— vrijdag 11 september 2020 10:45 | 1 reactie , praat mee

Op een nette manier omgaan met je bronnen, hoe doe je dat?

Op een nette manier omgaan met je bronnen, hoe doe je dat?
© Berend Vonk

Je hebt ze nodig, maar zij jou ook. Sommige bronnen kunnen zich stevig aan je vastklampen. Of het nou gaat om een conflict met een instantie, aandacht voor een slecht lopende onderneming of erkenning voor hun persoonlijke problemen. Hoe kun je, na het afronden van een productie, je bronnen op een nette manier weer loslaten? Laatste wijziging: 8 november 2021, 10:56

Dit artikel wordt met je gedeeld door NVJ-lid Sitara Kooreman. Ook lid worden?

Zes (6!) mails in een week tijd, over verschillende onderwerpen waar ik ‘echt eens over zou moeten schrijven, want het probleem wordt door de media genegeerd’. Connectieverzoeken op Linkedin, Facebook én Instagram. Voicemails om half twaalf in de avond, om één van die zes mails nog eens toe te lichten. En dat allemaal van iemand die ik had geïnterviewd, tijdens een kort telefonisch gesprek. Het interview in kwestie was voor een portretserie over opvallende hobby’s, maar ik kreeg vervolgens ‘pitches’ over maatschappelijke ontwikkelingen, politieke kwesties en lokale beslommeringen. Op de eerste berichten reageerde ik nog vrij uitgebreid, met een uitleg waarom ik er niks mee kon voor mijn opdrachtgevers, maar naarmate het aantal berichten langer aanhield, werden mijn antwoorden steeds korter.

Als freelance journalist schrijf ik over veel verschillende onderwerpen. Het resultaat daarvan is dat ik een grote variatie aan bronnen spreek: van psychologen tot gemeentewoordvoerders en van ondernemers tot mensen die zeggen te communiceren met geesten. Machtig interessant vind ik dat: zelf steek ik er van alles van op en het is dé manier om mijn mateloze nieuwsgierigheid nuttig in te zetten. Maar (die voelde je vast aankomen) er is ook een nadeel: sommige bronnen weigeren om je los te laten. Coaches die je zien als het ideale doorgeefluik om hun praktijk te promoten bijvoorbeeld. Of deskundigen die denken dat ze al hun hersenspinsels, boekreleases en onderzoeken via jou met de wereld kunnen delen. Een bron heeft je te woord gestaan, je hebt er (meestal) iets aan gehad. Zo iemand wil je niet bruut afwijzen. En wie weet heb je hem of haar later nog wel een keer nodig. Maar ja, om als journalist zijnde nou de psycholoog/hulp­organisatie uit te gaan hangen? Dat is niet alleen ethisch onverantwoord, ook erg tijdverslindend.

Stekker uit het contact
Voor Sarah Sylbing ligt het nog wat ingewikkelder. Als documentairemaaker heeft ze gedurende langere tijd te maken met dezelfde bronnen. Zoals bij de documentaire ‘Schuldig’, die ze met collega Esther Gould maakte en die hen in 2016 de titel ‘Journalist van het Jaar’ opleverde. Momenteel werkt ze aan een serie over het onderwijs. ‘We hebben een sociale manier van vertellen, in herkenbare scènes, waardoor het als kijker voelt alsof de geportretteerden je vrienden zijn. Daardoor moet je erbij zijn als het drama zich ontvouwt. We maken lange draai­dagen en geportretteerden laten je toe bij de pijnlijke, spannende momenten van hun leven. Je moet hun vertrouwen zien te winnen en daardoor ontstaat er vaak automatisch een hechte band. Eigenlijk is je doel dat deze mensen bijna vergeten dat wij en de cameramensen er zijn.’

Met de onderwerpen die Sylbing en Gould draaien, komt het geregeld voor dat mensen ze zien als oplossing voor hun problemen. Sylbing: ‘Soms helpen we een beetje. Dan is het voor ons bijvoorbeeld heel gemakkelijk om even dat telefoontje voor iemand te plegen. Maar dat iemand tegen bepaalde grenzen aanloopt, wil je júist laten zien. We filmden ooit een alleenstaande moeder die een schuld had van 30.000 euro. Elke keer was het weer spannend als ze probeerde te pinnen. Die wanhoop was nooit zo voelbaar geweest als je tegen haar zegt: na deze scène pinnen wij wel even vijftig euro voor je. Dat kan pijnlijk zijn, maar hoort in dit geval nou eenmaal bij je werk als journalist.’
Na het afronden van een reportage kan er, aldus Sylbing, wel verwarring ontstaan door de band die ze vaak met hun bronnen ontwikkelen. ‘We kunt niet met goed fatsoen de stekker meteen uit het contact trekken zodra de docu op televisie is geweest. Dat wil ik ook helemaal niet. Je hebt iemand al zo weinig te bieden. Ze krijgen niet betaald voor hun medewerking, stellen hun leven en emoties voor je open; het minste dat je kunt terug doen, is ze oprechte aandacht geven. Ik vind het ook belangrijk om mensen te beschermen tijdens en na de uitzending, wanneer ze opeens veel aandacht krijgen. Je hebt daarin ook verantwoordelijkheid als maker. Maar ja, op een gegeven moment moet je het wel afronden.’

Volg je gevoel
Een handige manier om dit te doen, is volgens Sylbing het contact verplaatsen naar social media. ‘Op Facebook bijvoorbeeld heb je een laagdrempelige manier om elkaar te volgen en de ander toch aandacht te kunnen geven, zonder dat dit via lange telefoongesprekken of e-mails moet. Zo bouw je het contact geleidelijk af naar een niveau waar iedereen zich prettig bij voelt. Maar er zijn ook voormalige bronnen waarbij ik nog steeds wel eens langs ga, ook omdat ik het zelf leuk vind om te horen hoe het met ze gaat. Het hoort bij je werk om te registreren en verder geen oordeel te vellen of oplossing te bieden. Maar volg daarin ook je gevoel. Sommige journalisten zijn heel stellig: je mag je bronnen nóóit geld geven. Dennis van de dierenwinkel in ‘Schuldig’ heb ik wel eens een paar tientjes gegeven, toen ik zag hoe hij er doorheen zat. Ik ben ook maar een mens. Het belangrijkste is dat je de relatie helder houdt, al kan het best dat je daarbij onderlinge affectie opbouwt.’

Komkommertijd
Bij lokale en regionale media kan dit dilemma ook bijzonder ingewikkeld zijn. Journalisten en redacteuren staan daar vaak dichtbij hun bronnen en contacten. Iemand ghosten en simpelweg niet meer reageren op telefoontjes of mails is lastig wanneer het een wethouder betreft die je voor gemeentelijke zaken nodig hebt, maar die óók in de plaatselijke evenementencommissie zit en alles wat hij organiseert op de voorpagina wil zien. En een dorpsgenoot die ‘nieuwtjes’ op je af blijft vuren en lastig valt te negeren, omdat je hem iedere week tegenkomt bij de supermarkt. Hoe pak je dat aan?

Volgens Dorine Joossen, werkzaam bij Omroep Brabant, is vriendelijk blijven de sleutel: “Ik wijs zo iemand aardig af, met een goede uitleg erbij. Dan zeg ik bijvoorbeeld dat het interessant klinkt en ik het in mijn achterhoofd houd, maar het heel erg afhankelijk is van het andere nieuws, het evenementenaanbod op die dag en de balans met andere onderwerpen in de uitzending. Dat begrijpt in principe iedereen en het is ook echt waar. Maar als ik een paar keer die uitleg heb gegeven, en ze blijven met van alles mailen, reageer ik niet meer. Soms komt zo’n onderwerp waar je in eerste instantie niks mee kan, later ook toch nog van pas. Het fijne aan regionale journalistiek is trouwens dat als je zo iemand later wel nodig hebt, ze vaak gewoon weer blij zijn met de aandacht als je belt.’

Voorkomen vs genezen
Zelf blijf ik het lastig vinden om, na meerdere vriendelijk reacties, zo’n aanhoudende (ex)bron te negeren. Maar volgens etiquette expert en Trouw-columnist Beatrijs Ritsema is dat nergens voor nodig. ‘Zolang je tenminste to the point bent in je communicatie. Bij het eerste belletje of mailtje legt je uit waarom je er niks mee kan. Bijvoorbeeld: ‘Op dit moment ben ik met andere dingen bezig, maar ik zal het doorsturen naar iemand voor wie het eventueel interessant zou kunnen zijn.’ Dan voelt de ander zich gehoord en ben je ook niet te bot, voor als je hem of haar later nog wél een keer nodig hebt. Nemen ze wederom contact op over hetzelfde, dan kun je korter worden in je boodschap. ‘Het spijt me, ik kan je hier niet mee helpen.’ Blijft iemand bellen, is er niks geks aan als je niet meer opneemt. Dan hebben ze de boodschap duidelijk niet begrepen en dat is verder niet jouw probleem.’

Toch is, zoals vrijwel altijd, voorkomen beter dan genezen. Ritsema: ‘Bewaar en bewaak vanaf het eerste contact al de afstand met je bron. Want ben je eenmaal over bepaalde grenzen heen, dan wordt het lastig om daar weer op terug te komen. Houd het zo zakelijk mogelijk. De situatie is nou eenmaal zo dat de belangen van beide partijen niet overeen komen. Jij wilt een goed verhaal maken, de ander wil bijvoorbeeld aandacht voor zijn bedrijf of denkbeelden.’

Afsluiten en doorverwijzen
Problemen ontstaan bij een verkeerd en vertekend beeld van die verstandhouding. We hebben allemaal wel eens meegemaakt dat je een interessant gesprek hebt, waarbij je eerder het gevoel krijgt dat je vrienden bent dan interviewer-geïnterviewde. Een prettig gesprek hebben is wel zo leuk, maar soms is het daarbij handig om de ander er regelmatig aan te herinneren dat je bezig bent met een artikel. Ritsema: ‘Het kan zo simpel zijn als zeggen “Je weet dat ik een artikel aan het schrijven ben hè?”, wanneer het te persoonlijk wordt. En rond het geheel duidelijk af. ‘Hartelijk bedankt, ik zorg dat u een exemplaar van het magazine ontvangt, het was me een genoegen.’ Blijft iemand contact met je opnemen, verwijs ze dan desnoods door naar relevante instanties. Voor mijn rubriek in Trouw stuur ik ook wel eens mensen door naar een therapeut of echtscheidingsmediator, maar zelf blijf ik daar verre van. Het is niet je doel om het leven van je bron te verbeteren. Als journalist ben je geen psycholoog en dat moet je ook absoluut niet willen.’

Vriendelijk doch doeltreffend bronnen ‘loslaten’

• Voorkomen is beter dan genezen: ben vanaf het begin duidelijk tegen je bron wat je doel is van het gesprek.
• Houd de communicatie to the point: blijf geen eindeloze verhalen houden over waarom je ze niet kunt helpen. Naarmate ze langer volhouden, kun je korter worden in je communicatie.
• Bewaak je eigen grenzen. Er zijn algemene ‘regels’, maar het is jouw werk en het zijn jouw bronnen. Als jij het fijn vindt af en toe nog met je bronnen te bellen of mailen, moet je dat gewoon lekker doen. Wees wel voorzichtig met persoonlijke informatie delen, zoals je huisadres, en denk er bij het accepteren van vriendschapsverzoeken op social media goed over na of je dat écht wilt.
• Sluit de samenwerking duidelijk en netjes af. Door bijvoorbeeld een afsluitende mail en het opsturen van een bewijsexemplaar.
• Verplaats het contact naar social media. Op Facebook bijvoorbeeld, kun je elkaar op een laagdrempelige manier volgen en je bron toch aandacht geven. Zo kun je het contact geleidelijk afbouwen.

NVJ LID 26-05

Tip de redactie

Logo Publeaks Wil je Villamedia tippen, maar is dat te gevoelig voor een gewone mail? Villamedia is aangesloten bij Publeaks, het platform waarmee je veilig en volledig anoniem materiaal met de redactie kunt delen: publeaks.nl/villamedia

Praat mee

1 reactie

Astrid van den Hoek, 14 september 2020, 16:29

Dank voor de tips! Ik vind dit zelf ook nog altijd lastig en ik denk veel (freelance)journalisten met mij. Goed om dit eens te benoemen in een artikel.