foj 2019

— vrijdag 28 december 2018, 11:13 | 0 reacties, praat mee

Frits van Exter over Der Spiegel en het einde van de sterverslaggever

© Truus van Gog

Het schandaal bij Der Spiegel roept de vraag op of je op een redactie gezond wantrouwen kunt organiseren.

Het colofon van het Duitse weekblad Der Spiegel weerspiegelt de macht van het instituut. Het is een indrukwekkend leger van journalisten. In drie kolommen staan hun namen in het kleinste lettertype geordend in de bekende divisies binnenland, economie, buitenland, cultuur, sport, enz. Er zijn verschillende bureaus in Duitsland en het netwerk van correspondenten strekt zich uit van Bangalore tot Washington.

Maar verreweg de grootste afdeling is ‘Dokumentation’: ik tel 62 (tweeënzestig) namen. Zij vormen de grootste journalistieke waarheidsmachine ter wereld. Zij deden al aan factchecken lang voordat de term in de journalistieke mode raakte.

Zij beproeven elk woord en elk getal voor publicatie. Als de verslaggever schrijft over een dorp in Nergensland met vier kroegen en één kerk, achterhalen zij dat een van de vier kroegen inmiddels gesloten is omdat de uitbater de pacht niet meer kon betalen.

Op ‘Dok’, zoals de afdeling op de redactie wordt genoemd, werken artsen, biologen, economen, krijgskundigen, historici en nog veel meer specialisten, al twintig jaar onder leiding van Dr. Hauke Jansen, een geziene spreker op conferenties over de strijd tegen nepnieuws. Volgens het weekblad is zijn motto: ‘We geloven in beginsel niets.’

In de week voor kerst bleek dat deze kostbare feitenmachine heeft gefaald. Van de vijftig artikelen die redacteur Claas Relotius (33) heeft geschreven zijn vele ‘geheel of gedeeltelijk verzonnen, vervalst, verdraaid’. Aard en omvang van het schandaal moeten nog nader worden vastgesteld – Relotius werkte ook als freelancer voor andere, gerenommeerde media.

De eerste voorbeelden zijn veelzeggend: de onschuldige gevangene in Guantanomo Bay; de broers (12 en 13 jaar) die in Irak ingelijfd werden door terroristen; de fanatieke Trump-aanhangers, die buiten hun dorp een bord hebben opgehangen waarop staat dat Mexicanen niet welkom zijn; de weeskinderen uit Aleppo, die in Turkije als slaven moeten leven; de laatste abortusarts in Mississippi; de Amerikaanse burgermilities, die op immigranten schieten. De verslaggever heeft ze niet ontmoet, maar ze bij elkaar geknipt en geplakt of zelfs compleet verzonnen.

Dit voorjaar verscheen van zijn hand de reportage ‘De laatste getuige’. Hoofdpersoon is een Amerikaanse vrouw die voorstander is van de doodstraf. Zij beschouwt het als haar plicht om, zoals de wet voorschrijft, een van de vrijwillige burgergetuigen te zijn van de voltrekking. Zo doorkruist zij het land van executie naar executie.

Zij wil anoniem blijven, Relotius geeft haar een naam. Hij beschrijft haar reis per bus van Missouri naar Texas met oog voor detail, alsof hij naast haar heeft gezeten: ‘Ze draagt een blouse en een halsketting met een kruis, ze bladert door haar Bijbel. Ze heeft er zo vaak in gelezen dat het omslag vergeeld is en de pagina’s omgekruld zijn.’ En volgens de verslaggever slaat zij precies de pagina op waarop geschreven staat dat de doodstraf alleszins gerechtvaardigd is. ‘En als iemand enige ziel des mensen zal verslagen hebben, hij zal zekerlijk gedood worden.’

Mooi, veel te mooi. Relotius heeft volgens Der Spiegel het artikel compleet, vijf pagina’s lang, verzonnen. Achteraf kun je voldoende redenen zien zijn kopij te wantrouwen – dat gebeurde ook al eerder maar aanvankelijk zonder gevolgen. Relotius schreef te mooi om waar te zijn, maar zolang de lezer geen twijfel koesterde, wilde hij hem geloven.

Duitse commentatoren menen dat het schandaal de gehele journalistiek raakt. In de woorden van Holger Stark van Die Zeit is zij nog steeds tezeer bevangen door de ‘kunstvorm van de smetteloze, te zwaar geparfumeerde reportage, die de lezeressen en lezers voorspiegelt dat de gehele wereld te begrijpen en uit te leggen is aan de hand van het lot van een enkele persoon’, waarbij de journalist zich voordoet als ‘alwetende, gezaghebbende verteller, die erbij is wanneer het knalt en rookt’. De verslaggever is de dramaturg geworden van een voorstelling die, in tegenstelling tot de werkelijkheid, perfect overzichtelijk is.

Relotius zelf heeft volgens Der Spiegel gezegd dat met het succes in zijn werk de druk om niet te falen toenam; hij moest scoren. Maar het is ook mogelijk dat hij zo succesvol was dankzij zijn slimme verzinsels. Zijn collega’s noemen hem overigens een bescheiden, beleefde, collegiale en wat stille man.

Hij doet denken aan Jayson Blair van de New York Times (2003) en Perdiep Ramesar van Trouw (2014). Jonge journalisten die, in de drang zich te onderscheiden, verstrikt raakten in hun bedrog. Ondanks groeiende twijfels en zelfs openlijke beschuldigingen, konden zij te lang doorgaan.

In tijden van nepnieuws kan de zaak-Relotius ernstiger gevolgen hebben. Hij was immers een internationaal gelauwerde ster, het beste wat de journalistiek te bieden heeft, werkzaam bij een machtige en pretentieuze waakhond van de democratie. Zijn ontmaskering voedt de verdenking dat media feiten naar hun hand zetten uit zakelijk of politiek gewin.

Tegelijkertijd is Claas Relotius ook een relict uit de tijd van de razende reporter die over de wereld reist en steevast terugkeert met de mooiste verhalen en de hoogste declaraties. Vraag niet hoe hij het doet, maar hij flikt het telkens weer. Op de meeste redacties bestaan zij al lang niet meer. Jammer voor de romantiek, maar beter voor het vak.

Nader onderzoek moet uitwijzen wat er precies misging bij Der Spiegel en zijn schare factcheckers. De eerste indruk is dat ‘het systeem’ ingericht is op het herstellen van fouten, maar niet op het herkennen van bedrog. Dat roept de vraag op of een redactie wel kan werken op basis van wantrouwen, omwille van het vertrouwen van het publiek.

Juan Moreno, de freelance journalist die Claas Relotius heeft ontmaskerd, schrijft aan het einde van zijn relaas in Der Spiegel: ‘Kunnen we hier wat van leren? Ja, journalisten zijn mensen. Mensen liegen.’

Tips

Hoe organiseer je meer gezond wantrouwen op de redactie?

  • Maak van interne factchecks een voor iedereen vanzelfsprekende en dus niet bedreigende routine. Vraag van verslaggevers om alle bijdragen te voorzien van een lijst met bronnen en hun contactgegevens. Houd periodieke steekproeven.
  • Laat verslaggevers niet te veel solo gaan. Samenwerken met collega’s is de beste preventie. Uiteindelijk is het bedrog van Relotius aan het licht gekomen door Juan Moreno, die met hem aan een artikel werkte.
  • Neem twijfels meteen serieus in belang van alle partijen. Denk ook aan de mogelijkheid van een vertrouwenspersoon bij wie redacteuren terecht kunnen.
  • Maak je vooral zorgen om feiten die niet te controleren zijn. Dan moet ook ‘het gevoel’ een rol spelen. Ik herhaal graag het cliché: Als het te mooi lijkt om waar te zijn, dan is het dat ook vaak.

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.