website over journalistiek

Dit artikel wordt met je gedeeld door NVJ-lid Marjolein Slats. Ook lid worden?

Exclusieve inhoud Sluiten

Een NVJ-lid heeft dit artikel met je gedeeld. Gratis een maand alles lezen? Klik hier.

Een NVJ-lidmaatschap geeft je recht op:

  • Persoonlijk advies
  • Juridisch advies & rechtsbijstand
  • Perskaart
  • Korting op cursussen
  • Villamedia magazine

Word lid Verder lezen

Plasterk wil meekijken

Brenno de Winter — Geplaatst in privacy op vrijdag 25 september 2015, 14:53

Actueel Minister Plasterk maakt zich met een wetsvoorstel sterk om de bevoegdheden van inlichtingen- en veiligheidsdiensten op te rekken. Er mag breed worden getapt en gehackt, en technologieën krijgen mogelijk achterdeurtjes. Is ‘Das Leben Der Anderen’ ook hier realiteit aan het worden?

In de voorgestelde nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) komt er een mogelijkheid om breed en langdurig telefoon- en internetverkeer te tappen. Onder die wet zou dat straks ook ongericht kunnen door bijvoorbeeld een (gedeelte) van een telecombedrijf te dwingen mee te werken. Daarbij gaat het om een netwerk en niet om een specifiek persoon die aandacht geniet. Dat is nu alleen mogelijk voor verkeer dat via de ether gaat (bijvoorbeeld via satellieten) en dat vrijelijk kan worden opgevangen. Met de nieuwe Wiv kunnen providers van internet- en telefoniediensten worden verplicht inlichtingeninstanties inzicht te geven in hun data. Wie dat niet doet riskeert strafrechtelijke vervolging.

Dit raakt de persvrijheid. Toen de onthullingen van Edward Snowden duidelijk maakten dat burgers uitvoerig werden bespioneerd, startte de Raad van Europa onder leiding van CDA-politicus Pieter Omtzigt een onderzoek. ‘De onthulde afluisterpraktijken brengen de mensenrechten, waaronder het recht op privacy, de vrije meningsuiting, het recht op een eerlijk proces en het recht op vrije meningsuiting in gevaar’, aldus de onderzoekscommissie. ‘Deze rechten zijn de hoeksteen van de democratische samenleving. De inbreuk zonder juridische toetsing brengt ook de rechtsstaat in gevaar’, concludeerde Omtzigt in het zeer gedetailleerde rapport. Alleen al het massaal tappen raakt dan ook veel rechten.

Meer bevoegdheden
Maar met de Wiv krijgen inlichtingendiensten meer nieuwe bevoegdheden die de basale vrijheden raken. Zo kan medewerking worden geëist bij het inbouwen van achterdeurtjes van systemen, zodat een inlichtingendienst eenvoudig in een systeem kan komen. Daarnaast moeten aanbieders van diensten ook helpen bij het verzwakken van versleuteling, die bedoeld is om informatie te beschermen tegen meelezers. Het gevolg is dat er wel beveiliging actief is, maar dat er meer partijen kunnen meekijken dan de gebruikers denken. Nederland ICT, de branchevereniging van ICT-bedrijven, waarschuwt dat een achterdeur nooit exclusief voor inlichtingendiensten kan werken. Kwaadwillenden kunnen de zwakheden ook vinden en misbruiken. Daarnaast zou mogelijk een eventueel bevel tot decryptie (ontsleutelen) afgegeven kunnen worden als blijkt dat het verzwakken van cryptografie niet lukt. Volgens Nederland ICT is daarbij onduidelijk of zo’n bevel ook kan betekenen dat versleuting in zijn geheel moet worden uitgeschakeld.

Een andere nieuwe bevoegdheid is het digitaal binnendringen. Simpel gesteld mag de inlichtingendienst gaan hacken. Dat kan bij een persoon of organisatie zijn die op de radar van de inlichtingendiensten staat, maar het is ook mogelijk binnen te dringen in een ‘geautomatiseerd werk’ van een volledig onverdachte partij (de zogenaamde non-targets). Zo’n betrokkene wordt dan als het ware een springplank naar het systeem waar het de inlichtingendienst eigenlijk om te doen is. Daarmee loopt in potentie iedereen het risico slachtoffer van een hack te worden. Problematisch daarbij is een veelvoorkomende praktijk waarbij eerst wordt ingebroken om software te plaatsen die de weg open laat voor latere bezoeken. Ook daar kunnen derden misbruik van maken. Dergelijke inbraken kunnen plaats vinden op allerlei soorten computers: van servers waar websites of mailsystemen op draaien tot computers van gebruikers en andere met internet verbonden apparaten als mobiele telefoons, thermostaten, slimme meters, tv’s of koelkasten.

Journalisten
De vraag is of de nieuwe Wiv ook gevolgen heeft voor de journalistiek. In de toelichting op het wetsvoorstel wordt de journalistiek wel aangestipt. Aanleiding is de uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in de zaak van De Telegraaf tegen Nederland over het afluisteren van journalisten. De studiecommissie Journalistieke Bronbescherming benadrukt dat ‘de praktijk de afgelopen jaren heeft geleerd dat de AIVD een aantal malen aantoonbaar te ver is gegaan met het inzetten van bevoegdheden jegens journalisten’. Het wetsvoorstel verplicht inlichtingendiensten vast te stellen of er middelen tegen een journalist worden ingezet. Als dat het doel is en het onderzoek probeert de bronnen van de journalist te achterhalen, dan moet er eerst via de Rechtbank Den Haag toestemming worden gevraagd. Maar in de toelichting staat ook dat bij het inzetten van bevoegdheden waarbij gegevens van grote groepen mensen worden verzameld het niet altijd duidelijk is of er zich ook journalisten in die groep bevinden.

Advocaat Otto Volgenant, die vaak journalisten bijstaat, wijst erop dat de bescherming voor journalisten er alleen is als een onderzoek is gericht op het achterhalen van een bron. Voor hem is de bescherming goeddeels theoretisch. ‘Met deze verandering is het onvermijdelijk dat bij het aftappen ook communicatie met journalisten wordt meegenomen. Daarmee komt de bronbescherming in gevaar’, schrijft hij in reactie op de nieuwe Wiv. ‘Als de bron eenmaal bekend is bij de overheidsdienst, kan die informatie immers niet meer “ongedaan” worden gemaakt. De wet dient derhalve zowel waarborgen te bieden voor een effectief hoger beroep als voor journalistieke bronbescherming, totdat een rechterlijk vonnis kracht van gewijsde heeft.’

Een ander probleem is dat de procedure rond bronbescherming niet in de wet is vastgelegd, maar alleen in de toelichting wordt genoemd. Volgenant wil dat dit beter wordt geregeld. ‘De toelichting op het wetsvoorstel wijst erop dat de inlichtingendiensten zelf moeten beoordelen of ze te maken hebben met een journalist. Dat lijkt inherent risicovol. Het verdient aanbeveling in de regelgeving op te nemen dat de inlichtingendiensten in dit verband een stevige onderzoeksplicht hebben: zij zullen gedegen moeten onderzoeken of iemand werkzaam is als journalist, en dit adequaat moeten vastleggen. In geval er redelijkerwijs ruimte is om te twijfelen, zal altijd een verzoek aan de Rechtbank Den Haag moeten worden gedaan. Het wetsvoorstel dient op dit punt aangevuld te worden.’

Consultatie
Volgenants reactie was één van de 557 inzendingen van een openbare internetconsultatie rondom de nieuwe Wiv. Ook Greenpeace reageerde en wees erop dat het onderzoeken van en publiceren over milieu­misstanden een belangrijk onderdeel van zijn taken is. ‘In sommige gevallen worden wij daarbij geholpen door bronnen die graag anoniem willen blijven. Twijfel of hun identiteit wel echt geheim blijft, kan voor mensen die weet hebben van een misstand reden zijn niet naar de pers of een NGO te stappen.’

Het College voor de Rechten van de Mens concludeert dat met het wetsvoorstel vooral het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer in het geding is. Dat dit problematisch is, baseert het College op een rapport van een VN-rapporteur. ‘Langdurige, massale en ongerichte interceptie van alle telecommunicatie of metadata via een bepaald kanaal doet de kern van het recht op privacy volledig teniet. De inbreuk op het telecommunicatiegeheim is dan immers niet langer de uitzondering, maar de regel.’ Tien mensen brengen in hun consultatie deze boodschap minder subtiel. Zij verwijzen naar de praktijken van de Stasi in de DDR-tijd, waarbij het schrikbeeld een overheid was die op ieder moment meeluistert.

Democratische samenleving
De relatie tussen journalisten en inlichtingendiensten is ingewikkeld. Oud-CIA-medewerker John Strauchs vat tijdens een interview zijn werk samen als de taak om ‘nieuws eerder bij de president te brengen dan The New York Times’. Dat stichting Privacy First in zijn consultatie­document pleit voor een verbod om journalisten als informant in te zetten in de nieuwe wet, is in dat licht begrijpelijk en een goede suggestie om ook de bronbescherming te dienen. Privacy First concludeert dat de huidige wetgeving een geval is van ‘destroying democracy on the ground of defending it’.

Hoe nu verder?
Vijf dagen na het sluiten van de openbare internetconsultatie waarbij partijen commentaar konden leveren op het nieuwe Wiv-voorstel, kwam minister Plasterk al met een reactie. De kritiek van hoogleraren, juristen, technische experts en mensenrechtengroeperingen ten spijt, maakt hij duidelijk weinig te willen veranderen aan zijn voorstel. ‘Ik sluit niet uit dat er op onderdelen wat wordt aangepast, maar we moeten door’, vertrouwde de minister RTL Nieuws toe. Na eventuele aanpassing gaat de nieuwe Wiv naar de Tweede Kamer.

Nog geen reacties

Om te reageren moet je een Villamedia Account hebben en moet je eerst ingelogd zijn.