Op Goede Vrijdag 10 april en Tweede Paasdag 13 april is Villamedia gesloten. Vacatures die donderdag 9 april na 15.00 uur binnenkomen, worden pas 14 april geplaatst.

— woensdag 17 juni 2015, 16:49 | 3 reacties, praat mee

Plan NPO bedreigt persvrijheid

© Hollandse Hoogte David van Dam

Henk Hagoort, de topman van de Publieke Omroep, wil samen met de staatssecretaris Sander Dekker voor Media de publieke omroep zo centraliseren dat de persvrijheid onder druk komt te staan, betoogt programmamaker Hans Simonse.

Deze week bood de Nederlandse Publieke Omroep haar beleidsplan 2016-2020 aan staatssecretaris Dekker aan. Een omstreden plan. Zo langzamerhand is er voor de gemiddelde Nederlander aan het gedoe rond de publieke omroep geen touw meer vast te knopen.

Wat NPO bestuursvoorzitter Henk Hagoort allemaal zegt lijkt reëel en zelfs realistisch. Maar wij journalisten en programmamakers, werkzaam bij de omroepen, zien de voortschrijdende centralisatie van zeggenschap over wat eens een democratische publieke omroep was met steeds grotere zorg aan. De journalistieke onafhankelijkheid en de creatieve vrijheid komen steeds meer in het geding.

De NPO transformeert van een bestuursorganisatie naar een mediabedrijf. Dit gaat ten koste van de autonomie van de afzonderlijke omroepen.

Staatssecretaris Dekker en de NPO vinden dat deze beweging noodzakelijk is om de omroepen goedkoper en doelmatiger te laten werken. Ze willen eigenlijk af van dit omroepbestel dat een uitvloeisel is van een inmiddels achterhaald verzuild systeem.

Ze negeren daarbij het feit dat de omroepen allang veranderd zijn in moderne netwerkorganisaties sterk verbonden met hun eigen achterban. Veel omroepen hebben meer leden dan alle politieke partijen bij elkaar. Dus hoezo geen bestaansrecht meer?

Wees blij dat de publieke omroep in Nederland zo veelzijdig en zo goed verankerd is in de samenleving. Dus laat de omroepen mooie programma’s maken en laat de NPO de boel een beetje coördineren en zo goed en storingsvrij mogelijk uitzenden.

De NPO zou dienstbaar moeten zijn aan de omroepen en niet andersom. Soms heb je het gevoel dat NPO bestuursvoorzitter Henk Hagoort het eens is met die opvatting. Zoals twee weken geleden op een debat avond van de NVJ (donderdagavond 28 mei) waar hij moest reageren op een stelling: De NPO IS PRIMAIR EEN BESTUURSORGAAN en moet zich dus zo min mogelijk met de inhoud van programma’s bezighouden.

Eens of oneens? Hagoort: “MEE EENS”. Maar schijn bedriegt, Hagoort blijkt met twee monden te spreken. Dezelfde Hagoort betoogde deze week tijdens een interne NPO-personeelsbijeenkomst: “We veranderen van een bestuursorganisatie in een mediabedrijf.”

En inderdaad, wij merken daar als makers bij de omroepen al heel veel van. De NPO bemoeit zich in de praktijk steeds brutaler tegen steeds meer zaken aan. Wat voor soort gasten er in programma’s moeten optreden, welke presentatoren er het beste kunnen worden ingezet en welke juist niet, wat voor soort muziek er het beste gebruikt kan worden.

En bij de intekening bepalen zij welk programma wel gemaakt mag worden en welk programma niet.

Sluipenderwijs eigent de NPO zich steeds meer zeggenschap toe en centralisatie is het toverwoord. Dat is vreemd, want de omroepen zijn wettelijk nog steeds de zendgemachtigden.

Dus wat legitimeert deze autoritaire bestuursdrift eigenlijk? Hagoort verpakt het in de buitenwereld vriendelijk en zo ongevaarlijk mogelijk maar intern communiceert hij zijn ware doelstelling onverbloemd. Maak de NPO zo dominant mogelijk dan zal de identiteit van de omroepen vanzelf verdampen.

Dus plak overal een NPO-sticker op en pronk met andermans veren. Alsof de succesvolle programma’s door de beleidsmedewerkers van de NPO gemaakt worden.

De twee monden waarmee Hagoort spreekt, maken hem steeds meer tot een ongeloofwaardig bestuurder, een wolf in schaapskleren. Aan alle kanten knabbelt de NPO aan de zeggenschap en identiteit van de afzonderlijke omroepen en holt daarmee de pluriformiteit van het publieke bestel uit.

Alleen al bedrijfsmatig is dat heel onverstandig. De publieke omroep heeft nu sterke merken. Als je naar de VPRO kijkt weet je dat het 100% Andre Rieu vrij is, terwijl de liefhebbers van Volendamse volkszangers juist weten dat ze bij de AVROTROS moeten zijn. Bij de EO verwachten de ware christenen aan hun trekken te komen en de berijders van elektrische fietsen bij MAX. 

Herkenbaarheid en branding van specifieke eigenschappen is overal in het bedrijfsleven juist een pre. Dus waarom zou je die sterke merknamen nu laten vervagen door alles NPO te noemen? Stel je voor dat Unilever dat zou doen, al die sterke merknamen als Calvé, Magnum, Becel, Zendium, Unox, weg ermee. Vanaf nu nog maar één dominant logo:
Unilever.

Zo’n domme fout maken ze daar echt niet. Met de activiteiten van de omroepen op internet wil de NPO nog een stapje verder gaan met de centralisatie. Daar zouden ze het liefst alle sterke producten in één NPO-potje proppen.

Moet je voorstellen: pindakaas, tandpasta, wasmiddel en rookworst, alles bij elkaar. Dat wordt een ondefinieerbare smurrie. Terwijl die internet activiteiten voor sommige omroepen juist de kraamkamers zijn voor ideeën- en talentontwikkeling. Juist hier kweken we toekomstige generaties televisiemakers.  De NPO probeerde de sleutel van de kraamkamer te bemachtigen.

Op dit en negen andere punten hebben de omroepdirecteuren Hagoort nog een beetje kunnen terugfluiten maar de trend is gezet. Het houdt niet op, niet vanzelf.

Hagoort en de zijnen zijn bezig de structuur en organisatie van de publieke omroep te verrommelen.

En al deze NPO bemoeizucht slurpt ook nog eens een slordige 110 miljoen van het budget van de publieke omroep op.

Waarom willen ze zo nodig mediabedrijf spelen? De NPO is daar helemaal niet voor geëquipeerd. Er werken vooral veel jongens en meisjes die behendig zijn met spreadsheet en Power Point presentatie.

Wees dan consequent en heb het lef om voor een echt krachtige nationale publieke omroep (BBC-model) te kiezen. Met een sterk journalistiek klimaat en een wettelijk redactiestatuut waarin de onafhankelijkheid duidelijk geregeld wordt.

Maar nee, het gaat heel halfzacht en versluierend op z’n Hollands. Van alles een beetje en van tweeërlei geen. Bij de Nationale Politie, het Hoger Onderwijs en de Gezondheidszorg hebben we recent kunnen zien waar dogmatische centralisatie toe kan leiden.

Bij de reorganisatie van de Publieke Omroep gaat het onherroepelijk ten koste van de journalistieke onafhankelijkheid, veelzijdigheid en de creatieve vrijheid.

Dus leden van de Tweede Kamer let op uw tellen. Je kunt de publieke omroep maar één keer naar de filistijnen helpen. Het zou een soort broedermoord zijn want wij, journalisten van de publieke omroep, bewaken net als u de democratie en controleren de macht.

Bijvoorbeeld met programma’s als Argos, Zembla, Nieuwsuur en Oog in Oog.

Het zijn ook niet de kijkcijfer fetisjisten van de NPO die, soms met gevaar voor eigen leven, afreizen om uw blik op de wereld te verruimen. Straks zitten we met een semi-staatsomroep NPO, geleid door twee door de minister benoemde bestuurders.

Als een Chinese zakenman morgen zes dagbladen opkoopt schreeuwen we terecht moord en brand over het belang van vrije nieuwsgaring en de aantasting van de onafhankelijkheid van de journalistiek.

Bij de publieke omroep is momenteel heel versluierd hetzelfde proces aan de gang maar niemand lijkt het door te hebben. De Chinezen heten hier dan ook Henk Hagoort en Sander Dekker.


Hans Simonse is programmamaker en eindredacteur van diverse VPRO-programma’s. Hij schreef deze opinie op persoonlijke titel.

Bekijk meer van

VPRO NPO Henk Hagoort AVROTROS

Praat mee

3 reacties

Jan Westerhof, 18 juni 2015, 09:13

Wat zijn de feiten Hans? In het Concessie Beleid Plan van de NPO is niets te vinden dat voeding geeft aan jouw ‘angst’ dat de onafhankelijke journalistiek in gevaar is. Evenmin is dat te verwachten van de wet die Sander Dekker in voorbereiding heeft. Je noemt zelfs een paar gerenommeerde journalistieke programmatitels, waar helemaal niets mee aan de hand is. Het bestuur van de NPO heeft niet de ambitie om zich te bemoeien met de inhoud van de programma’s. Dat hebben zo’n tachtig collega’s tijdens een bijeenkomst de NVJ een paar weken geleden Henk Hagoort ook horen zeggen.
Je schets een schrikbeeld die kant nog wal raakt. Ik daag je uit aan te tonen dat de onafhankelijke journalistiek nu in het geding is. Met feiten Hans. Toon de teksten die jou stelling onderbouwen. De discussie over CBP en de mediawet gaat in de kern over iets heel anders. Die gaat over de vraag of we de mooie programma’s die we maken en willen blijven maken, ongericht uitstrooien over platforms waar grote internationale concerns hun geld mee verdienen, of dat we er in slagen een intelligentie programmastrategie te ontwikkelen gebaseerd op samenhang binnen de publieke omroepen. Jij benadrukt vooral het verschil tussen de omroepen, de NPO benadert de overeenkomst en dat is meer dan de financieringsbronnen. Dat gaat over noodzaak van publiek aanbod in een samenleving die steeds minder gericht is op solidariteit en steeds meer gedreven wordt door marktmechanismen. Word wakker Hans. De vijand is niet de NPO of het bestuur van de NPO. Dat is een ‘spin’ of een ‘frame’. Die is ingestoken bij het spelletje ‘wie is de baas in Hilversum’. Wat jammer dat je je als journalist op een journalistiek platform daarvoor laat gebruiken met een schrikbeeld dat nergens op is gebaseerd.
Oh ja en nog iets. Laten we de discussie inhoudelijk houden. Het geeft echt geen pas om je collega’s bij de NPO te diskwalificeren.
Iedereen binnen de NPO die verantwoordelijk is voor programmering van netten, zenders en online heeft zelf programma’s gemaakt. Ze worden gemotiveerd door het belang van goede publieke programmering.

Hans Simonse, 18 juni 2015, 17:11

Allereerst is het geenszins mijn bedoeling functionarissen van de NPO te diskwalificeren. Mijn boodschap is: schoenmakers houdt u bij uw leest, distributie. En ‘de feiten’ zijn misschien wat summier beschreven maar ze staan er in: Wat voor soort gasten er in programma’s moeten optreden, welke presentatoren er het beste kunnen worden ingezet en welke juist niet, wat voor soort muziek er het beste gebruikt kan worden. En bij de intekening bepaalt u welk programma wel gemaakt mag worden en welk programma niet. Ook schaft de NPO in zijn Concessie Beleidsplan zomaar met één pennenstreek Radio 6, de redactie van het geschiedenis kanaal en NPO doc af. Ook zo bepalen zij steeds meer wat het publiek voorgeschoteld krijgt, waar en hoe en wat niet.
Het zijn riskante tijden: Politiek Den Haag probeert ontegenzeggelijk grip te krijgen tot op programmaniveau. De Raad van Bestuur van de NPO gaat, met zijn centrale aansturing, veel verder dan nodig is op grond van wat de politiek verlangt. En juist deze mix zet druk op de journalistieke onafhankelijk. Aan wie gaan bijvoorbeeld de nieuwe genrecoördinatoren en zendercoördinatoren verantwoording afleggen? Wie maakt straks de keuzes?
De angst voor aantasting van de journalistieke onafhankelijkheid is veel minder mijn particuliere schrikbeeld dan Westerhof suggereert.  Op 5 juni schreef bijvoorbeeld ook het college van omroepen in reactie op de laatste versie van het Concessie Beleidsplan aan Hagoort: Onze zorgen ten aanzien van onze journalistieke onafhankelijkheid zijn nog niet geheel weggenomen. …..Er mag geen misverstand over bestaan dat de verantwoordelijkheid voor vorm, inhoud en redactie van al het publieke media-aanbod bij de omroepinstellingen ligt. Daaronder valt de redactie op digitale themakanalen, waarover nu afspraken zijn gemaakt. En daaronder valt ook de onderwerpkeuze voor documentaires en rubrieken en de keuze en positionering van presentatoren. De verantwoordelijkheid voor vorm en inhoud van het online media-aanbod ligt bij de omroepen; ook als NPO.nl de distributie verzorgt. Dit betekent dat budget beschikbaar moet blijven voor content en voor redacties die verzorging van vorm en inhoud realiseren van centraal dan wel decentraal beschikbaar online aanbod. Ook de instelling van genrecoördinatoren en contentmanagers raakt aan deze journalistieke vrijheid en eindredactionele verantwoordelijkheid.
Dat zijn harde feiten die rechtstreeks voortkomen uit het Concessie Beleidsplan en er zijn er veel meer. Uw reactie op mijn opiniestuk laat zich dan ook het beste samenvatten als: Wij van de NPO bedoelen het goed, dus is het goed. Aan de goede bedoelingen twijfel ik niet eens zo erg maar aan de consequenties van het door jullie voorgestane beleid des te meer. Dat is juist waarom ik zo ‘wakker’ geschrokken ben. Bijvoorbeeld door de eerste versie van het Concessie Beleidsplan welke nu zo versluierend herschreven is in een zalvende versie met nog steeds dezelfde intenties. Wie uiteindelijk de baas is in Hilversum zal mij als journalist uiteindelijk worst wezen maar wel ben ik beducht voor de intenties en de mate van afhankelijkheid van de politiek. De positie van de NPO bestuurders is nu niet onafhankelijk genoeg van die politiek geregeld om zich zoveel centralistische zeggenschap over redactionele aangelegenheden te kunnen veroorloven. Elke journalist in Hilversum dient zich daar zorgen over te maken.

Jan Westerhof, 19 juni 2015, 12:48

Het begint er mee dat Hans kennelijk een te beperkt beeld in zijn hoofd heeft van de regierol van het bestuur van de NPO. Althans zo beschrijft hij het. Het bestuur van de NPO beperkt zich niet tot enkel distributie, zoals hij bij herhaling stelt. Het bestuur van de NPO is verantwoordelijk voor het totale programmaportfolio van de publieke omroep. Wat voor soort programma’s en voor welke publieksgroep. Vanuit de leidende gedachte dat de publieke omroep van en voor iedereen in Nederland is. Alle 17 miljoen Nederlanders, dus niet alleen voor de 3.5 miljoen leden van omroepverenigingen, zeg ik hier maar even bij. 

De hele positionering (marketing) van de programmering van de NPO is een verantwoordelijkheid van het bestuur. Wat daarbij in een toenemende mate erg relevant is, is ook de online navigatie met het publiek, die niet meer verloopt langs de geëigende kanalen van radio en televisie. Maar daarom zeker niet minder regie behoeft om relevant te zijn en impact te hebben.

Dat is wat de ‘schoenmakers’ (sic) van de NPO doen. Mijn reactie was niet dat ze het goed bedoelen, mijn waarneming is dat het zeer vakkundige ervaren schoenmakers zijn die goed weten welke leest ze moeten gebruiken voor welke schoen.

De overheid bepaalt welke aanbodkanalen we tot onze beschikking hebben, hoeveel televisienetten, radiozenders, portals en digitale kanalen. Het schrappen van NPO Radio 6 is niet ‘een pennenstreek’, maar een zorgvuldige afweging van doel en middelen. Doelmatigheid van de inzet van belastinggeld, ook een verantwoordelijkheid van het bestuur van de NPO. Het schrappen van dit radiostation is voorgesteld aan de overheid, na het advies van het College van Omroepen, waarin alle omroepverenigingen en de taakomroepen zijn vertegenwoordigd.

Ik neem ook waar dat er politici zijn die de neiging hebben zich met de inhoud te bemoeien, maar tot nu toe zijn die pogingen niet succesvol geweest omdat bewindslieden op rij de pogingen daartoe hebben afgehouden. De Raad van Bestuur van de NPO heeft een onafhankelijke Raad van Toezicht. We zijn geen staatsomroep. De inhoud van de ophanden zijnde nieuwe mediawet ken ik nog niet, maar wat de staatssecretaris daarover heeft gezegd en geschreven geeft geen aanleiding te denken dat de onafhankelijkheid van de NPO-bestuurders in het geding is. Ook is dat geen onderwerp in het vermaledijde Concessie Beleidsplan.

Wat Hans als ‘harde feiten’ presenteert is een mening van het College van Omroepen over het Concessie Beleidsplan. Een visie, of noem het zorgen. Daar is inmiddels uitgebreid over gesproken door de Raad van Bestuur met de omroepen. Het plan is op onderdelen aangepast en er zijn afspraken gemaakt over de uitvoering.

Zeker bemoeien net-en zendermanagers zich met allerlei aspecten van de programmering vanuit hun regierol, maar juist de journalistieke onafhankelijkheid is binnen het Nederlandse bestel dubbel gestikt, om de beeldspraak nog maar eens aan te halen. ‘Plan NPO bedreigt de persvrijheid’ is een gotspe. De afstand tussen de journalist en de Raad van Bestuur is in het Nederlandse omroepbestel groter dan in welk journalistiekbedrijf dat ik ken. En ook groter dan bij publieke omroepen in het buitenland die anders zijn georganiseerd. En noch de nieuwe mediawet, noch het Concessie Beleidsplan gaan dat veranderen.

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.