Eveline Stoel werd gevraagd een biografie te schrijven, maar de hoofdpersoon wilde dat niet
In de rubriek De Schepping schrijven journalisten zelf over de totstandkoming van hun werk. Eveline Stoel werd gevraagd de biografie te schrijven van Cees Holtkamp, nestor van de Nederlandse banketbakkerij. Holtkamp wilde wel meewerken aan een boek, maar niet aan een biografie. Gelukkig bleek hij een gepassioneerd Amsterdammer mét een mening over TikTok-rijen.
“Is Holtkamp Amsterdams genoeg voor je?,” vroeg de uitgever. Hij stelde een biografie voor over patissier Cees Holtkamp, Amsterdams icoon en bedenker van ‘de Rolls-Royce onder de kroketten’, zoals het AD ooit noteerde. We waren aan het sparren over boekideeën en ik had aangegeven iets ‘lichts’ te willen onderzoeken, bij voorkeur in Amsterdam, nadat ik twee keer eerder jarenlang had gewerkt aan dikke, serieuzere biografieën.
Cees Holtkamp dus. Ik wist niet veel over hem, maar dacht: een banketbakker die al zestig jaar in Amsterdam woont, heeft ongetwijfeld vele culinaire trends zien komen en gaan. Wellicht kan zijn verhaal dienen als rode draad voor een stadsgeschiedenis. Strikt genomen zou die constructie geen biografie opleveren, maar mogelijk wel een vertelvorm die ook interessant is voor mensen die geen foodie zijn.
Kansloos
Achteraf gezien was het project kansloos geweest zonder deze insteek. Tijdens de eerste ontmoeting met Cees Holtkamp en zijn vrouw Petra, aan de keukentafel boven de patisserie, zei Holtkamp (84) direct dat een biografie hem geen goed idee leek. Hij vond het te veel eer, al was het maar omdat Petra net zo hard heeft meegewerkt in het bedrijf. Waarop ik gelukkig een ander plan kon voorstellen: een boek waarin de ondernemersgeschiedenis van Holtkamp, die de zaak in 2002 overdroeg aan dochter Angela, fungeert als bakje vla. Ik zei: “Jouw verhaal is het zoet, de stadsgeschiedenis de pil die daarin verstopt zit.”
Holtkamp was direct enthousiast, vooral uit liefde voor Amsterdam. Na zijn eerste bezoek aan de stad als twaalfjarige wilde de ‘boerenjongen’ uit Schipluiden, waar de Holtkamp-familie al vijf generaties brood bakt, maar één ding: dáár een bedrijf beginnen.
In 1969 nam Holtkamp een banketbakkerij over aan de Vijzelgracht, omringd door panden die gesloopt zouden worden. Een waardeloze plek vonden collega’s, maar hij zou er culinaire geschiedenis schrijven. Holtkamp werd leverancier van het Koninklijk Huis, verkocht 100.000 kookboeken en zijn ‘croquet’ is tegenwoordig zelfs te koop in Hongkong.
Verkrotte stad
Gedurende zijn carrière zag Holtkamp Amsterdam veranderen, zowel op culinair als stedenbouwkundig vlak. Twee zaken die nauw met elkaar verbonden bleken. Want terwijl de verkrotte stad werd opgeknapt, veranderde de bevolkingssamenstelling en daarmee ook het culinaire landschap. Van Joodse banketbakkers die hun waren extra zoet maakten, tot het verdwijnen van de klassieke lunchroom en de opkomst van de huidige TikTok-rijen: Holtkamp bekeek alles met dezelfde verwondering als dat twaalfjarige jongetje.
Uit zijn ‘boekenkamer’ diepte Holtkamp talloze naslagwerken over de Amsterdamse geschiedenis op. Daarnaast voorzag hij me van stapels knipsels over de patisserie, die ik aanvulde met eigen onderzoek. Gedurende het schrijfproces begon ik het samenspel te zien tussen monumentenredders, stadsbestuur, ondernemers, bewoners en toeristen. Tijdens het schrijven van het laatste hoofdstuk vond een rechtszaak plaats waarbij binnenstadbewoners van de gemeente eisten dat de exploitatievergunning van een frietzaak zou worden ingetrokken, omdat zij overlast ondervinden van een TikTok-rij.
Die rijen zijn een gevolg van het succes van de stad, aldus Holtkamp, en niet de schuld van ondernemers. Daar valt natuurlijk over te discussiëren, maar met de geschiedenis van patisserie Holtkamp in het achterhoofd is me wel duidelijk geworden dat de culinaire ontwikkelingen in een stad vaak een afspiegeling zijn van de tijdgeest. En het sluiten van zogeheten Nutella-zaken, een noodgreep die geregeld wordt aangedragen om drukte te pareren, dus enkel symptoombestrijding is.
Eveline Stoel schreef als freelance journalist onder meer voor Het Parool, HP/De Tijd en NRC Handelsblad. Van haar non-fictieboek ‘Asta’s ogen’, over een Indische familie, werden 50.000 exemplaren verkocht. Later volgde onder meer de biografie van affichekunstenaar Emili Vilà. Op culinair vlak tekende ze onder meer de verhalen op van Molukse, Chinees-Indische en Surinaamse families voor de kookboeken ‘Un Buku’ en ‘Boekoe Bangsa’, resp. genomineerd voor Kookboek van het Jaar en de Nederlandse winnaar van de Gourmand World Cookbook Award in de categorie ‘Asian Cuisine’.
Het boek ‘Holtkamp & Amsterdam’ verschijnt 16 november bij Uitgeverij Brandt | ISBN 978 94 93319 61 5 | hardcover, 288 pagina’s | € 25,- |




Praat mee