Afstudeerprijs Villamedia 2019

— vrijdag 10 november 2017, 14:09 | 0 reacties, praat mee

In de MeToo-discussie staat de advocatuur lijnrecht tegenover de media

© Christophe Petit Tesson / EPA

De hele wereld lijkt zich deze week bezig te houden met het MeToo-schandaal. In rap tempo volgt de ene na de andere onthulling, steeds meer slachtoffers van seksueel misbruik melden zich. Ook in Nederland kwamen nieuwe verhalen naar buiten. Maar er viel nog iets op in de vele gesprekken over seksueel misbruik. Namelijk dat als het aan de advocatuur ligt, dan zouden de media zich verre moeten houden van het publiceren van (vermeende) seksueel misbruikverhalen van slachtoffers om de rechtsgang niet te belemmeren.

Deze week speelde onder meer de publicatie van journalist Frank Waals in Nieuwe Revu en De Telegraaf over het seksueel misbruik door film- en televisieproducent Job Gosschalk een grote rol in de discussie. Gosschalk heeft naar aanleiding van de publicatie ook verklaard te stoppen met zijn werkzaamheden omdat hij grenzen heeft overschreden in zijn omgang met acteurs. Waals zat eerder deze week bij De Wereld Draait Door om te vertellen over zijn publicatie, de bronnen en het onderzoek naar de vele beschuldigingen aan het adres van Gosschalk.

Aan tafel zat ook advocaat Sébas Diekstra. Volgens hem zouden slachtoffers hun recht moeten halen in de rechtbank en niet in de media. Volgens hem gaan de verhalen die nu allemaal naar buiten komen zich wreken, “naar alle partijen toe.” Hij stelt voor dat slachtoffers eerst aangifte zouden moeten doen bij de politie en vraagt zich af of de media slachtoffers daar ook op wijzen.

Die mening is ook strafrechtadvocaat Gerard Spong aangedaan die deze week bij Pauw aanschoof. “Dit soort zaken zijn qua waarheidsvinding hele complexe zaken. Ze zijn ook qua strafmaat heel gecompliceerd. Met alle respect voor talkprogramma’s en talkshows, we zijn in de praktijk uren en dagen bezig met boven water te halen wat is er nu precies gebeurd en welke straf, als er een straf moet volgen, is gepast. En ik vind niet dat je dat zo maar direct in de publiciteit moet gooien.” Spong zou een cliënt dan ook een heel ander advies geven, namelijk “het zoveel mogelijk uit de publiciteit halen, low profile”.

Ook het gebruik van anonieme bronnen stuit Spong tegen de borst. “Dat is nu het nadeel van dit soort dingen via de media spelen. Laat zo’n meneer maar naar de politie gaan en aangifte doen. En dat is ook heel belangrijk, we moeten wel in de gaten houden dat een heel belangrijk rechtsbeginsel op het spel staat en dat is het onschuldbeginsel. Meneer Gosschalk is onschuldig tot zijn schuld volgens de wet is bewezen. Geeft iemand het zelf toe dan is het een ander verhaal.”

LANGZS, het landelijk advocatennetwerk gewelds- en zedenslachtoffers, schrijft in een persbericht: “Voor zover het echter gaat om de positie van slachtoffers in het strafproces meent LANGZS thans een oproep te moeten doen aan journalisten en slachtoffers zelf om goed na te denken alvorens ‘public’ te gaan met slachtofferverhalen, terwijl het slachtoffer mogelijkerwijs nog op de één of andere wijze zijn recht wenst te halen. Binnen het rechtsbestel past het niet om beschuldigingen in de media neer te leggen en daarbij gedetailleerd verslag te doen van wat er allemaal gebeurd is, omdat dit nader onderzoek door de rechter, maar overigens ook politie en het Openbaar Ministerie op ernstige wijze bemoeilijkt”.

En: “LANGZS gaat ervan uit dat veel journalisten zich onvoldoende bewust zijn van dit mechanisme, getuige de vele verklaringen die wij inmiddels hebben gezien in de media. Middels dit persbericht roept LANGZS de betrokken journalisten op om zich te laten voorlichten door een ter zake deskundige slachtofferadvocaat”.

Journalisten voelen zich niet direct aangesproken. Bij De Wereld Draait Door legde Revu-journalist Waals uit dat hij in totaal zo’n 15 bronnen heeft gesproken, die (nog) geen aangifte hebben gedaan. Zijn bronnen zeggen: “Het wereldje is zo verrekte klein, wat we ook doen we zijn bang dat dat ons rollen gaat kosten, producties gaat kosten.” De slachtoffers willen eerst dat het balletje gaat rollen, dat ze geen klokkenluider meer zijn. Dan vinden zij het wat veiliger om het naar buiten te brengen, legt Waals uit. 

Toch is Gosschalk volgens de advocaat “staand geëxecuteerd. “We weten niet exact wat de feiten zijn [...] maar laat in hemelsnaam een rechter daarover oordelen. [...] Nu is het oordeel al geveld.”

Waals gaat daar tegenin. “Ik heb én Job gesproken en ik heb handenvol bronnen, die afzonderlijk van elkaar, die niet weten dat ik ze bel of dat ze mij bellen, hetzelfde verhaal vertellen. En dat sterkt mij dan toch om uiteindelijk het verhaal te brengen.”

Presentator Mathijs van Nieuwkerk gaf ook aan dat “zonder de media, en het geluid wat zij konden geven aan deze misstand en uiteindelijk aan de campagne, hadden we hier niet aan tafel gezeten”. Ook was er dan volgens hem niet toch een soort bewustwording gekomen van “jongens dit moet veranderen”. Diekstra beaamt dit, maar is wel bang dat Gosschalk is veroordeeld. Hij blijft erbij dat het in de rechtszaal thuishoort. 

Bij RTL Late Night zei journalist Peter R. de Vries dat de media juist onmisbaar zijn om dergelijke zaken aan de kaak te stellen. “De reden waarom deze zaak nooit aan het licht is gekomen, is dat niemand die stap durfde te zetten.” [...] “Gerechtigheid is niet alleen via de juridische weg, integendeel zou ik bijna zeggen. Als we een ding leren in dit land is het wel dat dit soort slachtoffers juridisch helemaal niet aan bod komen. En eerst in de media een misstand aan de kaak moeten stellen om het serieus op de kaart te krijgen. Ik begrijp niet wat u hier zit te bepleiten eigenlijk.”

En Philippe Remarque, hoofdredacteur van De Volkskrant in zijn hoofdredactioneel van 9 november: “Misstanden aan het licht brengen is een kerntaak van nieuwsredacties. (...) “Dit moet wel zorgvuldig gebeuren, met wederhoor, maatvoering en de juiste interpretatie. In de #MeToo-discussie worden allerlei soorten ongewenste contacten op één hoop gegooid. Soms staat het verhaal van de een tegenover dat van de ander. Zoiets leent zich slecht voor strijd in de media.”

“Maar juist daar waar mensen hun positie misbruiken om seks op te dringen aan anderen, spelen de media een belangrijke rol. Als de betrokkenen volwassen zijn, is vaak geen sprake van een strafbaar feit. Aangifte doen is moeilijk. Maar er is wel een misstand, die steeds nieuwe mensen kan treffen omdat de ondergeschikte zwijgt, uit schaamte voor zijn vrijwillige deelname en omdat hij professioneel afhankelijk blijft.”

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.