foj 2019

— vrijdag 11 oktober 2013, 08:22 | 0 reacties, praat mee

Alles was nieuws ­tijdens de ontvoering

© ANP

Vanaf het moment dat biermagnaat Freddy Heineken op 9 november 1983 ontvoerd wordt, buitelen journalisten over elkaar heen in de jacht naar het laatste nieuws. Dertig jaar later blikken zij terug. ‘Elke snipper informatie was nieuws.’

‘Een hoop gegil. Dat herinner ik me nog. Ineens kwam er een bestelbus op me afrijden. Hij scheurde rakelings langs me heen en ik noteerde snel het kenteken. Dat gaat automatisch als je journalist bent.’ Meteen nadat de haastige bestelbus uit het zicht is, snelt Gooi- en Eemlander-journalist Jos Haagmans zich richting twee vrouwen die nog altijd gillend op de stoep staan. De man met wie ze enkele minuten geleden naar buiten kwamen is zojuist onder grof geweld door twee mannen achterin de oranje Renault bus gegooid. Ontvoerd. ‘De vrouwen waren compleet in paniek, maar zeiden verder niets. Behalve dat ze de politie gingen bellen. Daarna verdwenen ze weer naar binnen.’

Zonder het te weten was Haagmans getuige van de ontvoering van Freddy Heineken. Wanneer de biermagnaat op woensdag 9 november 1983 om 19.02 uur zijn kantoor aan het Tweede Weteringplantsoen verlaat, wordt hij overmeesterd door wat later vier mannen blijken te zijn. Twee van hen grijpen Heineken vast en drukken hem een geblindeerde motorhelm op het hoofd, terwijl de andere twee de vrouwen op afstand houden met traangas. Heinekens chauffeur Ab Doderer schiet te hulp, maar wordt met een vuurwapen tegen de grond geslagen. Net als Heineken wordt ook hij meegenomen.

Wanneer Haagmans de volgende ochtend wakker wordt, hoort hij op de radio het bericht dat het Heineken was die hij afgevoerd heeft zien worden. ‘Ik belde meteen de politie om te vertellen wat ik gezien had. Ik had mijn broek nog niet aan of er stonden twee in burger geklede agenten voor de deur die me meenamen naar het bureau. Pas halverwege het gesprek daagde het me ineens: verdomme, ik moet naar de krant met dit verhaal.’ Wanneer Haagmans vraagt of hij naar zijn werk mag bellen en daarbij laat vallen dat hij journalist is, maant de dienstdoende rechercheur hem te blijven zitten waar hij zit. ‘Ik heb nog ontzettend op mijn kop gekregen van de hoofdredactie. Had ik maar meteen de krant gebeld. Dat was een mooie scoop geweest.’

Ondanks de scoop die Haagmans zomaar in zijn schoot geworpen krijgt, wordt er bij zijn krant weinig mankracht vrijgemaakt voor de ontvoering. De Gooi- en Eemlander moet het doen met de artikelen van het ANP en de GPD. Iemand die de zaak wél op de voet volgt, is NOS-cameraman Paul Hartendorf.  Op de avond van de ontvoering is hij eerder ter plekke dan welke andere journalist dan ook. ‘De politie maakte toen nog gebruik van een niet versleuteld communicatiesysteem. Als je een beetje handig was met radio’s, dan waren die systeempjes makkelijk te kraken en kon je dus gewoon meeluisteren. Als er iets voorbij kwam wat de moeite waard leek, dan ging je daar gewoon op af.’

Op de avond van 9 november hoort Hartendorf de melding van een mogelijke ontvoering binnenkomen, waarop hij naar het kantoor van Heineken, Het Pentagon, rijdt. ‘De auto van Heineken stond daar nog voor de deur, helemaal verlaten omdat zijn chauffeur ook meegenomen was. De deur stond nog open en in het opbergvak achter de bijrijdersstoel lag de krant al voor hem klaar.’ Dat Heineken de eigenaar van de gepantserde, donkergroene Cadillac Fleetwood is, wordt pas duidelijk wanneer Hartendorf een man aanspreekt die op en neer blijft lopen door het plantsoen voor Het Pentagon. Het blijkt een werknemer van het Heinekenconcern, die bevestigt wat er is gebeurd. ‘Ik had hem sprekend op camera. Dat was uit journalistiek oogpunt natuurlijk geweldig. Diezelfde avond nog hadden we het in het late journaal.’

In de weken die volgen is de ontvoering nauwelijks uit het nieuws. Nadat de ontvoerders – Cor van Hout, Frans Meijer, Willem Holleeder, Jan Boellaard en in mindere mate Martin Erkamps – de biermagnaat en zijn chauffeur opsluiten in een loods in het industriegebied De Heining, begint het losgeldspel. 35 miljoen gulden eisen ze. Drie weken lang onderhoudt de politie samen met het Heinekenconcern contact met de ontvoerders. En hoewel de ontvoerders nadrukkelijk de instructie geven dat er geen pers ingelicht mag worden omdat ze anders niet kunnen beloven dat Heineken er zonder kleerscheuren vanaf komt, laat het Nederlandse journaille zich niet tegenhouden.

De ontvoering is internationaal nieuws. Zo biedt de New York Times negen keer aandacht aan de zaak. Op nationaal niveau is de concurrentie tussen kranten onderling en de weekbladen hevig. Weekblad Elsevier noemt het een ‘verwoestende concurrentieslag’ tussen de verschillende media. Een aantal journalisten bijt zich vast in de zaak. (Dan nog) Telegraaf-verslaggever Peter R. de Vries is daarin een van de meest volhardende, weet crimewatcher Sjerp Jaarsma, dé autoriteit op het gebied van de Heinekenontvoering. Samen met enkele collega’s post De Vries regelmatig bij de Noordwijkse woning van Heineken, waar het onderhandelingsteam van de politie zich ophoudt. Wanneer het vuil er aan straat gezet wordt, vist De Vries er briefjes met aantekeningen van de onderhandelingen uit.

‘Op dringend verzoek van het onderzoeksteam besluiten De Vries en De Telegraaf niet over te gaan tot publicatie’, weet Jaarsma. Bij een andere vondst is de dan 26-jarige misdaadjournalist de recherche minder goedgezind. Jaarsma: ‘De politie en het Heinekenconcern communiceerden met de ontvoerders via advertenties in de krant. Die vielen De Vries op. Nadat hij bot ving bij de advertentie-afdeling, belde hij de recherche op en zei: “Het weiland is groen voor de haas”, wat de tekst was van de eerste advertentie. De reactie van de recherche sprak boekdelen: “Hoe weet jij dat?”’

De hevige concurrentie en de honger naar een scoop zet weekblad Panorama ertoe een oproep te plaatsen: wie met de gouden tip over de brug komt, mag zichzelf 50.000 gulden rijker rekenen. ‘We begonnen met een enorme achterstand’, herinnert toenmalig hoofdredacteur John Drieskens zich. ‘Op de redactie hadden we geen idee waar we moesten zoeken. Je kan natuurlijk het zoveelste stuk over de ontvoering schrijven. Of een verhaal maken met ooggetuigen. Maar dan loop je achter de feiten en achter De Telegraaf aan. Dat wilden we niet.’

Ondanks hevige discussies op de redactie zelf trekt Panorama uiteindelijk de knip. Hoewel de belofte op 50 mille veel tips oplevert, wordt de zak met geld nooit uitgekeerd. Wel werd Panorama op het matje geroepen door de politie. Hoofdredacteur Drieskens wordt uren lang verhoord op verdenking van poging tot omkoping van rechercheurs. En verslaggever Wout Batenburg krijgt een politie-inval te verduren als Panorama enkele maanden na de ontknoping met onthullende details naar buiten komt. Daarnaast wordt de telefoon afgeluisterd. ‘In het begin hadden we dat niet door’, aldus Drieskens. ‘Pas na een dag of drie begonnen de klikjes op de lijn op te vallen. De politie hoopte echt dat de gouden tip bij ons binnen kwam.’

Niet alleen Panorama en De Telegraaf, maar ook de NOS blijft de ontvoering en alles daaromheen nauwgezet volgen. Net als bij de ontvoering is de nationale nieuwsomroep ook de enige die aanwezig is bij de bevrijding. Nadat cameraman Paul Hartendorf op 29 november lucht krijgt van een politieactie in het westelijk havengebied van Amsterdam, snelt hij ernaartoe. ‘We hebben daar toen wel meteen open kaart gespeeld met de recherche. Er speelden grote belangen mee en we wilden niet riskeren dat de operatie dankzij ons in de soep zou lopen. Maar we mochten de hele nacht blijven hangen en hadden als enige beeld van de omgeving en de politie toen zij om iets over 5 ’s ochtends de loods binnenvielen en Heineken en Doderer vonden.’

Met de bevrijding van de biermagnaat en zijn chauffeur komt er een eind aan drie slopende weken. Maar ook in de maanden daarna regent het nieuws rondom de ontvoering. Ontvoerders Boellaard en Erkamps worden meteen gepakt. Waar Van Hout en Holleeder zijn weet op dat moment niemand (later wordt duidelijk dat ze naar Frankrijk zijn gevlucht). Ook Frans Meijer is spoorloos. ‘Elke snipper informatie was nieuws’, herinnert voormalig Paroolverslaggever Bert Bommels zich. ‘Alle tips die bij de redactie binnenkwamen werden nagelopen, vaak met een slag om de arm. Het was een vrij hopeloze situatie. Veel van die tips liepen op helemaal niets uit.’

Toch heeft Bommels vlak na de bevrijding flink beet. Op kerstavond 1983 wordt hij thuis gebeld door Frans Meijer, die eerder al een brief met zijn rijbewijs naar de redactie stuurde. De ontvoerder vertelt dat hij zich aan wil geven. Hij vraagt Bommels niet alleen of hij de politie op de hoogte wil stellen, maar ook of hij zelf mee wil komen naar het opgegeven adres. Voor een interview. ‘Bang was ik niet, totdat ik op het hoofdbureau van de politie een kogelvrij vest aangemeten kreeg. Achteraf bleek het allemaal overbodig. Toen we op het opgegeven adres aankwamen en de deur open ging, was Meijer nergens te bekennen.´

Een paar dagen later heeft Bommels meer geluk. Op 28 december wandelt Meijer om half 8 ’s avonds uit zichzelf het politiebureau aan de Amsterdamse Elandsgracht binnen en geeft zichzelf aan. ‘Recherche-chef Gert van Beek belde me op: Meijer wilde alleen praten als ik erbij was omdat hij Het Parool zo’n eerlijke christelijke krant vond. Ik moest wel beloven dat ik mezelf in zou houden. Ik stond toen bekend als harde interviewer en de politie was bang dat Meijer dicht zou klappen als ik te fel zou zijn.’ Twee uur lang praat Bommels met Meijer, maar veel levert het niet op. ‘Halverwege het gesprek verviel hij in vage Bijbelteksten. Hij leek stapelgek. Het echte nieuws was uiteindelijk niet wat er gezegd was, maar dat een Parooljournalist met Meijer had gepraat.’

Nadat Meijer door de rechter voor psychologisch onderzoek naar het Pieter Baan Centrum gestuurd wordt, breekt hij uit en verdwijnt. Tot het moment waarop Panorama en misdaadverslaggever Peter R. de Vries hem in 1994 opsporen in Paraguay. Ook de andere ontvoerders blijven nog jarenlang in het nieuws. Boellaard vanwege betrokkenheid bij een drugsdeal en de daaropvolgende schietpartij waarbij een douanier om het leven komt, Van Hout wegens zijn rol in de onderwereld en de drie liquidatiepogingen die nodig zijn om hem om te leggen en Holleeder vanwege zijn rol bij afpersingen (en de laatste tijd als knuffelcrimineel). Jaarsma: ‘De media en die jongens hebben elkaar sinds de ontvoering altijd weten te vinden.’

Bekijk meer van

De Dag

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.