website over journalistiek

x

Villamedia heeft een app

 

Exclusieve inhoud Sluiten

Een NVJ-lid heeft dit artikel met je gedeeld. Gratis een maand alles lezen? Klik hier.

Een NVJ-lidmaatschap geeft je recht op:

  • Persoonlijk advies
  • Juridisch advies & rechtsbijstand
  • Perskaart
  • Korting op cursussen
  • Villamedia magazine

Word lid Verder lezen

Jesse Frederik: ‘Zo wild als bij Follow the Money wordt het nooit meer’

Boudewijn Geels — Geplaatst in prijzen op maandag 30 april 2018, 11:00

© TRIK

Interview De Tegel won hij al in 2013, samen met zijn leermeester Eric Smit. Begin april kreeg Jesse Frederik (29) ook de aanmoedigingsprijs van De Loep, nu voor zijn werk voor De Correspondent. Interview met een zelfbewust talent. ‘Zelf word ik ook gek van dat borstklopperige gedoe.’

Wie terugverlangt naar zijn studentenhuis, moet solliciteren bij De Correspondent. Vooral de rommelige keuken ‘brings back memories’. Een flinke tuin is er ook. Met een latte in de lentezon achter je laptop: kom daar maar eens om bij, bijvoorbeeld, Het Financieele Dagblad, om de hoek, waar daglicht en zuurstof schaars zijn.

De Weesperzijde is een triple-A-locatie, vindt ook correspondent economie Jesse Frederik. Toch zal hij niet heel lang meer aan de Amstel werken. Wegens ruimtegebrek gaat De Correspondent - Frederik schat eind dit jaar – verhuizen naar een pand nabij het Westerdok. ‘Meer kantoor-achtig, maar wel een leuke plek hoor.’

Het woord ‘leuk’ zal vaak vallen in het gesprek. Net als de woorden ‘of zo’ aan het eind van bijna elke zin, en daarna (de aanzet tot) een lach.

Het is vanwege het buitengemeen grote belang dat Frederik hecht aan de ‘fun’ van wat hij doet dat Philippe Remarque en Peter Vandermeersch hem niet hoeven te bellen. Een 29-jarige die al in 2013 een Tegel won met zijn eerste grote artikel ‘Derivatendrama’ (samen met Follow the Money-boegbeeld Eric Smit) en begin april ook de aanmoedigingsprijs van De Loep kreeg voor zijn onderzoek naar het curieuze Nederlandse boetebeleid, kun je er prima bij hebben.

Maar nee, werken bij de Volkskrant of NRC Handelsblad gaat te veel lijken op de studies die hij probeerde, weet autodidact Frederik heel zeker.

Bijzondere volgorde: eerst een Tegel, dan een aanmoedigingsprijs.
‘Het is inderdaad een beetje een lullige titel. Maar wel leuk, toch? Kennelijk heb ik te vroeg gepiekt, haha.’

Weet je nog hoe het ging toen je als broekie die Tegel won?
‘De uitreiking? Jazeker. Eric Smit en ik hadden in een hoekje nog even geblowd. Kwam die Remarque met ons praten, want we hadden het derivatenstuk in de Volkskrant gepubliceerd. Remarque zei: “Nou, dat is de goedkoopste Tegel die we ooit hebben gewonnen.” We waren namelijk echt beroerd betaald. Eric was zo stoned als een garnaal en werd helemaal emotioneel.’

Vanwege het onrecht van die schrale betaling?
‘Nee, uit trots op dat artikel.’

Heeft Remarque er nog een bonus bovenop gedaan?
‘Ja, 750 euro of zo. Op de 1500 euro die Eric aanvankelijk had gekregen. Belachelijke bedragen natuurlijk, maar dat was toen FTM’s businessmodel. We bedreven hoernalistiek – voor veel geld jaarverslagen vol kalken en zo – zodat we daarna weer de Volkskrant konden subsidiëren.’

Sinds 2015 werkt ook FTM met een ledenmodel, net als De Correspondent. Maar Smit zit pas op 7250 leden, Rob Wijnberg heeft er ruim 60.000.
‘Wat Rob heel slim heeft gedaan is dat hij niks had. Hij riep: “Hope and change!”, en iedereen zei: “hope and change lijkt ons ook wel wat”. Toen had Rob in één keer geld en kon hij het waarmaken. FTM’s nadeel is dat het al bestaat. Mensen denken: ga ik betalen voor wat dat product nu is? Daardoor krijgt Eric nooit het geld om dat product beter te maken. Maar FTM wint elk jaar prijzen, dus ze kunnen echt wel wat.’

Wat moet er echt beter bij FTM?
‘Het schrijven moet toegankelijker. En qua onderwerpen zou ik beter schiften. Ook De Correspondent heeft soms stukken waarvan je denkt: waar gáát dit over, maar bij FTM zijn de middelen schaarser. En zwart geld in Azerbeidzjan of “whatever” boeit echt niemand.’

Zowel FTM als De Correspondent geeft zijn topcontent gratis weg. Is zo’n zachte betaalmuur wel verstandig?
‘Ja, anders zouden weinig mensen met ons in contact komen. Je moet het ook heel erg hebben van de “sympathy vote”. Mensen worden heus geen lid van De Correspondent omdat ze het willen lezen. Ze willen het initiatief ondersteunen.’

GeenStijl noemt jullie ‘De Correspedant’. Wat vind jij van GeenStijl?
‘Het staat ver van me af, maar ik vind die stijl wel leuk. Karaktermoord vind ik vaak best wel grappig. Maar het is wel cynisch en nihilistisch en gezeik in de marge. Dat gelul over hoofddoekjes duurt nu al vijftien jaar. Iedereen blijft maar in een cirkel lullen, dan is het beter om wat anders te gaan doen.’

Wanneer begon jij je meesters en juffen op school uit te leggen hoe de wereld in elkaar zit?
‘Haha, in groep 4 was ik totaal geobsedeerd door Griekse goden. Ik wist precies met wie Zeus allemaal had geneukt, en welke kinderen daarvan waren gekomen. Vroeg ik telkens aan de leraar om mij te overhoren. Op een gegeven moment mocht dat niet meer. Ik was op school altijd heel erg geïnteresseerd in dingen die er net niet toe deden.’

Het is niet zo dat je van jongs af aan journalist wilde worden hè?
‘Nee. Als je me op mijn 16de had verteld dat ik journalist zou worden: “no way!” Het gebeurde pas op mijn 22ste. Ik woonde in de kelder bij mijn moeder en zag in Zomer­gasten een fragment met Noam Chomsky en Michel Foucault. Ik dacht: dit wil ik begrijpen.’

De School voor Journalistiek heb je nooit geprobeerd. Wel een studie wijsbegeerte. Waarom werd dat niks?
‘Wijsbegeerte was “fucking” vaag. Van die gendershit en Heidegger en zo. Niemand kon ook echt uitleggen wat die man nu eigenlijk zei. Het belang ervan ontging me volledig. Dus haakte ik na een maand of vier af, net als eerder bij HBO Pedagogiek en een opleiding tot geschiedenisdocent. Ik dacht ook: als je echt wilt snappen hoe de wereld werkt, moet je je op de economie storten. Ik ging ervan uit dat alles wordt gestuurd door geld. Nu kom ik er steeds meer achter dat dingen vaak fout gaan door misplaatste ideeën of zo. Ik denk nu minder dan vroeger dat dingen een complot zijn. Het is meer een klucht.’

Je bent co-auteur van het manifest ‘Schuldvrij!’, een spin-off van de documentaireserie Schuldig, over mensen die zichzelf, met dank aan ‘het systeem’, financieel de vernieling indraaien. Heeft dat manifest veel concreets opgeleverd?
‘Eind januari nam de Tweede Kamer een motie aan waarin staat dat het kabinet ons manifest moet gebruiken bij het opstellen van zijn plan van aanpak van de schuldenproblematiek. Dat “gebruiken” zegt op zich weinig, want gebruiken als wat? Als pleepapier kan ook. Maar het maakt wel dat we kunnen meepraten. Komende week zit ik ook weer met Kamerleden aan tafel.’

Praat je écht mee, of ben je een soort window dressing?
‘Nee, we komen echt met ideeën. De schuldhulpverlening gaat nu heel traag. Voor een betalingsregeling moet je alle schuldeisers apart aanschrijven en zij moeten er apart mee akkoord gaan. Sommige partijen traineren dat proces, omdat ze daar financieel belang bij hebben, heel cynisch. Wij zeggen: als de schuldhulpverlening een voorstel doet en je niet binnen zes weken reageert, wordt dat voorstel dwingend opgelegd. Ik heb goede hoop dat deze maatregel erdoor komt.’

Wat heeft dit project je vooral geleerd?
‘Het is fascinerend: niemand wil die bureaucratie, en toch gebeurt het. Iedereen zit gevangen in zijn eigen logica. Dan krijg je een kafkaëske toestand.’

Je groeide op in Nijmegen. Kom je uit een heel links-intellectueel nest?
‘Mijn moeder zat wel bij de SP toen dat nog Maoïsten waren. Ze flyerde bij fabrieken: “Laat de revolutie beginnen!” Maar ze is nu gewoon directeur van een basisschool. Mijn vader noemt zichzelf cultureel ondernemer. Hij is goed in subsidie aanvragen, haha. Nijmegen is inderdaad een linkse stad, maar daar kreeg ik weinig van mee. Ik zat vooral binnen. Te blowen onder andere. Ik had niet de ballen om een huis te kraken of zo.’

Hoe fanatiek was je met dat blowen?
‘Ik deed het dagelijks, vanaf mijn 15de tot achterin mijn FTM-jaren. Bij FTM werken was niet erg bevorderlijk voor je verslaving. Gingen we mensen uitnodigen voor borrels, ook van andere media, en dat groeide en liep totaal uit de hand. Er werd geblowd bij de vleet. Gaf je een joint door aan econoom Bas Jacobs, terwijl een oud-Zuidas-advocaat kreeften stond te bakken. Totaal geschift. Dat werd dus mijn referentiepunt. En dan kom je hier en dan is het toch wel… Bij De Correspondent gaat het nooit zo wild worden als daar.’

Bleef het bij blowen of ging er ook wel eens een lijntje coke doorheen?
‘Neenee, ik heb dat nooit gedaan bij hun, nee.’

Heb je het bij anderen gezien?
‘O jawel, natuurlijk. Ja.’

Drugsgebruik is niet per se bevorderlijk voor je output.
‘Klopt. Op een dag dacht ik: wat een zinloze exercitie is dit. Einde. Nooit meer gedaan. Nou ja, ik heb nog wel eens geblowd, maar dan denk ik: hoe kun je dit nou de hele dag doen? Ik word er helemaal paranoïde en gestrest van. Dat is niet wat je zoekt in je drug, haha.’

Als het bij Eric Smit zo’n feest was, waarom ging je eind 2014 dan weg?
‘Bij FTM leerde ik veel over financiën en het journalistieke handwerk, maar veel minder over hoe je moet schrijven. Dat zie je ook aan mijn teksten van toen. Bij De Correspondent leer je dat veel beter, mede door elkaar dingen te laten lezen. Aan mijn vriendin Tamar Stelling bijvoorbeeld, zij werkt hier ook. Bovendien was ik wel beetje klaar met de FTM-journalistiek van mensen bij hun knieën afzagen. Ik wilde gewoon moeilijke essays over dooie denkers gaan schrijven – daar heb ik nu dan weer helemaal geen zin meer in trouwens. Bij FTM had ik bovendien steeds het gevoel dat het de volgende maand kon ophouden.’

Het was geen vetpot?
‘Ik begon met 600 euro per maand, na die Tegel werd dat 2000. Als freelancer, en dan is bruto zo’n beetje netto. Best veel vond ik dat, 2000. Ik voelde me er zelfs schuldig over. Vond dat ik dat geld moest terugverdienen. Dat lukte niet altijd.’

Hoe betaalt Rob Wijnberg?
‘Gewoon wel redelijk: 3000 euro bruto of zo. Dus dat is heel goed. Toch?’

Als Philippe Remarque 1000 per maand meer biedt…
‘Nee. Dan is het: “Kruidvat gaat failliet. Ga jij eens bij een Kruidvat vragen wat mensen daar van vinden”. Dat gaat hem dus niet worden. Ik kan me niet voorstellen dat een dagblad een fijne werkomgeving is. Erg hiërarchisch. En zoiets als Schuldvrij! had ik nooit van de grond ­gekregen bij een krant. Opiniërende journalistiek mag daar gewoon niet.’

Maar de beslissers die jij met jouw economisch getinte stukken wilt bereiken lezen De Correspondent vaak niet.
‘Klopt. Ik heb vorig jaar best een paar stukken geschreven waarvan ik dacht: dit is toch wel echt nieuws. Maar het viel totaal dood. Dat is wel jammer aan De Correspondent: het wordt niet echt opgepikt door anderen. Mede omdat collega’s ons niet leuk vinden, denk ik. Bijna alle journalisten vinden ons toontje stomvervelend. Zelf word ik ook gek van dat borstklopperige gedoe. Maar je moet begrijpen: dat borstkloppen is niet bedoeld voor collega’s. Mensen hebben gewoon behoefte aan iets anders. We zijn inmiddels groter dan Vrij Nederland en De Groene Amsterdammer bij elkaar qua ledenaantal. We hebben meer dan veertig fte’s, bij een omzet van 3,8 miljoen euro. Dat is minder dan de winst van de NRC. Dan vind ik echt dat we het niet slecht doen.’

En de leesscores?
‘Als je iets groots hebt, kan het zo meer dan 100.000 à 200.000 keer gelezen worden. Maar de meeste stukken halen de 5000 of zo niet. Misschien is het een gebrek – ik vind dat je voor jezelf een doel moet stellen en dan moet kunnen analyseren waarom je het niet hebt gehaald – maar we kijken er ook bijna niet naar. We hebben zelfs Google Analytics eruit gemieterd, terwijl we nog wel op Facebook zitten.’

Hoe ziet jouw mediaconsumptie eruit? Lees jij elke dag zes kranten?
‘Nee, ik lees bijna helemaal geen kranten. Ik abonneer me zoveel mogelijk op primaire bronnen, kijk wat mensen in een bepaalde sector lezen. Welbewust volg ik een ander mediadieet dan anderen, anders schrijf ik straks ook alleen maar stukjes over Thierry Baudet.’

Heb je al een nieuw Groot Thema?
‘Ik denk nu aan de GGZ, maar ook dat is verdomd ingewikkeld. Wat ik heb geleerd is: je moet een onderwerp nemen en dan gewoon beginnen met schrijven, dan komen er daarna mensen naar je toe en zo ontstaat er langzaam maar zeker een goed verhaal. Pas bij de derde keer dat ik over iets schrijf begrijp ik het echt.’

Je hebt nog geen nieuwe Tegel of Loep in de pen?
‘Eh, nou nee. Ik heb wel veel WOB-verzoeken lopen, maar ik kan niet zeggen dat ik iets acuuts heb.’

Maak je je daar zorgen over? Noblesse oblige?
‘Ik merk inderdaad wel dat de standaard steeds hoger wordt.’

JesseFrederik

Jesse Frederik (29) groeide op in Nijmegen. Na de Havo probeerde hij diverse studies, maar hij haakte steeds snel af. Op zijn 22ste stuurde hij Eric Smit van Follow the Money een mail en werd aangenomen. In 2013 won hij samen met Smit de Tegel, met een stuk over derivaten. Eind 2014 stapte hij over naar De Correspondent. In 2015 schreef hij samen met Rutger Bregman het boek ‘Waarom vuilnismannen meer verdienen dan bankiers’. Afgelopen december verzorgde Frederik de Den Uyl-lezing. Titel: ‘Waarom ik me sociaaldemocraat voel, maar nooit PvdA heb gestemd.’ Bij de gemeenteraadsverkiezingen stemde hij op de nummer 2 van GroenLinks Amsterdam, Femke Roosma. Begin april kreeg Frederik de aanmoedigingsprijs van De Loep.

1 reactie

Om te reageren moet je een Villamedia Account hebben en moet je eerst ingelogd zijn.

  1. 1. J.C. Roodenburg, 3 mei 2018, 13:54

    Valt me op dat Jesse altijd voor linkse media als De Correspondent en FTM heeft gewerkt. En blowen is ook links! Ik heb ooit voor Het Vrije Volk gewerkt dus ik weet hoe groot die linkse markt is. Wordt overigens steeds kleiner want mensen schuiven naar rechts op. Toen ik in 1978 voorzitter van de ondernemingsraad werd bij HVV hoorde ik pas voor het eerste van ‘de bel’  in de betaalde oplage (stond in het interne jaarverslag). Die was niet 160.000 zoals voor de advertentiemarkt werd gesteld maar ‘slechts’ 128.000. Daarna is HVV nog verder afgekalfd naar omstreeks 50.000 in het fusiejaar 1991 met het Rotterdams Nieuwsblad. Daaruit ontstond het nog zelfstandig gemaakte Rotterdams Dagblad.

    Hoe Jesse nog steeds links is, blijkt uit wel uit zijn boek en verhalen over de schuldsaneringen. Ligt ook vaak aan de mensen zelf: zij geven prioriteiten aan luxe (vakantie, smartphones, pc’s en soms zelfs auto). Straffer beleid daarin voeren en een arbeidsloos (minimum) inkomen is alleen haalbaar als iedereen dezelfde heffingskorting krijgt.
    Natuurlijk is er een hele ‘industrie’ die van armoedzaaiers profiteert. En ik heb een broertje dood aan afbetalingsregelingen. Aanbieders daarvan zwaarder straffen bij schuldsaneringen. Misschien moet Jesse er ook een keer op wijzen dat scholing, scholing en nogmaals scholing helpen om uit de armoede te komen.

Villamedia Sluiten

Inloggen

Registreren

Vul onderstaande gegevens in voor exclusieve toegang voor NVJ-leden.