— donderdag 25 juni 2015, 12:02 | 0 reacties, praat mee

Hille van der Kaa over Robots & Regio

© Maaike Putman

De stoelendans bij de hoofdredacties van de voormalige Wegener-kranten heeft ook BN DeStem bereikt. Vanaf eind juli zwaait carrièretijger Hille van der Kaa er de scepter. Kom bij Van der Kaa niet aan met neerbuigendheid tegen de regionale journalistiek. ‘Dat is de puurste vorm van ons vak.

Een interviewafspraak maken met Hille van der Kaa is zo simpel nog niet. De pas 36-jarige brunette, die eind juli aan de slag gaat als hoofdredacteur van BN DeStem, vloog het afgelopen jaar de wereld over om ‘overal en nergens’ les te geven in datajournalistiek. Een paar weken voorafgaand aan het interview met Villamedia deelt ze haar evangelie nog in Litouwen. En daarvoor toog ze onder andere naar Singapore, de Verenigde Staten en Colombia. Stilstaan is sowieso niets voor Van der Kaa. De afgelopen jaren was ze docent datajournalistiek aan de Universiteit van Tilburg, schreef ze een boek over hetzelfde onderwerp, runde ze het lectoraat Media bij Fontys Hogescholen, deed ze onderzoek naar de invloed van technologie op de journalistiek én was ze aan het promoveren. Dat ruilt ze nu (bijna) allemaal in voor haar nieuwe baan.

Hé lekker, eindelijk rust!
‘Nou, ik heb niet de illusie dat het hoofdredacteurschap een rustig baantje is. Maar ik vind het eerlijk gezegd wel lekker dat ik straks één uitvalsbasis heb. Met dat rondreizen van land naar land om les te geven heb ik het inmiddels wel een beetje gehad. Aan de ene kant is het waanzinnig, want je ontmoet mensen die je anders nooit zou ontmoeten. Maar als de trips elkaar zo snel opvolgen krijg je – omdat je zo veel in het vliegtuig zit – last van een verkoudheid waar je niet meer vanaf komt. Dat is misschien wel een beetje suffe oudewijvenpraat, maar ik wil nu mijn koffer wel eens een keer écht uitpakken.’

Op de Universiteit van Tilburg deed je onderzoek naar bredere journalistieke veranderingen. Is het niet vreemd om van dat brede blikveld op de journalistiek nu naar de regio te gaan?
‘Ik snap dat er misschien mensen zijn die dat zien als een paar stappen terug. Van onderzoek vooraan in de linie terug naar de dagelijkse journalistiek. Maar zo zie ik zie dat niet. Journalistiek gaat om mooie verhalen maken. In mijn onderzoek ging ik op zoek naar nieuwe technieken waarmee je dat kunt doen, maar de kern blijft die verhalen maken. Ik zie dat ook als mijn taak straks bij BN DeStem. Ik ga eigenlijk van “mooie verhalen maken” naar “mooie verhalen maken”.’

Maar dan bij het regionale sufferdje?
‘Het sufferdje? Kom op! Dat er soms met een bepaald dedain over de regio gepraat wordt, daar snap ik echt niks van.’

Je vindt het denigrerend?
‘Dat niet eens. Volgens mij vind je iets pas denigrerend als je jezelf daardoor aangesproken voelt. Ik weet nog dat ik met mijn eerste journalistieke baan begon bij het Utrechts Nieuwsblad. Nou, de trots kwam uit mijn oren. Dat ik daar mócht werken en verhalen mócht maken over Breukelen. Dat vond ik het mooiste wat er was. En nog steeds is dat het mooiste wat er is.’

Waar zit hem dat in?
‘Regionale journalistiek is de puurste vorm van journalistiek. Je maakt verhalen die mensen direct raken. Dat is heel anders dan wanneer je schrijft over een wetswijziging in Den Haag. Dat staat voor lezers veel verder weg. Dat zie je en je neemt er kennis van, maar je wordt er niet gelijk boos of verdrietig van. Gebeurt er iets aan het eind van je straat, dan is dat wel anders. In mijn woonplaats Dongen is nog niet heel lang geleden iemand dood in een auto gevonden. Dat heeft een extreme impact op de omgeving en mensen blijven er weken over praten. Je zit veel dichter op je lezer en ziet hem veel meer.’

De verhalen liggen op straat. Lekker cliché.
‘Maar het klopt wel. Zelfs in een plaats als Langeweg. Dat is echt een ‘durpke’. BN DeStem had daar eens een verhaal over vrachtwagens die door de kern van het dorp reden, ook nadat de gemeente dat had verboden. Toen is er een man uit het dorp, met een schop in de hand, midden op de weg voor die vrachtwagens gaan staan om ze tegen te houden. Als je dat geen prachtig verhaal vindt, dan ben je niet goed wijs. En zo heeft elk ordentelijk dorp een rafelrand. ’

Waar komt die liefde voor regiojournalistiek vandaan?
‘Ik ben van jongs af aan opgegroeid met de krant. We hebben er thuis mee leren lezen. Mijn vader werkte ook voor de Regiokrant, die een aantal dorpen bediende. Toen ik een jaar of 14 was ben ik hem daarmee gaan helpen. Stukjes schrijven, maar ook de bakker om de hoek overhalen om een advertentie te plaatsen. Dat is uitdagend werk, want ook zo’n weekkrant moet je vol zien te krijgen. Toen ik tijdens mijn studie ging schrijven voor universiteitskrant Univers, dat alleen schrijft over de uni en de campus, heb ik echt geleerd dat je ook in een klein gebied mooie verhalen kunt maken. En dat je ook daar iedere week een dikke krant mee kunt vullen.’

Een krant vullen hoeft in de toekomst misschien niet helemaal meer door mensen te gebeuren. Het afgelopen jaar deed je onderzoek naar software die automatisch artikelen kan schrijven. De eerste vraag die je bij je aanstelling kreeg was dan ook: wordt de redactie van BN DeStem straks vervangen door robots?
‘Nee, dat is niet aan de orde. Maar ik wil wel manieren gaan verzinnen om de tools waar ik de afgelopen jaren op ben gestuit in de praktijk toe te gaan passen. Dat lijkt me heel spannend. Stel, er breekt een brand uit bij een fabriek zoals afgelopen mei in Moerdijk gebeurde, dan kunnen sensoren meten hoeveel luchtvervuiling dat veroorzaakt. Die informatie kun je inderdaad automatisch laten verwerken in een nieuwsverhaal, maar dat wil niet zeggen dat de redactie daarmee overbodig wordt.’

Je onderzoek naar die technologie gaat door. Sterker nog: het lectoraat Media van Fontys Hogescholen heeft 7 ton subsidie gekregen voor een vervolgonderzoek van 4 jaar. En nu ga jij weg?
‘Toen we dat nieuws kregen had ik nét die dag de beslissing genomen om naar BN DeStem te gaan. Dan heb je de knoop doorgehakt en komt er alsnog zo’n verrassend duveltje uit een doosje. Eerlijk? In eerste instantie dacht ik wel: o jee. Maar het heeft me niet aan het twijfelen gezet. Het onderzoek gaat gewoon door en ik ga er ook een deel van voor mijn rekening nemen. Maar er zijn in totaal tien onderzoekers bij betrokken en ook ik ben vervangbaar. Het is wel met pijn in het hart hoor.’

Valt dat onderzoek wel te combineren met je nieuwe baan? Het klinkt alsof je nog steeds meerdere ballen in de lucht gaat houden. Rust is aan jou niet besteed?
‘Tot het eind van het jaar blijf ik in ieder geval bij het onderzoek betrokken. Ik heb het project ook opgezet, dus wil het wel goed kunnen overdragen. Mijn promotietraject loopt ook door. Het idee was dat ik eind van het jaar klaar zou zijn. Nu gaat dat wat langer duren. Daar gaan mijn avonduren! Erg vind ik dat niet. Ik ben altijd iemand geweest die op meerdere borden tegelijk speelde. Onderzoek doen vind ik fantastisch, maar als ik alleen maar academisch werk doe, dan ga ik het missen om met mijn poten in de modder te staan. Andersom geldt hetzelfde: als ik alleen maar verhalen maak en ik niet kan nadenken over waar het heen moet met de journalistiek, dan ben ik ook niet gelukkig.’

Je wilt de journalistiek verder brengen, heb je gezegd bij je aanstelling. Hoe?
Een lange pauze volgt, waarin Van der Kaa met het takje munt van haar zojuist bezorgde muntthee speelt. Dat geeft even bedenktijd, lacht ze. ‘Over het algemeen is de teneur in de journalistiek er nou niet eentje van dolenthousiasme. Het zou enorm helpen als we met een positieve blik naar het vak kijken. En meer autonomie in de journalistiek brengen. Dat klinkt een beetje hoogdravend, maar dat is iets dat ik uit de wetenschap heb meegekregen. Een soort rare tik. Als je naar dingen kijkt zoals je ze voor het eerst ziet, dan zie je andere nuances. Dan valt het je inderdaad op dat het niet normaal is dat er vrachtwagens met mest door een dorp rijden. Bij veel regionale kranten – en daarin is BN DeStem geen uitzondering – wordt veel extreem institutionele journalistiek bedreven. We gaan naar een raadsvergadering en schrijven op wie wat zegt. Van die letterlijke verslagen, daar word ik niet goed van. Je moet niet opschrijven wat er in de raad is besloten, maar wat het gevolg daarvan is. Op landelijk niveau zie je dat ook. Dan worden er ergens Kamervragen over gesteld. Schrijven over Kamervragen is de grootste bullshit die er is. De lezer vindt dat helemaal niet interessant. Het gaat erom: wat wordt er met zo’n vraag gedaan? Kamervragen en raadsvergaderingen worden pas interessant als je leest waarom ze relevant zijn voor jou als lezer. Bij BN DeStem wil ik ook gaan kijken hoe we regionale journalistiek meer kunnen gaan bedrijven vanuit het oogpunt van relevantie.’

Het is tijd dat hoofdredacteuren plaatsmaken voor een nieuwe generatie, concludeert promovenda Klaske Tameling in haar in juni verschenen proefschrift. Jij bent die nieuwe generatie?
‘Ik weet niet of het per se een generatieding is. Het gaat vooral om een jonge instelling. Een vijftiger kan die net zo goed hebben. Ik zeg niet dat iedereen zo is, maar als je al tien jaar op dezelfde plek zit en denkt dat je het allemaal al wel eens gezien hebt, dan zit je niet fijn meer op je plek.’

Aldus de carrièretijger…
‘Dat was ik wel, maar dat ben ik nu niet meer. Enige ambitie is me nog steeds niet vreemd, anders word je geen hoofdredacteur op je 36-ste. Tien jaar geleden zag ik nog waar ik naartoe wilde en zocht ik daar een route bij. Zo denk ik nu niet meer, maar doordat ik dat toen wel deed heb ik alles waarvan ik dácht dat ik het wilde bereiken al voor mijn 30-ste bereikt. Ik heb al heel vroeg mijn dertigerscrisis gehad en doe nu alleen de dingen die ik écht leuk vind. Dat is onwijs luxe.’

Kun je jezelf voorstellen dat collega’s bij BN DeStem bang zijn dat je binnen één of twee jaar weer weg gaat, op zoek naar groenere velden? Bij het AD bijvoorbeeld.
‘Daar hoeven mensen niet bang voor te zijn. Ik kies heel bewust voor BN DeStem. Niet dat ik geen feeling heb met het AD, maar het bijzondere aan BN DeStem is dat ik nu hoofdredacteur ben in mijn eigen gebied. Mijn familie komt hier vandaan en ik woon er zelf ook. Wat dat betreft is het echt thuiskomen. Maar het kan best zo zijn dat als wij hier over een paar jaar weer zitten het journalistieke speelveld er heel anders uitziet. Wat dat betreft is het “take it as it comes”.’

Hille van der Kaa (1979) begon haar journalistieke carrière bij universiteitskrant Univers en als correspondent Brabant voor het ANP tijdens haar studie communicatie- en informatie­wetenschappen aan de Universiteit van Tilburg. In 2001 verwierf ze een werkervaringsplek bij het toen nog door Wegener uitgegeven Utrechts Nieuwsblad. Twee jaar later werd ze management trainee bij Wegener. In 2006 vertrok ze naar VNU Media, waar ze onder meer bij Intermediair werkte als hoofd online. In dezelfde periode rondde ze haar MBA-studie aan Nyenrode af, waarna ze haar eigen bedrijf startte. Met dat bedrijf – De Uitgeeffabriek – ontwikkelde ze digitale tools voor journalisten. In 2009 werd ze daarnaast docent aan de Fontys Hogeschool voor Journalistiek. Twee jaar later ging ze ook aan de Universiteit van Tilburg doceren. Als onderzoeker hield ze zich daar bezig met de invloed van technologie op de journalistiek, wat tevens het onderwerp van haar promotieonderzoek is. In 2012 verscheen het ‘Handboek Journalistiek’, dat ze samen met Henk van Es schreef. Vanaf oktober 2013 gaf Van der Kaa leiding aan het lectoraat Media bij Fontys Hogescholen. Eind juli wordt ze hoofdredacteur bij BN DeStem.

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.