website over journalistiek

Exclusieve inhoud Sluiten

Een NVJ-lid heeft dit artikel met je gedeeld. Gratis een maand alles lezen? Klik hier.

Een NVJ-lidmaatschap geeft je recht op:

  • Persoonlijk advies
  • Juridisch advies & rechtsbijstand
  • Perskaart
  • Korting op cursussen
  • Villamedia magazine

Word lid Verder lezen

‘Ik wilde nooit de Ellen Blazer van Matthijs worden’

Linda Nab — Geplaatst op vrijdag 21 maart 2014, 13:37

© Trik

Interview Haar eindredacteur bij de Avro zei dat ze beter iets ander kon gaan doen dan televisie, en de baas worden was nooit haar ambitie. Tien jaar later is ze samen met Matthijs van Nieuwkerk hoofdredacteur van kijkcijferkanon De Wereld Draait Door. Dieuwke Wynia: ‘De weg ernaartoe was een ‘bumpy road. Maar als ik achterom kijk, klopt het.

Op de deur naar de werkkamer die Dieuwke Wynia (45) deelt met Matthijs van Nieuwkerk hangt een groot vel papier vol tabellen en cijfers. De kijkcijferanalyse van de afgelopen weken. Wynia gooit de deur snel dicht, maar wat er onderaan de streep staat is zeker geen geheim: bijna een half miljoen extra kijkers sinds DWDD in januari verhuisde naar Nederland 1. Al in de eerste week tikten ze de 1.8 miljoen aan. ‘Ik was verbijsterd’, zegt Wynia. ‘Je kunt een groot bedrijf wel verhuizen, maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat iedereen gelijk weet waar je zit.’ Wynia en Van Nieuwkerk streden al jaren voor een plekje op Nederland 1. Niet om de kijkcijfers, maar om af te zijn van het ‘bezopen Champions League voetbal’, waarvoor DWDD geregeld moest worden ingekort. ‘Je deed de kijker er geen plezier mee: want als de voorbeschouwing begon halveerde het kijkcijfer. En wij vonden het niet leuk omdat we alle franje uit ons programma moesten slopen. Jakhalzen eruit, TV Draait Door korter, het werd een soort gedrocht.’

De verhuizing is een mooie aanleiding voor dit gesprek. Echt happig is ze er niet op, maar soms is het goed om zelf weer eens te vertellen hoe het er achter de schermen aan toe gaat, zegt ze, als ze zich installeert aan de ronde tafel in de kamer die uitkijkt over het Amsterdamse Westergasterrein. Want er wordt zoveel onzin geschreven.’

Anderhalf jaar geleden stonden de bladen vol van ‘DWDD-moeheid’. De talkshow was over zijn hoogtepunt heen, werd er geschreven. Dat sentiment lijkt nu een beetje verstomd.

‘We hebben ons er nooit zoveel van aangetrokken want in de bladen praten ze elkaar na zonder zelf goed te kijken. Dat sentiment gaat met golven: de ene keer is het een negatieve golf, dan weer een positieve. Wat me opvalt is dat Pauw en Witteman momenteel in het verdomhoekje zitten. Dan schrijven kranten dat zij continu omlaag gaan en Humberto Tan alleen maar omhoog – wat feitelijk onjuist is. Op een gegeven moment stond er een raar stuk in de Volkskrant – van de chef wetenschap nota bene – waarin zelfs de kleding van de heren werd vergeleken. Alsof het wetenschappelijk onderlegd was dat het met Pauw en Witteman wat minder ging omdat de pakken wijder zaten.’

Maar had je destijds zelf het gevoel dat jullie in een dipje zaten? Met wat ongelukkige Boer Zoekt Vrouw persiflages en kritiek op vaak terugkerende tafelheren?

‘Nee helemaal niet. Maar dat wil niet zeggen dat ik 
kritiek niet belangrijk vind. We sleutelen en evalueren elke dag. We hadden toevallig nog een hele pittige evaluatie de dag nadat we 1.8 miljoen kijkers hadden. Zo’n cijfer is voor mij geen reden om rustig achterover te leunen. Het is juist een moment om heel kritisch te kijken of het echt zo goed was, en of het op een goede manier tot stand is gekomen.’

Dat is de kritiek binnenskamers. Doe je ook iets met ­kritiek die van buiten komt?


‘Jawel hoor. Als we vaak dezelfde mensen hebben, hoor ik het gemor om me heen. Ik snap dat die geluiden er zijn en het zet ons aan om nóg beter te zoeken naar nieuwe mensen. Want vernieuwing en creativiteit zijn hele belangrijke sleutels voor hoe wij De Wereld Draait Door maken. Maar het kan soms gewoon niet. Nederland is Amerika niet. Het is maar een klein taalkundig gebied. Bovendien hebben we vaste mensen waar we niet vanaf willen. Een krant heeft toch ook vaste columnisten?

Soms klopt het ook gewoon niet hè? Er wordt nog steeds gezegd dat Felix Rottenberg heel veel bij ons zit. Maar die zit er niet meer zo vaak. Robbert Dijkgraaf werd ook door mensen aangesproken die dachten dat hij er elke week zat. Het geheugen werkt vreemd wat dat betreft.’

Jullie opvolger op Nederland 3, de soap Start-Up werd al snel van de buis gehaald wegens te weinig kijkers. Als je het vergelijkt met de start van DWDD in 2005, krijgen programma’s tegenwoordig dan korter de tijd om zich te bewijzen?

‘Ik hoor nog steeds mensen zeggen dat het heel lang duurde voor De Wereld Draait Door scoorde, maar dat is een mythe. We gingen vanaf het begin omhoog. En toen presentator Francisco van Jole er na twee maanden vanaf werd gehaald, ging het nog harder. Binnen een halfjaar hadden we een half miljoen kijkers. Het was in eerste instantie ook helemaal niet bedoeld als kijkcijferkanon. Vóór De Wereld Draait Door had je Barend & Witteman, dat trok 300.000 kijkers en dat vond iedereen prima.

Ik denk niet dat het nu heel anders is dan toen. Start Up zat rond de 50.000 kijkers, dat is een heel ander verhaal. Mensen hoeven je programma echt niet meteen te vinden, maar er moet wel een soort “rumour” ontstaan. Dat gebeurde bij ons vanaf het begin.’

Start-Up was een productie van jullie nieuwe fusie­partner BNN. Volgens Nieuwe Revu gaat die fusie niet van een leien dakje en zijn de cultuurverschillen te groot. Bij de Vara zou het heel ‘erg hiërarchisch’ zijn, en bij BNN ‘een teringbende’.

‘Ik merk vooral dat het overal nieuwe energie geeft. Al voordat de fusie officieel was, hebben we de ontwerp­afdeling van BNN gevraagd om een nieuw leaderpakket voor ons te maken. Zij hebben qua kwaliteit en commitment dezelfde energie als wij. Maar goed, als je twee bedrijven samenvoegt heb je vast ook cultuurverschillen. Ik weet het alleen niet want ik loop niet rond in Hilversum. Volgens mij is het hier ook best een teringbende trouwens. En mijn bureau is ook niet echt opgeruimd.’

Eigenlijk zou je in 2012 naar BNN gaan, als hoofd televisie. Je koos er op het laatste moment voor om toch te blijven, omdat je de formule van DWDD verder uit mocht bouwen met spin-offs. Heeft het je verwachting waargemaakt?


‘Het heeft nog veel meer gebracht dan ik van tevoren had gedacht. We hebben er een hele nieuwe afdeling bij: de spin-office, waar permanent vier mensen werken die versterking krijgen als er iets nieuws in productie gaat. Er komt nogal wat uit: van university’s tot een festival tot cd’s en concerten. De rubriek Guilty Pleasures gaan we ook weer proberen naar Paradiso te brengen. En er pruttelen nog een paar leuke ideeën. Ik zou het gaaf vinden als Paul Verhoeven eens een college kwam geven, of Herman Pleij of neuropsycholoog Eric Scherder.’

Eind 2011 zei je in Vrij Nederland dat je het meest trots was op je besluit om naar BNN te gaan. Dat je durfde te springen en niet verslaafd bleek aan het succes van DWDD. Ben je ergens ook teleurgesteld in jezelf?


‘Nee, want ik heb de sprong gemaakt. Ik heb zes weken in de veronderstelling geleefd dat ik zou gaan. Het moment dat ik tegen Matthijs moest zeggen dat ik wegging, was een van de ergste momenten die ik heb meegemaakt in mijn leven. Het was alsof ik het uitmaakte, alsof ik zei: we gaan scheiden. Ik stond er helemaal achter, maar het was verschrikkelijk.

Ik zou in maart naar BNN gaan. En begin december, ik weet het nog goed, leunt Matthijs zo’n beetje achterover en zegt: “Als De Wereld Draait Door nou eens een moederschip zou zijn; de basis van wat we doen. En dat we daar dan af en toe een satelliet omheen maken, een extra programma of iets anders.” Ik zei dat ik het een fantastisch idee vond. Toen was het even stil en zei hij: “Maar dat doe ik maar met één iemand, en dat is met jou.” Toen heb ik wel even gevloekt, ik dacht: nu begint het gelazer. Ik voelde me een soort koningin op een schaakbord; er werd aan twee kanten aan me getrokken en ik wilde naar beide kanten loyaal zijn. Ik was blij toen de kogel uiteindelijk door de kerk was.’

En zo werd Wynia hoofdredacteur van ‘moederschip’ DWDD. Had het haar aan het begin van haar carrière voorspeld en ze had het niet voor mogelijk gehouden. De baas worden, dat was niet haar drijfveer. En de televisiewereld? Dat was lange tijd ook geen uitgemaakte zaak. ‘Als kind was ik altijd jaloers op mijn broer Herre. Hij wist al van kleins af aan dat hij dat wilde worden: archeoloog. Mijn familie komt uit Friesland, en altijd als we daar waren, groef hij die terpen af en kwamen we met een zwikje rotzooi thuis. Hij was altijd botten aan het opgraven, had dingen op sterk water staan. Dat er ook een rode draad in mijn leven was, daar kwam ik later pas achter. Het was een zoektocht, een ‘bumpy road’, maar als ik achterom kijk, klopt het. Al vanaf de lagere school ben ik altijd de aanjager, de aanvoerder geweest. Als er een toneelstukje gedaan moest worden dan schreef ik het, zorgde ik voor het decor en dat iedereen bij elkaar kwam zodat het werd uitgevoerd.’

Voordat je bij DWDD terecht kwam werkte je bij Andermans Veren van de Avro. Daar werd je contract niet verlengd. Je eindredacteur Bert Johan van Goor zei dat je beter iets anders kon gaan doen.


‘Ja dat klopt. Hij vond dat ik de samenstelling niet goed deed. Ik heb het nooit begrepen. Bij De Wereld Draait Door knikkerde de eindredacteur me er ook uit omdat ik niet goed zou functioneren. Ik werkte er vanaf de start als samensteller, en even voor het einde van het eerste seizoen zei Ewart (van der Horst, red): “We stoppen ermee.” Ik zei: “Hoezo stoppen? Ik dacht het niet.” Ik had goede uitzendingen, ik begreep er helemaal niets van.

Ik mocht me nog bewijzen tot het einde van het seizoen en dat bracht een oerkracht in mij naar boven. Ik wilde met opgeheven hoofd door de voordeur naar buiten. Dus ik heb nog vijf goede shows gemaakt. Versteend, dat wel. Ik was als een blok ijs weet ik nog. Want het is zwaar om op die manier door te werken, dat heeft me veel kracht gekost. Maar ik heb het overleefd en ik brak kijkcijferrecords die week. Uiteindelijk mocht ik blijven maar het was me inmiddels om het even. Ik ben na de laatste uitzending als een zombie de deur uitgelopen.’

Waar ligt het aan dat twee eindredacteuren het niet zagen zitten met je?

‘Ik weet het niet. Maar vanaf de lagere school heb ik altijd gedonder gehad met mijn meerderen. Altijd. Ik weet nog dat mijn familie op een gegeven moment zei: Jezus mina, heb je nou weer ergens mot gemaakt? Ik wilde helemaal geen mot maken, maar ik kreeg het kennelijk de hele tijd. Ik vind het gewoon ingewikkeld om toe te kijken als er iets niet handig gaat. Daar zeg ik wat van. Moet je dit niet anders regelen, kan dat niet beter? Ik ben niet bang om die confrontatie aan te gaan. Misschien was dat voor de mensen met wie ik heb gewerkt wel heel irritant. Alsof je aan het karten bent, en je de hele tijd wordt ingehaald.’

Ze vonden je een bemoeial?


‘Misschien. Maar ik deed dat echt puur vanuit de inhoud. Ik zie in Hilversum ook mensen met blinde ambitie rondlopen die het doen omdat ze de baas willen zijn. Maar daar was ik helemaal niet mee bezig.

Toch viel er een last van mijn schouders toen Matthijs me in 2007 vroeg om eindredacteur te worden. Ik merkte na een paar weken dat ik weer kon ademhalen. Dat gevoel begreep ik niet meteen, want ik had er juist een last bij gekregen: een hele enge functie. Kende ik mezelf nou zo slecht? Vond ik het nou zo belangrijk om de baas te zijn? Maar dat was het niet. En toen bedacht ik me ineens: ik word niet meer afgeremd. Opeens kon ik alles zelf uitmaken zonder dat iemand me in de wielen reed, of ik zelf iemand in de wielen reed. Heerlijk.’

Welke stempel heb jij sindsdien op DWDD willen drukken?


‘We begonnen als een wat luchtiger programma. Dat zijn we nog steeds wel, maar ik denk dat het onder mijn invloed wat zwaarder is geworden. Ik wilde heel graag de wetenschap binnen brengen. Een wereld die voor mij als tv-maker behoorlijk gesloten was. Als samensteller probeerde ik een voet tussen de deur te krijgen via woordvoerders en nieuwsbrieven van universiteiten, maar dat lukte niet zo goed. Totdat ik in contact kwam met Robbert Dijkgraaf; mijn koevoet in de wetenschappelijke wereld. Er is een mooie samenwerking uit voortgekomen. Eind november geeft hij zijn vierde college.’

Je staat bekend als een pittige baas. Iemand die met de deuren slaat. Zit dat imago je dwars, of niet?


‘Als je opvalt, wordt er een karikatuur van je gemaakt – dat hoort er kennelijk bij. Ik weet dat mijn uitstraling vrij pittig is. Als eindredacteur van zo’n groot programma kun je bijna niet anders dan pittig zijn. Ik wil een goed programma maken, en ik verwacht van de mensen om me heen dat zij dat ook willen. Ik ben een duidelijke aanvoerder. Als het verslapt, draai ik een schroef aan, daar ben ik niet bang voor. Maar ik sla niet met deuren. We hebben nu een goede, verantwoordelijke redactie dus het is ook niet nodig. En we hebben veel plezier, want dat vind ik ook belangrijk. Juist op momenten dat we het heftig hebben, als er op het laatste moment nog een gast moet worden gevonden, en ik zie iedereen in een kramp schieten, kan ik een relativerende grap maken die de spanning eraf haalt.’

Maar stiekem ben je wel iemand die er bovenop zit.

‘Het schijnt dat de manier waarop ik hier door de gang loop al enige turbulentie geeft. Thuis heb ik mijn zonen – ik heb er twee – wel eens gevraagd of ze het vervelend vinden dat ik veel weg ben. Zei één van de twee: “Nee hoor. Want als je er bent, ben je er ook gelijk véél.” Ik heb veel energie en drift: het kan altijd beter, en dat is erg bepalend. Dat past ook goed bij een dagelijks programma.

Matthijs heeft die drift om het beste te willen maken ook. Ik houd de lat graag hoog; hij houdt hem minstens zo hoog. Daarom matchen we zo goed. Onze samenwerking is vrij uniek. Ik heb ooit gezegd dat ik niet de Ellen Blazer van Matthijs wilde zijn (Blazer was jarenlang de eindredacteur van Sonja Barend, red.) maar we zijn toch zo’n duo geworden.’

 

Dieuwke Wynia (17 maart 1969, Voorthuizen) is hoofdredacteur van De Wereld Draait Door en de bijbehorende spin-offs. Ze werkt vanaf de start van DWDD in 2005 bij het programma. Eerst als samensteller, daarna als eindredacteur. Wynia studeerde architectuur- geschiedenis aan de UvA en werkte daarna bij verschillende Avro-programma’s, waaronder de talkshow Karel en Andermans Veren. Tussendoor werkte ze voor internetbedrijf Lost Boys. Wynia woont in Amsterdam met haar man en twee zoons.

Nog geen reacties

Om te reageren moet je een Villamedia Account hebben en moet je eerst ingelogd zijn.