Peter Michielsen (1946 - 2008)

In het zicht van zijn pensionering is op 13 april Peter Michielsen gestorven. Hij werkte sinds 1981 voor NRC Handelsblad en was een baken voor de krant. Na een korte periode over het Midden-Oosten te hebben geschreven, stortte hij zich op een onderwerp dat in die jaren verre van populair was: Oost-Europa en de Sovjet-Unie.
Michielsens kracht lag in een encyclopedische kennis, een grote historische belangstelling, een fenomenaal geheugen en een vaste, bij vlagen poëtische pen. Het zal zeker met zijn wat hypochondrische levensinstelling te maken hebben gehad, dat hij gefascineerd was door de communistische dictaturen van Oost-Europa. De mens was volgens Michielsen geneigd tot alle kwaad. In combinatie met een inhumaan systeem was diezelfde mens voor hem voer voor duizenden reportages, interviews en analyses. Zijn sympathie lag daarbij steevast bij het individu. Wie wordt een meeloper, wie een dissident, wie gaat door de knieën, wie houdt de rug recht, wie grijpt een historische kans, wie blijft aan de zijlijn staan? Maar vooral: hoe ontstaat het kwaad en hoe valt het te verklaren? En natuurlijk zag hij het, als elke goede journalist, als zijn taak cliché’s over Oost-Europa te bestrijden en lezers op het verkeerde been te zetten.
Als student, vertelde hij nog onlangs, had hij zo’n 200 pen friends in Oost-Europa. Dat leverde zoveel vragen op dat de stap naar de journalistiek de enige logische leek. Michielsen was een journalist van de degelijke, ouderwetse soort. Eerst álles lezen, en dan pas oordelen. Dankzij zijn historische kennis kon hij steeds weer wijzen op de continuïteit van de geschiedenis. Zo schreef hij kort na de val van de Muur, dat het verleden de jonge democratieën nog vele malen parten zou spelen. De oorlogen op de Balkan kwamen voor hem dus bepaald niet als een verrassing. Keer op keer legde hij geduldig uit hoe het kwam dat de katholieke Kroaten, de islamitische Bosniërs en de orthodoxe Serviërs elkaar op dat kleine bergachtige territorium al eeuwenlang de tent uit vochten. Tegelijkertijd vond hij het de plicht van West-Europa de arme broertjes, zij het onder stricte voorwaarden, in de armen te sluiten.
De kracht van Michielsen was zijn ijzeren uithoudingsvermogen. Waar de meeste journalisten elke paar jaar een ander onderwerp kiezen, bleef Michielsen zijn gebied trouw: zo zorgde hij ervoor dat ook vergeten uithoeken als Albanië of Moldavië regelmatig de krant haalden. Want ook de kruimels van de geschiedenis hebben waarde.
Daarnaast was Michielsen ook de perfecte bureau¬redacteur: een kleine vijftien correspondenten in het (voormalige) oostblok hebben de afgelopen jaren op hem blind kunnen varen. Hij steunde hen, corrigeerde ongemerkt hun fouten en vocht voor snelle plaatsing van hun verhalen. Hij was de ideale collega, een voorbeeldige journalist.
Laura Starink


Praat mee
Reageren is niet mogelijk op dit bericht.