word studentlid

— vrijdag 7 oktober 2016, 10:10 | 1 reactie, praat mee

Károly Effenberger, altijd onderweg naar de beste foto

Stijlvast en dicht bij zichzelf. Zo hoort een foto van Károly Effenberger te zijn. Nieuws is minder leidend dan emotie. Zijn aanpak is niet onopgemerkt gebleven. De Hongaars-Nederlandse fotograaf is een van de exposanten van het festival Breda Photo. Laatste wijziging: 6 september 2023, 14:04

Muziek was zijn eerste en grootste liefde, en dat zal altijd zo blijven. Film volgt. Dan pas komt de fotografie. De fotograaf had de drang om een excellente zanger te willen worden. Maar de vooropleiding van het conservatorium voorspelde middelmatigheid. Bij toeval, door een ontmoeting in een theehuis, maakte hij kennis met het medium fotografie. Effenberger werd op slag verliefd. ‘En dan ga ik er vol voor’, zegt hij met zachte stem in een keurig ogend, met donker hout ingericht grand-café aan de Middenweg in Amsterdam. Het is een buurt waar hij eens woonde, een van de vele plaatsen. Hij woont sinds kort in Brecht, een kalm Belgisch dorp langs de Nederlandse grens. Van daaruit bedient hij zijn veelal Belgische opdrachtgevers, waaronder De Tijd en De Morgen.

Effenberger leunt ontspannen tegen de kunstleren bekleding van de bank. Hij neemt de interviewer nauwgezet op, maar kijkt ook snel langs hem heen, de zaak in. Achterin worden stoelen verschoven. ‘Ik vertel je straks wel wie daar zijn gaan zitten’, zegt hij op fluistertoon.

Effenberger is een zwerver. Dat had hij al door de telefoon gezegd en hij beaamt het, als hem wordt gevraagd waar hij vandaan komt. Met een Hongaarse vader en een Nederlandse moeder verplaatst hij zich in meerdere werelden. Geboren in Nederland, vaak verhuisd, voornamelijk werkend in België en eens in de twee weken reizend naar Hamburg, waar zijn ex-geliefde en dochter wonen. Hier en nergens, hij kan overal zijn. Hij strijkt neer waar hij kan werken. Over zijn afkomst wil hij niet veel kwijt, ‘het spijt me, als het mysterieus klinkt’, verontschuldigt hij zich. ‘Sommige dingen wil ik voor mezelf houden.’

Hij voelt zich overal thuis en ook weer nergens. ‘Je mag weten’, zegt hij, ‘dat ik deze stad, Amsterdam, min of meer ontvlucht ben. Je zou kunnen zeggen: en Nederland.’ Het is een mentaliteit, misschien een manier van denken, die hem niet past, probeert hij uit te leggen. ‘Alles moet praktisch zijn, goed geregeld, er is weinig ruimte voor verbeelding, laat staan voor mysterie.’ In het stille Brecht vond hij een bepaalde sfeer. ‘Sober, een beetje melancholiek.’ Over het dorp maakte hij een liefdevolle documentaire, een serie foto’s die een beroep doet op de verbeelding. Brecht zal een tussenhaven zijn, weet hij, nergens is zijn thuis.

Gevoel is voor Effenberger eerder een leidraad in zijn fotografie dan een journalistieke gegeven. Het nieuws volgt hij nauwelijks, maar als er iets gebeurt wat hem echt raakt, dan is hij vertrokken. De moord op Theo van Gogh of de aanslagen in Parijs. ‘Ik ben erheen gegaan, alleen, niemand ingelicht. Het moest. Ik moest. Emotie dreef me naar die stad.’ Zo’n impulsief eerste bezoek kan een vervolg krijgen in een tweede of derde bezoek, of een documentaire waaraan hij weken werkt. Zo meldde hij zich na de moord op Van Gogh bij een moskee. Daar waren de jongeren die hij niet begreep omdat hij ze niet kende. Hij ging praten, en fotograferen. Het was een parallelle wereld pal naast de zijne. ‘Achteraf vraag ik me af hoe ik die gesloten gemeenschap kon binnengaan en er als fotograaf werd geaccepteerd.’

Het is allemaal psychologie, zegt hij. Fotografie is: openheid van geest hebben. Verrast willen worden. Wie zijn die onbekenden voor je camera? Je hebt vreselijke BN’ers, ijdeltuiten van de bovenste plank, en toch monden de meeste ontmoetingen uit in prettige samenkomsten. Zeker als de fotograaf nog een keer langs mag komen. Voorwaarde is ook: alle managers, voorlichters en ander menselijke ruis moeten weg. ‘Ik en de ander’, zegt hij. ‘Soms heb ik een paar uur de tijd, maar vaker een paar minuten. Het is een kortstondige, oppervlakkige ontmoeting. En toch moet het beeld een zekere intimiteit uitstralen. Het liefst met een onverwachte, korte emotie die je bij de lurven pakt.’

Effenberger pauzeert kort, nipt aan zijn Spawater en kijkt in een oogwenk langs me heen. In een hoek voeren bedeesde stemmen een gesprek. ‘Straks,’ zegt hij. ‘Nu nog niet. Ik vertel het je.’

Hij pakt zelf de draad van het interview op. Bij de intimiteit, de inhoud, hoort een stijl. Concessie vindt hij een vreselijke woord, zegt hij. Zijn stijl is vast, simpel en sober. Ja, het zijn nogal zware portretten. Niet alle opdrachtgevers zitten erop te wachten, maar hij blijft ze maken. ‘Die beelden zijn van mij. Kwetsbare mensen die je kwetsbaar aankijken.’ Zeker in het begin, toen hij stage liep bij Het Parool, ondervond hij ook weerstand. Ik vind het mooi, dus iedereen vindt het mooi, zo naïef was hij. ‘Ik kwam van een koude kermis thuis. Het wordt gewaardeerd wat ik maak of ze vinden het afschuwelijk. Mijn foto’s roepen iets op. De kijker wordt geconfronteerd met een onverwacht beeld, iets wat ze niet willen zien.’

Stijlvast is hij gebleven, dichtbij zichzelf. Iedere foto is een onderzoek naar de ander. Hoe zit die in elkaar? De foto zegt ook iets over hemzelf, natuurlijk. Het zijn niet de getoonde emoties, ‘want die zijn universeel’, maar wel de manier van werken, de benadering. Echte mensen wil hij laten zien. Geen glimlachende robotten.

Dat laatste brengt hem naar een punt, waarover hij in het telefoongesprek al was begonnen. Hij wil het graag kwijt, omdat het hem gruwelijk ergert. De fotograaf schuift over het skaileer naar voren. Dan steekt hij van wal: ‘Het ambacht verdwijnt. Een fotograaf die in alle rust naar iemand kijkt. Zonder lawaai, zonder filters.’ Portretfotografie is volgens hem slachtoffer geworden van wat hij noemt ‘het verdienmodel’. Voorheen goede bladen zijn nu gevuld met louter glimlachende mensen. Dan ziet hij twintig mensen, allemaal oppervlakkig geportretteerd. ‘Als geoefend kijker word ik zelden nog verrast. Het krachtige portret is bezig te verdwijnen.’

Het is pure angst die regeert, meent hij. Of een gebrek aan durf, het is maar hoe je het bekijkt. Effenberger is nog niet klaar: ‘Dalende omzetten, weglopende adverteerders en lezers. Het moet vooral gezellig zijn. Met lifestyle en glimlachende mensen denken directies lezers aan zich te binden. Dat soort fotografie is gebakken lucht.’ Het is niet nodig, denkt hij, het is zelfs een onderschatting van de lezer. Die kan zich ook ontspannen door het kijken naar een raak portret van een kwetsbaar iemand. Of naar een fotodocumentaire over een universeel thema als eenzaamheid, waaraan de fotograaf al langere tijd werkt. ‘Directe emotionaliteit’, noemt hij het. ‘Een gevoel moet zichtbaar zijn.’

Zijn betoog eindigt in een liefdesverklaring. Dat hij foto­grafie een ‘mindere en bijna overschatte kunstvorm’ noemt, doet niets af aan de liefde die hij voor het medium voelt. ‘De kennismaking met het fotografische beeld was zo heftig, het riep een verplichting op. Ik moest ermee aan de slag. Alles vind ik te gek: het zelfstandig werken, contact maken, het maken van het beeld, de afwerking, maar ook de magie van het opkomende beeld. Dat alles tezamen. Het proces van het maken is natuurlijk het meest gruwelijk. In zo korte tijd, gaat het lukken? Maar mijn stiefvader zei me al: “Het maakt niet uit hoe je het maakt, áls je het maar maakt”. Het onderweg zijn, niet weten waar je uitkomt, dat is voor mij fotografie. Als het lukt geeft dat een enorme voldoening.’

In het café neemt het geroezemoes toe, tafeltjes raken bezet. De avond begint, het is etenstijd. Het interview gaat over in een gesprek. Nog een laatste vraag. Waar gaat hij heen, blijft hij dit werk doen? Effenberger leidt het antwoord zorgvuldig in: ‘Ik werk graag in de luwte. Ik mis de ijdelheid om overal betrokken bij te zijn. Praatgroepjes, clubs of prijzen, zoals de Zilveren Camera? Ik doe er niet meer aan mee.’ Hij verkeert graag onder musici en schrijvers vanwege de rijkheid aan onderwerpen. Met musici wil ik een project beginnen, nieuwe beeldvormen zoeken. Laat mij maar in stilte werken. Misschien trek ik me langzaam terug, om geruisloos ergens anders terecht te komen, al weet ik niet waar.’

Na ruim twee uur praten strekt de fotograaf zijn rug. Het was hem een genoegen, maar het is tijd om te gaan. Voor de zekerheid kijkt hij nog eens langs me heen. ‘Ik kan het nu vertellen. Wat ik achter je zag’, zegt hij ontspannen. ‘Rondom een tafel middenin de zaak zaten mannen van vermoedelijk Oost-Europese afkomst. Ze waren mooi fout gekleed en spraken op zachte toon. Aan tafeltjes eromheen zaten stevige mannen, lijfwachten. Het leek op het beklinken van een drugsdeal. Ik zag de onderwereld. Maar misschien was het ver­beelding.’

Effenberger op BredaPhoto
Károly Effenberger is een van ruim zeventig fotografen uit binnen- en buitenland die dit jaar uitgenodigd zijn om werk te leveren voor het tweejaarlijkse festival Breda­Photo International. Verspreid over de stad zijn t/m 30 oktober meer dan 25 exposities te zien. De zevende editie van Breda­Photo toont de stand van zaken in de fotografie aan de hand van een ‘internationaal relevant maatschappelijk’ thema. Dit jaar is dat ‘You. De vindingrijkheid van de zelfredzame mens’. Behalve exposities zijn er tal van activiteiten. Zie het volledige programma.

Tip de redactie

Logo Publeaks Wil je Villamedia tippen, maar is dat te gevoelig voor een gewone mail? Villamedia is aangesloten bij Publeaks, het platform waarmee je veilig en volledig anoniem materiaal met de redactie kunt delen: publeaks.nl/villamedia

Praat mee

1 reactie

Hans Knikman, 10 oktober 2016, 16:53

Interessant! De foto’s in Breda zeker gaan zien, ze zijn prachtig.

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Uitgever

Dolf Rogmans

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Factuurgegevens

Villamedia Uitgeverij BV
Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Chris Helt, hoofdredacteur

Marjolein Slats, adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab, redacteur

Lars Pasveer, redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven, redacteur

Rutger de Quay, redacteur

Sales

Sofia van Wijk

Emiel Smit

Teddy van der Laan

Webbeheer

Marc Willemsen

Vacatures & advertenties

vacatures@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.