‘Hou het maar persoonlijk’
Correspondenten deinzen er niet meer voor terug om ‘het echte leven’ in een land te beschrijven aan de hand van eigen ervaringen. Volkskrant-correspondent Greta Riemersma, Thomas Loudon van internetplatform VJ Movement en Afrika-kenner Femke van Zeijl over de voor- en nadelen van het persoonlijk maken van ver-van-mijn-bed-nieuws.
‘Bijna anderhalf jaar geleden kwam ik in Marokko, en de eerste maanden kon ik niet wennen aan het idee dat ik naast mijn echtgenoot niet bestond. Is hij bij mij, dan hoef ik in een café nooit zelf een kop koffie te bestellen, geen pond gehakt te vragen bij de slager, geen envelopje af te halen bij de Marokkaanse PTT, want mij wordt toch niets gevraagd. Ben ik alleen dan is iedereen buitengewoon vriendelijk, maar ben ik met hem, dan ben ik er eigenlijk niet.’
Greta Riemersma had ook haar buurvrouw, kapster of schoonmoeder kunnen interviewen. Maar ze koos voor de ik-persoon toen Volkskrant magazine vorig jaar een stuk van haar wilde over vrouwen in Marokko. Haar 11-jarige dochter kreeg het verzoek er foto’s bij te maken: Riemersma op het strand, tussen andere vrouwen op de markt, met haar zoon op weg naar school.
Ze werd overladen met complimenten toen het stuk verscheen. Net als een jaar eerder toen ze een liefdesverklaring schreef aan haar man Saïd. (‘Als ik een hoofddoek zou omdoen, zou hij morgen impotent zijn’) Of een paar weken geleden, toen haar kinderen figureerden in een stuk over slaan op school.
‘Het is absoluut niet zo dat ik steeds over mezelf schrijf’, zegt Riemersma. ‘Ik doe het alleen op plekken waar de krant gelegenheid voor dit soort verhalen biedt.’ ‘Het afscheidsstuk dat correspondenten mochten schrijven als ze weer uit een land vertrok- ken vond ik vroeger altijd het meest interessant. Dat ging ten minste over het echte leven. Toen ik hier twee jaar geleden kwam wonen, was het land in allerlei opzichten een schok voor me. Daar wilde ik over schrijven. Ik vond de man vrouw-verhoudingen interessanter dan het parlement dat niet meer is dan een applausmachine.’
Tot voor kort hield ze drie keer per week een weblog bij. Ze leerde daar anders te schrijven dan ze als Volkskrant-verslaggever gewend was. ‘De ik-vorm was lange tijd taboe. Maar als ik nu algemene informatie in een stuk voor het magazine verwerk, zegt de chef: “hou het maar persoonlijk”.’ Maar wat is dan de meerwaarde van die aanpak? Riemersma: ‘Als ik in mijn privé-leven idiote of karakteristieke dingen meemaak, is het zonde daar niet af en toe over te berichten. Door de ik-vorm te kiezen, komen ze voor de lezer dichterbij.’
Thomas Loudon is er geen voorstander van. De oprichter van internetplatform VJ Movement bindt zijn videomakers juist op het hart: ‘Géén reportages waarin jijzelf centraal staat. Jij moet het verhaal van anderen te vertellen. Televisie is al zo’n egobusiness geworden; in beeld komen is voor veel verslaggevers eerder doel dan middel. Ze doen het vaak meer om hun aanwezigheid te bewijzen dan om inhoudelijke redenen.’
De voormalig NOS-correspondent lanceerde vorig najaar met compagnon Arend Jan van den Beld VJ Movement. Inmiddels zijn er ruim 150 professionele videojournalisten uit de hele wereld bij aangesloten. Zij krijgen betaald voor hun Engels- en Spaanstalige bijdragen die al in meer dan 130 landen worden bekeken. Amerika staat – verrassend genoeg – bovenaan. Video’s die op YouTube en in blogs terechtkomen scoren soms wel 40.000 hits, ‘maar dat zijn de uitschieters’. Nederlandse en buitenlandse media zijn geïnteresseerd in afname.
Ik-gerichte reportages zijn dus taboe bij VJ Movement. Maar alle medewerkers moeten wel een portret van zichzelf maken waarin zij hun journalistieke drijfveren en dilemma’s uiteenzetten. Die profielen zijn wel persoonlijk. Een Spaans koppel vertelt bijvoorbeeld hoe moeilijk het is om in China te werken: ‘Niet alleen de overheid, maar ook burgers zien ons vaak als een vijand.’ Beelden van Chinese mannen die buitenlandse cameraploegen opzichtig fotograferen illustreren hun verhaal. ‘De profielen worden goed bekeken’, zegt Loudon. ‘Sommige bezoekers zijn helemaal profilofiel.’ Ook ‘The Making of’ kan zo’n hit worden. De eerste is gemaakt door een Boliviaanse verslaggeefster. Ze reist vijf uur en loopt achttien uur over glibberige paadjes voordat ze uitgeput aankomt bij de cocaboerin die ze wil portretteren. ‘We zaten er met open mond naar te kijken: wat die verslaggeefster niet allemaal moet doen voor haar verhaal! En dan is de band van haar auto ook nog eens lek. Haar “Making of” geeft een goed beeld van het hele traject dat ze moest doorlopen voordat haar verhaal rond was. Vandaar dat we er meer willen maken.’
Freelance journalist Femke van Zeijl maakt ver-van-mijn-bed-nieuws weer op een andere manier persoonlijk. In tegenstelling tot veel verslaggevers blijft zij vaak langere tijd op één plek. In december vorig jaar sloot ze haar project ‘City Life in Africa’ af: een serie artikelen en blogs voor nrc.next vanuit zes steden waar ze zich minstens een maand installeerde. ‘Een filmpje op haar weblog laat zien hoe uitbundig er gedanst wordt op haar afscheidsfeest in Burkina Faso. Van Zeijl komt zelf niet in beeld, omdat zij de camera bedient. Maar het is duidelijk dat hier participerende journalistiek wordt bedreven.
Thuis in Utrecht legt ze de laatste hand aan haar boek over verstedelijking in Afrika. ‘Het schrijven van een boek is eenzaam achterkamertjeswerk. Daarom was het dit keer zo’n openbaring om tijdens het proces al met mijn publiek van gedachten te wisselen. Al kunnen sommige lezers wel heel bot en confronterend zijn.’
Vanuit Oeganda schreef ze een keer dat wel erg veel mannen het met haar proberen aan te leggen. ‘Vrouwen scheppen graag op dat ze zo populair zijn bij mannen. Ook in dit geval geloof ik er niets van’, reageert een lezer. ‘Ik kan zo iemand van repliek dienen door uit te leggen dat mijn witte velletje en portemonnee waarschijnlijk belangrijker zijn dan mijn uiterlijk. Fileren en onschadelijk maken is dan het beste recept.’
Niet de weblogs, maar vrouwenbladen hebben haar aangezet tot het schrijven van persoonlijke stukken. Ze wilde vroeger bij voorkeur in NRC Handelsblad, Opzij en Vrij Nederland staan, maar in Marie Claire of Esta kan ze haar verhalen ook kwijt. ‘Die hebben al lang door dat het buitenland weer in is als je er een persoonlijke invalshoek bij kiest. Voor Libelle bijvoorbeeld, ben ik bezig met een essay over de toekomst van Afrika.’
De eerste keer dat het haar gevraagd werd weigerde ze zelf de hoofdpersoon te zijn. ‘De ik-vorm is eruit geslagen tijdens de opleiding. Je moet er ook voorzichtig mee blijven. Toen ik in Congo was, laaide de oorlog op. Toen heb ik ook nieuwsberichten geschreven en kruisgesprekken gedaan voor BNN. Ik gooi de verslaggeverij niet op de schop. Ik merk alleen dat een persoonlijke invalshoek soms meer impact heeft. Een traditioneel geschoolde Afrikacorrespondent als Koert Lindijer blinkt uit als hij zijn familie erbij haalt.’
Links
* www.vkblog.nl/blog/67780/Berichten_uit_Marokko
* www.vjmovement.com/
* www.nrcnext.nl/city-life-in-afrika


Praat mee