festival journalistiek nvj 2022

— donderdag 27 januari 2022, 08:30 | 2 reacties, praat mee

Anne Frank en het verraad van het embargo

© Paul Ryding

Frits van Exter denkt met je mee over journalistieke dilemma’s. Dit keer over het embargo. Laatste wijziging: 28 januari 2022, 08:20

De aankondiging van de uitgeverij had de nieuwsgierigheid van de boekenredactie gewekt. Zij vroeg een drukproef aan van ‘Het verraad van Anne Frank’. Dat er op publicatie een embargo rustte tot een door de uitgever bepaald moment sprak haast vanzelf. Het is routine.

Het is voor journalisten eigenlijk ‘tegennatuurlijk’ om toe te zeggen nieuws nog even voor zich te houden, stelde de Raad voor de Journalistiek in een ambtshalve uitspraak over embargo’s (2003), maar zij zijn te verteren als bepaalde spelregels in acht worden genomen en als iedereen het doel voor ogen houdt: ‘het bevorderen van de kwaliteit van de berichtgeving’.

Je hoeft geen complotdenker te zijn om ervan overtuigd te zijn dat veel nieuws zorgvuldig georkestreerd is. Partijen maken afspraken waar ze beide belang bij hebben. Het is fijn als een recensie verschijnt op het moment dat het boek ook in de winkel ligt. Het is belangrijk dat journalisten zich hebben kunnen inlezen in de Rijksbegroting voordat deze wordt aangeboden.

Dit was meer dan de zoveelste embargo-afspraak in ruil voor een recensie-exemplaar. Dit beloofde wereldnieuws. Het boek, dat in vele talen verschijnt, is het relaas van het werk van het ‘coldcaseteam’ onder leiding van een gepensioneerde agent van de Amerikaanse FBI. Na jaren onderzoek heeft het met ‘een waarschijnlijkheidspercentage van zeker 85 procent’ vastgesteld dat de familie Frank is verraden door een Joodse notaris die zijn eigen gezin wilde redden.

De uitgever liet weten dat de wereldprimeur voorbehouden was aan de Amerikaanse televisiezender CBS. Maar na het verstrijken van het uur U (17 januari, 02:00) zouden Nederlandse media aan de beurt zijn. Zij zouden niet alleen de drukproef krijgen, maar ook de gelegenheid om leden van het coldcaseteam vooraf te interviewen. Daartoe moesten de journalisten wel verklaren dat zij de inhoud met niemand zouden delen tot het bewuste tijdstip op straffe van een nader te bepalen schadevergoeding.

Zo verkregen de NOS, de Volkskrant, NRC en Het Parool toegang tot het nieuws. Embargo’s zijn in het algemeen belang zolang zij voor alle media in gelijke mate gelden. Als geselecteerde media het nieuws exclusief krijgen dan is dat vooral in de hoop dat zij hun ‘primeur’ zo groots mogelijk lanceren voor de meest ideale doelgroep.

‘Nieuw onderzoek met moderne technieken: Joodse notaris verraadde Anne Frank’, kopte de NOS maandag in alle vroegte op de site. De drie kranten publiceerden vrijwel gelijktijdig. Het waren geen recensies, maar uitgebreide verhalen over de bevindingen van het coldcaseteam dat ook beeldmateriaal had aangeleverd. In de krant stond een foto van het kantoor van de speurders in Amsterdam-Noord. Op de muur zie je de van televisieseries bekende wand met foto’s van verdachten en getuigen. Over een stoel is een jasje met het logo van de FBI zichtbaar. Volgens de credit heeft de ex-agent de foto zelf gemaakt.

Enkele uren na publicatie barstte de kritiek van deskundigen al los, niet alleen op het onderzoek (meer aannames dan bewijs) maar ook op de vier media die zich op sleeptouw hadden laten nemen door een publiciteitscampagne. Het was pijnlijk, bleek later ook uit de brievenrubrieken en opiniepagina’s. Hans Fels vroeg zich bijvoorbeeld in de Volkskrant af of de wereld soms moet geloven dat Joden schuldig zijn aan hun eigen ondergang. En Frits Barend hekelde in Het Parool de publiciteit als ‘het zoveelste voorbeeld van geld verdienen over de hoofden van de oorlogsslachtoffers’.

De NOS voegde nog dezelfde maandag een redactionele noot toe aan het bericht: ‘Omdat er op de conclusies van het onderzoek een wereldwijd embargo rustte, was het niet mogelijk de bevindingen vooraf voor te leggen aan onafhankelijke experts’. Met een link naar een bericht over hun kritische reacties.

Het taalgebruik is versluierend. Er rustte geen wereldwijd embargo op het onderzoek, de NOS en andere media hebben ervoor getekend om het er voor publicatie met niemand anders over te hebben.

NRC heeft het twee dagen later in een hoofdartikel ook over ‘een streng embargo dat het tevoren voorleggen aan andere deskundigen niet toestond’. En: ‘Daardoor was gegarandeerd dat de, achteraf toch iets te wankele identificatie van de dader overal centraal stond in de berichtgeving. Het netto-effect was dat van een “trial by media”.’ Dat het embargo geen onvermijdelijk natuurverschijnsel is, maar een overeenkomst, die ook NRC zelf is aangegaan, moet de lezer zelf bedenken.

De chef van de boekenbijlage van de Volkskrant schrijft 22 januari in haar rubriek dat de uitgever ‘om er zeker van te zijn dat het publiciteitsoffensief niet voortijdig zou worden verstoord’ journalisten een geheimhoudingsverklaring had ‘laten tekenen’. Het roept het beeld op van de journalist die met het pistool tegen het hoofd het pact met de duivel moest sluiten. En zij blijkt zich ook nog eens bedrogen te voelen omdat ze kennelijk in de veronderstelling verkeerde dat de Volkskrant er tenminste ‘een keiharde primeur’ voor terug zou krijgen.

Bij NRC was de redactie in elk geval op de hoogte dat de concurrentie volop meedeed. Het was zelfs een argument om er maandag breed mee uit te pakken, begrijp ik uit het stuk dat de krant zaterdag publiceerde (in afwachting van de nieuwe ombudsman doet de redactie zelf wekelijks verslag van hetgeen zich op de redactie afspeelt). Desgevraagd zegt een lid van de hoofdredactie dat de artikelen van hoog niveau waren, dat die ene foto met dat FBI-jasje misschien wat ongelukkig was, maar dat het misschien beter was geweest om de lezer meteen te informeren over de beperkende afspraken.

Dat de lezer misschien ook zou willen weten waarom een journalist met zulke voorwaarden instemt bleef onbesproken. Overigens, dat je geen derden mag raadplegen, betekent niet dat je je eigen kritische vermogens niet mag raadplegen. Het embargo geeft je tenslotte de tijd voor ‘het bevorderen van de kwaliteit van de berichtgeving’.

Frits van Exter is voorzitter van de Raad voor de Journalistiek maar heeft geen stem bij de beoordeling van klachten. Hij verwoordt slechts zijn eigen mening.

Praat mee

2 reacties

Peter Louwerse, 28 januari 2022, 18:35

De voorwaarden van het embargo waren zodanig dat de media in kwestie geen afgewogen bericht konden maken. Ze konden de beweringen van de onderzoekers immers niet laten duiden door deskundigen. Hadden de betrokken media niet gewoon nee moeten zeggen tegen de voorwaarden van het embargo? Nu hadden ze een verhaal waarop achteraf heel wat aan te merken was.

Janhuib Blans, 1 februari 2022, 12:37

Embargo slecht excuus, sorry. Er waren toch plenty open bronnen te raadplegen tijdens de embargoperiode? Het onderwerp leeft immers al vele jaren. Andere hypotheses zouden toch hebben kunnen worden toegevoegd aan het bericht over het verschijnen. Niets verkeerds aan het verwijzen naar reeds eerder onderzoek.

de waag

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Uitgever

Dolf Rogmans

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Factuurgegevens

Villamedia Uitgeverij BV
Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Chris Helt, hoofdredacteur

Marjolein Slats, adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab, redacteur

Lars Pasveer, redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven, redacteur

Sales

Sofia van Wijk

Jenny Fritschy

Webontwikkeling

Marc Willemsen

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.