Afstudeerprijs Villamedia 2019

— maandag 7 december 2015, 09:49 | 1 reactie, praat mee

‘We veranderen ons suf’

TV-opnamen in Zuidhorn. RTV Noord-presentatrice Cunera van Selm (links vooraan) interviewt een van de oud-patiënten die twee jaar geleden te zien waren in een documentaireserie over hun revalidatie. - © Kees van de Veen

RTV Noord bestaat volgende maand 70 jaar. Dat viert de regionale omroep met een groot feest en een open dag voor alle ‘Grunningers’. Niet zonder zorgen, want ‘Noord’ moet het komende jaar, net als de andere regionalen, alles op alles zetten om te bezuinigen, te vernieuwen en te overleven. ‘We hebben ondernemende types nodig’, zegt hoofdredacteur Mischa van den Berg.

‘Aan het werk, meisjes!’, roept Jacques d’Ancona. Hij heeft net in het café van RTV Noord op z’n d’Ancona’s een prijsuitreiking geleid. Achter de biertap staat hij tussen presentatrice Cunera van Selm en documentairemaker Léonie Albers in. Ze hebben een oorkonde en een cheque van 10.000 euro gekregen voor hun tv-serie ‘Beatrixoord, Vechten voor herstel’ die in 2013 is uitgezonden. Het gelijknamige revalidatiecentrum in Haren vindt dat ze daarmee een groot publiek hebben ‘geboeid en ontroerd’.

Als de meeste gasten zijn vertrokken, gaat de camera meteen weer aan. In het café zit nog een spastisch jongetje in een rolstoel met zijn moeder en opa. Voor een mini-vervolg in het tv-programma ‘Cunera’ vraagt de presentatrice hoe het nu met ze gaat. Een paar uur later rijdt ze met Mo, een andere hoofdpersoon, naar Zuidhorn. Mo studeerde toen ze drie jaar geleden een herseninfarct kreeg. Nog moeilijk lopend, laat ze de bouwkavel zien waar ze binnenkort met haar vriend gaat wonen.

De prijs van Beatrixoord is een opsteker voor ‘Noord’ die een stevige bezuiniging te wachten staat.

Samen met de andere twaalf regio­nalen moet de omroep het vanaf 2017 met 17 miljoen euro minder doen. Hun afdelingen techniek, personeelszaken en faciliteiten gaan ze inkrimpen en delen in zogenoemde ‘shared service centers’ – of die in Hilversum komen te staan of verspreid over het land, is nog een heikel punt. Ze gaan meer samenwerken met elkaar, de NOS en de lokale omroepen. En van de dertien directeuren blijven er vijf over, dat scheelt ook weer in de kosten.

Hoeveel Noord zelf moet bezuinigen, niemand die het precies weet. Maar of er nog geld is voor documentaires die een lange adem vragen? ‘Ik vind dat wij dergelijke achtergrondprogramma’s moeten blijven maken, over belangrijke onderwerpen, herkenbaar en dichtbij de mensen. Maar het zal een steeds grotere uitdaging worden om er financiering voor te vinden’, zegt Van Selm.

Hoofdredacteur Mischa van den Berg vindt ook dat er ruimte moet blijven voor diepgaande journalistiek. ‘We hebben niet voor niets, samen met het Dagblad van het Noorden, de Tegel gewonnen voor onze reconstructie van de Facebook­rellen in Haren. Daar hebben we twee mensen wekenlang voor vrij geroosterd. De aardgasproblemen hebben we op de landelijke agenda gezet door die zaak nadrukkelijk te blijven volgen. Ook als we minder geld krijgen, blijven we daarmee doorgaan.’

Maar regionaal nieuws moet ook snel op de zender komen - en liefst voor zo weinig mogelijk geld. Dat laatste staat niet in het rapport ‘Journalist (3.0)’ dat de hoofdredacteuren van de regionale omroepen begin november naar hun redacties hebben gestuurd, maar dat is logisch. De ideale regio-verslaggever is in hun ogen iemand die het hele proces in één hand houdt: audio, video, foto’s, live-verslag en (online)teksten schrijven en plaatsen.

Van den Berg: ‘We moeten af van de verslaggever die vraagt waar hij naartoe moet en hoe laat. In plaats daarvan hebben we ondernemende types nodig die hun eigen aandachtsgebied coveren en de omroep van content voorzien. Over die ‘Journalist 3.0’ is veel reuring ontstaan, maar wij werken al zo. Net als Utrecht en Oost hebben we vijf jaar geleden camjo’s ingevoerd. Dat was een ingewikkeld proces, maar we kunnen veel sneller reageren op het nieuws door zelf opnamen te maken en de gemonteerde items rechtstreeks naar de redactie te sturen: het scheelt soms wel zes uur.’

‘Onze kracht is het dichtbij-gevoel’, beaamt verslaggever Arnoud Bodde, een van de Tegel-winnaars. ‘Live doen we het heel goed, zeg ik met gepaste trots. “Doar was Noord ook bie”, hoor ik vaak. Maar verslaggevers die zelfstandig alle media bedienen, komen wel op een eilandje te zitten met hun “aandachtsgebied”. We kunnen met elkaar bellen, appen en skypen, maar dat komt er minder van als je veel content moet leveren. Daar maak ik me wel zorgen om. Goede programma’s maken is ook een kwestie van samen de journalistieke agenda bepalen, brainstormen en de kwaliteit bewaken.’

Hoe zorg je dat je sterke journalistieke verhalen kan blijven maken onder druk van Den Haag en Hilversum? Niet teveel focussen op cijfers en Facebook-bereik, maar kiezen voor inhoud, is Bodde’s advies. Begin volgend jaar gaat hij terug naar het Dagblad van het Noorden, na vijf jaar omroep. Hij wordt ‘algemeen verslaggever Drenthe’ met het vluchtelingendossier als specialiteit. ‘Die beslissing staat los van mijn twijfel over de 3.0-journalist. Ik heb veel geleerd en meegewerkt aan mooie onderzoeksprojecten, maar ik mis het schrijven en ik heb nieuwe prikkels nodig.’

‘Brrrrmmm’, klinkt een paar keer uit de telefoon van OR-voorzitter Jans de Boer, een drukbezette nieuwslezer, muziekredacteur, radioproducer, regisseur en motorfanaat. In een vergaderkamer met een glazen wand – Noord is transparant – somt hij op wat zijn omroep te wachten staat. ‘We moeten mensen ontslaan die hier hun ziel en zaligheid in stoppen – de mensen die naar een servicecenter gaan, houden hun hart vast. Er wordt gezegd dat de redactie grotendeels zal worden ontzien, maar ik voorzie dat dat niet lukt. We gaan van drie studio’s naar één, hopelijk nog met een noodstudio. We leveren zo veel kantoorruimte in dat de redactie vaak net een kippenhok is. En we gaan meer samenwerken met RTV Drenthe en Omroep Friesland, wat prima is, maar wel ingewikkeld. Misschien moeten we op een gegeven moment zeggen: hier houdt het op. We stoppen met tv-maken en concentreren ons op internet en radio.’

Een ingreep waar de stagiair van Beatrixoord niet van zou wakker liggen. Na de prijsuitreiking zegt Manon Mulder (20), met een slagroomgebakje in haar hand: ‘Voor mijn oma is de regionale omroep onmisbaar, maar voor mij niet. Ik kijk bijna nooit tv. Naar de website ga ik ook niet, ik kijk liever op NOS- of NU.nl. Maar nu ik erover nadenk: als artikelen van Noord op de tijdlijn van mijn Facebook voorbij komen, lees ik ze wel.’ De communicatie­adviseur van het revalidatiecentrum komt erbij staan. ‘Ik heb natuurlijk wel naar onze serie gekeken, maar verder kijk ik ook nooit’, zegt ze bijna schuldbewust.

Ophouden met tv dan maar? ‘Voor een steekproef bij twee personen ben ik niet gevoelig’, reageert de hoofdredacteur onderkoeld. ‘Uit betrouwbaar onderzoek blijkt dat wij in vergelijking met andere regionale omroepen hoge tv-cijfers hebben. We bereiken per dag gemiddeld 26 procent van de Groningers van 10 jaar en ouder en per maand 65 procent. Staatssecretaris Sander Dekker van Media zegt dat er bijna niet meer naar regionale tv wordt gekeken. Bij ons wel, maar wij hebben ook last van dalende kijkcijfers.’ 

Krampachtig jongeren proberen te bereiken, heeft volgens Van den Berg weinig zin. ‘Ze krijgen pas interesse voor de regio als ze gesetteld zijn. Maar online vinden ze je wel. Een filmpje over een bekend Gronings zangduo is op Facebook wel een half miljoen keer bekeken. Continu denken we erover na hoe we een wezenlijk onderdeel van de Groningse samenleving ­kunnen blijven. We veranderen ons suf, maar we willen ertoe blijven doen.’

Praat mee

1 reactie

Leonie boomgaardt, 7 december 2015, 21:07

Jolan, mooi artikel maar er is helaas een foutje ingeslopen. De prijs gaat niet uit van het revalidatiecentrum maar van een aparte stichting. Deze stichting staat los van het revalidatiecentrum en kent een eigen bestuur met vertegenwoordigers uit de media en medische wereld. Het verwarrende zit in de naam van de stichting; Beatrixoord Noord-Nederland. Hartelijke groet, Leonie Albers

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.