: sponsors / sponsoren
'Allereerst een woord van dank aan onze sponsoren.' Of moet het 'onze sponsors' zijn? Het is allebei juist. Het Groene Boekje (2005) vermeldt het meervoud 'sponsoren' niet, maar Van Dale (2005), Koenen (2006) en het Witte Boekje (2006) wel. 'Sponsoren' wordt nog niet zo lang gebruikt; Van Dale vermeldt het sinds 1999. Bij woorden die op het Latijnse achtervoegsel '-or' eindigen, is meestal zowel een meervoud op '-en' als op '-s' mogelijk. Dat is het geval bij bijvoorbeeld 'corrector', 'donor', 'gladiator', 'lector' en 'mentor'. Soms bestaat er een voorkeur voor één vorm (zo is 'chiropractoren' erg ongewoon), maar meestal maakt het niet uit. Het is dus niet vreemd dat het meervoud 'sponsoren' is opgekomen; 'sponsor' is oorspronkelijk namelijk een Latijns woord, al is het via het Engels in onze taal terechtgekomen. 'Sponsoren' is overigens ook een werkwoord ('financieel steunen'), maar verwarring met het meervoudige zelfstandig naamwoord is niet erg waarschijnlijk: uit het zinsverband wordt altijd wel duidelijk wat er bedoeld is. bron: Taalpost


Praat mee
Reageren is niet mogelijk op dit bericht.