foj 2019

— dinsdag 13 mei 2014, 10:05 | 0 reacties, praat mee

Nooit meer vakantie

© Olaf Koens

Hoe laat je het nieuws los? Rusland-correspondent Olaf Koens was met zijn vrouw en pasgeboren baby een weekje op vakantie in zijn geboortedorp in de Franse Bourgogne. ‘Ik neem me voor om niet mijn e-mail te openen, maar doe het toch.

Daar zijn ze weer. De ‘groene mannetjes’. Militairen op patrouille. Het zijn professionals, je ziet het aan de argeloze blik, de manier waarop ze hun wapens vasthouden. Dit zijn beroeps.

Tijdens het conflict op de Krim was de komst van de groene mannetjes de ontknoping. Het werd wekenlang ontkend, maar een beetje journalist had het zo in de gaten. Dit zijn geen vrijwilligers met Kalasjnikovs. Dit zijn echte soldaten. Russische soldaten.
Terwijl ik bij de Starbucks een klein uurloon afreken lopen er drie groene mannetjes voorbij. De jongen met de baret is de oudste, de twee anderen zijn nog in de leer. Routineus kijken ze langs de aankomstterminal en nemen ze de stroom aan reizigers in zich op. Alleen de kledij al spreekt boekdelen. De schoenen zijn gepoetst, de kevlarhelmen op maat. Ze lopen in formatie. De oudste voorop, de andere twee nerveus achter hem aan, wijsvinger op de haan van hun automatische geweren.

‘Monsieur! Monsieur! Votre café est prêt!’, roept een dame. Dan weet ik het weer. Ik ben niet langer op de Krim, dit is niet het onrustige oosten van Oekraïne. In Donetsk is geen Starbucks, dit is de luchthaven Charles de Gaulle bij Parijs.

Mooi geweest
Waar het precies begonnen is weet ik niet meer. Sinds eind vorig jaar is Rusland niet van de televisieschermen en de voorpagina’s af te slaan. De piraterijzaak tegen Greenpeace, het rampzalige vriendschapsjaar, de Nederlandse diplomaat die zo lafhartig in elkaar werd geslagen, het koninklijk bezoek, de vrijlating van Michail Chodorkovski en Pussy Riot, de aanslagen in Wolgograd, de Olympische winterspelen in Sotsji, de opstand in Kiev, de vlucht van de Oekraïense president Viktor Janoekovitsj, de annexatie van de Krim, de onrust in het oosten van Oekraïne.

Steeds wanneer je denkt: nu kan het niet gekker slaat de realiteit je om de oren. Het kan gekker. Rusland heeft zichzelf opnieuw uitgevonden als assertieve grootmacht. Ik ken de vluchtschema’s uit mijn hoofd en hoef collega’s niet eens meer te vragen of ze ook die kant op gaan. De late vlucht naar Kiev, de vijf voor acht ’s ochtends uit Moermansk. Sommige collega’s zie ik vaker dan mijn eigen vrouw.

‘En dat is nu wel eens mooi geweest’, zei mijn vrouw dan eindelijk. ‘Moskou zit me tot hier, we moeten frisse lucht halen, we gaan op vakantie. Punt uit.’ Eind januari is ze bevallen van ons eerste kind. Ik was net op tijd terug uit Kiev, maar het scheelde weinig. De zwangerschap zette een streep door een vakantie op Cuba. De actualiteit maakte een einde aan het idee dat we er ook maar een weekend tussenuit konden. En dus gaan we naar Frankrijk.

Als er een week is wanneer het rustig kan zijn, dan moet het de eerste week van mei zijn. Na de Dag van de Arbeid, vlak voor de traditionele viering van het einde van de Tweede Wereldoorlog.

Maar nog voor we in het vliegtuig zitten, begint het al. Het Oekraïense leger hervat de militaire operatie tegen de separatisten terwijl ik aan het boarden ben. Een Franse collega besluit rechtsomkeert te maken. Ik druk tegen beter weten in mijn telefoon uit en ga rustig zitten. ‘Het zal wel meevallen’, verzekert een Britse collega mij. ‘Dat leger slaat nog geen deuk in een pakje boter, en je moet een keer weg.’ Wanneer ik aankom in Parijs is de strijd opgelaaid en zijn er meerdere doden gevallen. Bij een bistro bestel ik een steak-tartare en verbind ik met de wifi. De berichten stromen binnen. ‘Olaf, weet jij waar de crew van SkyNews is? Ze zijn ontvoerd.’ Ik verslik me in het rauwe vlees, maar de ploeg is al weer vrijgelaten. Dan gaat het los in Odessa. Pro-Russische militanten voeren een veldslag met Oekraïense voetbalhooligans, het is allemaal met een live-stream te volgen.

‘Kijk dan, die beelden!’ Mijn vrouw zucht. Altijd hetzelfde. Tenminste vijftig mensen komen er die nacht om het leven in Odessa, maar ik moet het laten gaan. Ik moet er voor de verandering eens niet met mijn neus bovenop staan. De baby huilt, mijn vrouw kijkt bedrukt. De iPhone moet uit. Voor het eerst in een half jaar tijd val ik voor middernacht in slaap. Er rest mij de volgende ochtend niets dan met een potlood chagrijnig de fouten uit Le Figaro te strepen.

Nooit weggeweest
In mijn Franse geboortedorp is het conflict in Oekraïne verder weg dan ooit. Vanwege de baby worden de flessen Crémant de Bourgogne opengetrokken. Met mijn vrouw maak ik lange wandelingen door velden en bossen. In de verte zien we een hert.

Rust roest. Mijn Russische telefoon staat roodgloeiend, maar de bekende nummers van radioredacties neem ik uit voorzorg niet op. Na jaren is er ook internet in het dorp, bij mijn ouders staat een kleine schotelantenne die een verbinding uit de lucht plukt. Er is zelfs wifi. Het signaal gaat met moeite door de muren van kalksteen, maar via Twitter sijpelen de berichten binnen. Het Oekraïense leger rukt op aan de poorten van Slavjansk. ‘We zitten als ratten in de val’, schrijft een pro-Russische betoger me. Het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken doet via Facebook een emotionele oproep aan de buitenlandse correspondenten; laat het drama in Odessa niet aan je voorbij gaan. Wat Moskou betreft zijn in Kiev de ‘fascisten’ aan de macht. Mijn e-mail laat ik ongelezen.

De volgende ochtend breekt de hemel open. De straaljagers van het armée de terre spelen kat en muis boven de Bourgogne. De dakpannen ratelen, de hond is van slag. Alleen de baby slaapt rustig door. ‘Zie je wel, alsof je gewoon in Oekraïne bent’, zegt mijn vrouw. Ik neem me voor om niet mijn e-mail te openen, maar doe het toch. Honderdachten­dertig ongelezen berichten. Een Amerikaanse collega belt. ‘We worden morgen afgelost, kom vanavond drinken in het hotel! Het netwerk betaalt!’

Pas op de laatste dag van mijn vakantie in Frankrijk durf ik het. Ik zet de telefoon uit. Het voelt als een bevrijding. De wereld draait door, maar vierentwintig uur lang gaat het aan me voorbij.

Pas in de Luxemburgse tuinen in Parijs lees ik over het diplomatieke akkoord binnen de OVSE. ­Vladimir Poetin roept de pro-Russische rebellen de voorbereidingen tot het referendum te staken, en trekt zelfs het leger terug. Een laatste glas wijn en toch maar weer een steak-tartare. Mijn vrouw vliegt naar Moskou, ik terug naar Donetsk. Daar zijn de barricades en de gewapende separatisten weer. Alsof ik nooit ben weggeweest.

Olaf Koens (Chatillon-sur-Seine, 1985) is correspondent in Rusland en de ­voormalige ­Sovjet-Unie voor de Volkskrant en RTL-Nieuws. Op verzoek van Villamedia schreef hij deze persoonlijke bijdrage op de laatste dag van zijn vakantie.

Bekijk meer van

Persoonlijk

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.