Tegel Beeld en Geluid

— zondag 16 augustus 2015, 14:02 | 0 reacties, praat mee

‘Houd een project dicht bij jezelf’

© Elmer van der Marel

Omdat de projecten van fotograaf Dirk-Jan Visser vaak te tijdrovend of te complex zijn voor een totale financiering door reguliere media, is hij aangewezen op fondsen of subsidies. ‘Er zijn honderden, misschien wel duizenden fondsen’, aldus Visser. Hoe vind je door de bomen het bos en hoe ga je daarna te werk?

Het simpelste business model van een fotograaf is te vergelijken met dat van een marktkoopman. Een willekeurige klant wil een ‘mooie’ foto van bijvoorbeeld de Sint-Pietersberg, de fotograaf trekt er op uit, doet zijn trucje en levert een prachtige foto van deze heuvel. De klant vindt hem ook mooi, betaalt de fotograaf het afgesproken bedrag en iedereen is tevreden.

Maar wat nu als de fotograaf tijdens het fotograferen ontdekt dat een chemisch concern enorme hoeveelheden giftig afval illegaal stort in een grot, diep in de Sint-Pietersberg? Uiteraard kan de fotograaf er gewoon omheen, zolang de klant niks weet, blijft het de mooie Sint-Pietersberg. Echter door de giflozing sterven er kinderen en daarmee is de foto opeens minder mooi en de klant voelt zich bedonderd. Het simpele business model van de marktkoopman werkt hier niet. Zijn business model moet veranderen. Van een markt waar mensen hem vragen om een dienst, moet hij zijn diensten, zijn foto’s van de Sint-Pietersberg, ongevraagd gaan aanbieden.

Maar wat nou als het om een giflozing gaat in het grensgebied van twee de facto staatjes aan de andere kant van de wereld? Waar weinig mensen van gehoord hebben en al twintig jaar een bevroren conflict leeft over iets wat iedereen vergeten is? Waar het beeld heerst dat milieuverontreiniging aan de orde van de dag is en waar de kindersterfte al zo hoog is dat een paar meer of minder weinig verschil maakt? Als dit de situatie is, zou het business model van actief aanbieden aan media dan nog steeds werken? Mijn ervaring is van niet. Laat staan dat er vanuit financieel oogpunt een verdienmodel in dit verhaal zit.

Dus, stoppen we met het maken van deze verhalen of gaan we op zoek naar partijen die het interessant vinden om te investeren in deze projecten?

In het verleden heb ik verschillende projecten kunnen realiseren die nooit waren gemaakt als ik geen gebruik had kunnen maken van subsidies. Het aanschrijven van bepaalde fondsen helpt mij in het construeren van het verhaal. Wat wil ik eigenlijk vertellen? Wat is de hoofdzaak en wat zijn de bijzaken? Waarom wil ik dit verhaal vertellen? Kortom zo’n onderzoeksperiode en creëert de scherpte van het project.

Nu zijn er honderden, misschien wel duizenden fondsen. Google maar een willekeurig woord en plak er fonds of stichting achter. Ongetwijfeld dat er een organisatie bestaat die zich inzet voor een bepaald onderwerp, thema, herinnering, land, cultuur, etniciteit of belang. Betreft het een project over een giflozing, dan hoef ik me geen zorgen te maken dat er geen partijen zijn die hier interesse in hebben. Milieu, internationale geo­politiek en mensenrechten; genoeg organisaties die hier een belang hebben.

Naast een inhoudelijke financiering zijn er partijen die financieren op basis van meer artistieke uitgangspunten. Enerzijds kan dit het medium zijn; er zijn nogal wat fondsen die projecten ondersteunen op het gebied van documentaire fotografie en fotojournalistiek. Daarnaast zijn er fondsen die de creatieve industrie willen promoten, fondsen die boeken of tentoonstellingen financieren en fondsen die het belangrijk vinden dat een fotograaf of kunstenaar zich (persoonlijk) ontwikkelt.

Dat er veel partijen zijn die potentieel kunnen bijdragen, betekent niet dat je met iedereen in zee moet gaan. ­Organisaties die vanuit inhoudelijk perspectief kunnen en willen bijdragen zijn ‘tricky’. Hoe onafhankelijk wordt je project door de buitenwereld beoordeeld als een giflozingsproject door een milieuorganisatie is betaald? Hoe geloofwaardig is je verhaal als de zogenaamde ambassade van een van de facto staten je project heeft gefinancierd? Ondanks dat je alle vrijheid hebt gekregen van een belangenclub, betekent dit niet dat het publiek dit ook zo ervaart.

Het aanschrijven van fondsen die minder op de inhoud zitten, maar meer het medium en/of de ontwikkeling hiervan stimuleren, vereist een andere aanpak. Als fotograaf, journalist, documentairemaker of kunstenaar moet je je heel bewust zijn van je positie ten opzichte van je onderwerp, de nieuwste ontwikkelingen in het werkveld alsook het werk van anderen. Het gaat niet alleen om de uniciteit van het onderwerp, maar ook om de uniciteit van jou als maker. Met andere woorden: waarom ben jij degene die dit verhaal kan maken en niet iemand anders? Belangrijk is de samenhang tussen de artistieke uitgangspunten van de maker en hoe deze tot uitdrukking komen in het werk. Kortom, het handschrift van de maker.

Op basis van een onderzoeksreis schrijf ik vaak een basis­tekst over waar het project in essentie over gaat. Wat de invalshoeken zijn en wat de eventueel verschillende lagen zijn. Daarnaast probeer ik al vorm te geven aan een fotografische en/of multimediale oplossing om het verhaal te vertellen. Ook denk ik na over wat eventueel interessante partijen en/of mensen zijn om mee samen te werken, bijvoorbeeld ontwerpers, interactieve designers en journalisten. Tevens heb ik een einddoel voor ogen. Is het een serie foto’s voor de krant, wordt het een boek, multimedia, tentoonstelling of een combinatie? Met name deze einddoelen zijn voor veel fondsen interessant.

Elk fonds heeft andere doelstellingen, eisen, verplichtingen en verantwoordingen. Vaak moet de basistekst een beetje aangepast worden om te voldoen aan de criteria van een geldverstrekker. Belangrijk is wel dat je het project heel dicht bij jezelf houdt en dat je je niet laat leiden door de doelstellingen van fondsen en/of organisaties. Het is namelijk heel gemakkelijk om je verhaal een beetje aan te passen voor een bepaald belang met financiële compensaties. Maar hierdoor is het project uiteindelijk niet meer van jou en zal het dan ook niet meer authentiek of interessant zijn voor een publiek. 

Dat je een project dicht bij jezelf moet houden is ook belangrijk als je verhaal een succes wordt. Fondsen en organisaties gaan met jouw succes aan de haal, zij hebben het tenslotte financieel mogelijk gemaakt. Via websites van betrokken organisaties, sociale media, rapporten en jaarverslagen zal jouw project continu genoemd worden. Mocht je geld hebben ontvangen van een omstreden club dan straalt deze publiciteit dus af op jou. Heb je geld ontvangen van een club die omstreden projecten heeft gefinancierd dan wordt jouw project mogelijk ook in twijfel getrokken.

Als je nauwelijks of geen verantwoording hoeft af te leggen over het verkregen geld moet je eens goed te rade gaan wat het belang is van de donerende partij. Het krijgen van geld schept verwachtingen en verantwoordelijkheden, ik probeer me hier bij de start altijd al bewust van te zijn.

Er zijn altijd mensen die het ongehoord vinden dat journalistieke projecten door externe partijen gefinancierd worden. Het wordt weggezet als linkse hobby, concurrentievervalsing of niet-onafhankelijk. Mijn redenatie is dat het uiteindelijk niet de betalende lezers zijn die een publicatie, in bijvoorbeeld een krant, mogelijk maken, maar de adverteerders. Het is daarom ook van belang te vermelden welke partijen financieel bijdragen in producties die worden gesubsidieerd. De mediagebruiker is slim genoeg om de productie dan op waarde of onafhankelijkheid te schatten.

De belangrijkste fondsen voor fotografen
Fonds Anna Cornelis: http://www.fondsannacornelis.nl/
Postcode Loterij Fonds voor journalisten: https://www.freepressunlimited.org/nl/projecten/postcode-loterij-fonds-voor-journalisten
Stichting Democratie en Media: http://www.stdem.org/
Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten: http://www.fondsbjp.nl/
European Cultural Foundation: http://www.culturalfoundation.eu/
Open Society Foundations: https://www.opensocietyfoundations.org/
Journalismfund.eu: http://www.journalismfund.eu/
Mediafonds: http://www.mediafonds.nl/
Materiaalfonds: http://www.materiaalfonds.nl/
Mondriaanfonds: http://www.mondriaanfonds.nl/

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab
Redacteur

Lars Pasveer
Redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur

Anneke de Bruin
Vormgever

Marc Willemsen
Webontwikkelaar

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.