Leden Amsterdamse sociëteit De Kring bereidwillige informanten Binnenlandse Veiligheidsdienst
De Amsterdamse kunstenaarssociëteit De Kring had tijdens de Koude Oorlog de interesse van de Binnenlandse Veiligheidsdienst, het latere AIVD. Leden met linkse sympathieën werden door de BVD gevolgd, soms met expliciete hulp van andere Kring-leden. Een van hen was de voormalige Volkskrant-hoofdredacteur Joop Lücker, schrijft Harm Ede Botje op basis van recent openbaar gemaakte stukken.
De Kring, waarin journalisten, kunstenaars en wetenschappers elkaar al een eeuw kunnen ontmoeten, trok in de jaren vijftig de interesse van de inlichtingendienst, in jacht op mogelijke Kremlin-sympathisanten. Lücker was benaderd door de Rijksvoorlichtingdienst maar had geen interesse. Wel wilde hij rechtstreeks met de BVD in contact staan.
“Dus: de hoofdredacteur van de Volkskrant had een rechtstreeks lijntje met de BVD. Dat zou nu ondenkbaar zijn - of althans, dat moet je hopen”, aldus Ede Botje over zijn bevindingen voor de Kringkrant. De BVD opende diverse dossiers over Kring-leden, die veelal pas werden gesloten bij overlijden.
Ede Botje ontdekte dat Kring-leden als Lücker en sommige oud-collega’s van andere sociëteitsleden de BVD niet enkel informeerden, maar hen ook zwartmaakten met details over vermeend drankgebruik, liefdesleven of mogelijke politieke sympathieën.
Over verzetsman Henk Kersting, later directeur van persbureau Associated Press en daarna nog erevoorzitter van De Kring (!) stelde Lücker dat hij “relaties met allerlei personen uit artistieke en journalistieke kringen waarvan bekend is dat zij communist zijn of minstens met het communisme sympathiseren.”
Lid Geert Lubberhuizen (mede-oprichter van uitgeverij De Bezig Bij) omschreef verzetsman en fotograaf Joop Colson tegenover de BVD als een “een vreemde figuur met extreemlinkse neigingen, iemand die eveneens lid is van De Kring en een man die geld als water schijnt te verdienen met zijn fotografiebedrijf.”
Van Colson werden abonnementen op bepaalde tijdschriften en kranten bijgehouden. Ede Botje: “Voor Colson hadden de verdachtmakingen direct consequenties voor zijn werkzame leven. In 1956 probeerde hij een opdracht te krijgen om groepsfoto’s te maken van Nederlandse militairen.” Vanwege niet nader geduide ‘minder gunstige informatie’ liep Colson die klus mis.
De BVD voer echter niet blind op alle willig gedeelde informatie, schrijft Ede Botje. Een medewerker schreef dat het “uiterst gevaarlijk” was om op losse, niet door feiten onderbouwde beschuldigingen af te gaan. “Er bestaat in journalistieke kringen een sterk jalousie de metier”, werd genoteerd.


Praat mee