data als kans

— maandag 29 november 2021, 10:32 | 6 reacties, praat mee

Hoe de journalistiek haar plicht verzaakt in coronatijd

© Robin Utrecht/ANP/Hollandse Hoogte

Journalisten hebben zich in de coronacrisis te veel gericht op gezagsdragers en te weinig en te oppervlakkig aandacht besteed aan mensen die aan het front stonden, stelt Jacek Magala, socioloog en woordvoerder voor de beroepsvereniging Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland, in dit essay voor stichting KIM, het forum voor reflectie en journalistiek. Laatste wijziging: 2 december 2021, 08:46

Het was derde Kerstdag en RIVM-voorman Jaap van Dissel keek bij de NOS terug op een bewogen 2020. De ongekende golf aan besmettingen en overlijdens in de verpleeghuizen kwam ter sprake. Hoe was die door Van Dissel te verklaren? Door het vanaf de start van de pandemie werken zonder beschermende middelen in de huizen? Nee, hoor, het zou mede aan het opleidingsniveau van de 170.000 verzorgenden liggen dat er zoveel mensen besmet en gestorven waren.

Groot nieuws, toch, als de belangrijkste adviseur van het kabinet zoiets zegt? Integendeel. Pas nadat Nieuwsuurs Milena Holdert erover twitterde en beroepsvereniging V&VN vervolgens kritiek uitte, besloot de NOS alsnog expliciet de aandacht te vestigen op de uitspraak over verzorgenden. De kop van het online artikel? ‘Verzorgenden voelen zich aangevallen door Van Dissel.’

Voelen dus, want blijkbaar spreekt het voor zich, om zo te spreken over de mensen die de zorg draaiende houden. Als praktisch opgeleide ‘handjes’, en zeker niet als hersens. En het was de heilig verklaarde Van Dissel die het zei, dus dan moest het wel kloppen, toch?

Coronawacht
Verzorgenden bleven de hele crisis nagenoeg onzichtbaar in de media, en verpleegkundigen werden zelden als experts neergezet. Vooral niet op televisie, en al helemaal niet in de beeldbepalende talkshows en actualiteitenrubrieken. Met als journalistieke keerzijde: een fixatie op gezagsdragers en een neiging hen te bewieroken.

De beste illustratie hiervan is voor mij een tekening, gemaakt in opdracht van het AD: de Coronawacht van kunstenaar Tom van Wanrooy. Het is een ‘Nachtwacht’ van de mensen in de zorg. Op de voorgrond zien we Van Dissel, Rutte, Gommers, Kuipers en De Jonge vol trots op de beste plekken. Onze ‘zorghelden’ hobbelen gezichtloos op de achtergrond, als kleine kinderen die tikkertje spelen. Treffender kun je de beeldvorming rondom verpleegkundigen en verzorgenden niet vatten.

Als ik naar de Coronawacht kijk, zie ik vooral de weerslag van journalistieke keuzes. In de selectie van onderwerpen en gesprekspartners, de keuze van insteek, de vragen die worden gesteld. Ik bedoel mijn kritiek opbouwend, want mijn waardering voor het werk van journalisten is groot. We zagen veel zorgpersoneel in de krant en op televisie. We zagen – weliswaar tegen middernacht – Geertjan Lassches sympathieke ‘Frontberichten’. Er waren meerdere odes aan onze ‘zorghelden’. Maar te weinig zagen we een verpleegkundige (laat staan een verzorgende) als deskundige iets zeggen over een ernstig gezondheidsprobleem. Hoe groot hun kennis en ervaring ook zijn, hoe dicht ze ook bij patiënten staan, hoezeer zij als eersten ook zien welke kant het opgaat.

Neem de capaciteit op de IC’s. Die wordt niet bepaald door een tekort aan bedden, niet door de voorraden aan medische apparatuur of de ruimte in de ziekenhuizen. Dat is allemaal in orde. Dé bottleneck op de IC’s is het gierende tekort aan verpleegkundigen. Zowel op de IC’s als op andere afdelingen. Toch zijn het in 99 van de 100 gevallen de artsen Kuipers, Gommers en Girbes die het hierover in de talkshows mogen hebben. Tientallen keren zaten ze bij Jinek en Op1 aan tafel. Verpleegkundigen?

Sporadisch, vaak zittend op de tweede rij, op de rol om te vertellen over hoe zwaar ze het hebben. De voorvrouw van de IC-verpleegkundigen, Rowan Marijnissen, die samen met Gommers en Kuipers over de opschaling van de IC capaciteit beslist en als ‘persoon van het jaar’ de cover van Elsevier sierde? Ze bleef steken op welgeteld twee Op1-optredens.

Of het nou om Kuipers bij Op1 of Jinek ging, of om Rutte en De Jonge op hun persconferenties, te zelden kregen ze de vraag: als (IC-)verpleegkundigen dé bottleneck zijn in deze crisis, wat heb je dan gedaan om ze te behouden? Om nieuwe te werven? Al was het maar tijdelijk hun loon te verhogen? Om een oplossing te vinden voor het nijpende probleem van kinderopvang tijdens vroege of late diensten? Om de administratielast terug te dringen? Het eerlijke antwoord: niks, nada, noppes. En nu betalen we met zijn allen de prijs voor de door Rutte en De Jonge jarenlang op hun beloop gelaten gierende personeelstekorten. Met een paar honderd IC verpleegkundigen meer hadden we niet aan al die klotemaatregelen gehoeven. 

Kan ze niet een bed opmaken?
De verkeerde gasten, niet de juiste vragen, maar ook een rare neiging om zorgmedewerkers als voetvolk in beeld te brengen – dat zag ik geregeld. Het gebeurde wekelijks wel een keer. Een journalist van een televisieprogramma belt. En vraagt om een verpleegkundige (en vrijwel nooit om een verzorgende). Vaak zat het venijn in de staart van die gesprekken.

‘We willen haar of hem aan het bed.’ ‘Het moet op de werkvloer.’ ‘Nee, geen mantelpak, het moet echt in uniform.’ ‘Nee, het moet echt met een masker op.’ ‘Kan ze niet gewoon een bed opmaken?’ Dat waren teleurstellend vaak de teksten. Elke keer zei ik dan: ik wil dat je het gezicht kunt zien. Dat je de mens ziet, de professional die met gezag spreekt. Ik wilde een realistisch beeld neerzetten: van deskundige vaklui, van mensen die een relevant verhaal vertellen.

Ik oogstte vaak begrip van mijn gesprekspartners. Hoorde hun ongemak aan de andere kant van de lijn. Hoorde ze stilvallen of iets mompelen over de opdracht van de hoofdredactie. ‘Gommers zie je op tv toch ook best vaak zónder masker, ook in een ziekenhuis?’ Maar al te vaak was de bottom line: óf achter een masker en een bed verschonend óf je komt helemaal niet in het item, het spijt me.

Instituties
De keerzijde hiervan: een grote bereidwilligheid onder veel (vaak Haagse) journalisten om de agenda van de instituties en de macht te volgen. Met te veel staat en schrijftafelinzichten, en te weinig aandacht voor hoe het er in het echt aan toegaat en daardoor vaak te weinig ruimte voor kritische tegengeluiden uit de praktijk.
Terwijl er alle aanleiding was om Rutte, van Dissel en de hunnen veel kritischer te bejegenen. Met besluitvorming die zich grotendeels aan democratische controle onttrok. Met heiligverklaarde adviseurs, die in het geheim beraadslaagden en wier adviezen direct in beleid werden omgezet, en de Kamer als kritiekloze applausmachine.

En een OMT dat hermetisch gesloten bleef voor de ervaringen en expertise van verpleegkundigen en verzorgenden (en even onbegrijpelijk; ook voor die van bijvoorbeeld gedragswetenschappers).

Het beleid was in eerste instantie uitsluitend gericht op de ziekenhuizen (waardoor de wijkverpleging en de verpleeghuizen geen mondneusmaskers kregen en buiten beeld bleven). Dat zag je in de berichtgeving één op één terug. Een obsessie met ziekenhuizen, met name de IC’s, en veel minder aandacht voor de langdurige zorg.

Als we bij journalisten aandacht vroegen voor de stille ramp in de wijkverpleging, kregen we te horen: maar daar zijn landelijk geen cijfers van. En zo was de cirkel perfect rond. Geen aandacht van beleidsmakers en dus geen cijfers en dus geen aandacht van de media, enzovoort. En eigenlijk is het nog steeds zo, alle ogen van de kudde op de IC’s en de ziekenhuizen en veel minder interesse voor de thuiszorg en de verpleeghuizen. Terwijl daar veel meer Nederlanders (corona-)zorg ontvangen dan in de ziekenhuizen.

We hebben daar als samenleving een hoge prijs voor betaald. Terwijl het RIVM en het OMT zich op hun modellen blind staarden, zagen verzorgenden de besmettingsgolf in de verpleeghuizen van mijlenver aankomen. Ouderen met dementie konden niet verwoorden wat ze mankeerde, hadden niet de standaard symptomen. Maar verzorgenden zagen energieke mannen die opeens stil vielen. Normaal gesproken glasheldere vrouwen die zich verward gingen gedragen. Verzorgenden zagen dat het niet pluis was en trokken aan de bel. Er werd niet naar geluisterd. Hun roep om mondneusmaskers bleef onbeantwoord. En dat hebben we geweten. Pas toen de lijkwagens af en aan reden, schrokken pers en politiek wakker.

Borreltafelpraat Van Dissel
Het was ontzettend lastig om de puinhoop rondom mondneusmaskers en de daarvoor geldende RIVM richtlijnen bij journalisten goed voor het voetlicht te brengen. Terwijl heel Nederland anderhalve meter afstand hield en een mondneusmasker moest dragen, was dat in de verpleeghuizen en de wijkverpleging volgens het RIVM niet nodig. Zelfs niet bij bevestigde Covidpatiënten! Wat heet, op basis van ‘persoonlijke observaties’ meende Van Dissel dat zorgmedewerkers ze toch niet correct wisten te gebruiken.

Geen journalistieke haan die naar die neerbuigende borreltafelpraat (later door de gedragsunit van het RIVM zelf ontkracht) kraaide. Terwijl het hier nota bene ging om de hoogste wetenschappelijke adviseur van het kabinet. Die kun je als journalist toch niet met dit soort prietpraat weg laten komen? Stel je voor dat er wél naar verzorgenden was geluisterd en we net als andere landen al snel preventief mondneusmaskers waren gaan gebruiken. Hoeveel mensenlevens zouden gespaard zijn gebleven?

Niet alleen van bewoners en patiënten, maar ook van de eigen familieleden van verzorgenden en van hun naasten. Maar dan moet je wél een podium voor die boodschap krijgen. Het is dat Nieuwsuurs Milena Holdert en Renee van Hest zich in de RIVM-richtlijnen vastbeten en er terecht een Tegel voor in de wacht sleepten. Maar buiten Nieuwsuur kon het ‘ingewikkelde’ onderwerp nauwelijks op aandacht van journalisten rekenen. De keren dat het onderwerp terugkwam in de vele tientallen persconferenties van Rutte en De Jonge? Op de vingers van één hand te tellen.

Meer werkvloer, minder bobo’s
Journalisten doen er goed aan meer naar verpleegkundigen en verzorgenden te luisteren. Zie ze als volwaardig gesprekspartner en niet als een illustratie vanaf de werkvloer bij het verhaal van de bobo in de studio. Noem een verzorgende gewoon een ‘verzorgende’ in plaats van ‘zorgmedewerker’. Dat lijkt me wel zo eerlijk. Of ik moet gemist hebben dat ook artsen tegenwoordig als ‘zorgmedewerker’ worden geïntroduceerd als ze op tv verschijnen.

Iedereen begrijpt dat mensen als Kuipers en Gommers goede praters zijn en vanuit hun positie iets relevants te vertellen hebben. Maar dat geldt voor verpleegkundigen en verzorgenden evenzeer. Zij kunnen, juist omdat ze 24/7 zo dichtbij patiënten staan, met hun poten in de spreekwoordelijke blubber, vertellen hoe het er écht aan toe gaat in de grootste crisis sinds de Tweede Wereldoorlog.

Van de bobo’s met hun gladde PR-praatjes moeten we het niet hebben. De Jonge zei einde zomer nog dat we in november alle maatregelen zouden kunnen laten varen. Van Dissel oreerde in oktober dat een nieuwe lockdown er niet in zat. En dat op een moment dat de besmettingen sterk opliepen, het kabinet talmde met het beginnen van een boosterprik-campagne én de GGD’s voor de zoveelste voorbarige keer hun capaciteit afschaalden.

Elke verpleegkundige of verzorgende had je op basis van eigen observaties uit de zorgpraktijk kunnen vertellen: die uitspraken zijn van de realiteit losgezongen. Hoe gepassioneerd het afscheid van het mondneusmasker door bruidegom brekebeen Grapperhaus ook werd bezongen. Luister niet te veel naar de bobo’s, mensen, trust the real experts.

Code zwart
De pers heeft een cruciale rol in onze democratie. Dat doe je als journalist door te schrijven, fotograferen of filmen hoe dingen écht zijn. Door verzorgenden helemaal niet in beeld te brengen en verpleegkundigen zelden als gezaghebbende experts op te voeren, hebben journalisten grote steken laten vallen. Alle vele goede uitzendingen en stukken niet te na gesproken.

Eén troost, het track record van Rutte, De Jonge en Van Dissel is stukken poverder. Keer op keer te laat en te slap ingrijpend. Het eigen onvermogen toedekkend met het als schoolkinderen toespreken van Nederlanders. Sturend op IC capaciteit in plaats van op het aantal besmettingen waardoor we voortdurend achter de feiten aan blijven lopen. Gespeend van een lange termijn strategie van incident naar incident hobbelend.

In de laatste persconferentie zagen we dan eindelijk een begin van zelfreflectie bij Rutte en De Jonge na bijna twee jaar gezwabber. Maar het was zelfreflectie van de zuinigste soort, door de groeiende maatschappelijke druk afgedwongen. Too little too late, Mark en Hugo, nu we met zijn allen op code zwart af koersen, steeds dieper in de ellende.

In de tweede alinea van dit stuk is een verbetering aangebracht

LEES MEER: In de serie essay voor KIM, het forum voor reflectie en journalistiek, verschenen eerder de volgende bijdrages:

Jacek Magala is socioloog en werkt als woordvoerder voor beroepsvereniging Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland.

Tip de redactie

Wil je Villamedia tippen, maar is dat te gevoelig voor een gewone mail? Villamedia is aangesloten bij Publeaks, het platform waarmee je veilig en volledig anoniem materiaal met de redactie kunt delen: publeaks.nl/villamedia

Praat mee

6 reacties

Rene Quist, 29 november 2021, 11:41

Krachtig stuk! Heel gek dat de verpleegkundigen niet veel vaker aan tafel zaten. En zonder cijfers vinden journalisten het sowieso al lastig om een verhaal te maken.

roel kleine, 29 november 2021, 12:15

Geertjan Lassche is zo’n beetje de enige geweest die wel met de poten in de modder heeft gestaan (Frontberichten).

Pål Jansen, 1 december 2021, 23:10

Ben wel benieuwd in hoeverre ziekenhuizen zelf invloed hebben gehad in het aan het woord laten van hun verpleegkundigen… ik vermoed dat veel interviewverzoeken zijn afgewezen

José, 29 december 2021, 16:08

Hmmm en wat vindt VenVN hiervan, cq doet VenVN hiermee?

Wim Theunisse, 26 april 2022, 23:58

Gelet op het bovenstaande lijkt het er op alsof bekende feiten d.m.v. herkauwen opnieuw een kans krijgen.

Praat beter over het falen van de V.N. inzake Ukraine.
Na meer dan 50 dfagen oorlog komt de voorzitter van die misselijkmakende club eindelijk met zijn volgevreten lijf van zijn stoel om met de russen te praten.

Wim Theunisse, 27 april 2022, 00:00

dfagen=dagen

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Uitgever

Dolf Rogmans

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Factuurgegevens

Villamedia Uitgeverij BV
Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Chris Helt, hoofdredacteur

Marjolein Slats, adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab, redacteur

Lars Pasveer, redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven, redacteur

Rutger de Quay, redacteur

Sales

Sofia van Wijk

Jenny Fritschy

Webontwikkeling

Marc Willemsen

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.