— maandag 5 oktober 2015, 12:35 | 1 reactie, praat mee

Journalisten nemen ook zelf hun vak niet langer serieus

© Paul Babeliowsk/Hogeschool Utrecht

Om op de hoogte te blijven heb je geen journalisten meer nodig, zo lijkt het. Maar niet iedereen die publiceert is een journalist, betoogt voormalig journalistiek docent Nico Kussendrager. ‘Iedereen journalist? Wie de functie van journalist serieus neemt kent het antwoord.’

Is iedereen journalist? Er hoeft maar ‘dit’ te gebeuren of de informatie wordt verspreid via social media. Iedereen twittert, appt, blogt en post. Om op de hoogte te blijven heb je geen journalisten meer nodig, zo lijkt het. De nieuwsconsument kan zijn heil zoeken bij Twitter, Facebook en allerlei al dan niet vluchtige internetportals. Kennelijk is de journalistiek overbodig en staat op zijn minst een kernwaarde onder druk.

Journalisten nemen ook zelf hun vak niet langer serieus. De naam van het vakblad De Journalist werd veranderd in het nietszeggende Villamedia. De woorden media of medium zijn een vergaarbak van begrippen, waarmee van alles kan worden bedoeld: een spiritueel medium om in contact te komen met een andere werkelijkheid, taal of tekens als medium, elektronische apparatuur (Mediamarkt), een organisatie (de Hilversumse media…), dag- en weekbladen (het medium krant of tijdschrift), het medium internet. En de media heeft het natuurlijk altijd gedaan.

Bovendien neemt het vertrouwen in de media af. Volgens het CBS had in 2013 nog maar 32 procent van de bevolking vertrouwen in de pers. De kritiek: journalisten zoeken sensatie, weten te weinig, praten elkaar na en zijn bevooroordeeld. Een cijfer overigens dat door onderzoeker Jesper Verhoef (verder duiden) wordt genuanceerd. Hij betoogt dat de journalistiek de laatste jaren juist beter is geworden. Wat natuurlijk nog niets zegt over het vertrouwen in de journalistiek.

Alle kleuren van de regenboog
Iedereen is journalist, iedereen informeert iedereen en consumeert informatie. Laat honderd bloemen bloeien, naar de campagne in China in de jaren ‘50. Journalistiek in alle kleuren van de regenboog. Niet voor niets viel de term ‘regenboogjournalistiek’  tijdens de World Journalism Education Conference in 2011 in Zuid-Afrika. Het klinkt allemaal mooi, maar het is geen journalistiek. En niet iedereen is journalist.

Wie dan wel? Iedereen die wel eens iets publiceert? Nee, want dat geldt voor veel mensen. Is het iemand die een diploma heeft van een van de opleidingen? Er zijn uitstekende journalisten die geen journalistieke opleiding hebben afgerond. Is iemand die het grootste deel van het inkomen uit journalistieke werkzaamheden verkrijgt dan journalist? Niet bij voorbaat. En dan nog is het de vraag wat onder journalistieke werkzaamheden moet worden verstaan. Is het dan iemand die een ‘journalisten-eed’  heeft afgelegd, zoals bepleit door hoogleraar journalistiek Jeroen Smit? Of iemand die een beroepscode onderschrijft, zoals voorgesteld in het ‘Basisboek Journalistiek’? Nu komen we in de buurt.

Maar laten we eerst eens kijken wat de functies van journalistiek zijn. Journalisten moeten informeren. En de journalistiek informeert niet alleen, maar controleert ook en heeft een rol als waakhond. Als er zaken fout gaan, dan slaat de journalistiek aan. Problemen bij de hogesnelheidstrein, misstanden in de rooms-katholieke kerk en torenhoge salarissen en bonussen komen aan het licht omdat wij, journalisten, erover publiceren.

Ook socialiseren is een functie van de journalistiek. Als het goed is, staan journalisten midden in de samenleving en weten ze wat er speelt en wat mensen beweegt. Zodat ontwikkelingen als bijvoorbeeld de opkomst van LPF en PVV (en dus de sluimerende onvrede in delen van Nederland), de Arabische Lente en de daarop volgende Arabische Winter en een wereldwijde financiële crisis niet als een donderslag bij heldere hemel komen.

Pop-up-redactie
Onlangs was ik in Gorinchem, waar de redactie van De Stad Gorinchem is gehuisvest op een schiereiland in de Merwede. In de binnenstad staan winkel- en andere ruimten leeg. Waarom trekt een redactie daar niet in? Je hoort daar ongetwijfeld meer en het is waarschijnlijk goedkoper. Er zijn pop-up-winkels, pop-up-kloosters en zelfs pop-up-politiebureaus. Waarom dan geen pop-up-redactie?

Een andere functie van de journalistiek is participeren. Lange tijd werkten journalisten in een ivoren toren, zelfs als de redactie in de binnenstad troonde. Is het toeval dat twee inmiddels verdwenen kranten – De Tijd en Het Vrije Volk – gevestigd waren in achtereenvolgens ‘t Kasteel van Aemstel en de burcht aan het Hekelveld in Amsterdam? Reacties van lezer werden amper serieus genomen. Laat staan dat lezers bij het maken van een krant, tijdschrift of programma werden betrokken.

En lezers hoefden ook niet serieus te worden genomen. Kranten verkochten immers toch wel. De journalistiek was een op zichzelf staande professie. De aandacht voor de samenleving verslapte en de maatschappelijke verantwoordelijkheid kwam in het gedrang. Journalisten maakten routineuze rondjes langs raad en rechtbank, Kamer en kabinet, zonder te weten wat er leefde in de samenleving. Agendajournalistiek zonder maatschappelijke betrokkenheid, meegaan in de waan van de dag. 
Meer zien dan alleen de haar in de soep
Een reactie kon niet uitblijven. Civic journalism (publieksjournalistiek) leek aanvankelijk een overlevingsstrategie van kranten die kampten met dalende oplagecijfers en teruglopende advertentie-inkomsten. Maar het is meer dan dat.

Publieksjournalistiek was ook een gevolg van de onvrede over het functioneren van de media die kennelijk bij een groot deel van de lezers bestond. Media zouden overmatig veel aandacht hebben voor conflicten en schandalen, aandacht besteden aan problemen maar niet aan oplossingen en aandacht hebben voor de macht maar niet voor mensen.

Daarmee zijn we aangekomen bij nog een functie van ons vak, constructieve journalistiek - een in Denemarken begonnen fenomeen. Journalisten die niet alleen aandacht besteden aan conflicten en schandalen maar ook aan positieve ontwikkelingen, niet alleen problemen signaleren maar ook met oplossingen komen. In de woorden van Cathrine Gyldensted, een van de grondleggers van de constructieve journalistiek, betekent dat een positieve manier van verslaggeving, gericht op wat goed gaat in de wereld. Björn Soenens, de hoofdredacteur van het Vlaamse VRT Nieuws, wil mensen verbinden in plaats van conflicten oppoken, schreef hij in een column op de website van tijdschrift Knack. ‘De pers als waakhond, maar dan zonder oogkleppen, door méér te zien dan alleen de haar in de soep.’

De wereldbevolking werd in snel tempo beter opgeleid, rijker, gezonder en ouder. Het aantal gewapende conflicten in de wereld nam af, evenals de criminaliteit in Nederland. Wie ‘de media’ volgt, krijgt een heel ander beeld. Anders gezegd: journalistiek niet alleen als tegenmacht tegen overheden, maar ook als tegenwicht, dat perspectief biedt en informatie in een context plaatst. Nee, Europa wordt niet overgenomen door vluchtelingen (het gaat om hoogstens 2 procent van de bevolking) en niet iedere asielzoeker is doorgaans een gelukzoeker.

De drie V’s
Informeren, socialiseren, participeren, constructief zijn, tegenwicht en tegenmacht bieden: een aantal functies van de journalistiek en dus van de journalist. Dat betekent een aantal kernwaarden (of kenmerken) van professionele journalistiek, samengevat in drie V’s:

* Verificatie. De lezer mag ervan uitgaan dat door professionele journalisten vergaarde en verwerkte informatie juist is. Dat de journalist de moeite heeft genomen om te controleren of de feiten kloppen, waar nodig hoor- en wederhoor heeft gepleegd en heeft gecheckt en gedubbelcheckt.

* Verantwoording. Journalisten kunnen hun werkwijze verantwoorden, geven openheid over de gang van zaken en trekken waar nodig een boetekleed aan. Dat is steeds meer het geval. Voorbeelden: NRC Handelsblad over prins Friso, de Volkskrant met Joegoslavië en de zogenaamde martelprimeur en Trouw met intern onderzoek naar de verslaggever die zijn bronnen verzon. Inmiddels is bij Trouw ook een ombudsman aangesteld, evenals (opnieuw) bij de publieke omroep.

Andere vormen van verantwoording afleggen zijn het vermelden van contactgegevens van journalisten en het verwijzen naar bronnen waar geïnteresseerde lezers zelf de juistheid van informatie kunnen. Verder: journalisten die laten weten hoe ze te werk gaan en die inzicht geven in hun werkwijze. En ook open zijn over afspraken die worden gemaakt met politici en deze niet laten wegkomen met nietszeggende uitspraken. Nog meer verantwoording: discussie en debat op Villamedia en De Nieuwe Reporter. En natuurlijk weer een mediaprogramma op televisie, naast de mediadiscussies op de radio, zoals het dagelijkse mediaforum op Radio 1.

* Vaardigheid. Tot slot vergt professionele journalistiek een aantal vaardigheden om een goed product te maken (een volledig nieuwsbericht, een vrij verslag, een gedegen documentaire, een aantrekkelijke longread, een interactieve site). Maar ook de vaardigheid om voor uiteenlopende ‘platformen’ te kunnen werken. Een mooi voorbeeld is de productie van Dick Wittenberg over Malawi voor zowel krant (NRC Handelsblad ), site (De Correspondent) als tijdschrift (OneWorld). Journalisten met oog voor andere verhaal- en vertelvormen, voor formats en formules. Voor framing, spin en public relations.

Maar zeker ook het vermogen om sociale, politieke en economische ontwikkelingen op waarde te kunnen schatten. En om ethische afwegingen te kunnen maken juist in een tijd van een snel veranderend medialandschap.

Iedereen journalist?
Iedereen journalist? Wie de functie van journalist serieus neemt, kent het antwoord. Journalistiek van nu vraagt om professionele, nog beter opgeleide, journalisten. Om vakmensen. Die wat mij betreft geen eed hoeven af te leggen of een code hoeven te onderschrijven, maar die wel voldoen aan een aantal professionele kwalificaties. En Villamedia wordt weer De Journalist.

Nico Kussendrager (geograaf en journalist) was redacteur buitenland van Trouw en docent aan de Hogeschool Utrecht. Hij is co-auteur van het Basisboek Journalistiek en doet onderzoek naar journalistiek en journalistiek onderwijs.

Praat mee

1 reactie

J.C. Roodenburg, 7 november 2015, 11:20

De drie V’s spreken mij aan. Ik heb nooit een opleiding genoten aan een van de opleidingen. Begonnen als volontair in 1965 en in dat lastige vak gerold. Nico heeft gelijk als hij constateert dat Jan en alleman zich tegenwoordig journalist noemt en zich totaal niet aan de feiten houden.  Opinies mogen natuurlijk ook wel als men maar ingaat op wederhoor van anderen (belangrijke personen die hun mening hebben verkondigd). Och, er zijn al door de jaren heen genoeg ‘journalisten’ geweest die hun eigen gang gingen en zich nergens wat van aantrokken. Dat heeft ook geleid tot popularisering van vele media.

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.