website over journalistiek

x

Villamedia heeft een app

 

Exclusieve inhoud Sluiten

Een NVJ-lid heeft dit artikel met je gedeeld. Gratis een maand alles lezen? Klik hier.

Een NVJ-lidmaatschap geeft je recht op:

  • Persoonlijk advies
  • Juridisch advies & rechtsbijstand
  • Perskaart
  • Korting op cursussen
  • Villamedia magazine

Word lid Verder lezen

Daarom schreven zij een boek

Raymond Krul — Geplaatst in Journalistiek op vrijdag 5 oktober 2012, 12:43

Denken & doen In de serie Denken & Doen pogen we door te dringen tot de theoretische (denken) en praktische (doen) kern van een journalistieke discipline. Van interview en kop tot researchen en restyling. In de zevende aflevering staat het schrijven van boeken centraal.

Denken Verdieping. Dat is een van de grote pluspunten van het schrijven van een boek, vindt Lotte Stegeman: ‘Ik ben al een aardige tijd hoofdredacteur van twee jeugdkranten en toch heb ik door het werken aan dit boek nieuwe inzichten gekregen over kinderen en jongeren. Nooit eerder praatte ik zo intensief en uitgebreid met ze. Daarnaast kwam ik eindelijk weer eens toe aan schrijven. In mijn werk is daar nauwelijks tijd en ruimte voor.’

Cécile Narinx noemt een ander voordeel van het feit dat ze haar ideeën over mode te boek heeft gesteld: ‘Ik vecht al jaren tegen het idee dat mode oppervlakkig is en in mijn boek wil ik laten zien dat het niet erg of misdadig is om van mooie kleren te houden. Het voordeel van het schrijven van een boek is dat je niet alleen de diepte kunt ingaan, maar dat je een veel breder publiek bereikt. Opeens wilde iedereen mij interviewen, zat ik in Koffietijd en in De Wereld Draait Door. Als ik signeersessies deed, kwamen alle soorten mensen en leeftijdsgroepen langs. Wat dat betreft vond ik het prettig om eens niet voor de eigen Elle-parochie te preken.’

Hoewel bepaald niet zonder ironie hadden Kustaw Bessems en Dirk Jacob Nieuwboer het voornemen om met hun boek ‘de democratie te redden’. Bessems: ‘Ik wilde lang geen boek schrijven over politiek omdat ik me dan verplicht voelde om er een zware beschouwing van te maken, een dik boek. Maar dat is al zo vaak gedaan en bovendien had ik niet het idee dat ik door mijn relatief korte tijd als politiek verslaggever daar veel aan kon toevoegen. Toen ontstond het idee van een zelfhulpboek voor politici. Als je een boek schrijft, ga je verder dan de waan van de dag. Dat is mooi, als eindresultaat, maar het schrijven zelf is een aardige beproeving.’

Er wordt chronisch te weinig non-fictie gepubliceerd over kinderen en jongeren, vindt Stegeman. ‘Dat is ook een reden dat ik dit boek heb geschreven. Ik wilde kinderen van geëmigreerde ouders een stem geven. Mensen zijn geneigd te denken dat het een moeilijke doelgroep is die alleen maar puberaal doet en toch niet wil praten, maar dat is een misvatting. Ze praten wél. Ik vond het belangrijk de kinderen zo authentiek mogelijk te laten doorklinken in het boek. Ik ben niet echt gecharmeerd van interviews zoals Corine Koole ze bijvoorbeeld maakt, die altijd in dezelfde stijl zijn geschreven, waardoor de eigenheid van de geïnterviewden nauwelijks herkenbaar is. In mijn boek staat niet elf keer een interview van Lotte, het zijn – hopelijk – elf verhalen van verschillende individuen die allemaal hun eigen toon en taalgebruik hebben.’

Nu haar boek af is, is Narinx blij dat het er is. ‘Eigenlijk was het niet mijn idee om een boek te schrijven, de uitgever vroeg mij. Ik dacht: kan ik wel vrijuit schrijven over die wereld als ik er nog middenin zit? Maar dat is aardig gelukt. Op wat droge werken na, is er heel weinig in dit genre, dus ik heb zelfs het gevoel dat ik iets heb toegevoegd.’

Datzelfde geldt voor Bessems: ‘Omdat de verkiezingen eraan kwamen, werd het onderwerp van ons boek opeens actueel, waardoor we het in ongelofelijk korte tijd hebben moeten schrijven. Daardoor was ik bang dat het te luchtig, te flodderig zou worden. Maar nu ik het lees, ben ik heel blij met het eindresultaat. We hebben onszelf gedwongen om, ondanks de tijdsdruk, toch een aantal zaken goed uit te zoeken, om leuke voorbeelden en anekdotes te hebben in het boek. Daardoor bevat het wel degelijk een bepaalde gelaagdheid, nuance en betekenis.’

DOEN Cécile Narinx sloot zichzelf drie keer een week op in een appartement om haar boek te kunnen schrijven. ‘Ik probeerde het eerst thuis, maar dat leidde toch te veel af. Daarom besloot ik een appartement te huren, twee keer een week in Amsterdam en de laatste week in Parijs. Vooral Parijs was handig, want dan kon ik af en toe ook nog wat research doen. En steeds als een hoofdstuk af had, mocht ik wat kopen van mezelf. Eigenlijk heb ik een deel van het geld dat ik nu met mijn boek verdien al uitgegeven in Parijs. Ik ben behoorlijk gedisciplineerd en schrijf vrij snel, dus na die drie weken was het boek af. Het was heerlijk om dagen lang met één ding bezig te zijn en in stilte achter de laptop te zitten. Een heel ander leven dan de dagelijkse hectiek op de redactie van Elle.

Wat ik verder belangrijk vond, zeker bij een boek over mode, was dat het er goed uit zou komen te zien. De vorm, het materiaal, alles moest kloppen. Ik heb zowel voor eindredactie, lay-out als beeldredactie de hulp ingeroepen van mijn Elle-collega’s. Ik moest me uiteraard aan het budget houden, maar verder liet de uitgeverij me behoorlijk vrij in mijn keuzes.’

Omdat Lotte Stegeman met geëmigreerde kinderen sprak, deed ze de meeste van haar interviews skypend. ‘Voor mijn eerste interview had ik ’s ochtends vroeg een Skype-afspraak en was ik bloedzenuwachtig. Ik zag mezelf in dat schermpje, mijn haar nog nat van het douchen en dacht: Jezus, welk kind gaat vier uur lang tegen dit mens praten? Maar het ging juist heel goed. Jongeren praten niet altijd even gemakkelijk, maar bij de interviews voor mijn boek liepen ze helemaal leeg, ze vertelden het ene verhaal na het andere. Blijkbaar zat het ze toch hoog. Verder denk ik dat Skype het ideale medium was. Ze konden tegen me praten terwijl ze vertrouwd in hun eigen kamer zaten, ik denk dat ze zich veiliger voelden dan wanneer we tegenover elkaar aan tafel zouden hebben gezeten. Ik heb gekozen voor een verhalende, romanachtige, vorm, want op die manier houd je het spannend voor de lezer. Als ik voor vraag-antwoord gekozen zou hebben, zou je elf keer een interview met dezelfde vragen krijgen en dat wordt al vrij snel saai.’

Kustaw Bessems is blij dat hij zijn boek samen met Dirk Jacob Nieuwboer schreef. ‘Ik schreef mijn vorige boek alleen en dat was behoorlijk zwaar. Voorlopig even niet meer, dacht ik toen dat boek af was. Maar nu heb ik dat gevoel minder, omdat je de last met z’n tweeën draagt. Dirk Jacob was leidend bij het schrijfproces, hij is vooral degene die door buffelt. Ik ben meer van pieken en dalen, draag ideeën en materiaal aan. Soms werkte ik heel hard, soms deed ik wat minder. Om een boek te kunnen schrijven, moet je een beetje het karakter hebben om lange tijd met een autonome dynamiek te werken. We schreven samen en stuurden vaak stukken tekst heen en weer, zoals we ook deden toen we vier jaar samen in Den Haag zaten. We schrijven ongeveer in dezelfde stijl, voor dit boek zochten we bewust naar een lichte toon. Best bijzonder is dat, je hebt toch vaak je eigen unieke stijl en werkwijze, maar Dirk Jacob en ik kunnen elkaar heel goed vinden; we zijn communicerende vaten.’

Met dank aan:
Cécile Narinx, hoofdredacteur van Elle en auteur van ‘Geluk is een jurk’, een boek waarin Narinx de modewereld van binnenuit beschrijft.
Lotte Stegeman, hoofdredacteur van jeugdkranten 7Days en Kidsweek, interviewde voor ‘Heimwee naar hagelslag’ kinderen die met hun ouders emigreerden.
Kustaw Bessems, chef van het Volkskrant-katern Vonk, schreef samen met collega Dirk Jacob Nieuwboer ‘Doe eens normaal man’, een ‘zelfhulpboek’ voor politici.

Verder lezen
Voor Cécile Narinx is Suzy Menkes, modejournaliste van de International Herald Tribune, een lichtend voorbeeld. ‘Ze heeft zelf in een haute couture-atelier gewerkt, dus ze weet heel goed wat het verschil is tussen een goede en een slechte jurk is. Ze heeft daarnaast een enorme woordenschat, veel humor en schrijft prachtige zinnen.’
Kustaw Bessems vindt inspirerende titels: ‘Fear and Loathing on an Campaign Trail’ van Hunter S. Thompson, ‘De interviewer’ van Ischa Meijer en ‘The Nine’, een boek over het Amerikaanse hoog­gerechtshof. ‘Prachtige verhalende journalistiek met veel inside information.’
Louis Theroux is de held van Lotte Stegeman. ‘De manier waarop hij mensen tot praten krijgt, de conversaties die ze voeren, schitterend. Hij kruipt echt in het hoofd van anderen en laat ze volledig heel. Vrij uniek, want het lijkt de laatste tijd bijna de taak van journalisten om mensen een veeg uit de pan te geven of ze af te breken.’

Nog geen reacties

Om te reageren moet je een Villamedia Account hebben en moet je eerst ingelogd zijn.

Villamedia Sluiten

Inloggen

Registreren

Vul onderstaande gegevens in voor exclusieve toegang voor NVJ-leden.