‘Nepnieuws-vaccinatie’ kan mensen weerbaarder maken
Naast de introductie van een speciale overheidsdienst die nepnieuws moet bestrijden, is ook een vorm van 'online vaccinatie' goed om de weerstand tegen nepnieuws te vergroten, stellen kenners tegenover een Britse parlementaire commissie.
Gisteren werd bekend dat Groot-Brittannië een speciaal ‘rapid response team’ wil optuigen om nepnieuws de kop in te drukken voor het de kans krijgt groot te verspreiden over sociale media. Exacte plannen worden op een later moment in het parlement besproken.
Professor cognitieve psychologie Stephan Lewandowsky aan de universiteit van Bristol vertelde een Britse parlementaire commissie dat informatie die eenmaal is opgenomen, zich moeilijk weer laat vergeten. De oplossing is een vorm van vaccinatie, aldus Lewandowsky. Stel mensen regelmatig beargumenteerd bloot aan nepnieuws.
Toon aan hoe zulke informatie wordt verspreid en mensen leren nepnieuws herkennen. “Als we mensen kunnen bereiken voor de desinformatie dat doet, is er bewijs dat ze in staat zijn zulke berichten uit te filteren”, aldus Lewandowsky.
In Nederland werd vorig jaar het leren herkennen van nepnieuws in spelvorm geïntroduceerd, door de rollen om te draaien: doel van het spel is zoveel mogelijk mensen op het verkeerde been te zetten en te manipuleren door keuzes te maken.
Andere sprekers voor de commissie wezen op de rol die in het bijzonder Facebook heeft gespeeld: het platform toonde vooral berichten die de mening van gebruikers bevestigden. Op Facebook zijn mensen blind geworden voor informatie waar ze het mee oneens zijn, stellen ze.
Facebook heeft beterschap beloofd en draait inmiddels aan de algoritme-knoppen waardoor betrouwbare bronnen hoger in de nieuwsfeed komen. De nieuwsfeed is na recente wijzigingen bovendien minder belangrijk geworden: Facebook gaat updates van vrienden en kennissen voorrang geven boven nieuws, met ingrijpende gevolgen voor uitgevers die hun focus net naar Facebook hadden verlegd.
Volgende maand zullen ook bestuurders van Facebook, Twitter en Google met de commissie spreken, aldus vaksite Press Gazette.


Praat mee