— maandag 23 februari 2015, 15:53 | 0 reacties, praat mee

‘Mijn zus is een nieuwsfeit geworden’

De zus van Jenni de Schutter was een van de inzittenden van de MH17-vlucht - © Duco de Vries

De zus van Jenni de Schutter, Martine, was een van de inzittenden van de MH17-vlucht. Twee dagen na de ramp prijkte Martines foto pontificaal in de krant. ‘Ik schrok me helemaal te pletter, was totaal niet voorbereid op het feit dat media zomaar zonder toestemming een foto van mijn zus in de krant mochten zetten.’

‘Twee dagen na de ramp drukte iemand De Telegraaf in mijn handen. Er stond een stukje in over Martine en ze hadden haar foto van Linkedin geplukt. Ik schrok me te pletter.’

Jenni de Schutter was verrast dat dat zomaar kon zonder overleg met de nabestaanden: journalisten zoeken een foto op Facebook of ­Linkedin en zetten die de krant. Of ze laten een foto zien op televisie. ‘Ik was daar totaal niet op voorbereid. De foto die in De Telegraaf stond, was ook nog eens een heel lelijke foto van Martine. Ik dacht: waarom bellen ze niet even? Dan waren wij als nabestaanden op de hoogte geweest van het feit dat Martine in de krant zou komen en we hadden ook de gelegenheid gehad een betere foto aan te leveren. Natuurlijk snap ik dat er zoiets is als persvrijheid, tegelijkertijd verbaas ik me dat het allemaal maar gewoon kan.’

Extra pijnlijk voor De Schutter was dat de foto van Martine in De Telegraaf stond. ‘Martine had een ontzettende hekel aan De Telegraaf, ze vond het echt een sensatiekrant. En dan staat ze twee dagen na de ramp in uitgerekend die krant.’

Woedend
Martine de Schutter werkte bij het Aids Fonds en had een zoon, Maarten (16). Omdat ze alleenstaande moeder was, nam Jenni, die in het Brabantse Steenbergen woont, Maarten op in haar gezin. ‘Ik was de voogd, dus het was logisch dat het zo zou gaan. Vanaf het moment dat we hoorden dat Martine op die vlucht zat, is Maarten bij ons.’

Jenni de Schutter hield Maarten de eerste tijd zoveel mogelijk weg bij nieuws over de ramp. Zelf had ze ook weinig behoefte om het allemaal te volgen, daarvoor was het verdriet over het verlies van haar zus te groot. ‘Maarten reageert heel heftig als zijn moeder in het nieuws is, nog steeds. Een dag na de ramp werd Martines naam genoemd in het Acht Uur Journaal. Ik was toen met Maarten bij mijn ouders. Hij was werkelijk woedend dat ze de naam van zijn moeder noemde terwijl nog lang niet iedereen in de omgeving van Martine wist dat ze op die vlucht zat. Het was zijn moeder, samen waren ze twee handen op één buik en nu gingen anderen opeens met haar aan de haal. Zijn gevoel was: dat mogen ze niet doen. Zelf ben ik wat nuchterder van aard, maar ik begrijp de gevoelens van Maarten wel. Mijn zus is een nieuwsfeit geworden en zal dat altijd blijven – ze hebben haar naam zelfs op CNN genoemd. Dat is best moeilijk.’

De Schutter volgde het nieuws aanvankelijk niet, maar ze bewaarde wel alle kranten. ‘Op een avond ben ik alles over de MH17 gaan uitknippen en lezen. Wij hebben zelf een abonnement op BN DeStem, daarnaast had ik van iemand anders alle edities van de Volkskrant gekregen – de krant waar mijn zus een abonnement op had. Vooral in de Volkskrant heb ik goede artikelen over de ramp gelezen, ik heb het gevoel dat die krant de dingen beschrijft zoals ze echt zijn.’

Maar er waren ook momenten dat De Schutter zich door bepaalde berichten in de media op het verkeerde been voelde gezet. ‘De separatist die met een knuffeltje van een van de slachtoffers in beeld kwam, werd afgeschilderd als een barbaar, want hij zou de knuffel als een soort trofee omhoog houden. Later bleek het heel anders te liggen; hij had juist zijn spijt willen betuigen. Ik vind dat media de plicht hebben om dat soort dingen eerst even goed uit te zoeken voordat er allerlei conclusies worden getrokken.’

Vrouw
Verschillende media benaderden Jenni de Schutter na de ramp met verzoeken voor een interview. De meeste verzoeken wees ze af. ‘Ik woon in Steenbergen en werd benaderd door een lokale krant. Omdat ik niet goed wist wat ik moest doen, heb ik besloten om geen interview te geven.’

Op een verzoek van Vrouw, het zaterdagse magazine van De Telegraaf, besloot ze wel in te gaan. ‘Met De Telegraaf heb ik niets, maar Vrouw vind ik toch anders. Ik vind dat eigenlijk wel een leuk blad. Al een paar weken na de ramp namen ze contact met me op, maar toen heb ik het nog even afgehouden. Ik zei: “Als je echt in me geïnteresseerd bent, dan ben je dat over een paar maanden nog steeds.” En een paar maanden later kwamen ze ­inderdaad weer bij me terug.’

De Schutter werd geïnterviewd door Rianne Klazinga, met wie het goed klikte. ‘Dat was natuurlijk wel belangrijk, want daardoor voelde ik me op mijn gemak. Er was een hele fotoshoot bij, gelukkig kon ik het ook prima vinden met de fotografe en de visagiste. Ondanks de droevige aanleiding was het eigenlijk wel een leuke dag. En ik vind dat het een mooi verhaal is geworden.’

Zuurstofmasker
Jenni de Schutter is een trouw bezoeker van de bijeenkomsten voor nabestaanden die geregeld worden georganiseerd om de familie van de slachtoffers van de ramp bij te praten. ‘Als er bepaalde zaken in het nieuws komen, weten wij het meestal al eerder’, zegt ze. Maar toen Frans Timmermans het bij Pauw opeens over het zuurstofmasker bij een van de slachtoffers had, was er geen tijd de nabestaanden daarover in te lichten. Alle betrokkenen werden overvallen door de uitspraken van de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken, die daarmee suggereerde dat sommige passagiers van de fatale vlucht de ramp bewust hadden meegemaakt. De Schutter: ‘Natuurlijk was het in de eerste plaats stom van de minister zelf om dat te zeggen. Wij hadden uitgebreide gesprekken achter de rug met de familierechercheurs en zij hadden ons uitgelegd dat het allemaal zo snel was gegaan dat niemand in dat vliegtuig het bewust heeft kunnen meemaken. Door zo’n uitspraak van Timmermans ga je toch weer twijfelen. Maar tegelijkertijd vind ik dat de media hier te veel een hype van hebben gemaakt. Ze doken er bovenop. Hebben ze nog geleefd, hebben ze dit, hebben ze dat… Dagenlang is het over niets anders gegaan dan dat zuurstofmasker.’

De Schutter denkt dat die, in haar ogen, overdreven berichtgeving het wantrouwen voedt, niet alleen bij de Nederlandse bevolking in het algemeen, maar ook bij nabestaanden. ‘Op de bijeenkomsten voor nabestaanden is er altijd gelegenheid tot het stellen van vragen. Dat duurt maar en duurt maar en die vragen worden steeds kritischer. Dan roept iemand in de zaal dat hij de overheid niet vertrouwt en dan volgt er applaus. Sommige nabestaanden hebben zich compleet vastgebeten in het onderwerp en het zijn ook altijd dezelfden die de media opzoeken – en vervolgens ook het podium krijgen. Nu gaat het al weer een hele tijd over de vraag of het luchtruim boven de Oekraïne wel veilig was. Zelf heb ik niet zoveel behoefte om me daarin te verdiepen. Ik vertrouw nog steeds volledig op de Nederlandse regering en begrijp heel goed dat het lang duurt voordat alle vragen beantwoord kunnen worden. Ik ga af op wat de familierechercheurs me vertellen.’

Jenni de Schutter probeert het alle­daagse leven weer zoveel mogelijk op te pakken, met Maarten als kersvers gezinslid. Dat gaat met vallen en opstaan. De Schutter verwacht niet dat Maarten zelf zijn verhaal ooit aan een journalist zal vertellen. Maar als er interviewverzoeken voor haarzelf komen, dan overlegt ze wel altijd met hem of ze het moet doen. Dan zegt hij: “doe maar wat jij denkt dat goed is, tante Jenni”.’

Jenni de Schutters Lessen voor de Pers

• Journalisten zouden beter moeten nadenken over de gevolgen voor direct betrokkenen wanneer ze iets publiceren over iemand, met name als het om zo’n dramatische gebeurtenis gaat als de ramp met de MH17.

• Zoek je een goede portretfoto of wil je meer informatie over slachtoffers, neem dan contact op met familieleden. Zij kunnen voor goede foto’s en betrouwbaar materiaal zorgen en zijn bovendien voorbereid op het feit dat er over familieleden wordt gepubliceerd.

• Natuurlijk is het nieuws als de minister van Buitenlandse Zaken het opeens over een zuurstofmasker heeft, maar de media hoeven er geen dagenlange hype van te maken.

• Zaken zijn niet altijd wat ze op het eerste gezicht lijken. Een separatist met een knuffel is geen barbaar. Juist journalisten zouden verder moeten kijken dan hun neus lang is.

cop 2019

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.