foj 2019

— donderdag 22 april 2010, 12:52 | 1 reactie, praat mee

Schrijven voor het web bestaat niet

Het is in de afgelopen jaren wel een behoorlijke sector geworden, de cursussen Schrijven voor het Web. Hele volksstammen hebben daar het literaire evangelie van de nieuwe tijd geleerd. Ik heb er nooit iemand naartoe gestuurd. Het is voor het overgrote deel hip gedoe en commerciële nonsens. Schrijven is schrijven en daarmee uit. Daar ben ik misschien ouderwets in.

Alles vloeit voort uit de basisgedachte dat het beeldscherm ‘niet lekker leest’, veel minder fijn dan het vertrouwde papier. Maar wat is dat, ‘minder fijn lezen’? En waar leidt dat toe? Volgens veel e-schrijfgoeroes moest je eenvoudigere woorden gebruiken op het net, of kortere zinnen. Alsof de lezer alleen begrijpt wat een ter-ror-is-me-drei-ging is als de letters van inkt zijn.

Het meest belangrijke dogma werd het schrijven van kortere teksten. Lange moeilijke en wollig geschreven teksten worden immers niet gelezen op het web. Klopt helemaal. Maar iedereen die ook maar en beetje kan observeren, ziet dat mensen daar überhaupt geen geduld voor hebben. IKEA maakt niet voor niks handleidingen van plaatjes. Ik zie mijn vrouw alleen maar in tijdschriften bladeren. Een Marie-Claire gaat er in een kwartier doorheen. Je leest echt alleen een lang artikel als het je raakt, of als het geweldig geschreven of geïllustreerd is. Lezen is een investering. En dan, is mijn stellige overtuiging, maakt het medium weinig uit.

Maar het meest absurde adagium dat sommigen hanteren, is dat je zo moet schrijven dat de zoekmachine je vindt. In plaats van liederlijke koppen als “Reizigers in zak en as’ moet je dan zoveel mogelijk voor de hand liggende termen noemen: “Europees vliegruim gesloten - vliegtuigen KLM aan de grond”. Zo vinden belanghebbenden je artikel als ze deze zoektermen intikken. Een verkeerd soort handigheid. Een snellere manier om journalistiek doodsaai te maken is er niet. En bovendien is het principieel onjuist: Google moet zijn helse machine maar zo inrichten dat het links naar interessante teksten oplevert en niet andersom. 

Natuurlijk zijn er wat tips en trucs te leren, maar daar heb je echt geen dure cursus voor nodig. Met een beetje gezond verstand en wat goed advies van de collega naast je kom je een end.

De oorsprong van veel van de flauwekul over webschrijven is de webdesign goeroe Jakob Nielsen, een van de eersten die de relatie tussen beeldscherm en tekst onderzocht. Zelf is hij genuanceerder dan de sekte die uit hem is voortgekomen, maar zijn Useit.com is voor mij nog steeds een uitstekende manier om discussies te winnen. Ik raad opponenten aan eens 10 seconden op de site te kijken, en te zien waar ‘usability’ toe zou moeten leiden. Dan sta ik al met 15-0 voor.

Kranten hebben altijd weinig energie gestoken in het bewerken van hun artikelen voor het web, en ze zijn daarvoor door velen weggezet als ouderwets en lui. Maar ze hebben altijd gelijk gehad en de bezoekersaantallen van hun sites bewijzen dat. Het kan nog een stuk beter, maar aan de basis, de artikelen, ligt het niet. Geen nieuwsconsument die klaagt over onleesbaarheid. Die kritiek is in de afgelopen jaren dan ook wat verstomd.

Nu 2010: ik ben blij dat ook het laatste bolwerk van misverstanden nu ook geslecht lijkt te gaan worden. Lang hebben bladenmakers hun neus opgehaald voor het web. Je kon de computer niet lezen op de WC, het leverde geen blader-ervaring op, en de gesponsorde boodschappen kwamen niet mooi uit. De eerste generatie e-readers waren voor hen geen alternatief. Daar hadden ze overigens gelijk in, ik heb zelden zulke archaïsche apparaten gezien. Maar met de komst van de iPad hoor ik ze er ineens niet meer over. Sanoma maakt enthousiast een Autoweek waar adverteerders van watertanden en ik ga ervan uit dat je de iPad Sports Illustrated naar het kleinste kamertje kunt meenemen. En veel uitgeverijen zijn stiekem druk bezig.

Het principiële verschil tussen papier en beeldscherm is een glijdende schaal geworden, de stand der techniek. En zo hoort het. En natuurlijk gaat verandering langzaam. Maar is er nog hoop voor de mensen die vinden dat papier een volstrekt onvervangbare leeservaring oplevert en nooit zal verdwijnen?

http://www.twitter.com/erikvh
http://nl.linkedin.com/in/erikvanheeswijk

Bekijk meer van

Erik van Heeswijk

Praat mee

1 reactie

Emiel Elgersma, 28 april 2010, 17:44

Hoi Erik,

Als (oud) interaction designer en journalist moet ik toch wel even reageren op je stukje, zoals beloofd op Twitter :) Het is niet zo zeer dat ik het niet eens ben met je stelling - die cursussen lijken mij redelijk nutteloos - maar op een paar punten ben ik het niet eens.

Dat een zoekmachine zich maar moet aanpassen is natuurlijk een mooie stelling, maar als je iets weet van programmeren zou je je moeten realiseren dat een titel ‘Reizigers in zak en as’ weinig zal opleveren. Probleem is dat computers nu eenmaal niet zo goed zijn in het interpreteren van tekst. Er staat wat er staat.

Zelfs al zou een zoekmachine gebruik maken met een database vol uitdrukkingen en gezegden, dan nog zou het opleveren dat reizigers in de problemen zitten, maar de link met IJsland zal hij niet zo makkelijk vinden. Natuurlijk kan je wel creatieve koppen gebruiken, maar doe dat dan bijvoorbeeld in subkoppen, of zoals 925 doet, wel op de pagina een creatieve kop, maar niet in de URL. Je moet natuurlijk ook realistisch blijven hoe je gevonden gaat worden.

Tijdens mijn studie computer interaction design ben ik (uiteraard) ook doodgegooid met Jakob Nielsen. Maar hij is alles behalve een webdesign goeroe, hij is een usability expert. Bij usability gaat het om het verzorgen van de meest makkelijke manier een taak uitvoeren. En hoewel zijn website natuurlijk een typisch product uit 1995 is, met minimaal grafisch design, zijn de principes van Nielsen nog steeds actueel.

Ik durf zelfs te stellen dat dankzij de grote aandacht voor usability in computerinterfaces sinds eind jaren ‘90 producten als de iPhone/Pad nu bestaan. Dat is toch het toppunt van usability? hoe veel intuïtiever kan een product en interface worden?
 
Tot slot komen papier en beeldscherm niet dichter bij elkaar. Ik geloof niet dat de iPad en de apparaten die nog gaan komen een imitatie zullen zijn van papier. Het is veel meer. Dat lezen van boeken is alleen maar een manier om het aan de man te brengen. Als je de filmpjes als Alice in Wonderland ziet, kan je zien dat het veel meer om een ervaring gaat dan het lezen van een verhaal in letters, zoals vroeger op papier.

Om weer aan te sluiten op je stelling; De tekst moet gewoon goed zijn. Hoe je dat opschrijft leer je vast niet in zo’n cursus. Maar misschien hebben we straks cursussen hoe je een verhaal goed grafisch presenteert en wat de interactieve mogelijkheden zijn die je ‘boek’applicatie gaan bieden. Gat in de markt? :)

-Emiel ( @emeel )

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.