: 70 man was/waren
'Op de afscheidsreceptie waren maar liefst zeventig man aanwezig.' Op het eerste gezicht lijkt het misschien onlogisch, het enkelvoudige 'man' in combinatie met het meervoudige 'waren', maar het is de juiste vorm. Het woord 'man' kan de betekenis 'mensen' hebben, en dat is hier bedoeld. Bij een onderwerp dat uit een meervoudig telwoord en het woord 'man' bestaat, staat de persoonsvorm in het meervoud. 'Man' heeft hier dus een meervoudige betekenis. Dat lijkt vreemd, maar in oudere fasen van het Nederlands kwam het regelmatig voor dat een woord in het meervoud dezelfde vorm had als in het enkelvoud. Bijvoorbeeld: 'één ding - twee ding', 'één been - twee been', 'één voet - twee voet'. Die uitgangsloze meervouden verdwenen langzaam maar zeker, ten gunste van de meervouden op '-en' die we nu gebruiken ('dingen', 'voeten', 'benen', 'mannen'). Maar in enkele vaste verbindingen bleef de korte vorm bewaard; dat geldt bijvoorbeeld voor de uitdrukkingen 'op de been helpen' en 'onder de voet lopen', en ook voor de constructie 'zeventig man'. Bron: Taalpost.nl


Praat mee
Reageren is niet mogelijk op dit bericht.