website over journalistiek

x

Villamedia heeft een app

 

Exclusieve inhoud Sluiten

Een NVJ-lid heeft dit artikel met je gedeeld. Gratis een maand alles lezen? Klik hier.

Een NVJ-lidmaatschap geeft je recht op:

  • Persoonlijk advies
  • Juridisch advies & rechtsbijstand
  • Perskaart
  • Korting op cursussen
  • Villamedia magazine

Word lid Verder lezen

De nepnieuwslawine zonder nepnieuws

Alexander Pleijter — Geplaatst in discussie op vrijdag 17 november 2017, 14:28

Nepnieuws is dit jaar uitgegroeid tot een ware plaag. Het duikt overal op en lijkt steeds erger te worden. Dinsdag 14 november was weer zo’n nepnieuwsdag. Met de kreet ‘Nepnieuwslawine’ opende De Telegraaf die ochtend de krant. Op de site luidde de kop: ’Nepnieuws gevaar voor Nederland’. Het bericht meldde dat het kabinet de verspreiding van nepnieuws een risico voor de Nederlandse democratie vindt en dat minister Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken nadrukkelijk wijst naar Moskou als dader.

Daarmee was de toon gezet. AD kwam vervolgens met de stellige kop: ‘Russen proberen met nepnieuws opinie in Nederland te sturen’. Trouw kopte op internet: ‘Rusland verspreidt nepnieuws in Nederland’ en meldde de volgende dag op de voorpagina: ‘Kremlin stookt met nepnieuws’. Dinsdagavond deed het NOS Journaal een duit in het zakje. “De Russen hebben Nederland in het vizier. Met nepnieuws proberen ze de democratie te ontregelen”, zo opende presentator Astrid Kersseboom de uitzending om acht uur.

Het was de combinatie van ‘de Russen’ en ‘nepnieuws’ die werd uitgevent. Russen die in Nederland nepnieuws verspreiden! Alarm! De aanleiding was de brief die minister Ollongren van Binnenlandse Zaken aan de Tweede Kamer had gestuurd. Maar opvallend genoeg kwam de combinatie ‘nepnieuws’ en ‘de Russen’ helemaal niet voor in de bewuste Kamerbrief. Sterker nog, het woord ‘nepnieuws’ kwam überhaupt niet voor. Wel repte de tekst van ‘valse berichtgeving’:

“Tegelijkertijd spelen media en technologiebedrijven een belangrijke rol bij de afweging of er sprake is van bijvoorbeeld valse berichtgeving op social media. Het kabinet zal in gesprek gaan met deze partijen over hoe (heimelijke) politieke beïnvloeding kan worden tegen gegaan.”
Wat werd er dan gezegd over de Russen in de Kamerbrief? Die zouden zitten achter cyberaanvallen en er zouden Russische inlichtingenofficieren actief zijn in Nederland.  Verder schreef de minister dat Rusland digitale middelen inzet voor beïnvloeding van besluitvormingsprocessen, beeldvorming en de publieke opinie. Dat dat via ‘nepnieuws’ gebeurt noemde ze niet expliciet in de brief. Wel repte ze van een vervalste website in Rusland die de indruk wekt een officiële Nederlandse overheidssite te zijn en waarop desinformatie over MH17 is te vinden. Maar dat is dus geen Russisch nepnieuws in Nederland.

Welke nepnieuws van de Russen circuleert dan wel in Nederland?

Welke nepnieuws van de Russen circuleert dan wel in Nederland? Welke voorbeelden zijn er? De Telegraaf - die heel stellig kopte dat er sprake is van een ‘nepnieuwslawine’ - meldde dat de minister die niet heeft, hoewel ze wel beweert dat Rusland pogingen heeft gedaan. Uit het artikel: “Er is geprobeerd met nepnieuws de Tweede Kamerverkiezingen te beïnvloeden, zegt Ollongren zonder concrete voorbeelden te noemen.” We weten dus niet om welk nepnieuws het ging en ook niet over wat voor soort beïnvloeding het ging. Beïnvloeding van kiezers? Beïnvloeding van politici? Beïnvloeding van journalisten? We weten het niet.

Ook andere artikelen wezen op het ontbreken van voorbeelden. Zo meldde de NOS in een online artikel: “Maar haar verhaal blijft vaag en uiteindelijk maar beperkt tot één voorbeeld.” Ja, inderdaad, het voorbeeld van die vervalste website in Rusland met onjuist informatie over MH17. Dat weten we nu wel. Maar andere voorbeelden? We weten het niet.

In de uitzending van het NOS Journaal was te zien hoe een verslaggever de minister vroeg wie ze eigenlijk bedoelt met ‘de Russen’.

“Precies wat ik zeg”, antwoordde ze. “Dat staat in de brief.”

Verslaggever: “Zijn dat wizkids uit Sint Petersburg of is dat de overheid?”

Minister: “Hoe ze dat precies doen kan ik u hier niet vertellen, maar het is duidelijk waar het van afkomstig is en het gaat over Rusland.”

Samengevat: de minister schreef in de Kamerbrief niet over Russisch nepnieuws in Nederland, de minister heeft geen voorbeelden van Russisch nepnieuws in Nederland en ze kan niet vertellen hoe dat Russisch nepnieuws in Nederland verspreid wordt. Geen sterk verhaal dus.
Toch sloegen diverse media een behoorlijk dreigende toon aan. En waren ze behoorlijk stellig over de dreiging van Russisch nepnieuws. Hoe kan dat? Waarom deden ze dat?

Allereerst kunnen we constateren dat de term ‘nepnieuws’ is uitgegroeid tot een hypewoord. De term wordt te pas en te onpas gebruikt en eigenlijk weet niemand meer wat er precies mee bedoeld wordt. Voor Trump is nepnieuws een synoniem voor nieuwsmedia. Voor complotdenkers is elke fout die journalisten maken een voorbeeld van nepnieuws. En voor Nederlandse nieuwsmedia lijkt elke vorm van foutieve informatie gelijk te staan aan nepnieuws. Zo noemde het NOS Journaal als voorbeeld van nepnieuws een nepgetuige die tijdens een bijeenkomst over MH17 een onjuiste verklaring aflegde.

Strikt genomen is nepnieuws een woord dat slaat op nieuwsberichten die nep zijn, die niet echt zijn. Verzonnen berichten, vermomd als echte nieuwsberichten en bedoeld om mensen doelbewust op het verkeerde been te zetten. Moedwillig verkeerd te informeren. Door nepnieuws ook te gebruiken voor andere zaken, leggen nieuwsmedia een rookgordijn aan. Niemand weet nog waar het eigenlijk precies over gaat.

Ook kunnen we constateren dat zonder voorbeelden en bewijzen - wat ze nota bene zelf constateerden - sommige media er wel heel groot nieuws van maakten. Zoals De Telegraaf op de voorpagina met de ‘nepnieuwslawine’ en het NOS Journaal met de opening van het NOS Journaal.  Dat wringt.

Leidt al die aandacht niet tot een groot wantrouwen in de samenleving?

We weten niet hoe groot het nepnieuwsprobleem is, de minister geeft geen openheid, maar media pakken er wel groot mee uit. De vraag is wie daar mee gediend is. Leidt al die aandacht niet tot een groot wantrouwen in de samenleving?
Wantrouwen tegen de politiek die roept dat het allemaal heel erg is, maar geen voorbeelden kan noemen.
Wantrouwen tegen de media die groot uitpakken maar ook niet met voorbeelden en bewijzen komen.
Wantrouwen tegen het nieuws, want hoe weet je nu nog of het niet afkomstig is van de Russen?

Hoe had het dan wel gemoeten? In de eerste plaats door de term ‘nepnieuws’ niet zo lukraak te gebruiken. Reserveer dat woord louter voor nieuwsberichten die nep zijn. Dat kan, zie NU.nl, dat het woord nepnieuws niet gebruikte - net zomin als de minister in de Kamerbrief - maar repte van desinformatie, wat een bredere term is en ook kan slaan op nepgetuigen die valse verklaringen afleggen tijdens bijeenkomsten.

In de tweede plaats had de insteek van het nieuws anders gekund. Waarom het ‘frame’ van het grote gevaar van Russisch nepnieuws benadrukken als we geen weet hebben van bewijzen en voorbeelden? Daar is de journalistiek eerder mee in de fout gegaan, zie de berichtgeving over het wapenarsenaal van Sadam Hoessein dat later niet bleek te bestaan.

Die andere invalshoek had kunnen zijn dat de minister geen voorbeelden heeft van nepnieuws. Frappant genoeg koos de NOS die invalshoek op internet, terwijl op televisie werd gekozen voor de Russische dreiging. Op de website lezen we juist de kritische noten:
“Het begon vanochtend met een Kamerbrief, waarin de minister waarschuwt voor de dreiging vanuit Rusland. Daarbij wordt een website over de vliegramp met de MH17 als enige voorbeeld genoemd. En daar blijft het bij. Ook na vragen van de NOS wil Ollongren geen andere voorbeelden noemen. Ook “heeft ze geen aanwijzingen” dat nepnieuws een grote impact heeft.”

Er geen of weinig aandacht aan besteden had natuurlijk ook gekund. Dat deed RTL Nieuws. Op de site werd weliswaar gemeld dat het kabinet waarschuwt dat Russisch nepnieuws een gevaar is voor Nederland, maar in de avonduitzending van half acht werd het onderwerp genegeerd. Niks mis mee. Zonder bewijzen geen groot nieuws.

Alexander Pleijter is coördinator van Nieuwscheckers en docent internetjournalistiek aan de Universiteit Leiden.

2 reacties

Om te reageren moet je een Villamedia Account hebben en moet je eerst ingelogd zijn.

  1. 1. W. Theunisse, 17 november 2017, 21:39

    Het beste nepnieuws wordt volgens mij door onze eigen politici en main stream media geproduceerd.
    Ik herinner mij de duizend euro’s die iedereen zou krijgen van Mark Rutte.
    Ook zou hij aan de gang gaan met de uitslagen van enkele referenda.
    Na de laatste samenstelling van een nieuw kabinet riep Rutte dat iedereen er op vooruit ging.
    Hij bedoelde dat door de belastingverhogingen de Nederlandse staat ( wij ) er op vooruit gaan.
    Dat wij er niets van terug zien in de knip is vanzelfsprekend.
    In het verre verleden ( Rutte 1 en Rutte II ) werd bij herhaling geroepen vanuit Den Haag dat er bezuinigd moest worden.
    Dat hebben wij geweten. De ene na de andere belastingverhoging werd doorgevoerd.
    Als er 1 club is die het patent heeft op het verspreiden van nepnieuws dan zijn het wel de politici in Den Haag.
    Kennelijk zien zij wel de splinter elders maar niet de balk in eigen oog.

  2. 2. Hans Heynen, 20 november 2017, 16:52


    Wat de brief en uitspraken van minister Ollongren wel bereikten is dat het nepverhaal van de Oekraiense nepgetuige die CDA kamerlid en MH17 woordvoerder Omtzigt op een bijeenkomst met nabestaanden van de slachtoffers van MH17 tevoorschijn toverde , volledig ondersneeuwde.  Zijn weigering op te stappen bracht op dat moment het net aangetreden kabinet in ernstige moeilijkheden.  Ollongrens actie leidde de aandacht af en het CDA kon orde op zaken stellen.