Hype? Nou en!
Waarschuwing vooraf van sportjournalist Gerard Bos van het Friesch Dagblad: ‘Was u al die berichten in de media over de Elfstedentocht en alles wat daarmee te maken had, ook zo zat? Vond u ook dat de media er een hype van maakten? Ja? Pas dan op: Ook deze column gaat over de Elfstedentocht. Ik meld het maar even. Opdat u zich niet nadien gaat opwinden. Ja, ik heb ze gezien en gehoord, de mensen die menen dat er veel te veel aandacht in de media, op straat, in de kroeg en zelfs in de politiek is besteed aan een schaatsevenement dat er uiteindelijk helemaal nooit kwam. Maar ik zeg: het was terecht. En het was leuk.’
Waarom mogen we blij zijn met al deze dagenlange, megagrote aandacht voor een (eventuele) Elfstedentocht, vraagt u?
Het was mooi, hoe de mensen reageerden op oproepen van rayonhoofden om mee te helpen met het sneeuwvrij maken van sommige delen van de Elfstedenroute. Schouder aan schouder, zij aan zij. Verbroedering.
Het was ook mooi hoe we op tv weer eens vol smart op een nieuwsuitzending wachtten, omdat er iets ‘leuks’ te berichten viel. En hoe we op de sportredactie filosofeerden over wat Wiebe Wieling zou gaan zeggen als De Tocht er zou komen. ‘It is wer tiid’, gokte de een. ‘De redens kinne ûnder’, dacht een ander.
Het was helemaal mooi om die collectieve verbondenheid te zien en bij veel mensen een humeur te bespeuren dat eens niet beïnvloed werd door gitzwarte perspectieven over eurocrisis, pensioentekorten of dood en verderf in Syrië.
Dat laatste is erg en dus veel belangrijker om in de media ruimschoots te belichten, hoorde ik een hoogleraar op Radio 1 zeggen. Klopt, toestanden zoals in Syrië moet je niet ineens maar even vergeten, alleen omdat er een Elfstedentocht op sjouw staat. Maar ik zeg: het een sluit het ander niet uit.
Want, ach: mag een heel land voor even meegaan in de gekte die elfstedenkoorts heet? Blijkbaar hadden we dat met z’n allen nodig, is mijn op psychologie van de kouwe grond gebaseerde conclusie.
En al die critici die het allemaal maar overdreven vonden? Wedden dat velen van hen wel naar Fryslân waren afgereisd? En dan wel voorop lopen bij het feest. Moraalridders.
Het was bijzonder: We leefden met z’n allen toe naar iets dat er helemaal nooit kwam, er was weer iets leuks dat het nieuws beheerste en de jongste generaties ontdekten iets dat ze niet kenden: Elfstedenkoorts.
Massaal stonden we op het ijs. Daar waar iedereen een anonieme schaatser is, waar ‘koek’ en ‘zopie’ de toverwoorden zijn en waar tegenstellingen als links of rechts, christen of atheïst, Cambuur of Heerenveen en homo of hetero als sneeuw voor de zon verdwijnen.
Noem mij maar naïef of een idealist, maar ik heb de afgelopen week genoten. We zijn een mooi volkje.


Praat mee