website over journalistiek

x

Villamedia heeft een app

 

Helaas komt snel, sneller, snelst vaak voor. Mark Hoogstad neemt de tijd voor een reactie

Mark Hoogstad — Geplaatst in Journalistiek op Thursday 17 May 2018, 12:51

© Marwan Magroun

Opinie Snel-sneller-snelst: hoe behouden media kwaliteit en diepgang in tijden van tempo? Dat was het thema van Het Grote Media Theater, op woensdag 9 mei in de Stadsschouwburg Amsterdam. Een van de sprekers was Mark Hoogstad. Hij gaf vorig jaar zijn vaste baan bij AD Rotterdams Dagblad op voor een freelance bestaan. Hij werd gek van de ratrace om het nieuws en schreef daar een opinie over op Villamedia, dat veel reacties ontlokte. Hoogstad blikt terug én vooruit.

‘Dapper en eerlijk’. ‘Raak’. ‘Schrijnend topstuk’. ‘Teloorgang van de journalistiek, uiterst klemmend beschreven.’ ‘Lezenswaardig artikel’. ‘Wijze woorden’. ‘Kraakhelder en inzichtelijk stuk’. ‘De knuppel in het hoenderhok!’ ‘Openhartig verhaal’. ‘Verplichte kost voor jong en oud in journalistiek’.

Het is slechts een greep uit de tientallen reacties die ik – direct (WhatsApp, DM, email, LinkedIn) en indirect (Twitter) - mocht ontvangen, nadat Villamedia vorige week maandag mijn opiniestuk publiceerde op deze website. ‘Net met veel interesse je verhaal [..] gelezen’, mailde een collega. ‘Voor mij als collega-journalist (in loondienst) toch wel erg herkenbaar. Je verhaal heeft me in ieder geval weer eens aan het denken gezet. Dank daarvoor.’

Het betoog voerde Gijs van Oosten, oud-chef en -verslaggever van de Geassocieerde Pers Diensten (GPD), terug in de tijd. Meer precies: naar een ‘onaangename plenaire bijeenkomst’ in 2012, toen zijn collega’s en hij van hogerhand de opheffing van de regionale persdienst door hun strot geduwd kregen. ‘Digital First was het toverwoord en wij konden ophoepelen met onze analyses en achtergronden’, twitterde Van Oosten, nog altijd een tikje verbitterd en verbouwereerd over de brute maar destijds als ‘economisch onvermijdelijk’ verkochte GPD-liquidatie. Hij is tegenwoordig docent op een atheneum in Heemstede. Een meer dan behoorlijke, zo weet ik uit betrouwbare bron.

Voor de goede orde vat ik mijn pleidooi nog even samen: laat je als serieus nieuwsmedium niet gijzelen door onbezonnen haast, want ja, het is waar: hardlopers zijn doodlopers. Hijgerige scoringsdrift leidt tot fouten, frustratie en – na verloop van tijd – nodeloze verspilling van talent, inventiviteit en geloofwaardigheid. Journalisten zijn geen vakkenvullers, journalisten zijn creatieve geesten die uitgedaagd willen en dienen te worden. Dan komen zij, en daarmee uiteindelijk ook hun kijk-, lees- en luisterpubliek, het beste tot hun recht.

Het aantal clicks en hits is voor hen van secundair belang, of zou dat in elk geval moeten zijn. Kortom: kwaliteit boven kwantiteit, te allen tijde. Dat de geachte dames en heren van de marketingafdeling hier anders over denken, staat buiten kijf. Maar daar gaat deze discussie in beginsel niet over. Journalisten zijn niet hun melkkoe.

Durf als chefs en hoofdredactie daarom ook eens wat vaker tot tien te tellen en besef – dat vooral - dat een goed verhaal tijd en dus geld kost. Daar is behoefte aan, juist nu: in verwarrende tijden van nepnieuws. Nieuwsconsumenten laten zich niet als willoos vee in de hoek drijven; zij eisen – terecht – waar voor hun geld. Uiteindelijk keert de wal het schip. Voor een vlotte hap kunnen ze bovendien al terecht bij snackloket nu.nl. Met af en toe een kroketje uit de muur trekken, is overigens niets mis. Maar op een sfeerloze straat vol fastfoodketens zit niemand te wachten.

Aanleiding voor mijn betoog was het thema van Het Grote Media Theater, vorige week woensdag in de Stadsschouwburg Amsterdam: snel-sneller-snelst, hoe behouden media kwaliteit en diepgang in tijden van tempo? Tal van betrokkenen lieten hun licht schijnen over deze prangende vraag, ieder vanuit zijn of haar eigen professie en/of invalshoek.

Dat journalistiek Nederland vrijwel dagelijkse worstelt met dit zo langzamerhand duivelse dilemma, bleek eveneens vorige week. ‘De behoefte aan duiding stelt steeds hogere eisen aan de snelheid van media’, schreef Volkskrant-ombudsman Jean-Pierre Geelen afgelopen zaterdag naar aanleiding van de berichtgeving over de Haagse messentrekker van Syrische afkomst (‘Verwarde man of terrorist?’), onder meer in zijn eigen krant. ‘Meningen en conclusies liggen op de loer, in hun nek de hete adem van de argwaan over wat ‘main stream media’ aan onwelgevallige feiten zouden verzwijgen. Het idee dat waarheid even tijd nodig heeft om te worden achterhaald, is sleets geraakt.’

Wat ook uit de mode is geraakt: het besef dat het menselijk brein zo zijn grenzen kent. ‘We’ zijn niet alwetend, laat staan almachtig, hoe graag sommigen dat ook mogen denken soms. Onze bovenkamer is helemaal niet ingericht om een dagelijkse diarree aan – ook dat nog - versnipperde informatie op te vangen en te verwerken, zo hield cognitief onderwijspsycholoog Marcel Veenman de aanwezigen in Amsterdam de spiegel voor. ‘Het snelle denken maakt dan rare bokkesprongen die vaak fout uitpakken.’

Langzaam denken daarentegen wordt gekenmerkt door, aldus Veenman, ‘een beredeneerde en weloverwogen werkwijze, rationaliteit, bewuste verwerking die aandacht vereist, en het betreft complexe taken. Daarom wordt langzaam denken ook wel betekenisvolle informatieverwerking genoemd.’ Liever slow dan fast, luidt dus het parool. Ook, of misschien wel juist, in de journalistiek.

Al even prikkelend was de bijdrage van hoofdredacteur Xandra Schutte van De Groene Amsterdammer. Met een mengeling van plaatsvervangende trots en – ik geef het grif toe - onverholen jaloezie hoorde ik haar op het podium vertellen dat het haar opinieweekblad voor de wind gaat: het aantal betalende abonnees neemt toe. Haar boodschap liet aan duidelijkheid niets te wensen over: slow journalism heeft wel degelijk toekomst.

Kijk, dat geeft de burger moed. Het maakte de autorit terug naar Rotterdam een stuk aangenamer. Al even vrolijk werd ik tijdens de terugreis van het nieuws dat Eeva Liukku, hoofdredacteur van Vers Beton, in petto had vanaf de achterbank. Haar ‘online tijdschrift voor de harddenkende Rotterdammer’ heeft onlangs een subsidie van het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek in de wacht weten te slepen.

Gevolg: Vers Beton is in staat zichzelf verder te ontwikkelen en wordt een serieus alternatief voor freelancers met kennis en ambities, die verder kijken dan de verstikkende waan van de dag. Met een wervingscampagne onder ‘supporters’, in de vorm van een financiële gift, hoopt Liukku vanaf volgende maand nog meer vaste grond onder de voeten te krijgen. Mijn steun en sympathie heeft ze.

Online journalistiek in Nederland is langzaam maar zeker een volwassen discipline geworden, met eigen medewerkers en specialisten. Zie De Correspondent, het online-platform dat nu de vleugels uitslaat in de Verenigde Staten. Zie ook Follow the Money, een journalistieke beweging die zichzelf ‘een glashelder doel’ heeft meegegeven: waarheidsvinding in dienst van de samenleving.

Deze sites draaien niet op journalisten die online ‘er maar ff bij doen’, zoals bij veel traditionele-media-met-een-website nu nog vaak (uit kostenbesparingen) het geval is, met alle schrijnende gevolgen van dien. Nee, de pioniers van de onlinejournalistiek beschikken over vakmensen, die zich geheel en al richten op de digitale nieuwswereld. Wel zo logisch: de stratenmaker timmert aan de weg, de schilder wit de muren. En vooral niet andersom.

Overigens was het niet louter lof dat mijn opiniestuk ten deel viel. Een enkeling liet mij via via (waarom niet rechtstreeks?) weten dat mijn betoog grotendeels zou zijn ingegeven door ‘rancune jegens zijn oud-werkgever’ – een fletse dooddoener om het dictaat van bovenaf onder het tapijt te moffelen.

Bij het debat in Amsterdam liet filmjournalist Nico van den Berg, alias @cinemonkey, via Twitter weten dat zowel hoofdredacteur Dolf Rogmans van Villamedia als ondergetekende een ‘oppervlakkige mening’ ten beste gaf. Zijn irritatie? Wij zouden van ‘online journalistiek een karikatuur maken’. Toegegeven: mijn – van een Haagse collega geleende - kwalificatie van de gemiddelde nieuwswebsite in Nederland (‘schieten, tieten en bandieten’) was in eerste aanleg niet bedoeld om vrienden te maken.

Maar soms wil het wapen van de provocatie mensen nog weleens wakker schudden. Ik heb niets tegen online journalistiek, integendeel zelfs. Zie hierboven. Mijn gram geldt de onbezonnen haast en de verkwisting van kennis en talent die daarmee onherroepelijk gepaard gaan. Journalisten afrekenen op het aantal clicks en hits dat zij op internet scoren, is de dood in de pot.

Om misverstanden te voorkomen: met incidenteel ‘een stukkie tikken’ voor de website of live Twitter-verslag doen van een bepaalde nieuwsgebeurtenis is niets mis. Problematisch wordt het als dit een structurele bijbaan wordt, eenzijdig van hogerhand opgedrongen zonder aanpassing van de arbeidsvoorwaarden. Gevolg is immers dat de oorspronkelijke opdracht van een journalist – een doortimmerd en dus een gewikt en gewogen verhaal brengen – in het gedrang komt. Dan spannen ‘we’ het paard achter de wagen.

Dat dit nog maar al te vaak staande praktijk is, blijkt uit de reacties. De pijn zit vooral in de regio’s. Daar is de afgelopen tien à vijftien snoeihard bezuinigd en veelal met de botte bijl gesaneerd. Met als triest gevolg dat veel collega’s vandaag de dag als een citroen worden uitgeperst, net zolang totdat ze op een goed moment bijna letterlijk leeg zijn en afhaken. Dat kan en dat mag nooit het effect zijn van de toegevoegde waarde, die online journalistiek in de kern ontegenzeggelijk is.

Mark Hoogstad (1970) is freelance journalist, onder meer voor dagblad Trouw. Eerder was hij werkzaam bij NRC Handelsblad en AD/Rotterdams Dagblad. Onlangs verscheen van zijn hand het boek “Rotterdam, stad van twee snelheden” over de transitie van de tweede stad van Nederland en de politieke turbulentie aldaar.

2 reacties

Om te reageren moet je een Villamedia Account hebben en moet je eerst ingelogd zijn.

  1. 1. J.C. Roodenburg, 17 May 2018, 14:59

    Weet Mark dat het online tijdschrift Vers Beton in de meeste gevallen freelancers voor niks inschakelt? Net zoals de online sites in Rotterdam http://www.vandaagenmorgen.nl en www.dagblad010.nl. Wat vindt hij ervan? Alleen enkelingen (organisatoren?) worden betaald! Het is nog daaraantoe als gepensioneerden hun geld niet krijgen. Zij hebben een ander inkomen. Maar als zij nog niet gepensioneerd zijn, moet op zijn minst het minimale freelance tarief worden betaald. Ik ben dan ook afkerig van subsidies om sites kosten wat het kost in stand te houden.

  2. 2. bouma, 17 May 2018, 15:34

    @J.C.Roodenburg:  volgens mij is het helemaal niet ok als gepensioneerden die een stukkie schrijven niet betaald krijgen. Dat zou oneerlijke concurrentie zijn, en bovendien moet goed journalistiek werk gewoon betaald worden, of je nu een ander inkomen hebt of niet.
    Hilda Bouma

Smart octo banner