Afstudeerprijs Villamedia 2019

— vrijdag 26 april 2013, 09:22 | 0 reacties, praat mee

Een ‘Alternatieve Koninginne­dag’

© ANP/Hollandse Hoogte/Erik Willems

Kregen vorig jaar in Haren social media de schuld van de rellen, tijdens de kroning van koningin Beatrix in Amsterdam in 1980 waren het de traditionele media. Stad Radio Amsterdam, de Vara en de Volkskrant werden als medeplichtigen gezien van de rellende krakers en actievoerders. Een terugblik.

Het begin van de jaren ’80 werd gekenmerkt door grimmigheid. De onvrede over het openbaar bestuur was groot. Het was de tijd van ‘aksie’, radicale groeperingen als ‘Onkruit’ en ‘Schijt aan je schooltijd’; want na school wachtte immers de bijstand. De jeugdwerkloosheid was ongekend hoog. Net als de woningnood.

Toenmalig NOS-verslaggever Harmen Roeland herinnert zich de 30ste april 1980 nog goed. Hij maakte vanaf de vroege ochtend reportages in de stad. Een bij de kraakbeweging geïnfiltreerde NOS-stagiair ‘Arnout’ bracht de videobanden naar het mediacentrum op het Beursplein. Roeland filmde alle rellen die op zijn pad kwamen. Tot hij bij de Da Costa­brug zelf een trottoirtegel tegen zijn hoofd kreeg. ‘Ik had een vleeswond aan mijn linkerarm en een bloeding aan mijn rechterpols.’ Na een tetanusinjectie in het Wilhemina Gasthuis ging Roeland opnieuw de stad in om items te draaien. ‘Rond acht uur hadden we zoveel traangas ingeademd en zulke verschrikkelijke beelden gezien, dat we besloten te gaan eten in restaurant Le Piaf in de Hansboogstraat. ‘Toen we wilden parkeren in een steeg ernaast, bleken actievoerders er een politiemotor met zijspan te hebben klemgezet. De agenten werden voor onze ogen finaal in elkaar geslagen.’

Stad Radio Amsterdam en de Vara maakten die dag een gezamenlijk radio-uitzending op Hilversum 2. Radio Stad had een maand eerder uitgebreid, en volgens sommigen gekleurd, verslag gedaan van de krakersrellen in de Amsterdamse Vondelstraat en had daarom geen toestemming gekregen op de natio­nale radio uit te zenden. De Vara schoot te hulp door aan te bieden gezamenlijk een ‘Alternatieve Koninginnedag’ op Hilversum 2 uit te zenden.

Het werd een totaalprogramma tussen 7.20 en 18.30 uur onder eindredactie van Kees Driehuis en Bas Linders, waarvan het belangrijkste onderdeel een live-schakelprogramma was, gepresenteerd vanuit café Schiller aan het Rembrandtplein. In de stad bevonden zich onder meer Vara-verslaggevers Jan Reiff en Bas Linders die samenwerkten met de Stad Radio Amsterdam-verslaggevers Heikelien Verrijn Stuart en Stan van Houcke.

De radio-uitzending van 30 april 1980, zo schrijft de Vara in haar biografie, escaleerde net zo snel als de gebeurtenissen in Amsterdam. ‘Dat begon bij de woorden die Groenteman (Vara-verslaggever Hanneke Groenteman, red.) om half tien uitsprak: “Het is fantastisch weer hier in Amsterdam. Weer om te kraken; weer om te demonstreren. Ik vind het rottig weer om te kronen, wat jij Frits (Presentator Frits Visser van Radio Stad, red.)? Het is geen kroningsweer; je moet echt druilerig weer hebben voor dat soort gebeurtenissen”.’

Wat volgde was een aaneenschakeling van reportages van verslaggevers die bovenop de gebeurtenissen stonden en ook actievoerders aan het woord lieten. Veel luisteraars vonden dit schokkend.

De verontwaardiging over de rol van de media was na de rellen ongekend groot. B & W van Amsterdam stellen op 16 mei 1980 over de uitzending van Vara en Stad Radio Amsterdam: ‘Nog afgezien van de vraag of de opzet en de toon van deze uitzending uit een oogpunt van handhaving van de openbare orde gelukkig kon worden genoemd, lijdt het geen twijfel dat een dergelijke berichtgeving publiek aantrekt en stimulerend kan werken voor relschoppers en sympathisanten, alsmede voor nieuwsgierigen, al was het maar omdat een ieder op elk moment kon weten, waar de ongeregeldheden plaatsvonden’.

De Vara kreeg duizenden opzeggingen, de Volkskrant 1400. Lezers vonden de verslaggeving in de krant opruiend en te vergoelijkend. ‘Dit had niet gemoeten’, zei Jan Blokker (destijds verantwoordelijk adjunct-hoofdredacteur van de Volkskrant), 25 jaar later bij een terugblik in zijn eigen krant. Zijn analyse: ‘De linksistische, doorgedemocratiseerde redactie wilde nog een keer laten zien wie er goed was in de oorlog.’ En: ‘De krant was in de greep van een “jongensachtige baldadigheid” en verkneukelde zich over hoe het “Gezag met de grote G” te kakken werd gezet.’

De Volkskrant, Stad Radio Amsterdam en de Vara waren de weken na de kroning in het verdachtenbankje beland, concludeert Hubert Smeets in het fotoboek ‘Het Feest dat Wiegel wilde’. ‘Drie weken laaiden de gemoederen over de vraag of een journalist eigenlijk wel vóór, tussen of achter de stenengooiers en Mobiele Eenheden mag gaan staan, hoog op. De Vara krabbelde uit angst voor nog meer ledenverlies het eerst terug. Het bestuur kondigde een onderzoek aan naar de intenties van haar eigen programmamakers en Sonja Barend moest een uur haar “Goed nieuws show” gebruiken om, zelf een en al begrip voor alles en iedereen uitstralend, de schade beperkt te houden.’

‘Ondertussen’, vervolgt Smeets, ‘is er een discussie op gang gekomen over participatiejournalistiek versus journalistieke distantie, gepersonifieerd in Radio Stad-reporter Stan van Houcke. Wat opvalt in deze discussie is dat degenen die al jaren ongestoord participatiejournalistiek bedrijven – Wibo van der Linde, De Telegraaf en Ferry “Gulf” Hoogendijk (hoofdredacteur Elsevier, de toevoeging vanwege een verzwegen adviseurschap bij oliemaatschappij Gulf Oil, red.) – zich nu het hevigst roeren.’

Smeets – tegenwoordig commentator bij NRC Handelsblad – was destijds redacteur van het PSP-blad Bevrijding. Hij herinnert zich die dag met een valse perskaart op pad te zijn gegaan omdat hij geen accre­ditatie kreeg. ‘Er sloeg een knop bij me om toen ik zag hoe de V&D op het Rokin onder het mom van ­“proletarisch winkelen” compleet werd geplunderd. Tot dat moment had ik een zekere sympathie gehad voor krakers, althans ik was niet 
a priori tegen.’

Hij schreef voor ‘Het Feest dat Wiegel wilde’ vervolgens een zeer kritische tekst over de rol en het geweld van de kraakbeweging. ‘Maar de redactie wilde dat niet en heeft de tekst sterk aangepast (dit geldt niet voor de hierboven geciteerde passages, red.), waarna ik eiste dat mijn naam er niet in kwam te staan.’

Stan van Houcke – inmiddels gepensioneerd VPRO-radiomaker – vond, en vindt, de maatschappelijke reuring die ontstond door de gecombineerde uitzending van Radio Stad en Vara ‘grote onzin’. De suggestie dat de uitzending een ophitsend karakter had en zou hebben bijgedragen aan de effectiviteit van de rellen doordat strategische informatie over de aanwezigheid van de ME werd verspreid, is volgens hem niet waar. ‘Ik zou willen dat ik zoveel macht had. Een medium heeft nooit zoveel macht als mensen niet zelf iets willen.’ Volgens Van Houcke deden hij en zijn collega’s ‘vrij neutraal’ verslag. ‘Dat hadden we bij Radio Stad al eerder gedaan bij de ontruiming van de Vondelstraat. We lieten gewoon de krakers aan het woord. Maar die dag waren we op de nationale radio te horen en kon ieder boertje in Tietjerksteradeel de rauwe woede en onvrede van de actievoerders horen. Op de dag van de kroning. Dát was de schok.’

Onderzoeker Paul de Klerk concludeerde in het rapport ‘De dag van de ether – anatomie van een rel’ (uit mei 1981, in opdracht van de politie Amsterdam) dat het er ‘sterk op heeft geleken’ dat Stad Radio Amsterdam een taak vervulde bij de ‘geplande akties’, als gevolg van ‘sterk eenzijdige’ verslagen. Maar ook omdat ze overal zo vroeg ter plaatste was, ‘dat het haast niet anders kon of ze waren bij het aktieplan ingecalculeerd’. Interessant is dat de onderzoeker de radioverslagen van Stan van Houcke, Thijs Lieverink, Heikelien Verrijn Stuart en Bas Linders ‘uitstekend’ en ‘van een bijzonder hoge kwaliteit’ noemt.

In ‘pers-ethisch’ opzicht was de Vara volgens De Klerk nog veel erger in de fout gegaan. ‘Het “voorbeeld-imitatie” principe in massagedrag heeft het op deze manier de Vara wel mogelijk gemaakt een werkelijke bijdrage te leveren tot een soort van revolutietje, ook al is het project alleen maar op een reeks vulgaire rellen uitgedraaid’, concludeert De Klerk. Hij beëindigt zijn oordeel over de media met: ‘Troelstra schijnt ook eens zoiets gewild te hebben. Revolutie is nu eenmaal niets voor Nederlanders. Een klinkende klets om hun oren en ze staan weer het Wilhelmus te zingen.’

De rol van toenmalig vice-premier Hans Wiegel werd in dit onderzoek, maar ook in het publieke debat van destijds, stevig op de korrel genomen. Hij zou krakers en relschoppers vooraf ‘op gezwollen toon’ hebben uitgedaagd door herhaaldelijk via de media te wijzen op de overmacht aan ME die aanwezig zou zijn, waardoor ze geen kans zouden maken het kroningsfeest te verstoren. Met als geen ander doel juist die rellen te forceren om er een slaatje uit te slaan bij de volgende verkiezingen.

Vanuit zijn huidige woonplaats in Oudega ontkent Wiegel deze aantijgingen. ‘Dat is een gekunsteld betoog zonder grond, want de verkiezingen waren pas een jaar later. Wij hadden veel informatie van de inlichtingendiensten dat er rotzooi zou worden getrapt die dag en moesten dus goed voorbereid zijn. Stelt u zich eens voor dat ik niks had gezegd?’

Voor de oud-politicus staat vast dat juist de media krakers en relschoppers hebben opgehitst. ‘Ik heb dat toen ook duidelijk gezegd. Maar de media vinden kritiek vervelend. Daar besteden ze liever niet teveel aandacht aan. Toch hebben destijds duizenden Vara-leden opgezegd. Dat zegt genoeg. Die mensen waren het allemaal met mij eens. U ziet, bij de Vara zitten mijn vrinden.’

Ook Harmen Roeland vindt, terugkijkend, dat de media meer de hand in eigen boezem hadden moeten steken. Hij benadrukt dat er bij de politie de meeste gewonden vielen. ‘Op de Blauwbrug zijn agenten letter­lijk gestenigd. Eén agent zakte met zijn paard in elkaar, allebei zwaar gewond. Tientallen ME’ers hadden kaakfracturen. Het meest onbevredigende vind ik dat er nauwelijks krakers of relschoppers zijn aangehouden. Het was echt tuig dat daar bezig was. Ik hoop dat het dit jaar een echt feest wordt.’

Toenmalig Vara-verslaggever Jan Reiff (nu Nieuwsuur) maakte op de bewuste dag reportages vanaf het dak van Hotel Krasnapolsky, nabij de Dam. Het strijdtoneel was buiten zijn gezichtsveld. Hij vindt dat de rol van de media zwaar is uitvergroot en die van presentator Hanneke Groenteman sterk overdreven. ‘Er was sprake van totale anarchie, gericht tegen de gevestigde orde. Maar er bestond nog geen Twitter en we hadden zelfs geen mobiele telefoons. Hoe zouden wij de rookbommengooiers dan geholpen moeten hebben?’

Hanneke Groenteman wil niet meewerken aan dit verhaal omdat ze de tijd na die uitzending van 30 april 1980 nog steeds beschouwt als een ‘nare periode’ waaraan ze liever niet wordt herinnerd.

Hans Wiegel heeft de gebeurtenissen ooit met Groenteman geëvalueerd. ‘Tijdens een uitstekend diner in restaurant de Goudfazant in Amsterdam-Noord. Dat was heel genoeglijk. Ik had haar nog wel even te pakken. Toen we bij het restaurant arriveerden vertelde ik haar dat ik De Telegraaf had gebeld om een fotootje van ons te komen maken. Ha, ha, ha.’

Praat mee

VVOJ banner congres

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.