foj 2019

— dinsdag 3 november 2015, 12:49 | 0 reacties, praat mee

Nonk Theo, tussen waarheid en waanzin

© Maaike Putman

Een jaar of twee, denkt Ferdi Schrooten in 2006, aan het begin van een zoektocht naar zijn onbekende, dode oom in Australië. Dan ligt het boek er wel. Wat een misrekening. De speurtocht naar Nonk Theo, kangoeroejager, pionier en eigenaar van zijn eigen goudmijn, ontaardt in een langjarige gekmakende obsessie.

Ik moet het toegeven: het was niet het eenvoudigste project voor een eerste boek, mijn queeste naar Nonk Theo. De telg uit een kinderrijk, Zuid-Limburgs mijnwerkersgezin vertrok in 1954 als 24-jarige naar Australië en keerde nooit meer terug. Maar ach, ik had mijn vaste baan bij persdienst GPD al opgezegd, mijn huis te koop gezet en huisraad op Marktplaats gemikt. En ik moest toch wat, daar in Australië, een van de haltes op een wereldreis van een jaar?

Een stapeltje brieven aan mijn vader, een broer van Nonk Theo, plus een lijstje plaatsnamen vanwaar hij gedurende drie decennia Down Under tekenen van leven had verstuurd aan de familie thuis, in Heerlerheide. Meer had ik niet. Het was genoeg om getriggerd te worden door die pionier, kangoeroejager en eigenaar van een goudmijn. Bovendien bood het een eerste routeplan door dat immense land.

Het was vooral wat ik niet mócht weten wat me naar Australië trok. Want al ruim voor vertrek stuitte mijn voorgenomen speurtocht op grote weerstand binnen de familie. Kennelijk lag met Nonk Theo aan de andere kant van de wereld een geheim begraven, een weerbarstige waarheid die erop wachtte gedolven te worden, net zoals het uranium, goud en andere aardschatten die mijn oom er naar boven had weten te halen.

Het jongensboek dat me zo aansprak had duistere pagina’s, met raadsels om lange periodes van ziekte en een vroeg overlijden, op 53-jarige leeftijd. Ook waren er vele vraagtekens rond de strijd om zijn goudmijn op Mount Britton, ergens in de binnenlanden van Queensland. Maar wat er nou precies was gebeurd dat zo pijnlijk was? Geen idee. Ik was 10 jaar toen het bericht van Nonk Theo’s dood Limburg bereikte. Voor zover ik me kan herinneren werd er binnen de familie nooit over hem gesproken. Niet in mijn bijzijn, althans.

Gewapend met laptop, camera en ruim een decennium journalistieke ervaring begon ik mijn expeditie in Perth, waar Nonk Theo een halve eeuw eerder landde. Elk spoor moest worden nagetrokken, had ik me voorgenomen, ook al was dat alleen al gezien de af te leggen afstanden schier onmogelijk. In mijn bloedband met het onderwerp en alle gevoeligheden binnen de familie zag ik geen probleem. Als onderzoeker en verteller zou ik, zoals ik dat gewoon was, optimale afstand en objectiviteit betrachten.

Maar er gebeurde iets wat ik van tevoren nooit had kunnen bevroeden. Misschien was het omdat ik elk moment van de dag met Nonk Theo in de weer was, zeven dagen per week, maandenlang, op het manische af. Misschien was het toch de band tussen ons, waarvan ik al snel het gevoel kreeg dat die verder ging dan bloed, en die opbloeide tot een soort postume vriendschap. En dan was er, na aanvankelijke frustratie over de veel te geringe hoeveelheid stof voor een boek, die sneeuwbal aan informatie en bronnen waaronder ik gaandeweg bedolven raakte.

Alleen al die dossiers vol details over onthutsende leefomstandigheden, medische manco’s en confrontaties met politie en andere autoriteiten. Sommige documenten hadden al lang vernietigd moeten zijn. Als verwante kreeg ik zelfs documenten los die al die tijd van overheidswege als geheim waren geclassificeerd, zoals een stuk over Nonk Theo’s werk in de uraniummijn van Radium Hill, nu een spookplek in de noordelijke Outback van South-Australia. En ook daar kwamen mensen en verhalen op mijn pad, tot op het ongelofelijk af.

Het leek soms wel alsof iemand ergens wilde dat ik al die informatie vond, en erover vertelde. Wat ik zocht, was niet alleen onder mijn huid gekropen, het was via mijn bloed in mijn hoofd beland. Een bevreemdende en beangstigende gewaarwording. Eigen schuld. Ik had er alles aan gedaan om Nonk Theo tot leven te wekken. In Copperfield, een van de vele locaties waar hij zelf goud had gedolven, was ik honderden meters ondergronds gegaan. Ik had zijn mijn op Mount Britton gevonden, de plek van zijn hoogste pieken en diepste dalen Down Under. Nabij Radium Hill heb ik in de duisternis met een knots van een geweer op kangoeroes gejaagd. Allemaal om maar zo dicht mogelijk bij Nonk Theo te komen. Ik ben bij wijze van spreken nog net niet naast hem gekropen in zijn hemeltergend anonieme graf, te midden van uitgestrekte suikerrietvelden buiten het stadje Mackay, waar hij eind 1983 in het plaatselijke ziekenhuis, gebroken en berooid, stierf na een tweede hartaanval.

Ondanks mijn bezeten speur- en spitwerk bleef het levensverhaal van Nonk Theo, en dan vooral het dramatische gevecht om zijn goudmijn in het desolate berglandschap van Mount Britton, op substantiële punten incompleet. In een poging de ontbrekende puzzelstukken te vinden, voerde ik de druk nog verder op. De hele, exacte waarheid móest en zou boven tafel komen. Nóg meer afspraken, telefoontjes, locatiebezoeken en onderzoek in archieven.

Als een dorstige in een woestijn begon ik fata morgana’s te zien. En dan kwam er ook nog informatie van gene zijde, ongelofelijk intrigerend en plausibel, en o zo verleidelijk om tot me te nemen. In mijn obsessieve drang naar feiten, belandde ik in fictie. Daar waar hoor-wederhoor en check-dubbelcheck geen plek hebben. Ik wilde geloven in wat me van gene zijde werd aangereikt, ik was bereid om de waarheid in en aan te vullen met puzzelstukken waarvan de waarachtigheid op geen enkele wijze te staven viel. Alles voor antwoorden.

Daarmee kwam uitgerekend datgene op het spel te staan waarvoor ik deze queeste was begonnen: het ware levensverhaal van Nonk Theo. Dat pijnlijke pioniersbestaan in de ruige mijnwerkersscene van de Outback, raakte bezoedeld en besmeurd door een dans met de duivel. Waar Nonk Theo zich meer dan eens naar de kloten had gezopen, daar slaagde ik er op mijn eigen wijze maar niet in nuchter te blijven. Ik was bang dat ik Nonk Theo postuum had verkankerd en dat ik dat nooit meer ongedaan zou kunnen maken.

Terug in Nederland ging de waanzin door. Ik heb Nonk Theo in een hoek gesmeten. Maanden en nog wel langer. Ik heb mijn hele queeste naar hem vervloekt, vaak genoeg. Want waar ik qua werk en privé weer vaste grond onder de voeten begon te krijgen, was er altijd zijn schaduw. Die zou nooit helemaal verdwijnen. Zijn verhaal verlangde een definitief einde. En dus kroop het bloed opnieuw waar het niet gaan kon. Of juist wel, kennelijk.

Wat begon als een maandenlange zoektocht Down Under groeide zo uit tot een monsterklus die negen jaar duurde. Uiteindelijk is het me met de voltooiing van het boek ‘Nonk Theo en de mijnen’ gelukt er een punt achter te zetten. Of de waarheid ermee gediend is? Ik zou zeggen: oordeel zelf. Ik hoop in elk geval nooit meer zo lang en intens gegijzeld te worden door een waar gebeurd verhaal als ‘Nonk Theo en de mijnen’. Want geloof me, zoiets verzin je niet.

Ferdi Schrooten (Heerlen, 1973) studeerde Journalistiek in Tilburg en was daarna als redacteur/verslaggever in dienst bij Limburgs Dagblad, GPD en NCRV. Sinds 2013 heeft hij zijn eigen journalistieke bureau en werkt hij voor tv (o.a. Omroep MAX), print en online. Zijn boek­debuut ‘Nonk Theo en de mijnen’ (uitgeverij Wereldbibliotheek, 384 pagina’s, € 24,99)  verscheen op 3 november. Meer info: www.nonktheo.nl en www.wereld­bibliotheek.

Bekijk meer van

Persoonlijk Ferdi Schrooten
vvoj 2019

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.