foj 2019

— maandag 16 februari 2015, 13:34 | 0 reacties, praat mee

Fosfor wil op eigen benen staan

Lars Anderson en Jeroen van Bergeijk - © Truus van Gog

Met Fosfor willen Jeroen van Bergeijk en Lars Anderson sinds twee jaar een podium bieden aan journalistieke en literaire non-fictie. De digitale uitgeverij van nieuwe en her gepubliceerde longreads en e-books moet komende zomer echt op stoom komen.

Het is tijd voor Fosfor 2.0, poneren Jeroen van Bergeijk en Lars Anderson van de digitale uitgeverij Fosfor stellig. Het is een donderdagochtend en de journalisten/uitgevers zitten in hun bescheiden kamer op het freelancekantoor de Wallenburgpers, midden op de Amsterdamse Wallen aan de koffie. Aan de muur hangt een grote poster van ‘De moord op de boekverkoopster’, een longread van Frank Westerman die plotselinge hit potentie bleek te hebben en Fosfor’s grootste wapenfeit. De uitgeverij voor journalistieke en literaire non-fictie is er na bijna twee jaar geleden te zijn gestart als ‘een dingetje erbij’ aan toe om volwassen te worden. Met behulp van het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek verrijst in juni een fonkelnieuw platform met een brede basis aan hoogwaardige journalistieke verhalen en een lidmaatschapsmodel, in plaats van het verkopen van losse stukken. Zo gebruiksvriendelijk mogelijk.

Fosfor startte bijna twee jaar geleden als een digitale uitgeverij voor (bijna) vergeten journalistieke boeken. Begonnen vanuit een persoonlijke frustratie van Van Bergeijk. Een hoop journalisten zullen die herkennen: je hebt minstens een jaar van je leven aan een boek gespendeerd. De uitgever geeft een leuk feestje, waarna je werk in de boekhandel prijkt. Misschien krijg je een paar recensies, als je mazzel hebt ook nog een interviewtje, en daarna is het snel afgelopen. Na een halfjaar ligt het bundeltje papier waar zo op is gezwoegd voor een afbraakprijs in zo’n treurige bak bij de kassa. Verramsjt.

Het gebeurde ook met het eerste boek dat Van Bergeijk schreef. Na zes jaar wonen en werken in New York, publiceerde hij in 2003 ‘U.S.1’; over het veranderende Amerika na 9/11. Het verdween in de gevreesde bak. Zonde, en jammer vond Van Bergeijk. ‘Mensen vroegen er nog wel eens naar.’ Hij besloot er een e-book van te laten maken, zodat het in ieder geval weer beschikbaar zou zijn, en tot zijn verbazing begon het weer te lopen. ‘Ik verkocht in een halfjaar tijd 150 boeken. Dat vond ik fantastisch. En toen viel bij mij het kwartje: wat voor mijn boek kan, kan voor al die andere boeken ook.’

Voilà, het zaadje voor Fosfor was geplant. Van Bergeijk vond een partner in journalist Evert Nieuwenhuis, die dezelfde frustratie deelde. Met een subsidie van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten startten ze de digitale uitgeverij die journalistieke en literaire non-fictie die is verramsjt of niet meer wordt verkocht, een tweede leven wilde geven. Fosfor moest het gaan heten. Want dat licht op in het donker, ‘net als een goed non-fictie verhaal’. Van Bergeijk: ‘Het eerste wat we opnieuw uitgaven was ‘Tegels Lichten’ van Henk Hofland, dat niet meer te krijgen is op papier. Nou, dan heb je meteen iets te pakken waarvan je denkt: we doen het ergens voor.’

Bijna twee jaar later zijn de eerste e-books (her)uitgegeven. Partner Nieuwenhuis heeft inmiddels plaats gemaakt voor Anderson. De uitgeverij is zich na verloop van tijd – met hulp van het Stimuleringsfonds – naast de e-books gaan toeleggen op het publiceren van longreads. Van Bergeijk: ‘Een genre waar Lars en ik passie voor hebben, maar dat altijd tussen wal en schip valt. Dus toen ik ging bedenken wat we nog meer digitaal zouden kunnen doen, kwam ik al snel uit bij de longread. In de gedrukte krant is er geen ruimte meer voor lange, mooie journalistieke verhalen. En voor een boek zijn ze te kort.’

Anderson: ‘In Amerika is het een genre weer helemaal gaan leven. Het web heeft zich zo ontwikkeld dat je steeds meer mogelijkheden hebt om lange verhalen op een elegante manier te presenteren. Niet alleen op een desktop, ook op tablets, wat tot voor kort nog erg moeizaam ging. Het begon eigenlijk in 2012 met Snowfall. Snowfallen is bijna een werkwoord geworden, synoniem aan een longread schrijven. Zij hebben de standaard neergezet, en dat heeft veel mensen geïnspireerd. Mij ook. Ik houd ervan om lange verhalen te schrijven, om ergens in te duiken en iets tot op de bodem uit te zoeken. De korte verhaaltjes; daar word ik altijd een beetje nerveus van. Die zijn al klaar voordat je een beetje diepgang vindt.’

Maandelijks biedt Fosfor nu een longread aan. Nieuw werk, van auteurs als Geert Mak, Frank Westerman, Joris van Casteren. Als deze zomer het nieuwe platform wordt gelanceerd, worden dat er twee per maand: een nieuwe, en een klassieker. ‘We hebben de ambitie om de beste longreads van Nederland te gaan her publiceren, net zoals we al met de e-books doen. Iedere journalist heeft wel een verhaal liggen dat tijdloos is. Geen gedateerde rommel, maar verhalen die nog steeds mooi zijn. Anderson: ‘Het Eiland van Geert Mak bijvoorbeeld, over het KNSM-eiland. Dat gaat over een ontwikkeling van Amsterdam die nog steeds interessant en relevant is om te lezen. Het verhaal verscheen in de jaren ’90 bij Atlas Contact, waarmee we nu samenwerken. We zullen in de toekomst een deel van de non-fictieverhalen die zij ooit hebben uitgegeven, her publiceren onder de noemer ‘Fosfor Classics’.’

Dat het genre in de reguliere media maar mondjesmaat verschijnt – NRC experimenteerde er online mee, in Vrij Nederland kun je nog wel eens meer dan vierduizend woorden kwijt – heeft natuurlijk een reden: het is een dure vorm van journalistiek voor een relatief kleine groep lezers. Commercieel niet aantrekkelijk. ‘Althans, niet voor graaigrage aandeelhouders’, aldus Anderson. Van Bergeijk: ‘Wij zijn er nooit mee begonnen om er rijk van te worden. Het beginpunt is een passie voor deze vorm van journalistiek. Dáár is Fosfor voor opgericht.’ Een passie die ze delen met de schrijvers die werk aanleveren. Want ook hen wachten geen gouden bergen als ze bij Fosfor aankloppen. Wel de sympathieke belofte dat de helft van de opbrengst naar de auteurs gaat. Anderson: ‘Het vergt een investering van twee kanten, maar er zijn er genoeg die interesse hebben. Ze hebben vaak dezelfde liefde voor het lange verhaal als wij.’

‘Begrijp me niet verkeerd’, vervolgt Van Bergeijk. Uiteindelijk moet het ook geld gaan opleveren. Daarom was ‘De moord op de boekverkoopster’ van Frank Westerman voor ons een breekpunt. Daar hebben we goed aan verdiend; bij elkaar zo’n tienduizend euro. Dat liet zien dat het wél kan, dat de journalistiek die wij voorstaan potentie heeft om digitaal goed te verkopen. En dat er mensen zijn die meer willen dan 140 tekens. Het moet alleen vaker gebeuren.’

Het nieuwe platform moet dit vanaf de zomer gaan faciliteren. Met meer content en een groter gebruikersgemak. Nu moeten lezers door brandende hoepels springen om één verhaal te kunnen betalen en lezen. Anderson: ‘De barrière is te groot, en dan zie je ze afhaken. We missen daardoor veel mensen die in potentie geïnteresseerd zijn. Je moet ze niet de mogelijkheid geven om ergens onderweg op te kunnen geven.’ Straks kan de gebruiker de verhalen binnen enkele clicks op ieder gewenst scherm ophalen. En de heren verwachten veel van het lidmaatschap, waarmee je alles kunt lezen. Van Bergeijk: ‘Dat moet ons zekerheid van inkomsten geven, in plaats van een model waarbij je steeds een tijd op één hit moet teren.’

Drie jaar geven ze zichzelf, om een groter lezerspubliek aan te boren en uiteindelijk volledig op eigen benen te staan. Anderson: ‘Om het komende jaar door te komen, hebben we nog wat investeringen vanuit de markt nodig. Niet om het draaiende te houden, maar om de zaak commercieel aan te jagen.’ Van Bergeijk: ‘En dan hebben we een gigantische uitdaging voor ons. Het moet een keer zonder subsidie, en dat moet nu gaan gebeuren.’

Jeroen van Bergeijk (1965) richtte in maart 2013 samen met collega Evert Nieuwenhuis de digitale uitgeverij Fosfor op. Van Bergeijk is journalist, schrijver en documentairemaker. Hij werkte van 1996 tot 2002 in New York. Toen hij terugkeerde naar Nederland, schreef hij zijn eerste van een reeks boeken: U.S.1. Ook maakte hij de documentaire Aan ons den arbeid en produceerde hij radio-documentaires voor Holland Doc. Tegenwoordig werkt hij fulltime aan Fosfor.

Lars Anderson (1977) is schrijver en journalist met een grote voorliefde voor het lange verhaal. Hij maakt ze voor o.a. Columbus Travel, Knack, de Volkskrant en Vrij Nederland. Daarnaast treedt hij regelmatig op als debatleider en dagvoorzitter voor onder meer ministeries, de gemeente Amsterdam en culturele instellingen. Hij voegde zich in 2014 als uitgever bij Fosfor.

vvoj 2019

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.