Onderzoek naar CIVD-lek aan NRC escaleert
Het Openbaar Ministerie geeft onderzoek naar een lek uit een besloten vergadering van de Commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CIVD) uit handen, omdat er mogelijk sprake is van een ambtsmisdrijf. Het OM mag dat grondwettelijk niet zelf onderzoeken. Het onderzoek wordt daarom overgedragen aan het Presidium van de Tweede Kamer.
Vorig jaar schreef dagblad NRC over inhoudelijke elementen van twee vergaderingen van de CIVD, waar fractievoorzitters zijn bijgepraat over details rond overdracht van 1,8 miljoen belgegevens van Nederlanders aan de Amerikaanse inlichtingendienst. Plasterk ontkende dat er gegevens waren overhandigd en speculeerde dat de Amerikanen het actief in Nederland hadden verzameld.
De minister betreurde later zijn stelligheid, toen bleek dat er materiaal aan de NSA was gegeven - bovendien verzameld door ‘onze’ zogeheten Nationale Sigint Organisatie. De data bevat informatie over het telefoonnummer van de beller en de ontvanger en datum en tijdsduur van het gevoerde gesprek.
De Tweede Kamer werd eind 2013 en begin 2014 in het geheim over de zaak ingelicht. De informatie waarover NRC beschikte - letterlijke citaten uit vergadernotulen - kon volgens VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra alleen zijn gelekt door mensen die daadwerkelijk aanwezig waren. Zijlstra, tevens voorzitter van de CIVD-commissie, deed daarop aangifte.
Het OM vergeleek belgegevens van CIVD-leden met onder meer het nummer van de NRC-journalist die de stukken begin vorig jaar schreef. Er zijn in het kader van het onderzoek diverse mensen gehoord. Toen duidelijk werd dat er Kamerleden of fractievoorzitters bij het lek betrokken konden zijn, werd het onderzoek gestaakt.
NRC-hoofdredacteur Peter Vandermeersch vroeg opheldering bij het OM, dat in een korte verklaring enkel stelt dat er voor dit onderzoek geen telefoons zijn getapt.


Praat mee