Comité ter Bescherming van Journalisten: ‘Turkije achter dodelijke aanval op Koerdische journalisten’
Bij een aanval in het noorden van Syrië zijn twee Koerdische journalisten gedood, toen hun wagen werd beschoten. Het Comité ter Bescherming van Journalisten (CPJ) stelt dat de aanval vermoedelijk door Turkije is uitgevoerd. De auto van Cîhan Bîlgîn en Nazım Daştan zou volgens werkgever persbureau ANHA herkenbaar als persvoertuig zijn geweest.
Turkije is al langer militair actief in het land, waar het dictatoriale regime van Assad eerder deze maand door samen optrekkende oppositielegers werd beëindigd.
Daştan was een freelance journalist voor diverse titels, onder meer ANHA; Bîlgîn was al acht jaar oorlogscorrespondent voor ANHA. Directeur Akram Barakat van het Koerdische persbureau zegt dat Turkije achter de aanval zit en doorlopend internationale wetgeving negeert rondom het beschermen van journalisten. De twee hadden verslag gedaan van gevechten rondom de stad Tishreen, toen hun voertuig werd beschoten.
Bîlgîn en DaştanDashtan kwamen direct om; chauffeur Aziz Haj Bozan raakte gewond. De lichamen moeten nog worden gerepatrieerd, meldt ANHA. De Turks-Nederlandse krant De Kanttekening meldt dat het Turkse ministerie van Defensie niets heeft gemeld over een aanval op journalisten, enkel dat strijders van de PKK zijn ‘geneutraliseerd’.
Barakat hekelt tegenover CPJ de stilte over dit soort gerichte aanvallen op journalisten door de internationale gemeenschap. “Die stilte heeft de gevaren voor journalisten in de regio alleen maar vergroot”, zegt hij. Meer bij CPJ


Praat mee