Afstudeerprijs Villamedia 2019

— vrijdag 24 januari 2014, 08:14 | 0 reacties, praat mee

‘Groots en meeslepend moet het zijn’

De hoofdredacteur van LINDA., Jildou van der Bijl, wil te vaak te veel en te snel. Maar daardoor werd het magazine wel voor de tweede keer uitgeroepen tot Tijdschrift van het Jaar. ‘Zo hoog mogelijk inzetten is mijn manier om ergens aan te beginnen. Als je niet groot durft te denken, dan word je het ook niet.’

Jildou van der Bijl (42) is een goed georganiseerd en gestructureerd mens. We treffen haar op maandagochtend in haar opgeruimde woning in het oude deel van Huizen. Alleen een klein houten speelgoedkeukentje verraadt dat hier normaal ook kinderen rondlopen. In de voorkamer staan alle edities van LINDA. in drie imposante stapels keurig opgestapeld tegen de muur, naast een halve bibliotheek aan boeken. Doorgaans maakt ze lijstjes met dingen die ze wil zeggen ter voorbereiding op een interview. In een zwart notitieblokje met belijnd papier, in regelmatig handschrift. Maar daar is het dit weekend niet van gekomen. ‘Dus ik vertrouw er maar op dat het goed komt.’

Waarom maak je die lijstjes?
‘Ik vind het niet raar dat je voorafgaand aan een interview even bedenkt waarom je ja hebt gezegd en wat je wilt vertellen. Want alleen maar voor de eer hoef ik het niet te doen. Bovendien maak ik altijd lijstjes. Als ik een interview heb, maar ook als ik een vergadering in ga. Ik heb lijsten met ideeën, lijsten met waar we aan moeten denken als we die ideeën ooit gaan uitvoeren, lijsten van dingen die ik graag met iemand wil bespreken, to-do lijsten. Om de focus helder te houden, en niets te vergeten. Laatst ruimde ik mijn werkkamer op, en vond ik ergens in een la een stuk of twintig van dit soort boekjes. Helemaal vol. Nou ja, op de laatste pagina’s na, want aan het eind heb ik zo’n zin om in een nieuw boekje te beginnen. Voor ik het in de la gooi, ga ik er nog een keer helemaal doorheen of ik nog iets moet transporteren naar mijn nieuwe boekje.’

Heb je die lijstjes nodig om je werk beheersbaar te maken?
‘Ja, de agenda loopt snel vol. Toen Clinton president was, werd zijn dag opgedeeld in kwartiertjes, las ik ooit ergens. Dan heb je dus een afspraak, schud je elkaar de hand, en moet je alweer naar de volgende. Mijn agenda is opgedeeld in uurtjes, dat vind ik soms heftig. Maar dan denk ik aan Clinton (harde lach) en dan valt mijn leven weer heel erg mee. Maar het is veel ja. We maken niet meer alleen een blad en we hebben nog zoveel plannen om nog groter en leuker te worden.’

Wat gaan we daar komend jaar van zien?
‘We hebben Jossine Modderman aangenomen als hoofdredacteur Digital, omdat we digitaal zo hard groeien dat we het niet meer met alleen een chef af kunnen. In september hebben we lindanieuws.nl gelanceerd, en binnen drie maanden hadden we al meer dan een miljoen bezoekers per maand. Daar moeten we nu de volgende stap in zetten. Jossine gaat dat verder uitbouwen, en onze digitale strategie verder ontwikkelen. We denken na over een wekelijkse app voor op de tablet; LINDA. weekly. Het is interessant om te kijken of we dat betaald kunnen maken. Ik vind dat we het aan onze stand verplicht zijn om daarmee te experimenteren.
Maar we maken ook meer print dan ooit tevoren: LINDA. meiden gaat van twee keer naar vier keer per jaar. En we gaan tien tot vijftien boeken uitgeven.’

Onder jullie eigen label.
‘Ja, LINDA.boeken, in samenwerking met uitgeverij Nijgh & Van Ditmar. Dat kan fictie zijn, non-fictie, content uit het blad; alles wat bij LINDA. past en waar we zelf behoefte aan hebben, omdat we denken dat onze lezer daar ook behoefte aan heeft. Eind februari verschijnt een bundeling columns van Sylvia Witteman, er komt een boek met de werktitel ‘Fifty, so what’, omdat Linda de Mol dit jaar 50 wordt. En wat ik persoonlijk heel leuk vind, is dat we een Nederlandse vertaling gaan uitgeven van de memoires van Katharine Graham, uitgever van de Washington Post ten tijde van het Watergate schandaal. Een van mijn lievelingsboeken, ik heb het een jaar of twaalf geleden gelezen. Daar hebben wij dan de rechten van gekocht bij zo’n hele chique uitgever in New York, dat is toch geweldig?
En ik denk dan meteen: zullen we anders ook een boekenclub beginnen? Of de mogelijkheid bieden om online recensies te schrijven van wat je leest?’

Collega’s bewonderen je om je inventiviteit, om de ideeënmachine die je bent. Maar zeggen ook dat je daarom ook te vaak te veel te snel wilt. Zit dat je wel eens in de weg?
‘Dat wéét ik ook van mezelf. Ik denk altijd meteen groots en meeslepend, het moet altijd onomkeerbaar zijn, de annalen ingaan. Zo hoog mogelijk inzetten is mijn manier om ergens aan te beginnen, dan kun je het later altijd nog terugbrengen naar normale proporties. Als we een nieuwe site beginnen, dan wil ik dat het meteen de grootste nieuwssite van Nederland wordt. Of dan in ieder geval de grootste vrouwennieuwssite van Nederland. Nou, dat zijn we dan nu. Als je niet groot durft te denken, dan wordt je het ook niet. Ik vind dat nodig om het verschil te kunnen maken. Dus het zit me niet in de weg nee.’

En je omgeving?
‘Ik zie altijd meteen wat iets kan worden, en hoe het moet; het hele plaatje. En dan vergeet ik wel eens om mensen daarin mee te nemen, dan sla ik wat stappen over. Daar ben ik me van bewust, en het wordt me ook wel verteld. Maar er zitten een hoop snelle denkers bij ons op de redactie, dus het is niet zo dat ik iedereen mee moet slepen. En we lijken in die zin allemaal op elkaar dat we het beste willen maken, en dat we ons daar niet voor schamen. Dus als we iets doen, moet het zo goed mogelijk. ’

Je bent niet zo van het polderen hè?
‘Nou ja, uiteindelijk gaat het er natuurlijk wel om wat je voor elkaar kunt krijgen, en als daar wat polderen bij nodig is vind ik dat niet erg. Maar met polderen beginnen? Nee. Ik ben snel verveeld en vind het daarom leuk als er iets gebeurt. Dan is het zaak om een beetje te provoceren. Het allemaal iets extremer te maken dan het is, dat roepen, en kijken hoe iedereen reageert. En uiteindelijk gaat het niet om de steen die je in de vijver gooit, maar om wat er daarna gebeurt. Dan komen de goede ideeën los.’

Heb je daar lol in, in dat poken?
‘Ja natuurlijk. Er mag toch ook gelachen worden?’ Misschien kan het ook een keer botsen. ‘Mag ook. Zonder wrijving geen glans is het motto van LINDA., en ook wel van mij.’

Zat dat er al vroeg in bij jou?
‘Ik was als puber niet de makkelijkste voor mijn ouders. Alles in het nette hoor, maar ik zocht wel de confrontatie op. En op mijn 17e wilde ik het huis uit, ik wilde wat beleven. We woonden in Tiel, daar heb je het gezegde “Tiel is niet viel”. Ik kan je zeggen: dat klopt. Ik heb op de kaart gekeken welke School voor Journalistiek het verst weg was, dat was Zwolle. Iets uitbrekerigs zat er toen al wel in.’

Ook de ambitie om naar de top te gaan?
‘Ik heb nooit de ambitie gehad om naar de top te gaan. Wel de drive om de dingen die ik bedenk voor elkaar te krijgen en de eigenschap om me overal mee te bemoeien. Die combinatie maakt het redelijk onontkoombaar dat je daar terecht komt. Maar het was nooit een vooropgezet plan, het liep gewoon zo.’

Snel ook. Je werd al op je 27ste hoofdredacteur van Nieuwe Revu.
‘Ik deed het al ad interim sinds Hans Verstraaten weg was en dat ging wel goed. Ik wist eigenlijk niet wat de functie precies inhield dus ik deed gewoon maar wat – soms is geen kennis ook fijn. Toen ik werd gevraagd om echt hoofdredacteur te worden, moest ik daar wel even over nadenken. Aan de ene kant dacht ik: wat kan mij nou gebeuren? Als het mis gaat ben ik 30 en kan ik nog steeds alles worden wat ik wil. Maar ik voelde me tegelijkertijd heel verantwoordelijk voor het blad, en al de mensen die eraan werkten. Dat vond ik een grote verantwoordelijkheid waar ik wel last van heb gehad.

Lag je daar wakker van?
‘Absoluut. Ik dacht: nu hebben ze mij gevraagd dus nou moet ík, en ik alleen, de oplagedaling keren. En dat lukte niet, natuurlijk niet. Ik raakte verlamd door het paniekvoetbal om me heen. Iedereen binnen het bedrijf gaf elkaar de schuld, al werd dat niet hardop gezegd. Niemand durfde nog eerlijk tegen elkaar te zijn. Nu denk ik: wat heftig. Bij LINDA. houden we elkaar heel scherp, en durven we eerlijk tegen elkaar te zijn. Je moet tegen elkaar kunnen zeggen: dit is wel goed en dit is niet goed. Ik denk dat ik zo’n sfeer als bij Nieuwe Revu nu zou kunnen doorbreken met mijn ervaring. Maar in die positie zat ik toen nog niet en ik had die kracht nog niet. Daar was ik te jong en te onervaren voor. Bovendien is het altijd makkelijk praten achteraf.’

Was die stap achteraf gezien misschien te vroeg?
‘Natuurlijk niet. Ik heb zoveel ervaring omdat ik jong ben begonnen. Ik heb er veel geleerd, en veel goede dingen gedaan. En het was ook een leuke tijd met mensen met wie ik nog steeds contact heb: Jossine Modderman, Bor Beekman, Robert Vuijsje. Ik zou dat niet hebben willen missen.’

Na vier jaar zei je de baan op om de wereld rond tezeilen.
‘Het was genoeg. Ik was dag en nacht aan het werk omdat ik dacht dat ik het allemaal in mijn eentje moest doen. Ik kreeg er veel energie van, maar het slokte nog meer energie op. Ik had een kind gekregen en toen dacht ik: dit is geloof ik niet het leven dat ik wil, dan wordt het nu tijd voor iets anders.’

Nu zit je in de tegenovergestelde situatie: alles lukt. Is dat niet stiekem ook een beetje een gouden kooi? ‘Nou ja, je hebt gelijk als je denkt: het volgende moet dus nog leuker zijn. Nou poeh, dat is best ingewikkeld. Maar als het elke dag zo’n feest is om naar je werk te gaan, waar je zo’n fijne club mensen bij elkaar hebt, waar hebben we het dan over? Ik geniet er maar gewoon van.’

Je zegt dat je iemand bent die snel verveeld is, dan denk je vast na over je volgende stap.
‘Ik ben in die zin niet met mijn carrière bezig dat ik denk: over tien jaar wil ik dit of dat zijn. Ik doe nú wat ik leuk vind. Het succes dat we met LINDA. hebben is verslavend, en het is spannend om te kijken of we dat vast kunnen houden. Zolang ik steeds weer nieuwe dingen kan doen, zit ik daar op mijn plek. Pas als ik het gevoel heb dat het opdroogt, moet er iemand anders komen.’

Bekijk meer van

De Dag

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.