Afstudeerprijs Villamedia 2019

— vrijdag 6 juni 2014, 13:52 | 0 reacties, praat mee

‘Cameramensen zoeken altijd naar mannen in donkere pakken’

© Werry Crone

Lilian Janse werd het eerste vrouwelijke gemeenteraadslid voor de SGP. Vanaf het moment dat ze zich kandidaat stelde, stond de telefoon roodgloeiend. Alle journalisten waren even voorkomend en drongen zich niet op. Maar ze stelden wel allemaal dezelfde vragen. En steevast zat daar die ene vraag tussen: heeft Kees van der Staaij al gebeld?

Op zoek naar het juiste huisnummer komt Lilian Janse net aanfietsen. Het is een zonnige dag in Vlissingen. Janse heeft een tasje aan haar stuur. ‘Ik heb een zwak voor mensen die van ver komen, daarom heb ik Zeeuwse bolussen gekocht. Voor bij de koffie.’

Wie Lilian Janse voor het eerst ontmoet, weet na vijf minuten dat deze vrouw geen mediatraining nodig heeft. Ze is voor honderd procent zichzelf. Dat was ze voordat ze zich namens de SGP kandideerde voor de Vlissingse gemeenteraad en dat bleef ze nadat ze door half journalistiek Nederland was geïnterviewd.

Dat er media-aandacht zou komen, had ze wel verwacht. Maar dat het zo hectisch zou worden, kwam voor Janse toch een beetje als een verrassing. ‘Ik maakte mijn kandidatuur bekend in het EO-programma De Vijfde Dag. Verslaggever Ferdinand Koppejan had gezegd dat er op de dag van de uitzending een persbericht zou worden verstuurd. Dat zal misschien worden opgepikt door Omroep Zeeland, dacht ik nog in al mijn naïviteit. Maar toen zag ik nog vóór de uitzending mijn naam op pagina 101 van Teletekst staan. Ik heb nog net mijn boterham kunnen opeten, daarna heeft de telefoon niet meer stilgestaan.’

De Vijfde Dag had dus de primeur, het programma kondigde aan een exclusief interview met de kersverse SGP-kandidate te hebben. Waren daar afspraken over gemaakt? Janse: ‘Nee,  ik heb daar niet over gesproken. Ik ken Ferdinand Koppejan nog van de middelbare school, hij komt ook uit Vlissingen. Hij lag in de zomer op het strand toevallig naast zijn vader, die van iemand anders hoorde dat ik mij misschien kandidaat zou stellen voor de gemeenteraad. Ferdinand had zijn ogen dicht, maar spitste zijn oren, haha. Ik heb goed contact met hem, het is een mooie reportage geworden. Of een andere omroep ook deze primeur gehad zou kunnen hebben? Nee, ik denk het niet. Ik heb voor deze reportage toestemming gevraagd aan het plaatselijke bestuur en dan geeft het toch vertrouwen dat het de EO is. De Vara zouden ze vast niet goed hebben gevonden en de VPRO al helemáál niet.’

Dezelfde vragen
Janse was landelijk nieuws geworden en dat bleef ze tot en met de gemeenteraadsverkiezingen. ‘Ik heb besloten om alle journalisten vriendelijk te woord te staan, ook omdat ik daar zelf belang bij had. Via de media kon ik duidelijk maken waar ik voor sta en gratis reclame maken voor de partij. Mediatraining of andere begeleiding van het landelijk bestuur heb ik nooit gehad, voor hen kwam het ook als een verrassing dat een vrouw zich kandidaat had gesteld. Ik sprak later nog wel een keer Menno de Bruyne, de voorlichter van de SGP-fractie in de Tweede Kamer. ‘Het valt mee’, zei hij over mijn optredens in de media.’

Ze besloot zoveel mogelijk zichzelf te blijven, maar af en toe voelde ze zich een vreemde eend in de bijt. Zoals die ene avond bij Knevel & Van den Brink. Talloze malen had ze ‘nee’ gezegd tegen de redacteur van het programma, zelfs toen deze gekscherend aanbood dat EO-collega Koppejan de volgende dag de twee krantenwijken zou overnemen die Janse iedere ochtend loopt.

Na lang aandringen ging Janse toch overstag. ‘Ik voelde me daar echt een Zeeuws meisje tussen al die Hilversumse druktemakers, ondanks het feit dat ik mijn verhaal er prima kon vertellen. Maar wat een opgewonden gedoe zeg, ze stralen allemaal uit: wij doen iets belangrijks. Ik was blij dat ik weer naar huis kon.’

Wat Janse opviel aan de interviews die ze gaf, was dat journalisten zich zonder uitzondering netjes gedroegen. Niemand stond bijvoorbeeld onaangekondigd bij haar op de stoep. Wat haar ook opviel, was dat veel journalisten dezelfde vragen stelden. ‘Ze vroegen allemaal of Kees van der Staaij al had gebeld. Ook vroegen ze of er nu een scheuring in de partij zou komen. Het was allemaal zo negatief. Ik dacht wel eens: wees nu eens een keer een beetje blij met z’n allen. Dat ik de eerste vrouw ben die voor de SGP een openbaar ambt gaat bekleden, zou je ook als positief kunnen zien. Ik heb steeds netjes antwoord gegeven, maar had me wel voorgenomen om niets negatiefs over de partij of de partijleiding te zeggen, ik voelde er niets voor om extra olie op het vuur te gooien.’

Het was zwart of wit. Janse werd als een heldin neergezet of als degene die de SGP definitief zou verscheuren. Terwijl Janse er zelf van overtuigd is dat de waarheid ergens in het midden ligt. ‘Op een ochtend was hier een mevrouw van het AD urenlang op bezoek. Toen ik het verhaal voor publicatie te lezen kreeg, herkende ik me niet in het beeld dat ze van me had neergezet. Als je het artikel las, dan kreeg je de indruk dat ik vijfentwintig jaar lang met smart het moment heb afgewacht dat ik de politiek in kon. Zo van: die vrouw staat jarenlang te trappelen, maar is altijd tegengehouden door de mannen. Terwijl dat dus helemaal niet zo was. Op wat feitelijke aanpassingen na heeft ze niets met mijn suggesties gedaan. Nee, de volgende keer zal ik het AD niet weigeren, maar ik zal wel terughoudender zijn.’

Het stoort Janse dat journalisten uit de Randstad niet zelden een vooringenomen beeld hebben van de SGP. ‘Ik kom op dezelfde partijbijeenkomsten als tv-ploegen. Je ziet daar genoeg mensen in spijkerbroek lopen, maar de cameramensen zoeken altijd naar de mannen in donkere pakken. Als je wilt, kun je altijd wel een SGP’er in donker pak en met een hoed op vinden. Zo ontstaat er een karikatuur van de partij, alsof alle SGP’ers tegen vrouwen in de partij zijn, terwijl ik zeker weet dat 70 procent daar juist hartstikke voor is.’

Bijbel lezen
Positieve ervaringen had Janse met journalisten die zich uitgebreid hadden verdiept in hun onderwerp. Het al eerder genoemde interview met De Vijfde Dag is daar een voorbeeld van. Ook over de Nieuwsuur-reportage van Tonko Dop is Janse erg te spreken. ‘Een leuke man, hij is hier de hele dag geweest. Hij had zich duidelijk verdiept en stelde vragen die op zichzelf voor de hand liggen, maar die me nog niet eerder waren gesteld, zoals: wat drijft je vanuit de Bijbel? Ook vroeg hij mij een stukje uit de Bijbel voor te lezen. Ja, dat was echt een mooie reportage.’

Ook is Janse te spreken over de goede artikelen in NRC Handelsblad, een krant die ze zelf bezorgt en die ze regelmatig leest. Over de PZC, de krant waarop ze is geabonneerd, is ze wat minder enthousiast. ‘Sinds de PZC onder Wegener valt, is de kwaliteit achteruit gegaan. Als ik de krant lees, heb ik niet het gevoel dat de redacteuren uit Zeeland komen en weten wat in deze provincie leeft.’

Voor Janse staan de Nieuwsuur-reportages en de stukken in Trouw in schril contrast met het interview dat ze aan 3FM-dj Giel Beelen gaf. ‘Die vroeg me of het echt zo is dat Jezus homo was en dat soort dingen. Ach, ik moest er wel om lachen, al moet ik zeggen dat ik nog nooit van die hele Beelen had gehoord. Gelukkig heeft mijn dochter van tevoren even uitgelegd wie hij is.’

DE GLITTERGYMPEN VAN RUTGER
Op het moment dat ze zich kandidaat stelde voor de gemeenteraad in Vlissingen, nam Lilian Janse zich voor iedereen te woord te staan, óók Rutger Castricum van PowNews. ‘Eigenlijk kun je dat geen journalistiek noemen, ik moest er erg om lachen. Die Rutger had nogal opvallende gympen aan, met glitters. Ik maakte daar grapjes over terwijl de camera draaide, zei dat mijn dochter die schoenen ook wel leuk zou vinden, maar die grapjes halen natuurlijk niet de eindmontage. Ze zenden immers alleen hun eigen grapjes uit. We hebben ongeveer twintig minuten opgenomen, waarvan ze misschien één minuut hebben uitgezonden. Het gekke is: toen ik kennismaakte met Rutger, bleek het een heel vriendelijke man te zijn. Maar zodra de camera gaat lopen, zie je hem veranderen, dan speelt hij de rol van irritante vragensteller. Hij intrigeert me wel. Nee, ik heb geen moment overwogen om geen interview aan PowNews te geven, wat dat zijn van die types die dan opeens bij je op de stoep staan. ­Bovendien ben ik geen type dat zich snel op de kast laat jagen. Ik lach het weg, net als Mark Rutte.’

Bekijk meer van

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.