— dinsdag 8 februari 2011, 11:37

In memoriam Koen Wessing (1942 - 2011)

Met het overlijden van Koen Wessing is een van Nederlands beste fotografen heengegaan.

Mijn eerste kennismaking met hem was in de drukkerij van Rob Stolk, in de Amsterdamse Nieuwmarktbuurt, waar hij wel eens kwam. Kort daarna bracht hij me een doos foto’s. ‘Zie maar wat je er van kan gebruiken’, en hij legde een oranje doos foto’s op mijn tekentafel. Hij schonk zichzelf een kop zwarte koffie in en stak een Gaulloise op. Hij bleef even zwijgend zitten en vertrok.

In de doos zaten zijn later beroemd geworden Chili-foto’s. De foto’s heb ik geregeld gebruikt net als de stapeltjes dozen gevuld met beelden die hij in de jaren daarna afleverde. Nicaragua, Guatamala, El Salvador, kortom: het drama van Latijns-Amerika. De foto’s van toen zijn geschiedenis geworden. Ze hebben jaren naast me gestaan alvorens ze in de archiefkasten van Hollandse Hoogte verdwenen. Het bureau waar Koen zich thuis voelde en dat altijd goed voor hem heeft gezorgd.

Koen was geen eerzuchtige fotograaf en zeker geen rijke fotograaf. Hij was ook wars van alle prietpraat over fotografie en over hemzelf. Roland Barthes had zijn werk eens beschreven, maar Koen vond het allemaal gelul. Ook Cartier-Bresson kon niet op zijn sympathie rekenen. Koen ging voor duidelijkheid en rechtvaardigheid in zijn fotografische- en politieke keuzes. Geld en materie waren geen drijfveer in zijn leven.

Twintig jaar later mocht ik zijn monografie redigeren. Niet dat Koen iemand nodig had die hem moest vertellen wat een goede of een slechte foto was, zijn keuze daarin was onbetwistbaar. Het was meer vertrouwen, structuur en begrip wat hij nodig had. Nadat de ruwe versie klaar was, heb ik dagen alleen in zijn huis in Amsterdam al zijn contactvellen doorgekeken. En mocht ik ooit niet overtuigd zijn geweest van zijn meesterschap, dan was ik dat zeker nadien. Ik keek in de ziel van de fotograaf en daar alleen in zijn verder lege huis aan een oude keukentafel was ik een heel klein beetje deelgenoot van zijn leven.

Zijn politiek geladen fotografie zorgde voor zijn bekendheid, maar ook voor een hokje waarin hij geplaatst werd. Zijn hart lag in Latijns-Amerika, waar hij niet zelden zijn leven in de waagschaal stelde. Hij moest daar op een zeker moment afstand van nemen. Het werd China. Negen maanden lang reisde hij met zijn vrouw Agnes en hun baby Marie door het land. Het is een van zijn mooiste reportages geworden.

De serie vormde het slotstuk in zijn monografie en bij de presentatie ervan sprak Johan van der Keuken de volgende woorden:

Het laatste woord, gevat in het laatste beeld, is een mysterie. Een bedelaar komt geknield uit het duister gekropen, badend in een hel zwart licht, (...) Schaduw voor het beeld, schaduw achter het beeld en daartussen de bronzen man met zijn verinnerlijkt gelaat, geknield liggend aan de rand van het snel voorbijdraaiend plaveisel, de man op de rand van de aarde die rondtolt als een bromtol die zoemt van de leegte voorbij het verlangen, de passie, het grote verdriet, gezien in een flits, die alles even volledig stil legt.

Dat alles even helemaal stil mag zijn.

Dick Breebaart

Met het overlijden van Koen Wessing is een van Nederlands beste fotografen heengegaan.

Mijn eerste kennismaking met hem was in de drukkerij van Rob Stolk, in de Amsterdamse Nieuwmarktbuurt, waar hij wel eens kwam. Kort daarna bracht hij me een doos foto’s. ‘Zie maar wat je er van kan gebruiken’, en hij legde een oranje doos foto’s op mijn tekentafel. Hij schonk zichzelf een kop zwarte koffie in en stak een Gaulloise op. Hij bleef even zwijgend zitten en vertrok.

In de doos zaten zijn later beroemd geworden Chili-foto’s. De foto’s heb ik geregeld gebruikt net als de stapeltjes dozen gevuld met beelden die hij in de jaren daarna afleverde. Nicaragua, Guatamala, El Salvador, kortom: het drama van Latijns-Amerika. De foto’s van toen zijn geschiedenis geworden. Ze hebben jaren naast me gestaan alvorens ze in de archiefkasten van Hollandse Hoogte verdwenen. Het bureau waar Koen zich thuis voelde en dat altijd goed voor hem heeft gezorgd.

Koen was geen eerzuchtige fotograaf en zeker geen rijke fotograaf. Hij was ook wars van alle prietpraat over fotografie en over hemzelf. Roland Barthes had zijn werk eens beschreven, maar Koen vond het allemaal gelul. Ook Cartier-Bresson kon niet op zijn sympathie rekenen. Koen ging voor duidelijkheid en rechtvaardigheid in zijn fotografische- en politieke keuzes. Geld en materie waren geen drijfveer in zijn leven.

Twintig jaar later mocht ik zijn monografie redigeren. Niet dat Koen iemand nodig had die hem moest vertellen wat een goede of een slechte foto was, zijn keuze daarin was onbetwistbaar. Het was meer vertrouwen, structuur en begrip wat hij nodig had. Nadat de ruwe versie klaar was, heb ik dagen alleen in zijn huis in Amsterdam al zijn contactvellen doorgekeken. En mocht ik ooit niet overtuigd zijn geweest van zijn meesterschap, dan was ik dat zeker nadien. Ik keek in de ziel van de fotograaf en daar alleen in zijn verder lege huis aan een oude keukentafel was ik een heel klein beetje deelgenoot van zijn leven.

Zijn politiek geladen fotografie zorgde voor zijn bekendheid, maar ook voor een hokje waarin hij geplaatst werd. Zijn hart lag in Latijns-Amerika, waar hij niet zelden zijn leven in de waagschaal stelde. Hij moest daar op een zeker moment afstand van nemen. Het werd China. Negen maanden lang reisde hij met zijn vrouw Agnes en hun baby Marie door het land. Het is een van zijn mooiste reportages geworden.

De serie vormde het slotstuk in zijn monografie en bij de presentatie ervan sprak Johan van der Keuken de volgende woorden:

Het laatste woord, gevat in het laatste beeld, is een mysterie. Een bedelaar komt geknield uit het duister gekropen, badend in een hel zwart licht, (...) Schaduw voor het beeld, schaduw achter het beeld en daartussen de bronzen man met zijn verinnerlijkt gelaat, geknield liggend aan de rand van het snel voorbijdraaiend plaveisel, de man op de rand van de aarde die rondtolt als een bromtol die zoemt van de leegte voorbij het verlangen, de passie, het grote verdriet, gezien in een flits, die alles even volledig stil legt.

Dat alles even helemaal stil mag zijn.

Dick Breebaart

Bekijk meer van

Carrière

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.