn foto’s af. Het is wel belangrijke geschiedenis. Ik wil erbij zijn. Het is het gevoel dat 112-fotografen bij een brand hebben. Ik zit heel dicht bij de macht. Als het kabinet valt, ben ik er bij. Ik zie dan geen leed, wel een historische gebeurtenis. Als fotojournalist ben ik een ramptoerist van de parlementaire geschiedenis.’

In het parlementair bedrijf heeft hij generaties politici zien komen en gaan. Iedere dag zijn ze zo dichtbij, en toch op afstand. In zijn vriendenkring bevindt zich geen politicus. ‘Het zijn niet eens kennissen.’ Ze staan anders in het leven, denkt hij. Meer ambitie, meer idealen dan hij. ‘Als we praten, dan zijn het vier, vijf zinnen. Diederik Samson groet me omdat ik hem wel eens in zijn achtertuin heb gefotografeerd. Rutte zegt wel eens iets in het voorbijgaan over een onwelgevallige foto. Bijvoorbeeld over die keer dat hij op de roltrap met zijn hand een saluut maakte á la Pim Fortuyn. De volgende dag hoor ik hem zeggen: “Vast tevreden met de krant van vandaag, meneer Beekman?”. Hij neemt dan zijn verlies, zo gaan we met elkaar om. Maar zolang als ik hem ken, heb ik niet één keer iets met hem gedronken.’

Het is het fijne politieke spel dat de fotograaf blijft trekken. Het wachten op een glimp van emotie, een handeling die iets over de verhoudingen vertelt. Zo ontstond ook de foto van de handkus die de premier vanuit een nis in de plenaire vergaderzaal de Kamervoorzitter meegaf. ‘By far is dit de mooiste foto die ik daar maakte. Zo moeilijk om in die zaal goed te fotograferen. Ik ben er honderden keren geweest, maar je mag niets, er is slecht licht en de vakken staan te ver uit elkaar. Ik ben liever in gangen, in liften, auto’s of bij de roltrap. Mijn beste foto’s maak ik op congressen. En dan nog vraag ik me af of ik het echt heb.’

Na een uur neemt hij een tweede hap van de gevulde koek. Hij verslikt zich bijna, als hij zich laat ontvallen: ‘Maar ik kom nooit bij de kern. Heel frustrerend, nooit de kern. Er zijn plaatsen waar je niet komt, de achter­kamertjes. Dáár gebeurt het.’

Beekman staat op en loopt naar de voorkamer waar op een tafel een bescheiden stapeltje fotoboeken ligt. Het boek dat hij pakt en openslaat heet ‘The Rise of Barack Obama’, van de huisfotograaf Pete Souza. ‘Het is veel propaganda, maar er zijn ook onbewaakte momenten. De president in zee, op de bowlingbaan. Maar ook Obama in een gang van de Oval Office. Neergeschoten door een 5-jarige spiderman. Dat kan hier niet, zo’n foto, erg jammer. Nu sta ik bij een deur te wachten op, ja op wat? Gelukkig heb ik de handkus, die behoudt misschien nog zijn historische waarde.’

Martijn Beekman, Bennebroek, 1970. Kunstacademie Den Haag. Van 1995 tot 2013 freelance voor onder meer de Volkskrant. Tegenwoordig freelance voor onder meer ANP. In 1996 en 2007 winnaar Zilveren Camera, daarnaast diverse prijzen in verschillende categorieën Zilveren Camera.

Bekijk meer van

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab
Redacteur

Lars Pasveer
Redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur

Anneke de Bruin
Vormgever

Marc Willemsen
Webontwikkelaar

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.