Interview met Mariëtte Hamer: ‘Ik ben geen Rijdende Rechter over grensoverschrijdende incidenten’
In de serie Lessen voor de Pers komen mensen van buiten de journalistiek aan het woord over hun ervaringen met journalisten en media. Dit keer Mariëtte Hamer, regeringscommissaris seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld. ‘Onderwerpen die de media zelf raken genereren meer aandacht. Zo zijn de wetten.’
Dit artikel wordt met je gedeeld door NVJ-lid Frans Oremus. Ook lid worden?
Sinds Mariëtte Hamer (66) twee jaar geleden werd aangesteld als regeringscommissaris - nadat #BOOS seksueel grensoverschrijdend gedrag bij The voice of Holland onthulde - wordt ze overstelpt met interviewverzoeken door uiteenlopende media. Daar waar ze haar boodschap kwijt kan hapt ze toe. Ze heeft decennialang ervaring met de journalistiek, vanuit verschillende rollen: als politicus (PvdA) en SER-voorzitter.
‘In mijn huidige rol heb ik de taak om een cultuurverandering in werking te zetten zodat dit gedrag niet meer voorkomt. Dat kan je niet zonder media doen.’
Dat wil niet zeggen dat ze overal op ingaat. ‘Er zit altijd een soort spanning tussen het nieuws brengen van overschrijdend gedrag en sensatie. Daar zweven sommige media een beetje tussenin merk ik. Een deel van de verhalen over dit onderwerp is wel degelijk gericht op cultuurverandering. Argos (VPRO/HUMAN) heeft vorig jaar bijvoorbeeld enkele mooie uitzendingen gemaakt over grensoverschrijdend gedrag in het hoger onderwijs. Bij Op1 ben ik vaak aangeschoven en kan ik meestal - niet altijd - de onderliggende mechanismes van dit gedrag voor het voetlicht brengen als er zich weer een incident heeft voorgedaan. Hetzelfde geldt voor de meeste kranten.’
‘Je zal maar verkracht zijn’
Bij ‘onthullingen’ zoals over WNL-hoofdredacteur Bert Huisjes (grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer) of Johan Derksen (vermeende penetratie met kaars bij dronken vrouw) wordt Hamer platgebeld door talkshows en kranten, maar reageert ze in eerste instantie meestal niet.
‘Omdat het dan vaak alleen gaat over het incident en degene die beschuldigd is. Terwijl ik eigenlijk vind dat het moet gaan over de slachtoffers van dat gedrag en de onderliggende patronen. Bij Huisjes hebben we nooit op de persoon gereageerd, maar wel op de reactie van de Raad van Toezicht van WNL, die pal achter hem ging staan en zei zich “gelukkig te prijzen” met hem. Daarmee zeg je eigenlijk dat de vijftien oud-medewerkers die zich in het AD uitspraken over een angstcultuur en zwangerschapsdiscriminatie, zeurpieten zijn. Ik heb toen op Radio 1 gezegd dat ik heel verbaasd was over die reactie en dat de aanpak van wangedrag begint bij het serieus nemen van meldingen. Die quote is door veel media overgenomen.’
‘Bij Derksen hebben we in tweede instantie gereageerd, nadat de media zich vooral vastbeten in de persoon Derksen en de vraag of hij nog wel op tv mocht. Het ging helemaal niet meer over wat hij gezegd had. In de dagen erna kregen wij telefoontjes en berichten in de trant van: “Ik heb daar gisteravond naar zitten kijken en mijn eigen oude verhaal komt weer helemaal boven”. Dat heb ik verteld op de radio bij Met het Oog op Morgen en we hebben een reactie met diezelfde boodschap naar het ANP gestuurd - die breed is gedeeld. Het ging mij erom dat je niet vrijblijvend maar alles kunt zeggen, want dat heeft effect op mensen die ernaar kijken en luisteren. Dit was een absoluut dieptepunt op televisie: dat er een paar mannen zitten te lachen over dat je kan verzinnen dat je een kaars in een kut stoot. Ik zeg het maar even heel plat. En dat je daar dan vervolgens geen sorry voor kunt zeggen en er een heel spektakel van maakt. Je zal maar verkracht zijn.’
Ik zie de media als partners in crime
Tweede traumabeleving
Bij verhalen over seksueel misbruik is het voor de journalist belangrijk te beseffen dat het ontzettend uitmaakt hoe je zo’n verhaal maakt en wat het kan betekenen voor de mensen die onderdeel van dat verhaal zijn, betoogt Hamer.
‘Want het lezen over een bepaalde casus of situatie die op de jouwe lijkt betekent voor mensen vaak een soort tweede traumabeleving. Ik kan me goed voorstellen dat je daar als journalist helemaal niet bij stilstaat. Daarom vind ik het wel belangrijk dat als ik op een verhaal reageer, ik precies weet waarop ik reageer. Is dat op het incident en kom ik in een debat terecht of iemand nog aan het werk mag? Of kan ik reageren op het onderliggende mechanisme? Ik ben geen Rijdende Rechter over grensoverschrijdende incidenten. Dat is niet mijn rol. Ik vind dat het op tv vooral heel veel ging over de vraag of Matthijs van Nieuwkerk, Johan Derksen, Tom Egbers en anderen wel of niet mochten terugkeren. Het gaat nog te weinig over seksisme, bedrijfscultuur of de man-vrouwverhouding en over de ervaringen van de melders. Dus ik wil weten of ik mijn verhaal kwijt kan. En als ik bij een talkshow zit pak ik die ruimte zelf.’
Waar moet je als journalist eigenlijk op letten bij berichtgeving over dit soort onderwerpen? ‘Ik kan natuurlijk niet zeggen wat journalisten wel of niet moeten schrijven. Maar het gaat vooral om zorgvuldigheid. En als iemand zijn verhaal anoniem wil vertellen zorg dan ook dat diegene echt niet wordt herkend. Bij Trouw hebben ze vast geworsteld met hun recente verhalen over seksueel misbruik in de atletiekwereld, en blijkbaar besloten om de verschillende disciplines binnen deze sport waar dit speelde niet te benoemen en het op het algemene “atletiek” te houden. Ongetwijfeld omdat het anders herleidbaar kon zijn naar personen die daar veel effect van zouden ondervinden. Daar lijkt goed over nagedacht.’
‘Mariette Hamer gaat straks de oplossing geven’
Een volgens eigen zeggen leerzame ervaring ‘voor beide partijen’ had ze met de Volkskrant, die een halfjaar na haar aantreden een scherp commentaar publiceerde (‘Mariëtte Hamer lijkt onder een steen te hebben gelegen de afgelopen jaren’), waarin haar werd verweten ‘eindeloos door te praten’ en met weinig concrete oplossingen te komen voor organisaties die met grensoverschrijdend gedrag te maken hebben.
Hamer: ‘Ik heb daarna met hoofdredacteur Pieter Klok een kop koffie gedronken en begreep toen beter dat de krant zelf ook worstelde met de rol als werkgever. Want naast dat de redactie al vroeg en veel over dit onderwerp heeft geschreven - denk aan het verhaal over de slachtoffers bij de DWDD - moet ze zelf ook handelen als er zich een casus voordoet (Hamer doelt op de rechtszaak die de Volkskrant had met een literair recensent die door verschillende vrouwen werd beschuldigd van grensoverschrijdend gedrag, red.). De redactie zocht ook zelf concrete handvatten voor dit soort kwesties en hoopte: Mariette Hamer gaat straks de oplossing geven. Dat heb ik uiteindelijk ook gedaan, maar ik wilde beginnen met het vergroten van het bewustzijn.
Ik denk dat meer media er in zowel journalistiek- als bedrijfsmatig opzicht in geïnteresseerd waren hoe ik dit ging aanpakken. Zo werken die dingen natuurlijk gewoon. Of ik daar meer voorbeelden van heb? Ja, ik herinner me uit de tijd dat ik SER-voorzitter was dat er een lange discussie liep of het fenomeen zzp’er nu wel of niet een probleem vormde. Samen met de Raad voor Cultuur schreef ik destijds een rapport over zzp’ers in de media- en cultuurwereld en dat kreeg heel veel media-aandacht. Over de onzekerheid die het opleverde om geen vast contract te hebben. Wat op zichzelf een logisch mechanisme is, omdat het dan opeens gaat over je eigen wereld.
Daar heb ik wel van geleerd dat als een onderwerp de media zelf raakt dit meer aandacht genereert. Zo zijn de wetten. Hetzelfde effect zag je bij de verhalen over The Voice en DWDD. En het helpt natuurlijk in aandacht voor het onderwerp als de media daarin meegaan. Ik zie ze wel als partners in crime, om het zo maar te zeggen.’
Het gesprek met Klok, maar ook gesprekken met andere managers, hebben me geleerd dat er een grote behoefte bestaat aan een handleiding hoe ze met beschuldigingen om moeten gaan. Dat hebben we prioriteit gegeven. De handreiking ‘Omgaan met meldingen’ is er inmiddels, je moet aansluiten bij waar behoefte aan is.
En ook bij de Volkskrant heeft het tot een interessante dynamiek geleid. In de podcast De kamer van Klok ging het veel over dit onderwerp. De mening van de redacteuren verschuift in de loop van enkele afleveringen; naar dat ze zelf inzien dat je grensoverschrijdend gedrag niet met een paar regels verandert. Dat is het leuke aan die podcast: er werd in die studio flink met mij mee gedacht. En dat is precies het gesprek dat we nodig hebben.’
De lessen van Mariëtte Hamer
• Houd in je verhaal over seksueel grensoverschrijdend gedrag of seksueel geweld rekening met de gevoelens van slachtoffers die een vergelijkbare situatie hebben meegemaakt; het kan een herbeleving veroorzaken.
• Besteed ook aandacht aan de onderliggende mechanismes van grensoverschrijdend gedrag; niet alleen aan het incident.
• Zorg dat slachtoffers die hun verhaal anoniem willen vertellen ook werkelijk niet te herleiden zijn. En overweeg sowieso goed of je anonieme bronnen nodig hebt; het is ingrijpend voor iedereen.
Mediagebruik
‘Ik heb een abonnement op alle landelijke kranten: drie thuis en drie op het werk. En verder kijk ik alles wat los en vast zit, “oude” en nieuwe media.’


Praat mee
1 reactie
Johan, 18 juni 2024, 14:49
Ik vind dat media zich met verslaggeving moeten bezig houden en niet met het bestrijden van crime. Het betekent dat er vaak diverse geluiden kunnen klinken, maar ja dat is een zo langzamerhand oude gedachte die er nog vanuit gaat dat men beter naar het OM kan stappen dan naar media en dan ook nog getipt door anoniemen.